ANS-Online

Website van het Algemeen Nijmeegs Studentenblad

De Staat: ‘Bizar dat alles opeens om ons draait.’

Opgepikt door landelijke magazines als Oor, getekend door kwaliteitslabel Excelsior Recordings en door 3voor12 getipt als grote belofte: 2009 wordt het jaar van De Staat. Donderdag 8 januari presenteerde de Nijmeegse band haar eerste album Wait for Evolution in een uitverkocht Doornroosje.

Aan tafel zitten de bandleden van stoere rockband De Staat: de spraakzame frontman Torre Florim en de introverte koebelspeler Rocco Hueting. Binnenkort is de plaat met het wolvenembleem in de platenzaken te vinden. Twee jaar nadat een eerste demo werd opgenomen in de Nijmeegse Wolfskuil lijkt deze roedel Nederland te gaan veroveren. Na woeste optredens bij de Popronde en voorprogramma’s te verzorgen voor de top van de Nederlandse muziek, rusten zij nu uit van de kers op de slagroomtaart: door Engeland toeren als opener voor het Antwerpse dEUS. ‘Dat was te gek’, bromt Hueting. ‘Om drie dagen met zo’n grote band op stap te gaan, is een wereldkans.’

Hoe rock ’n roll was de tour?
TF lacht: ‘Het is een van de meest vrije gevoelens die je kunt ervaren. Het leven op tour is simpel: het enige waar je mee bezig bent, is spelen. Verder hoef je alleen wat met het lokale volk te praten en bier te drinken. De volgende dag is precies hetzelfde, maar dan ergens anders.’

Wat waren de negatieve aspecten van het touren?
RH: ‘Je bent de hele dag onderweg en krijgt geen moment rust.’
TF: ‘Inderdaad, de week was ontzettend zwaar. Zondag reden we weg in een heel krap busje, om maandag de hele dag op de boot te zitten. Die nacht heeft niemand een oog dichtgedaan. Toen hebben we achtereenvolgens in Dublin, Manchester en Londen gespeeld. Gemiddeld hebben we 4 uur per dag geslapen. Woensdagnacht gingen we terug naar Nederland, om donderdag in Groningen en daarna in Amsterdam te spelen.’
RH: ‘Het is gewoon een roes, je vergeet hoe moe je bent.’

Jullie speelden in het voorprogramma van dEUS, een band die drijft op de interne spanning op tour. Zit De Staat ook zo in elkaar?
TF: ‘Zo werkt dat bij ons niet. Bij het schrijven van muziek kan elke emotie helpen. Op het podium moeten we kunnen lachen met elkaar, dan voelen we ons vrij en komen de mooiste dingen tot stand.’
‘Toen we nog pas kort samen speelden, hadden we meer afspraken en daardoor minder lol. Tegenwoordig kunnen we veel meer klooien: als ik in een nummer besluit “de andere kant” op te gaan, anticipeert de band daarop. We vliegen soms uit de bocht, maar komen altijd op onze pootjes terecht.’
RH: ‘In de grote zalen doe ik niet tè gek, omdat het zo pijnlijk is als het fout gaat. Bovendien moet je geloofwaardig blijven: het publiek moet niet het idee krijgen een gek theater te zien. In een Engelse recensie over ons stond: “It was earnestly played rock ’n roll.” Dat vond ik gaaf, we leggen iets van onszelf in het optreden.’

Kunnen jullie wat vertellen over jullie andere band Death Before Cleaning?
TF: ‘Ik woonde eerst anti-kraak in een mooi huis. Elke avond ontstond daar een melige sfeer en deden we hele domme, rare dingen. We gebruikten geluiden als het gebonk van de buurvrouw op de muur of het tegen een fles gooien van bevroren garnalen. Het was echt een speeltuin waarin alles kon en als het vervolgens nergens naar klonk, gebruikten we het toch. Het eindresultaat was heel vet, misschien komt daar ooit een EP van.’

Binnenkort presenteren jullie Wait for Evolution. Ervaren jullie het na de lange voorbereiding als jullie kindje?
TF: ‘Ik ben er wel gehecht aan geraakt, maar omdat hij al in maart af was, staat hij nu al ver van me af.’ Hij twijfelt. ‘Ik zet de plaat ook niet meer zo vaak op als voorheen. Aan het begin denk je “wat is dit vet”, of “er kan nog wat beter”. Nu zijn we niet meer bezig met de plaat, maar met optreden. Dat is heel nieuw.’
‘Eigenlijk was de cd een persoonlijk project dat los stond van De Staat, ik heb hem in eerste instantie zelf gemaakt. Verschillende mensen hebben geholpen, waaronder mijn buurmeisjes, onze bassist Job, en vrienden van The Bloody Honkies en Fuck The Writer. Dat ben ik pas later met een band gaan spelen, op een andere manier.’

Rocco, is het voor jou niet vreemd een cd te presenteren waar je niet aan hebt bijgedragen?
RH: ‘Jawel, maar daar maak ik me niet te druk om. Ik heb de plaat ontelbare keren gehoord en vind hem heel vet, maar Torre heeft hem gemaakt. De optredens zijn van ons, daar probeer ik me op te concentreren. Ik zit gewoon in een bandje, dus ik mag lekker muziek maken.’

Jullie eerste clip is onlangs uitgekomen. Hoe gingen de opnames?
TF: ‘Het was bizar dat alles opeens om ons draait. Nu staan we niet meer met vijf man in een repetitiehok, maar is een crew van vijftien mensen alleen voor ons aan het werk. Op hetzelfde moment stelden technici het licht af, werd het zweet van mijn gezicht gedept en waren twee stylistes letterlijk bezig mijn blouse zo strak mogelijk in mijn broek te duwen. Het was lastig om het nummer in fragmenten te spelen en aan alle details te denken, maar ik heb alle vertrouwen in de regisseur en ik denk dat de clip een goed visitekaartje is. Dat kan ook alleen als je iemand vertrouwt en de vrije hand geeft.’

Naast de clip komen jullie met een ringtone. Niet bang jezelf straks overal te horen?
TF: ‘We vonden het vooral hilarisch om een ringtone online te zetten. Als ik hem daadwerkelijk hoor als ik bijvoorbeeld door de stad loop, wordt het een grote schok.’
RH: ’Toen ik de single op de radio hoorde, kreeg ik al hartkloppingen. Misschien beland ik in het ziekenhuis als ik de clip zie. Mijn kippenvel kwam vooral door de gedachte dat zoveel mensen de muziek horen die alleen wij kunnen spelen.’

Kan deze verwondering niet gemakkelijk omslaan naar sterallures?
TF: ‘Ik denk dat we niet met ons hoofd in de wolken gaan lopen. Juist wanneer iedereen zegt dat je goed bent moet je oppassen. Nu zijn we nog lang niet op zo’n niveau, we krijgen vaak genoeg kritiek. Ik denk bovendien dat mensen een artiest te graag ontmaskeren als arrogant. Iedereen is op zijn tijd moe en toe aan rust, maar een artiest is arrogant als hij vervolgens niet wil praten.’
RH: ‘De muzikanten waar we mee optreden zijn hele gewone gasten. In Nederland is de kans sowieso heel klein dat de roem naar je hoofd stijgt. Misschien is dat typerend, mensen houden van Jan Smit omdat hij zo gewoon is.’

Rocco, je bent behalve lid van De Staat ook derdejaars student Algemene Cultuurwetenschappen aan de RU. Hoe werkt die combinatie?
RH: ‘De afwisseling is erg aangenaam. Hoewel ik niets liever doe dan muziek maken, moet je realistisch blijven: als ik geen diploma heb, kan ik straks helemaal niets. De studie houdt me bovendien met beide benen op de grond.
‘Het is moeilijker te beoordelen of de combinatie werkt aangezien ik nu maar weinig vakken volg. Ik merk dat de band soms ten koste gaat van mijn studie. Toch moet het in principe te balanceren zijn. De band beperkt in ieder geval mijn sociale leven. Andere studenten spreek ik maar zelden en ik weet niet goed wat ze er van vinden dat ik in een band zit.’

Torre, jij studeerde voorheen ook aan de Hogeschool voor Kunsten Utrecht. Kun je wat vertellen over je studie en hoe je dat combineerde met de band?
TF: ‘In september ben ik afgestudeerd in Compositie en Muziekproductie. Ze leiden je breed op en iedereen is enthousiast en open-minded. De Staat kon ik prima combineren met mijn studie aangezien ik het als studieobject gebruikte. De plaat is één van mijn projecten en bovendien schreef ik een scriptie over onze optredens. Ik vind het niet vreemd mijn passie met een technische blik te combineren. Juist hierdoor kan ik mijn ideeën zo goed mogelijk in geluid omzetten. Bovendien hoef ik de productie niet aan anderen over te laten. Niemand heeft het geduld om een uur lang met mij aan een stukje van vijf seconden te werken.’

Is jouw productie op aandringen van jullie label Excelsior Recordings nog aangepast?
TF: ‘Nee, Excelsior werkt niet op die manier. Waar major labels muziek zo vormen dat het een groot publiek aanspreekt, proberen zij de bijzondere kant van een band te benadrukken. Het is het enige label met karakter en al haar bands hebben echt iets bijzonders. Onze muziek werd eens als de “ultieme mix tussen oud en nieuw” omschreven. Ik denk inderdaad dat de specialiteit van De Staat zit in het combineren van oude muzikale invloeden met moderne techniek.’

Het jaar 2009 is al uitgeroepen tot ‘het jaar van De Staat’. Wanneer vinden jullie dat deze voorspelling is uitgekomen?
TF: ‘Ik hoop natuurlijk dat dit uitkomt, maar voor mij is elk jaar, “het jaar van De Staat”. Na Noorderslag vragen ze ons waarschijnlijk niet voor Pinkpop, maar wie weet voor Lowlands.’
RH: ‘Dat zou echt een beloning zijn, maar eigenlijk wacht ik nu vooral tot we dingen gratis krijgen.’

Tekst: Timo Pisart en Rob Ramaker
Foto’s: Willie Kerkhof