Mei Li Vos – Politiek lichtgewicht
Mei Li Vos is in de Tweede Kamer verantwoordelijk voor zware portefeuilles zoals marketing en financieel toezicht. tegelijkertijd is ze verzot op fleurige jurkjes en slenteren door de Jordaan. Een zelfverklaarde tuthola met grote ambities: ‘Ik wil minister-president worden.’
Het leven van Mei Li Vos (38) is een leven van uitersten. Ze groeide op in een christelijke commune in Veldhoven, waar haar ouders TBS’ers, drugsverslaafden en andere hulpbehoevenden opvingen. Tijdens haar puberteit en haar studie Politicologie aan de Universiteit van Amsterdam kampte ze met anorexia, die ze pas overwon tijdens het veldwerk voor haar promotie in Indonesië. De kittige Vos verwierf drie jaar geleden nationale bekendheid als mede-oprichter en voorzitter van het Alternatief Voor Vakbond (AVV), een beweging die opkomt voor outsiders op de arbeidsmarkt. Sinds 2007 flaneert ze in haar kekke jurkjes voor de PvdA-fractie door de Tweede Kamer.

Heeft het leven in een christelijke commune je gevormd?
‘Mijn ouders, beiden zelfstandige, werkten tachtig uur per week. Dat heeft me meer gevormd dan het feit dat ik zeven jaar in een commune heb gewoond. Ik weet nog dat ik vroeger dacht: “Ik wil dat wij gewoon zijn, met een moeder die thuis met een pot thee op ons zit te wachten als wij uit school komen.” Door de opvang van hulpbehoevenden heb ik wel geleerd dat iedereen rekening moet houden met zijn medemens. Ik besef dat mensen niet alleen met hun eigen huisje-boompje-beestje-vinexwijkje bezig moeten zijn.’
Was dat een reden voor je om de politiek in te gaan?
‘In mijn studententijd was ik veel bezig met wereldproblematiek. Ik wilde een tijd lang de ontwikkelingshulp in. Voor mijn proefschrift heb ik onderzoek gedaan naar ontwikkelingshulp van Nederland in Indonesië. De hulpverleners zijn daar met de beste bedoelingen, maar er gaat veel geld verloren aan bureaucratie. Ik kwam erachter dat de mensen in ontwikkelingslanden vooral behoefte hebben aan vrije handel en eigendomsrecht. Het heeft geen zin als ik daar putten sla. Ik sluit niet uit dat ik me, als ik uit de Kamer ga, met ontwikkelingssamenwerking ga bezighouden. Het blijft fascinerend.’
Ondanks je serieuze baan en achtergrond, kleeft het beeld van een ‘tuthola in leuke jurkjes’ aan je. Heb je last van dat imago?
‘Ik maak me daar niet zo druk om. Van iedereen bestaat een beeld. Balkenende heeft een Harry Potter-imago. Er zijn natuurlijk imagospecialisten die zich met mij willen bemoeien, maar het lijkt mij heel lastig om me anders voor te doen dan ik daadwerkelijk ben. Ik zal niet opeens mantelpakjes of spijkerbroeken dragen. Dat zou raar zijn. Ik ben zoals ik ben.’
Hoe is het idee van het Alternatief Voor Vakbond geboren?
‘De directe aanleiding was een demonstratie op het Museumplein in 2004. Daar stond een woedende menigte voor behoud van hun prepensioen. Ik vroeg me af namens wie die groep mensen daar stond. Ik ben mij toen gaan verdiepen in het ledenbestand van de vakbonden, dit bleek voornamelijk uit blanke oude mannen te bestaan. De grote vakbonden representeren maar 25 procent van werkend Nederland, maar zij gaan wel over de cao-onderhandelingen. Jongeren, vrouwen, freelancers en allochtonen worden in de onderhandelingen amper vertegenwoordigd. We hebben de AVV opgericht omdat een vakbond moet opkomen voor alle arbeiders. De grote vakbonden hebben deze boodschap begrepen. Ze zijn zich aan het vernieuwen.’
Misschien zijn vakbonden niet meer van deze tijd?
‘Het traditionele verenigingsleven loopt leeg. Kijk naar de politieke partijen en de kerken: het lidmaatschap daarvan past niet meer bij deze tijd. De actiebereidheid om op te komen voor je belangen is er nog wel. Alleen passen de huidige vormen niet bij onze generatie.’

Een traditionele vereniging waar het ook niet goed mee gaat is de PvdA. Heb je hier een verklaring voor?
‘Regeren met het CDA is nooit goed voor onze peilingen geweest. De paar keer dat we dit hebben gedaan is de populariteit van de partij telkens tot een dramatische diepte gezakt. Ik had veel liever met GroenLinks, D66 en de VVD geregeerd. Of in een geheel links kabinet. Helaas kon het niet anders, maar ik ben wel tevreden over wat we tot nu toe voor elkaar hebben gebokst. De kiezer zou ons meer vertrouwen mogen geven. De wereld stort zich in een recessie, maar in Nederland gaan de meeste mensen erop vooruit.’
Heeft de PvdA het niet aan zichzelf te wijten dat het slecht met ze gaat in de peilingen? Jullie verkiezen Mariëtte Hamer boven de charismatische Diederik Samson als fractievoorzitter.
‘Je kunt niet zeggen dat de een beter is dan de ander. Mariëtte is een totaal ander persoon dan Diederik. Hij vertegenwoordigt de jonge, linkse kant van de partij. Mariëtte heeft veel ervaring. Het kan best zijn dat zij als een moeder des vaderlands wordt gezien, omdat ze een rustige uitstraling heeft. Zoals Joop den Uyl dat ook had. Ze is een underdog, maar wel onze underdog. Wel had ik graag nog een kandidaat gezien uit de vrijzinnige roots van de partij.’
Je hebt in Volkskrant Magazine gezegd dat je minister-president wilt worden. Is het dan niet tijd om het roer over te nemen en de PvdA zelf weer op de kaart te zetten?
‘Het is denk ik nog te vroeg. Om te leren hoe de politiek werkt, is minimaal zes jaar nodig. De ambitie om premier te worden heb ik zeker, maar je moet minstens vijftig zijn om genoeg levenswijsheid te bezitten om een land te kunnen leiden. Balkenende was in zijn eerste termijn ook te jong. Het lijkt me goed om over een tijd weer iets anders te doen. Daarna kom ik zeker terug.’
Tekst: Zef Faassen en Joep Willemsen
Foto’s: Valentijn Brandt








Pingback: Agnes Jongerius – Vakvrouw | ANS-Online