Crisismanagement bij Bedrijfswetenschappen
De opleiding Bedrijfswetenschappen verkeert in zwaar weer. Er wordt hard ingegrepen om het schip vlot te trekken, maar de visies op de te varen koers lopen sterk uiteen.
Voor september 2010 worden bij Bedrijfswetenschappen (BW) zestien personen ontslagen. De bezuinigingsplannen hangen al jaren als een donkere wolk boven de opleiding. Met name de gezichtsbepalende docenten, die geen onderzoeksfuncties bekleden, zitten in de gevarenzone. Enkelen zijn zelfs al op eigen initiatief vertrokken. De aangekondigde reorganisatie stuitte binnen de faculteit op veel weerstand, maar is inmiddels aangenomen. Naast de bezuiniging wil de faculteit ook een andere koers inslaan, door het onderscheid tussen de docent- en onderzoekersfunctie op te heffen. Door deze zogenoemde kwaliteitsslag komen onderwijs en onderzoek dichter bij elkaar te staan. Het faculteitsbestuur wordt hierin gesteund door het College van Bestuur. Hans Mastop, decaan van de Faculteit der Managementwetenschappen (FdM), betoogt: ‘De hoogleraren horen bij een academische opleiding de gezichtsbepalende docenten te zijn, niet de docenten zonder eigen wetenschappelijke onderzoek die leuk onderwijs geven.’
Afrekenen
Al snel na de oprichting in 1990 maakte BW een explosieve groei door. De hoofdoorzaak hiervan was dat ze als eerste opleiding in Nederland hbo-instromers toeliet. Om het hoofd te bieden aan de toenemende studentenaantallen werden van alle kanten docenten aangetrokken. De enorme groei resulteerde in een scheve verhouding tussen het aantal instromers vanuit het vwo en hbo. De hbo-instromers, van wie werd verwacht dat ze het traject snel zouden doorlopen, bleken in de praktijk vaak langer te studeren. Aangezien de opleiding pas geld ontvangt wanneer een student afstudeert, liepen de kosten voor de faculteit snel hoog op.
Vijf jaar geleden werd van hogerhand besloten dat er een verschuiving moest komen van kwantiteit naar kwaliteit. Er werden vanuit de opleiding drempels opgeworpen voor de hbo-instroom. Bovendien verloor BW mede door de invoering van het bachelor-mastersysteem haar monopolie doordat andere bedrijfskundige studies in Nederland inmiddels vergelijkbare schakelprogramma’s aanboden. Het gevolg van beide maatregelen was een drastische teruggang in studentenaantallen, waardoor de faculteit financieel in de problemen kwam. Nu moet er flink worden gesneden in het personeelsbestand. Nol Vermeulen, studieadviseur bij BW, legt de vinger op de zere plek: ‘Het is zuur dat docenten nu worden afgerekend op academische criteria waar ze niet voor zijn aangenomen.’
Korte metten
Hans Mastop is absoluut niet blij met de situatie, maar ziet geen andere oplossing. ‘De faculteit is sinds 2002 dramatisch aan het worstelen. Tot en met 2007 hebben we geprobeerd de zaak te repareren zonder grote ingrepen. Dat is niet gelukt.’ Het is nu tijd om in te grijpen, en dat gaat niet zonder slag of stoot. Vooral de kwaliteitsslag valt voor velen niet te rijmen met de financiële bezuinigingen. Michiel Karskens, Hoogleraar Sociale en Politieke Wijsbegeerte en lid van de Ondernemingsraad, benadrukt dat er kritisch is gekeken naar de motieven voor de ontslagen. ‘De noodzaak van de bezuiniging werd in eerste instantie aangewend voor een kwaliteitsslag. Dat hoort niet, dus daar hebben wij een stokje voor gestoken.’ Mastop staat echter vierkant achter de nieuwe koers: ‘Een reorganisatie is altijd nodig omdat er geen fit meer is tussen de bestaande organisatie en de veranderende omstandigheden. Bij de universiteit bestaat die fit uit mensen, en die mogen best worden beoordeeld op kwaliteit.’ De decaan legt de oorzaak van de problemen bij de opleiding zelf. ‘Als je tussen de zestig tot tachtig voltijdbanen aan onderzoekscapaciteit hebt, moet dat worden vertaald naar concrete onderzoeksopdrachten. Er zijn groepen binnen deze faculteit die het uitstekend lukt om fondsen te werven, BW lukt dat verhoudingsgewijs heel slecht. Dan laat je het als opleiding liggen, dat moet je vervolgens niet afwentelen op de faculteit.’
Binnen de Managementfaculteit is er veel verdeeldheid over de te voeren strategie. De zakelijke visie van Mastop schiet bij veel mensen in het verkeerde keelgat. ‘Er wordt te snel vergeten dat BW deze universiteit landelijk op de kaart heeft gezet. Door als eerste een schakelprogramma voor hbo’ers aan te bieden, hebben we instromers uit het hele land aangetrokken’, betoogt Nol Vermeulen. ‘Er werden toen enorm veel docenten binnengehaald, die nu weer aan de kant worden geschoven. Zo ga je niet met mensen om.’
Een vak apart
Wat de reorganisatie voor studenten zal betekenen blijft vooralsnog onduidelijk. Studievereniging Synergy houdt namens studenten in de nabije toekomst een vinger aan de pols. ‘We staan nog steeds kritisch tegenover het plan. We vinden het belangrijk dat de kwaliteit van het onderwijs blijft gewaarborgd’, aldus Loes Verstappen, commissaris interne betrekkingen bij Synergy.
Het lijkt erop dat de universiteitsbrede intensivering van de relatie tussen onderwijs en onderzoek ook haar weerslag gaat vinden bij BW. De conceptversie van het Strategisch plan 2009-2013 rept ook over deze koers: ‘De basis voor deze academische houding wordt gelegd in het onderwijs dat wordt gegeven door docenten die zelf in het onderzoek actief zijn.’ De universiteit heeft haar pijlen duidelijk gericht op de wetenschappelijke intensivering van haar opleidingen. Of dit ten goede zal komen aan het onderwijs, is volgens Vermeulen nog de vraag: ‘Goed doceren is een vak apart, evenals degelijk onderzoek doen. Er zijn mensen die beide goed kunnen, maar die liggen helaas niet voor het oprapen.’
Tekst: Andy Leenen en Joost Nellen

-
Hwb
-
Hwb
-
chino






