<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>ANS-Online &#187; Interview</title>
	<atom:link href="http://www.ans-online.nl/category/interview/feed" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://www.ans-online.nl</link>
	<description>Website van het Algemeen Nijmeegs Studentenblad</description>
	<lastBuildDate>Tue, 07 Feb 2012 11:16:13 +0000</lastBuildDate>
	<generator>http://wordpress.org/?v=2.9.2</generator>
	<language>en</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
			<item>
		<title>Gezocht: Nieuwe Leiders</title>
		<link>http://www.ans-online.nl/interview/gezocht-nieuwe-leiders</link>
		<comments>http://www.ans-online.nl/interview/gezocht-nieuwe-leiders#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 30 Jan 2012 17:45:12 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Tim Ficheroux</dc:creator>
				<category><![CDATA[Interview]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.ans-online.nl/?p=41621</guid>
		<description><![CDATA[Ze zijn het kortetermijndenken in de Nederlandse politiek zat en nemen het heft in eigen handen. Joris Buis en Sebas Eliens zijn medeoprichters van de beweging Nieuwe Leiders en willen een frisse, progressieve wind door Nederland laten waaien. Niet vanuit een ideologie, maar met pragmatisch inzicht.
Tekst: Erik van Rein
Foto&#8217;s: Joeri Pisart
In mei 2010 draaide de [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img src="http://www.ans-online.nl/wp-content/themes/mimbo/images/NieuweLeiders.jpg" class=picleft><em><strong>Ze zijn het kortetermijndenken in de Nederlandse politiek zat en nemen het heft in eigen handen.</strong> Joris Buis en Sebas Eliens zijn medeoprichters van de beweging Nieuwe Leiders en willen een frisse, progressieve wind door Nederland laten waaien. Niet vanuit een ideologie, maar met pragmatisch inzicht.</em></p>
<p><strong>Tekst: Erik van Rein<br />
Foto&#8217;s: Joeri Pisart</strong></p>
<p>In mei 2010 draaide de campagne voor de Tweede Kamerverkiezingen op volle toeren. De toenmalige studenten Joris Buis (28) en Sebas Eliens (27) zagen onheil naderen. ‘De progressieve partijen konden geen echte vuist maken in die debatten, bijvoorbeeld door het gestuntel van PvdA-leider Job Cohen. Daar waren we ontevreden over. Toen het huidige kabinet werd geïnstalleerd, wilden we echt iets ondernemen tegen het afbraakbeleid dat zou worden uitgevoerd,’ vertelt Joris, op dit moment werkzaam als tutor bèta-gamma bij het Instituut voor Interdisciplinaire Studies aan de Universiteit van Amsterdam (UvA).  Met een groep vrienden staken ze de koppen bij elkaar en hielden brainstormsessies om een tegengeluid te creëren. ‘Het oorspronkelijke idee was zelfs het oprichten van een nieuwe politieke partij, maar dit bleek al snel onrealistisch,’ zegt Sebas, die nu promovendus Natuurkunde is aan de UvA.<br />
Uiteindelijk resulteerden de bijeenkomsten in de oprichting van Nieuwe Leiders, een nieuwe beweging die de politieke agenda wil beïnvloeden door constructieve ideeën te ontwikkelen voor de lange termijn. Sebas: ‘Er is op dit moment totaal geen idee welke situatie de politieke partijen in Nederland willen hebben over twintig jaar.’ </p>
<p><strong>Hoe zou Nieuwe Leiders er concreet uit moeten zien?</strong><br />
Joris: ‘Ons doel is om maandelijks bijeenkomsten te organiseren met verschillende jonge mensen. Talenten uit het bedrijfsleven, de politiek, de kunstsector, noem maar op. Mensen die al een redelijk groot netwerk en draagvlak hebben en dus in een soort leidersrol zitten. Samen gaan ze debatteren over thema’s voor de toekomst en creëren daardoor een visie voor een duurzame samenleving. Deze visie kan door het netwerk van Nieuwe Leiders breed en sterk worden verspreid, door de uitkomst van onze debatten naar kranten en opiniesites te sturen, maar ook naar politici.’</p>
<p><strong>Moeten die Nieuwe Leiders liberaal zijn, of socialistisch?</strong><br />
Joris: ‘We willen niet in die hokjes denken, maar een zo breed mogelijke samenwerking tot stand brengen. Politieke overtuiging speelt geen rol.’ </p>
<p><strong>Is dat realistisch?</strong><br />
Sebas: ‘Ik denk het wel. Wat mij betreft is vooral pragmatisme heel belangrijk. Om de term duurzaamheid hangt een sfeer van geitenwollensokken. Wij willen een rationele benadering. Ik ben liberaal als het gaat om vrijheid voor het individu. Ik vind kapitalisme als systeem ook niet het probleem, maar wel de manier waarop er invulling aan wordt gegeven. Je moet randvoorwaarden stellen aan de vrije markt, waarbinnen je de ondernemingsvrijheid vergroot.’<br />
Joris: ‘Precies, neem het Duitse model voor windenergie. Particulieren wekken stroom op door middel van windmolens en de overheid verplicht energiemaatschappijen om dit op te kopen en te verrekenen in de marktprijs. Dat had op zich een VVD-idee kunnen zijn.’ </p>
<p><strong>Jullie verwijten de politiek het gebrek aan een visie. </strong><br />
Toch legt deze regering ook de nadruk op de toekomst door financieel orde op zaken te stellen.<br />
Joris: ‘Als je orde op zaken stelt, moet je ook zorgen voor een spaarrekening waar je in de toekomst op kunt bouwen.’<br />
Sebas: ‘Het is een beetje als opruimen wanneer je moeder langskomt. Je kunt snel alles onder je bed en in je kast schuiven, dan heb je ook orde op zaken gesteld. Of je kunt nadenken over de inrichting van je kamer zodat het de volgende keer niet weer zo’n teringzooi wordt.’ </p>
<p>De organisatoren van Nieuwe Leiders schreven meermalen opiniestukken in de Volkskrant. Daarin stelden de initiatiefnemers vooral problemen aan de kaak, maar droegen ze geen alternatieven aan. Bij de bijeenkomst ‘De Progressieve Onderbuik’ in de Stadsschouwburg van Amsterdam bleek dit eens te meer. ‘Het ging ons in eerste instantie gewoon om het delen van die onderbuikgevoelens, het uiten van de gedeelde opvatting dat er iets niet goed zit in de maatschappij. Daar kun je kritiek op hebben, maar door met een groep jonge experts informatie uit te wisselen willen we hier nu verandering in brengen en een concrete visie creëren.’<br />
Voorlopig blijft het een zoektocht naar de identiteit van Nieuwe Leiders. Het organiseren van bijeenkomsten bleek tot nu toe moeilijker dan gedacht, doordat het volgens de twee lastig is om het beoogde brede netwerk te mobiliseren. Toch merken Sebas en Joris uit de vele reacties die ze ontvangen dat er een voedingsbodem is voor een dergelijke organisatie, omdat de oppositiepartijen de frustratie van de jonge generatie niet verwoorden. </p>
<p><strong>De oppositiepartijen krijgen tot nu toe weinig voor elkaar. Hoe komt dat?</strong><br />
Sebas: ‘De norm van het politieke debat is vervaagd. Kamerleden worden tegenwoordig afgerekend op hun soundbites. Dat past niet bij de huidige progressieve politici, die uit een cultuur van nuance komen. Hiermee redden ze het niet meer tegenover Geert Wilders of Mark Rutte, zij springen daar heel <em>snappy</em> mee om.’ </p>
<p><strong>Die manier is wel effectief. Uiteindelijk gaat het erom dat er een zo groot mogelijk aantal stemmen wordt behaald bij de volgende verkiezingen. </strong><br />
Joris: ‘Dat moet niet het bestaansrecht van een partij zijn.’<br />
Sebas: ‘Maar dat is het misschien door het systeem wel geworden. Zo zit het ook in het bedrijfsleven. Daar is geld verdienen nu een doel, geen middel. Dat moet anders. Zet de doelen ver weg en probeer die met behulp van geld te bereiken. Voor de politiek geldt hetzelfde. Er moeten speerpunten in een verre toekomst worden opgesteld, die vervolgens bereikt kunnen worden met een goed, feitelijk verhaal dat ook voldoet aan alle criteria van het huidige politieke debat. Gewoon keihard roepen dat het godverdomme eens afgelopen moet zijn met moslims in een hokje plaatsen en dat we het moeten gaan hebben over duurzame energie, want dat is echt een onderwerp voor de toekomst.’<br />
Joris: ‘En daarin mag je inderdaad best retoriek gebruiken met een emotionele boodschap. Dat gebeurt nu nog te weinig vanuit de linkse partijen. Het betoog is of heel genuanceerd, of de retoriek ligt er zo dik bovenop dat de spreker direct door de mand valt, zoals bij Jolande Sap met haar stekkerdoos.’</p>
<p><img src="http://www.ans-online.nl/wp-content/themes/mimbo/images/NieuweLeiders21.jpg"></p>
<p><strong>Wat gebeurt er met Nederland als het huidige beleid wordt voortgezet?</strong><br />
Joris: ‘Ik denk dat het grootste deel van de sociale zekerheid die we sinds 1990 hebben opgebouwd, verdwijnt. Nederland komt in een situatie terecht waarin klassenverschillen erg groot worden en er alleen nog maar onderwijs is voor de rijke mensen.’ </p>
<p><strong>Dat is behoorlijk pessimistisch. Zien jullie de oppositie niet meer herrijzen? </strong><br />
Joris: ‘Ik zie ze in deze vorm niet terugkomen. Misschien wel als ze radicaal gaan hervormen of gaan samenwerken.’<br />
Sebas: ‘Je moet wel uitkijken met het schetsen van doemscenario’s. Ik denk dat het met Nederland niet zo’n vaart zal lopen. We zijn een veerkrachtig land. Met onderwijs en cultuur moet je wel oppassen, want als die ver achterlopen mis je enorme kansen die goed zijn voor de samenleving.’ </p>
<p><strong>Over een paar jaar kan het politieke speelveld er weer heel anders uitzien. Is jullie angst wel gegrond?</strong><br />
Sebas: ‘Ik zie het niet als angst, maar als een frustratie waar de angst die veel mensen nu hebben een oorzaak van is. Zij kruipen nu allemaal naar hun naasten, terwijl dat niet de wereld is die ik wil zien. Ik zie graag die ruime blik en wil voelen dat er in een samenleving ruimdenkend wordt gedacht.’ </p>
<p>Hoewel het bewonderswaardig is dat Joris en Sebas actief vorm willen geven aan een betere toekomst voor Nederland, staat er vooralsnog een groot vraagteken op de plek van de ware identiteit van Nieuwe Leiders. Hierdoor lijkt het project in eerste instantie gedoemd te mislukken. Het toekomstige project ‘betoog aan de toog’, waarbij een spreker in allerlei Amsterdamse kroegen onverwacht opstaat en zijn progressieve visie uitdraagt, brengt het beïnvloeden van de politieke agenda niet dichterbij, omdat dit slechts een erg kleinschalig project betreft. De vraag is of Nieuwe Leiders draagvlak geniet. </p>
<p><strong>Veel jongeren kijken slechts naar de korte termijn. Het malieveld staat alleen vol als het invoeren van een langstudeerdersboete dreigt.</strong><br />
Joris: ‘De actiebereidheid is inderdaad wel erg laag.’<br />
Sebas: ‘Precies, maar wij benadrukken ook zaken die je in de komende vijf jaar niet raken. Ik maak me ook niet druk over het pensioen waar ik over vijftig jaar recht op heb, maar ik denk wel dat het belangrijk is dat jongeren het zich meer aantrekken. Het is op dit moment lastig om een baan te vinden als je net bent afgestudeerd. Dus de bewustwording dat het niet vanzelfsprekend is dat er geld uit de pinautomaat komt en je onbezorgd bier kunt drinken in de kroeg zal automatisch groeien.’</p>
<p><strong>Toch wijzen jullie veelal op toekomstideeën die al bestaan, zoals duurzame energie.</strong><br />
Sebas: ‘Ja, natuurlijk.’<br />
Joris: ‘Het probleem is dat het niet goed wordt uitgedragen.’<br />
Sebas: ‘De Nieuwe Leider is iemand die moet opstaan en die problemen goed moet verwoorden.’ </p>
<p><strong>Zijn jullie niet gewoon op zoek naar een nieuwe fractievoorzitter voor de oppositiepartijen?</strong><br />
Sebas: ‘Kijk, als er iemand is die een steengoed verhaal heeft, dat weet over te brengen en daarmee zoveel mogelijk mensen aan zich weet te binden, prima.’ </p>
<p><strong>Dus als Job Cohen verdwijnt en er een jonge, charismatische leider van de PvdA voor in de plaats komt met een goed verhaal, zijn jullie tevreden?</strong><br />
Joris: ‘Dan zit je weer met het probleem dat er verandering binnen één partij is en wij dat niet belangrijk vinden.’<br />
Sebas: ‘Ik denk dat er genoeg thema’s blijven om ons mee te bemoeien, ook als er een goede leider bij de PvdA zit die de verkiezingen wint.<br />
Joris: ‘Als die nieuwe leider perfect ons onderbuikgevoel weet te verwoorden en daarnaast een heel mooie visie heeft, zal het zeker helpen.’<br />
Sebas, lachend: ‘Dan gaan we toch internationaal? Een mooie afkorting met EU misschien?’ </p>
<p><em>Kijk <a href="http://www.ans-online.nl/papieren-ansen/ans-februari-2012">hier</a> voor de andere artikelen uit de februari-ANS</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.ans-online.nl/interview/gezocht-nieuwe-leiders/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Hafid Bouazza &#8211; Roes van Vrijheid</title>
		<link>http://www.ans-online.nl/interview/hafid-bouazza-roes-van-vrijheid</link>
		<comments>http://www.ans-online.nl/interview/hafid-bouazza-roes-van-vrijheid#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 30 Jan 2012 17:44:24 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Tim Ficheroux</dc:creator>
				<category><![CDATA[Interview]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.ans-online.nl/?p=41612</guid>
		<description><![CDATA[Op zijn zevende verhuisde Hafid Bouazza met zijn familie vanuit Marokko naar Nederland. Hij werd verliefd op de Nederlandse taal, genoot van de geneugten en vrijheden en groeide uit tot een groot essayist en schrijver. &#8216;Ik houd van woorden zoals een schilder van kleuren houdt.&#8217;
Tekst: Jozien Wijkhuijs
Foto&#8217;s: Joeri Pisart
‘Studenten zijn overdreven netjes, ze zeggen altijd [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><em>Op zijn zevende verhuisde Hafid Bouazza met zijn familie vanuit Marokko naar Nederland. Hij werd verliefd op de Nederlandse taal, genoot van de geneugten en vrijheden en groeide uit tot een groot essayist en schrijver. <strong>&#8216;Ik houd van woorden zoals een schilder van kleuren houdt.&#8217;</strong></em></p>
<p><strong>Tekst: Jozien Wijkhuijs<br />
Foto&#8217;s: Joeri Pisart</strong></p>
<p>‘Studenten zijn overdreven netjes, ze zeggen altijd u tegen me. Dat is echt niet nodig.’ Temidden van de stapels boeken in zijn Amsterdamse bovenwoning zet Hafid Bouazza (41) direct de toon voor een openhartig gesprek. Zijn huis bevindt zich in de rosse buurt van de hoofdstad, tussen de hoge beschilderde ramen van de plaatselijke tatoeëerder en een van de vele coffeeshops. Bouazza, geboren in het Marokkaanse Oujda, ontpopte zich in Nederland tot een van de grootste taalkunstenaars. Er verschenen verschillende boeken van zijn hand, waaronder de roman <em>Paravion</em>, die werd bekroond met een Gouden Uil. Daarnaast vertaalt Bouazza Arabische werken onder de noemer <em>De Arabische Bibliotheek</em>. Binnenkort komt deel vier van die serie uit, gevolgd door de nieuwe roman <em>Meriswin</em>.<br />
Op 2 november 2011 won Bouazza Het Scalpel, de prijs voor de polemist van het jaar. Deze wordt jaarlijks op de sterfdag van Theo van Gogh uitgereikt. Hij mengt zich geregeld in het debat over maatschappelijke en politieke onderwerpen. Zo noemde hij onlangs de Arabische Lente ‘niets anders dan een vulgaire erectie’ en discussieerde hij in <em>Pauw en Witteman</em> met een jonge moslim over de steniging van een Iraanse vrouw. Bouazza wordt gedreven door een oneindige liefde voor de taal. ‘Ik vind het uitkomen van het <em>Woordenboek der Nederlandse Taal</em> oneindig veel belangrijker dan de kans dat ons land een EK of WK wint.’ </p>
<p><img src="http://www.ans-online.nl/wp-content/themes/mimbo/images/HafidBouazza.jpg"></p>
<p><strong>Waar komt die liefde voor taal vandaan?</strong><br />
‘Het is het instrument van de schrijver. Ik houd van woorden zoals een schilder van kleuren houdt. De Engelse schrijver Anthony Burgess onderscheidt A-literatuur van B-literatuur. Die A-vorm richt zich enkel op het overbrengen van een boodschap. De tweede vergeet het verhaal niet, maar in die vorm van schrijven speelt taal zelf ook een grote rol. Ik geef het meest om de B-literatuur.’ </p>
<p><strong>In een van je essays schreef je zelfs ‘zonder koestering van de taal zijn wij verloren’.</strong><br />
‘Taal heeft te maken met de culturele identiteit, persoonsidentiteit, de geschiedenis van een land en zelfs met religie van allerlei mensen. Het is van essentieel belang. Als je van taal verandert, wissel je gedeeltelijk van identiteit. Wanneer ik naar Frankrijk of Japan was geëmigreerd, was ik een andere man geworden.’ </p>
<p><strong>Naast Nederlands spreek je Arabisch. Heb je dan twee identiteiten?</strong><br />
‘Zo heb ik het nooit bekeken, dat zou je kunnen zeggen ja. Veel mensen gaan ervan uit dat je verscheurd wordt door de twee landen in je leven, dat je ertussen moet kiezen. Ik denk dat mijn twee identiteiten niet zo veel van elkaar verschillen, dat ze in symbiose leven en afhankelijk van elkaar zijn. Misschien uit het zich bij mij in het feit dat ik een vat vol tegenstrijdigheden ben. Ik ben geen consequent persoon.’ </p>
<p><strong>In hetzelfde essay zeg je dat de multiculturele samenleving uiting vindt in de taal. Wat bedoel je hiermee?</strong><br />
‘In de taal vermengen culturen zich en idealiter zou dat in de maatschappij ook zo zijn. Onze samenleving is echter een lappenpop gebleken waarin de scheidslijnen tussen culturen heel duidelijk te zien zijn. Multiculturaliteit zoals het nu wordt gepropageerd is totaal gefaald. Het laat buiten beschouwing dat de mens bang is tradities te verliezen. Als je vermenging politiek gaat stimuleren en benoemen grijpen mensen terug op een eigenheid die niet bestaat, naar kunstmatige archetypes zoals de tulp, de klomp en het Zeeuws meisje. Het is folklore, slechts het spel, niet het brood.<br />
‘Ik vind de standpunten van de PVV en die van moslimfundamentalisten precies op hetzelfde niveau staan. Iemand die de Nederlandse identiteit constant op de voorgrond houdt, is hetzelfde als een moslim die het constant over zijn islamitische achtergrond heeft.’ </p>
<p><strong>Wat moet de politiek dan doen?</strong><br />
‘Helemaal niets. Door mensen te dwingen hun culturen te vermengen bereik je het tegenovergestelde. Waar komt de multiculturele samenleving eigenlijk op neer? Dat de moslims de christenen en joden een keer uitnodigen om samen te eten, elkaars handje vast te houden en te zeggen: “We geloven eigenlijk allemaal in één god”? Dat stuit me het meest tegen de borst, het is de religieuze basis die de vruchten plukt van multiculturalisme. Ik zie geen enkele heil in religie.’ </p>
<p><strong>Bedoel je dat je de regering te religieus vindt?</strong><br />
‘Jazeker. Het CDA is al tien jaar aan de macht en nu hebben ze het ook nog op een akkoordje gegooid met de SGP. De VVD is plots niet meer tegen weigerambtenaren. De schreeuwerige profilering van de islam in Nederland, mede mogelijk gemaakt door het CDA en de PvdA, heeft ook andere religies doen inzien dat ze zich niet moeten laten onderdrukken. We zijn de verworvenheden van de jaren zestig en zeventig aan het kwijtraken, zoals de terugdringing van religie in de openbare ruimte.’ </p>
<p><strong>Denk je dan dat religie in onze samenleving nog een grote rol speelt?</strong><br />
‘Ja. Het gaat niet alleen om het christendom, het jodendom en de islam. Ons brein is verwonderlijk omdat het ons allerlei hallucinaties en gektes kan geven, zoals de eeuwige behoefte aan zingeving. Mensen zoeken bijvoorbeeld altijd verlichting van de angst voor de dood. Als het vervolgens gaat om echt belangrijke zaken, zoals abortus of vruchtwaterpuncties, komt de religieuze slang om de hoek kijken. En dan moeten we bijvoorbeeld Piet Hein Donner aanhoren, die stelt dat mensen zonder geloof geen moreel kompas hebben.’ </p>
<p><img src="http://www.ans-online.nl/wp-content/themes/mimbo/images/HafidBouazza3.jpg"></p>
<p><strong>Je richt je pijlen vooral op de islam. Zo zei je in <em>HP/de Tijd</em> dat je die ‘met pikhouwelen en bulldozers wilt bestrijden’.</strong><br />
‘Dat komt door mijn islamitische achtergrond, maar ook omdat ik vind dat die godsdienst star en ronduit belachelijk is in sommige doctrines. De positie van de vrouw, de besnijdenis en het verlangen naar seks in het paradijs met vrouwen die iedere keer na de ontmaagding weer maagd worden bijvoorbeeld. Er zit geen greintje barmhartigheid of liefde in de islam. Allah is een tirannieke god. Toen ik nog geloofde, was ik altijd  bang voor hem.<br />
‘Ik heb altijd gehoopt dat de vrouwen voor verandering zouden zorgen, om uit hun benarde positie te komen. Zij zeggen echter hetzelfde als de mannen, maar dan een octaaf hoger. Ze gebruiken de religie die hen onderdrukt als wapen. De islamitische wereld is verloren.’ </p>
<p><strong>Dat is een boude uitspraak.</strong><br />
‘Ja, maar zo denk ik er echt over. Het is toch van de ratten besnuffeld dat in Libië, een land dat moet worden opgebouwd, een interim-minister zich bezighoudt met het wederom toestaan van polygamie? Terwijl een groot deel van het volk geen dak boven het hoofd heeft! In Egypte berechten ze liever Mubarak dan dat ze voor vrede zorgen. De gekte moet toch een keer ophouden? Je moet barmhartigheid en vergevingsgezindheid kunnen tonen. Na Mubaraks dood is er niets veranderd of opgelost. De Arabische lente heeft helemaal niets gebracht, de islamisten zijn overal weer aan de macht.’</p>
<p><strong>Wat wil je met je kritiek bereiken?</strong><br />
‘Dat de islamitische macht in Nederland wordt teruggedrongen. Die kan namelijk ook invloed hebben op de vrijheid in de samenleving, bijvoorbeeld op wat ik mag schrijven. Daarnaast lever ik kritiek omdat de islam achttien jaar van mijn leven heeft verkloot en daarom nu mijn repliek terug krijgt. Los daarvan geniet ik ervan om bepaalde mensen de gordijnen in te jagen, al zeg ik nooit zomaar wat.’<br />
Naast stukken over de islam en taal wijdt Bouazza in <em>Heidense Vreugde</em>, zijn essaybundel uit 2011, meerdere artikelen aan vrouwen. Ondanks zijn hoop dat vrouwen noodzakelijke veranderingen in de islam teweeg zouden brengen, schrijft hij deze stukken niet om indirecte kritiek te leveren op de religie. Hij beschrijft onder andere het vrouwelijk orgasme en de lengte van het schaamhaar. ‘Ik ben simpelweg gefascineerd door vrouwen, ik snap geen bal van ze.’ </p>
<p><strong>Zijn vrouwen zo moeilijk te begrijpen?</strong><br />
‘Ik krijg van vrouwen ontzettend veel complimenten over mijn fictie, omdat ik me zo goed in hen zou kunnen inleven. De Nederlandse Bond van Huisvrouwen heeft me zelfs eens uitgenodigd voor een optreden. Toen ik nog wat slanker en knapper was, vroegen mensen me ook af en toe om artikelen over vrouwen te schrijven. In het dagelijks leven kan ik daarentegen niets met het andere geslacht. Ik heb geen geduld met vrouwen en vind ze vaak onlogisch. Helaas zagen veel mensen <em>Paravion</em> als kritiek op de behandeling van vrouwen in de islam, terwijl ik dat met opzet niet had verwerkt in het boek.’ </p>
<p><strong>Waarom is dat inlevingsvermogen er in het echte leven niet?</strong><br />
‘In het echt kan een vrouw me pijn doen en moet ik mezelf daartegen beschermen. Zelfbescherming en empathie gaan niet altijd samen. Tijdens het schrijven kan ik me inleven omdat het geen consequenties voor me heeft.’ </p>
<p><strong>Je bent erg open in interviews, zoals nu over zelfbescherming. dat is niet vanzelfsprekend.</strong><br />
‘Jullie stellen de vragen, ik geef antwoorden.’ </p>
<p><img src="http://www.ans-online.nl/wp-content/themes/mimbo/images/HafidBouazza2.jpg" class=picright><strong>Over je alcoholprobleem ben je ook veel geïnterviewd, vond je dat niet te intiem?</strong><br />
‘Nee, omdat ik het niet als probleem zag. Voor mij was het een extase, totdat ik er erg ziek van werd. Ik kan er zonder spijt over praten en hetzelfde geldt voor mijn drugsgebruik. Mensen zouden zich niet moeten schamen om toe te geven dat ze behoefte hebben aan een roes. Ikzelf heb die drang veel minder dan vroeger. Ik heb mijn lichaam er natuurlijk ook mee kapot gemaakt. Ook seks is een middel om roes te bereiken, maar daar praten mensen gemakkelijker over. Op drank en drugs heerst nog steeds een maatschappelijk taboe.<br />
‘In het ziekenhuis werd ik niet als oud vuil behandeld, niemand zei dat het mijn eigen schuld was, ik werd gewoon geholpen. Dat vind ik een lovenswaardige en humane manier om ermee om te gaan. Ik weet niet wanneer die uitbundigheid overgaat in zelfdestructie, al vind ik dat laatste ook een vorm van zelfbeschikking. Mensen moeten zelf weten wat ze met hun lichaam doen. Ik heb keihard moeten vechten voor mijn vrijheid, kwam uit een milieu waar privacy niet ruim voorhanden was. Het gebruik van drank en drugs was ook een soort vieren van vrijheid.’ </p>
<p><strong>Is die roes ook bevorderlijk voor het schrijven?</strong><br />
‘Het schrijven zelf is een roes voor mij.’ </p>
<p><strong>Heeft het bespreken van je problemen op het publieke toneel je ook iets gebracht?</strong><br />
‘Nee, mij niet. Ik merkte wel aan anderen dat ze het fijn vonden dat ik het bespreekbaar maakte. Het werd eerder tegen me gebruikt. Dan zeiden mensen: “Kijk wat hij hier schrijft, zou hij weer stoned of dronken zijn?” Dat vind ik erg zwak.’ </p>
<p><strong>Het heeft dus wel veranderd hoe mensen naar je boek kijken?</strong><br />
‘Ja, maar ik vind dat een veel te makkelijke manier van boeken lezen. Mijn nieuwe roman is ontstaan toen ik in het ziekenhuis lag. Het is echter geen beschrijving van mijn ziekte en als mensen dat er wel in zien is dat jammer. Ik probeer praktisch te zijn en te zeggen: als het daardoor beter verkoopt, vind ik het prima. Voor mij blijft het hetzelfde boek.’ </p>
<p><em>Kijk <a href="http://www.ans-online.nl/papieren-ansen/ans-februari-2012">hier</a> voor de andere artikelen uit de februari-ANS</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.ans-online.nl/interview/hafid-bouazza-roes-van-vrijheid/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Culturele instelling aan de afgrond</title>
		<link>http://www.ans-online.nl/interview/culturele-instelling-aan-de-grond</link>
		<comments>http://www.ans-online.nl/interview/culturele-instelling-aan-de-grond#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 26 Jan 2012 13:35:53 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Adrianne Tuk</dc:creator>
				<category><![CDATA[Interview]]></category>
		<category><![CDATA[cultuurbezuinigingen]]></category>
		<category><![CDATA[Halbe Zijlstra]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.ans-online.nl/?p=41304</guid>
		<description><![CDATA[In juni vorig jaar maakte staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) Halbe Zijlstra bekend dat er 200 miljoen euro zal worden bezuinigd op kunst en cultuur. Uit een enquête van de Nederlandse Museumvereniging (NMV) die 9 januari werd gepubliceerd, blijkt dat zeventien musea verwachten de deuren te moeten sluiten. De onzekere tijden voor musea [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="picleft" src="http://www.ans-online.nl/wp-content/themes/mimbo/images/hubner.jpg" alt="" /><em>In juni vorig jaar maakte staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) Halbe Zijlstra bekend dat er 200 miljoen euro zal worden bezuinigd op kunst en cultuur. Uit een enquête van de Nederlandse Museumvereniging (NMV) die 9 januari werd gepubliceerd, blijkt dat zeventien musea verwachten de deuren te moeten sluiten. De onzekere tijden voor musea zorgen ook voor twijfels bij de directeur van het Afrika Museum.</em></p>
<p><strong>Tekst: Esther Jongejan en Adrianne Tuk</strong></p>
<p>‘Als jullie nog eventjes hadden gewacht met het interview, hadden jullie niet hoeven fietsen, maar kunnen uitstappen bij de bushalte die hier komt,’ lacht Irene Hübner, directeur van het Afrika Museum. Het vooruitzicht op een beter bereikbare locatie stemt haar zichtbaar vrolijk. Wanneer ze vertelt over de gevolgen van de kabinetsmaatregelen wordt echter een diepe verontwaardiging zichtbaar. Er zal 200 miljoen euro worden gekort op de culturele basisinfrastructuur (BIS). Het Afrika Museum is een van de 29 zogenaamde BIS-musea. Deze instellingen zijn in de jaren ’80 bij het ministerie van OCW ondergebracht en ontvangen sindsdien rijkssubsidie omdat zij als museum van nationaal belang worden beschouwd. ‘Het is ontzettend vreemd om te horen dat we dat nu kennelijk niet meer zijn.’</p>
<p><strong>Hoe kijkt u aan tegen de bezuinigingen die uw museum zullen treffen?</strong><br />
‘Het is vanzelfsprekend dat OCW moet bezuinigen, net als elk ander departement, maar je kunt vraagtekens zetten bij het onevenredig hoge percentage dat op onze sector wordt gekort. Waar wij voornamelijk last van hebben, is de enorme snelheid waarmee de maatregelen worden doorgevoerd en het korte tijdsbestek van drie maanden waarbinnen de subsidieaanvraag voor 2013-2016 moet worden ingediend.’</p>
<p><strong>Waarom levert dat problemen op?</strong><br />
‘Wij moeten voor 1 februari ons museumbeleid voor de komende jaren hebben geformuleerd, terwijl je daar normaal gesproken een jaar mee bezig bent. Om subsidie te blijven ontvangen moet je als museum voldoen aan een vijftal criteria, zoals cultureel ondernemerschap en educatie. Een onaangename verrassing was dat er dit jaar ineens een zesde criterium bleek te zijn: de collectie moet Rijkseigendom zijn, maar die van ons is dit slechts voor een klein deel. Als het criterium zwaar gaat wegen, zouden we de subsidie kunnen mislopen. Ondanks die onduidelijkheid moeten wij nu  eventjes in drie maanden ons gehele beleid opzetten.’</p>
<p><img src="http://www.ans-online.nl/wp-content/themes/mimbo/images/Detail-Alagba-in-Limbo_Sokari-Douglas_Camp_collectie-Afrika-Museum-Berg-en-Dal-350kb.jpg" alt="" /><em><center>Detail van &#8216;Alagba in Limbo&#8217; door Sokari Douglas Camp</center></em></p>
<p><strong>U klinkt verontwaardigd.</strong><br />
‘Dat klopt, omdat er niet wordt nagedacht over de toekomst. De bezuinigingen worden ad hoc doorgevoerd en een visie ontbreekt. Het gaat net als in het onderwijs waarin de ene herziening de ander opvolgt, afhankelijk van wie er staatssecretaris of minister is. Dat brengt veel onrust met zich mee, niemand weet wat er in een volgende kabinetsperiode gaat gebeuren. Ik sta met grote ogen aan de kant te kijken en vrees dat het in de gehele culturele wereld een puinhoop wordt.’</p>
<p><strong>Welke maatregelen neemt het Afrika Museum om de schade te beperken?</strong><br />
‘De staatssecretaris en de Kamer vinden dat wij meer moeten gaan samenwerken met andere volkenkundige musea, zoals het Volkenkundig Museum Leiden en het Tropenmuseum in Amsterdam. Wij zijn echter al het schoolvoorbeeld van intensieve samenwerking. Zo stellen we bijvoorbeeld gezamenlijk de collecties samen, hebben we een ethische commissie en een gezamenlijk aankoopfonds. Natuurlijk onderzoeken we hoe we nog meer kunnen samenwerken.’</p>
<p>Het Afrika Museum bestaat uit een binnen- en buitenmuseum. De binnencollectie bestaat uit traditionele en hedendaagse Afrikaanse kunst. Ook de typische Afrikaanse gewoontes en gebruiken worden er getoond. Zo is er aandacht voor de religie en samenleving, maar ook voor Westerse en Afrikaanse visies op Afrikaanse kunst. Het buitenmuseum beslaat de Afrikaanse architectuur uit onder andere Ghana en Kameroen in de vorm van nagebouwde dorpjes.</p>
<p><center><img src="http://www.ans-online.nl/wp-content/themes/mimbo/images/Renee-Stout_House_of_Obeah_2005_Collectie-Afrika-Museum-Berg-en-Dal-200kb.jpg" alt="" /></center><center><em>&#8216;House of Obeah&#8217; door Renee Stout</em></center></p>
<p><strong>De samenwerking zal verder worden geïntensiveerd, maar daarmee red je geen museum. Hebben jullie andere plannen voor de toekomst?</strong><br />
‘Onze kracht zit vooral in de activiteiten en de educatietrajecten. Ieder jaar vinden in ons buitenmuseum verschillende evenementen plaats. Zo organiseren we workshops, een kinderfestival en het ketikotifestival ter viering van het afschaffen van de slavernij. De komende jaren gaan we nog meer inzetten op deze grote festiviteiten, omdat we daarvan ieder jaar de bezoekersaantallen zien stijgen. Wij zien het organiseren van deze activiteiten als cultureel ondernemen, terwijl het ministerie daarbij slechts denkt aan het binnenhalen van sponsoren. Dat wordt met de enorme concurrentie echter heel moeilijk: alle culturele instellingen vissen in dezelfde vijver.’</p>
<p><strong>Vreest u voor het voortbestaan van het Afrika Museum?</strong><br />
‘We treffen voorbereidingen voor de herinrichting van twee zalen, een solotentoonstelling van een Malinese kunstenaar en we willen het buitenmuseum revitaliseren. We zouden met Prinsjesdag echter zomaar te horen kunnen krijgen dat er zo weinig geld uit de BIS-pot komt dat we niet eens kunnen blijven bestaan. Dat is wel iets waar je in je achterhoofd rekening mee houdt. Sommige projecten kosten teveel geld en kunnen we nu niet realiseren. Dat betekent niet dat we bij de pakken neer gaan zitten. We hebben ons voorgenomen met opgeheven hoofd de strijd aan te gaan.’</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.ans-online.nl/interview/culturele-instelling-aan-de-grond/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Hans van Hout: &#8216;Dit universitair onderwijs is haar grenzen allang gepasseerd&#8217;</title>
		<link>http://www.ans-online.nl/interview/hans-van-hout-dit-universitair-onderwijs-is-haar-grenzen-allang-gepasseerd</link>
		<comments>http://www.ans-online.nl/interview/hans-van-hout-dit-universitair-onderwijs-is-haar-grenzen-allang-gepasseerd#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 24 Jan 2012 13:03:24 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Henk Strikkers</dc:creator>
				<category><![CDATA[De Raad der Wijzen]]></category>
		<category><![CDATA[Interview]]></category>
		<category><![CDATA[Hans van Hout]]></category>
		<category><![CDATA[Raad der Wijzen]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.ans-online.nl/?p=41190</guid>
		<description><![CDATA[In de Raad der Wijzen wordt steeds een maatschappelijk probleem besproken met een emeritus-hoogleraar. Ditmaal Hans van Hout over de toekomst van het hoger onderwijs.
Tekst en foto&#8217;s: Henk Strikkers
‘De timing is goed. Er is frustratie aan alle kanten. Studenten klagen over de kwaliteit van het onderwijs, dat ze niet worden gemotiveerd en dat de begeleiding [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img src="http://www.ans-online.nl/wp-content/themes/mimbo/images/Hans-van-Hout1.jpg" class=picleft><em>In de Raad der Wijzen wordt steeds een maatschappelijk probleem besproken met een emeritus-hoogleraar. Ditmaal Hans van Hout over de toekomst van het hoger onderwijs.</em></p>
<p><strong>Tekst en foto&#8217;s: Henk Strikkers</strong></p>
<p>‘De timing is goed. Er is frustratie aan alle kanten. Studenten klagen over de kwaliteit van het onderwijs, dat ze niet worden gemotiveerd en dat de begeleiding te wensen over laat. Docenten mopperen over ongemotiveerde studenten, moeten onderwijs geven dat ze niet interessant vinden en worden niet gewaardeerd vanwege hun onderwijskwaliteiten.’ Het is geen revolutieprediker die hier aan het woord is. Sterker nog: in vrijwel niets lijkt Hans van Hout (69), emeritus-hoogleraar Onderwijskunde van het Hoger Onderwijs, op een persoon die je op de barricaden zou aantreffen. Toch propageert hij radicale veranderingen in het hogeronderwijssysteem. Daarbij lijkt hij weinig te willen ontzien. ‘Er is een aantal taboes dat nodig moet worden doorbroken.’</p>
<p><strong>Onlangs versimpelde de Technische Universiteit Delft haar studies om de rendementen te verbeteren. Zag u dat aankomen?</strong><br />
‘Kijk, het fundamentele probleem van ons hoger onderwijs is de geweldige toename van studentenaantallen. Dat is niets nieuws. Daar werd al voor gewaarschuwd door Kees Posthumus in zijn Nota Posthumus in 1968. De aantallen waren destijds natuurlijk nog aanmerkelijk kleiner, maar de groeitrend was al duidelijk zichtbaar. Toen voorspelde men al dat er snel druk zou ontstaan op de financiën van de instellingen. Dat wordt in deze economische crisis pijnlijk zichtbaar.<br />
‘Nu is de overheid enkel nog van zins de studie van studenten zonder uitloop te financieren. Instellingen hebben er dus baat bij dat iedereen zo snel mogelijk afstudeert. Aan een vijfdejaars student moet je immers nog steeds onderwijs geven, je moet hem nog steeds tentamens afnemen en je moet hem nog steeds scriptiebegeleiding bieden.<br />
‘Voor instellingen is één en één twee. Zij voelen het in hun portemonnee als ze een slecht rendement hebben en komen daarom met maatregelen die er op gericht zijn om studenten voor of direct na de poort te selecteren en onder druk te zetten om zo snel mogelijk af te studeren. Het allesomvattende probleem van de massaliteit is hiermee echter niet opgelost en de studentenaantallen zullen alleen maar toenemen.’</p>
<p><strong>Schetst u hier geen doemscenario? Steeds meer studenten zullen onderwijs moeten krijgen van even veel geld.</strong><br />
‘Nou ja, een doemscenario… Naar mijn gevoel kunnen we dit probleem wel oplossen, maar dan moet het stelsel van hoger onderwijs stevig worden aangepakt. Zijlstra sleutelt alleen maar aan de financiële kant en aan symptomen. De politiek gaat eraan voorbij dat studeren tegenwoordig een totaal andere maatschappelijke betekenis heeft dan in de tijd dat het systeem is ontworpen.<br />
‘Niet gaan studeren is geen optie meer voor geslaagden van havo of vwo. Vroeger gingen jongeren in veel gevallen aan het werk om dan in de praktijk bijgeschoold te worden. Dat is nu niet meer het geval. Studeren is geen keuze meer. De enige keuze die de nieuwe lichting heeft is wát zij gaat studeren. Dat is vaak al moeilijk genoeg omdat een heel groot aantal studies niet aansluit bij vakken op de middelbare school.<br />
‘De verwachtingen van studenten zijn op het ogenblik eveneens heel anders. Het percentage afgestudeerden dat in de wetenschap gaat werken is op dit moment aanmerkelijk kleiner dan voorheen. Heel veel studenten willen gewoon goedgeschoold de arbeidsmarkt op.’</p>
<p><strong>Moet het universitair onderwijs daarmee ook van doelstelling veranderen?</strong><br />
‘Een universitaire opleiding hoort te draaien om menselijke ontwikkeling en om binding. Dat betekent niet dat kennisoverdracht naar de achtergrond moet verdwijnen, maar naar mijn mening wordt daar veel te veel op gefocust. Op een universiteit horen docenten bijvoorbeeld de namen van studenten te kennen en elke student moet het gevoel hebben dat hij bij tenminste één docent terecht kan met zijn problemen. Niet dat hij in een bureaucratische mallemolen terecht komt. Ik ben dan ook niet heel rouwig dat studenten tegenwoordig steeds vaker termen als “school” of “leraar” gebruiken. De universiteit is een school! Het moet niet alleen kennis overdragen, het moet ook jong volwassen personen vormen.’</p>
<p><strong>De bachelor moet dus een school worden.</strong><br />
‘Ja, de universitaire bachelor moet een echte school worden. Dat houdt onder andere in, dat onderwijs de hoogste prioriteit krijgt. De primaire taak van docenten moet het geven van onderwijs zijn en daar moeten ze op worden afgerekend; niet op het aantal publicaties dat ze behalen. Daar hoort ook professioneel onderwijsmanagement bij, dat ontbreekt nu op veel universiteiten. De doelstelling van die school is de ontwikkeling van jonge mensen naar een bepaald niveau. Dat is niet alleen een kennisniveau, dat behelst ook vaardigheden, competenties en ethiek. Hoe sta je in de samenleving? Dat is veel belangrijker dan dat er aan het eind een economisch werkzame eenheid uitrolt. Die functie hebben we ook, maar we moeten vooral mensen ontwikkelen.<br />
‘Dat brengt overigens ook met zich mee dat selectie aan de poort ongewenst is. We hebben al een heel selectief systeem. Er wordt soms net gedaan alsof elk kind dat wordt geboren 18 jaar later bij de universiteit aan de poort komt kloppen. En dan schreeuwt men in koor dat het tijd is voor selectie aan de poort.’</p>
<p><img src="http://www.ans-online.nl/wp-content/themes/mimbo/images/Hans-van-Hout2.jpg"></p>
<p><strong>Is selectie aan de poort niet een heel goed middel tegen de massaliteit?</strong><br />
‘Tegen de massaliteit? Massaliteit is geen keuze. Massaliteit moet! Als je de studentenaantallen gaat terugschroeven, draai je de kenniseconomie de nek om. Het is een keihard gegeven dat de studenteninstroom toeneemt en alleen nog maar meer gaat toenemen.<br />
‘Bovendien creëer je met selectie aan de poort een groep drop-outs. Waar moet iemand die is geweigerd immers naartoe?’</p>
<p>Van Hout is niet bang stiltes te laten vallen. Dat doet hij echter niet alleen in dit gesprek, maar ook in zijn vakgebied. Hij was de laatste hoogleraar Onderwijskunde van het Hoger Onderwijs voordat hij in 2007 met wetenschappelijk pensioen ging. Een opvolger op het gebied van het hoger onderwijs heeft hij in Nederland niet en dat is volgens hem te merken. ‘Neem nou studiekeuzegesprekken. Dat kan natuurlijk best leuk zijn, maar dat kost bakken met geld en zal geen enkel effect hebben op de rendementen. Er is nooit uit wetenschappelijk onderzoek gebleken dat studiekeuzegesprekken de rendementen doen stijgen. En toch gaan alle universiteiten ze nu invoeren. Dat vind ik belachelijk.’</p>
<p><strong>Denkt u dat dit Nederlandse universitair systeem bestand is tegen nog meer studenten?</strong><br />
‘Zoals ik al eerder zei is het onmogelijk de studentenaantallen terug te dringen en dus moet het systeem daarop aangepast worden. De invoering van de bachelor-master-structuur was daartoe een goed moment geweest, maar we hebben die kans laten liggen. In Nederland is de vierjarige doctoraal praktisch behouden: de bachelor en master zijn vaak zo met elkaar verweven dat vrijwel iedereen doorstroomt. De kennisvereisten van de bachelors worden bovendien geënt op de kennisvereisten van de master en die van de master weer op die van de research master en zo domineert het onderzoek eigenlijk het hele universitaire onderwijs.<br />
‘En dat terwijl je bachelors ook prima kan indelen naar interesses van studenten of naar maatschappelijke problemen. Zo kun je een prima bachelor maken die bestaat uit elementen van de opleidingen Psychologie, Rechten en Economie. Het grote probleem is dat op universiteiten veel te veel vanuit onderzoeksdisciplines wordt gedacht. Dat werkt voor veel studenten die niet per se interesse hebben in zo’n onderzoeksdiscipline heel demotiverend.’</p>
<p><strong>Brede opleidingen helpen misschien tegen uitval, maar maakt het universitaire onderwijs niet beter bestendig tegen de toenemende studentenaantallen.</strong><br />
‘Het beter invoeren van het bachelormaster-systeem kan ook de overbevolking tegengaan. Het moet in Nederland normaal worden om na een bachelordiploma te gaan werken. Dat gebeurt in vrijwel alle Europese landen, behalve hier, omdat wij hier allemaal roepen dat bachelor en master één opleiding vormen en dat je niets waard bent als je geen master hebt. Daar aan tornen is een groot taboe.<br />
‘Ik wil voorstellen om er twee zelfstandige opleidingen van te maken en de master op te rekken naar een echte tweejarige wetenschappelijke studie gericht op een bepaalde onderzoeksdiscipline. Niet iedere student die een bachelor heeft gehaald, moet dan worden toegelaten tot de master. We hebben het steeds over selectie aan de poort voor de bachelor, maar eigenlijk zou je bij aanvang van de master moeten selecteren. Dat gebeurt nu alleen bij research masters.</p>
<p><strong>Waarom heeft het daar wel nut?</strong><br />
‘Omdat mensen die daar uitvallen een prima startkwalificatie hebben voor de arbeidsmarkt. Ik ben er sowieso voor dat iedereen na de bachelor minimaal een jaar gaat werken, want dan kun je ook beter kiezen of je een master wilt doen en zo ja, welke. Bovendien kun je een masteropleiding dan ook deels laten financieren door de werkgever. Dat is overigens volgens mij meteen de reden dat de werkgeversorganisaties tegen dit plan zijn. Zij roepen al vanaf het begin: ‘Een bachelor is een halfwassen academicus’, terwijl de grote multinationals wel allemaal bachelorstudenten uit het buitenland aannemen. Dat is vreemd en ik denk dat het wordt veroorzaakt doordat de belastingbetaler nu alle masters betaalt.<br />
‘Datzelfde financiële motief gaat ook op voor universiteiten. Bij de invoering van het bachelor-masterstelsel riepen alle rectores magnifici in koor dat iedere student een master moet volgen. Logisch, want iedere student die dat doet brengt de universiteit een jaar lang extra overheidsgeld op. Studentenaantallen bepalen immers de overheidssteun die de universiteiten krijgen.’</p>
<p><img src="http://www.ans-online.nl/wp-content/themes/mimbo/images/Hans-van-Hout3.jpg"></p>
<p><strong>Zou dat financieringssysteem niet op de schop moeten?</strong><br />
‘Dat weet ik niet. De grondslag van dat systeem is eigenlijk heel logisch en universiteiten hebben ook niet te weinig geld om onderwijs te geven aan studenten. Het grote probleem is dat iedere docent geacht wordt een aanzienlijk deel van zijn tijd aan onderzoek te besteden. Waarom lukt het bij grote opleidingen niet om werkgroepen van twintig studenten te maken? In beginsel hebben ze per student evenveel geld als een kleine opleiding. Hoe meer docenten je aanstelt, des te meer onderzoeksgeld heb je nodig omdat die docenten ook allemaal onderzoek moeten doen. De koppeling van onderwijs en onderzoek in het universitaire bestel is natuurlijk belangrijk. Nu vindt dat per docent plaats: iedere docent moet onderzoeken en onderwijzen. Dat is een van de oorzaken waarom we niet in staat zijn voor grote aantallen studenten toch kleinschalig onderwijs aan te bieden. Er rust een groot taboe op om te stellen dat niet alle universitaire docenten actief toponderzoek moeten doen. Voor de meeste docenten is onderwijs van ondergeschikt belang: zij worden primair beoordeeld op hun onderzoeksprestaties. Voor het bacheloronderwijs zouden we heel goed kunnen werken met gepromoveerde docenten die onderwijs als vrijwel enige taak hebben en die niet worden afgerekend op publicaties in <em>topjournals</em> en het binnenhalen van onderzoeksgeld, maar op onderwijsprestaties en op grond daarvan carrière kunnen maken tot hoofddocent.<br />
De afgelopen 20 jaar is de druk om te publiceren ongelooflijk toegenomen. Elke onderzoeker moet toponderzoek doen en we moeten allemaal mee doen met de Oxfords en de Cambridges.’ Probeer dan maar eens om goed bacheloronderwijs te maken bij grote aantallen studenten.</p>
<p><strong>Dat kan toch niet?</strong><br />
‘Nee, natuurlijk kan dat niet. Maar aan de andere kant worden universiteiten afgerekend op onderzoek. Faculteiten worden afgerekend op onderzoek. Medewerkers worden afgerekend op onderzoek. Het gebeurt regelmatig dat docenten die een onderwijsprijs winnen een jaar later aan de kant worden geschoven omdat ze te weinig onderzoek hebben gedaan.’</p>
<p><strong>Onderwijs is dus eigenlijk het ondergeschoven kindje in het hoger onderwijs.</strong><br />
‘Ja. En dat wordt alleen maar erger. Halbe Zijlstra zegt: “Iedere universiteit zou op een aantal gebieden toch wel top moeten zijn.” Je mag van een instelling niet verwachten dat ze zegt: “Wij hoeven geen topuniversiteit te zijn, laat ons maar een regionale universiteit zijn die vooral nadruk legt op onderwijs.” Ik zou willen dat iemand het zei. Dat ze een echte onderwijsuniversiteit willen zijn, waarin het echt om studenten draait. Dat er één instelling is die niet wil excelleren in onderzoek, maar juist betere opleidingen gaat aanbieden die aansluiten bij de interesses van studenten. Dat ze niet gaan selecteren aan de poort en veel meer tijd zullen steken in begeleiding.’</p>
<p><strong>Dat is toch geen realistisch scenario?</strong><br />
‘Toch wel; de tijd is rijp voor structurele verandering van het universitaire systeem. Het had al veel eerder moeten gebeuren. Het huidige systeem is zijn grenzen al lang gepasseerd.’</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.ans-online.nl/interview/hans-van-hout-dit-universitair-onderwijs-is-haar-grenzen-allang-gepasseerd/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Selim Lemouchi &#8211; Rituele rock</title>
		<link>http://www.ans-online.nl/interview/selim-lemouchi-rituele-rock</link>
		<comments>http://www.ans-online.nl/interview/selim-lemouchi-rituele-rock#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 07 Jan 2012 17:31:20 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Tim Ficheroux</dc:creator>
				<category><![CDATA[Interview]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.ans-online.nl/?p=40839</guid>
		<description><![CDATA[Januari 2012 vormt het startschot voor het jaar waarvan de Maya’s voorspelden dat het ons laatste zal zijn. Gaat de wereld dit jaar ten onder? Zijn we nog te redden of maakt het niets uit? Drie interviews over het begin van het einde.
Tekst: Tim Ficheroux
Foto&#8217;s: Ceriel Gerrits
Regelmatig drenkt Selim Lemouchi (31) zichzelf op het podium [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img src="http://www.ans-online.nl/wp-content/themes/mimbo/images/Selim-Lemouchi1.jpg" class=picleft><em>Januari 2012 vormt het startschot voor het jaar waarvan de Maya’s voorspelden dat het ons laatste zal zijn. <strong>Gaat de wereld dit jaar ten onder? Zijn we nog te redden of maakt het niets uit?</strong> Drie interviews over het begin van het einde.</em></p>
<p><strong>Tekst: Tim Ficheroux<br />
Foto&#8217;s: Ceriel Gerrits</strong></p>
<p>Regelmatig drenkt Selim Lemouchi (31) zichzelf op het podium in varkensbloed. Met zijn eigen bloed besmeurde hij een van de muren in zijn woonkamer. Automutilatie is voor hem een ritueel offer aan zichzelf, ‘een nuttige vorm van zelfdestructie’.<br />
Deze omarming van het duistere, bij veel metalbands een doorzichtige gimmick, is voor het creatieve brein achter The Devil’s Blood een oprechte levensovertuiging. Lemouchi ziet de wereld dan ook het liefst vergaan. Met psychedelische rock vol mystieke verwijzingen, zinspelingen op de dood en Kabbalistische getallensymboliek tourt hij met zijn band momenteel door heel Europa. Het nieuwste album, <em>The Thousandfold Epicentre</em>, werd op 11 november 2011 aan het publiek gepresenteerd. ‘Het getal 11 staat voor chaos en verwarring, voor het afrekenen met een denkwijze waaraan je bent gebonden.’ Geheel in stijl was de enige routeaanwijzing voor dit gesprek ‘neem bus 12 om 12 over 12’. In de Eindhovense bossen vertelt Lemouchi over antimoralisme, non-existentie en het einde der tijden. </p>
<p><strong>Waarom overgiet je jezelf met bloed op het podium?</strong><br />
‘Het heeft vooral een rituele functie. Ik omring me graag met symbolen van sterfelijkheid. Bloed is leven, maar tegelijkertijd ook dood. Het stelt me in staat een deel van mijn persoonlijkheid achter te laten in de kleedkamer en meer instinctief muziek te maken.’ </p>
<p><strong>Satanisme en opzienbarende optredens worden door meer bands gebruikt om het publiek te choqueren. Is dat voor jullie ook een doel?</strong><br />
‘Nee, ik vraag me af in hoeverre dat nog mogelijk is. Beelden van een brandend Bagdad en nieuwsberichten over psychopaten, massamoordenaars en andere ‘welbedoelende’ creatieve geesten zijn aan de orde van de dag. Zelf schrik ik nergens meer van. Daarnaast is het niet interessant wat mensen van mij of mijn muziek vinden, ik doe het puur voor mezelf.’ </p>
<p><strong>Waarom sta je dan toch op het podium?</strong><br />
‘De krachten van de chaos worden gebundeld bij het schrijven van de muziek en dat proces geeft me een negatieve energie. Optreden is de uitgelezen mogelijkheid om die energie kwijt te raken.’ </p>
<p><strong>Wat bedoel je met de chaos?</strong><br />
‘De afwezigheid van wetten. Je moet een situatie voor jezelf creëren waarin je zoveel mogelijk blijft aanschurken tegen volledige losbandigheid en wetteloosheid. Ik ben een antimoralist en geloof niet in het verheffen van bepaalde menselijke gedragingen boven andere. Vanuit een instinctieve reactie weet je wat goed of slecht is. Mensen conformeren zich te veel aan wat is aangeleerd als juist. Pure vrijheid bestaat niet wanneer anderen je vertellen wat je moet doen.’ </p>
<p><strong>Bestaat vrijheid dan überhaupt wel?</strong><br />
‘Ja, na de dood. Er zijn twee grote energiestromen in het universum. De ene is de vernietigende kracht, de oerkracht, ook wel Satan genoemd. Daaruit komt de andere, orde scheppende en creërende aanwezigheid voort, die je God kunt noemen. Wanneer ik sterf voeg ik mij weer bij die eerste, de oerkracht of de chaos die mijn bestaan mogelijk heeft gemaakt.’ </p>
<p><img src="http://www.ans-online.nl/wp-content/themes/mimbo/images/Selim-Lemouchi2.jpg"></p>
<p><strong>Kijk je uit naar je sterven?</strong><br />
‘Soms wel. Ik heb dit vlees niet gekozen, maar het koos mij. Daarom zou ik wel eens willen dat het voorbij was. De dood is als een cadeautje dat je op het einde van je reis krijgt gepresenteerd.’ </p>
<p><strong>In een interview zei je eens: ‘The world is beyond saving, everything should burn and everyone should die.’ Verlang je naar het einde der tijden?<br />
</strong>‘Het is niet zo dat ik mensen met een machinegeweer wil neermaaien tot er niets meer over is. Ik begrijp best dat het moeilijk is om zulke uitspraken in een sociaal daglicht te plaatsen, maar ik denk dat het voor iedereen goed is wanneer de wereld vergaat. Het leven is toch slechts een illusie, een vergissing die je alleen op kunt lossen wanneer je terugkeert naar de oerkracht. Ik zou het waardevol vinden om deel uit te maken van de laatste generatie. Wanneer of in welke vorm het einde der tijden komt, is helaas onkenbaar. Wat mij betreft mag het morgen komen.’ </p>
<p><em>Kijk <a href="http://www.ans-online.nl/papieren-ansen/ans-januari-2012">hier</a> voor de andere artikelen in de januari-ANS</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.ans-online.nl/interview/selim-lemouchi-rituele-rock/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Natalie Righton: &#8216;Er is geen enkele hoop voor Afghanistan&#8217;</title>
		<link>http://www.ans-online.nl/interview/natalie-righton-er-is-geen-enkele-hoop-voor-afghanistan</link>
		<comments>http://www.ans-online.nl/interview/natalie-righton-er-is-geen-enkele-hoop-voor-afghanistan#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 06 Jan 2012 17:59:15 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Tim Ficheroux</dc:creator>
				<category><![CDATA[Interview]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.ans-online.nl/?p=40854</guid>
		<description><![CDATA[Met gevaar voor eigen leven verblijft buitenlandcorrespondent Natalie Righton al twee jaar in Kabul. Tussen de bermbommen en scherpschutters probeert ze zo goed mogelijk verslag te doen van het leven in Afghanistan. &#8216;Voor veel mensen is het hier een hel.&#8217;
Tekst: Eline Huisman en Adrianne Tuk
Foto&#8217;s: Ton Koene
‘Er zijn journalisten die met liefde spreken over het [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img src="http://www.ans-online.nl/wp-content/themes/mimbo/images/Natalie-Righton2.jpg" class=picleft><em>Met gevaar voor eigen leven verblijft buitenlandcorrespondent Natalie Righton al twee jaar in Kabul. <strong>Tussen de bermbommen en scherpschutters probeert ze zo goed mogelijk verslag te doen van het leven in Afghanistan.</strong> &#8216;Voor veel mensen is het hier een hel.&#8217;</em></p>
<p><strong>Tekst: Eline Huisman en Adrianne Tuk<br />
Foto&#8217;s: Ton Koene</strong></p>
<p>‘Er zijn journalisten die met liefde spreken over het land waar ze correspondent zijn, maar over Afghanistan is momenteel weinig moois te zeggen.’ Via een gebrekkige Skype-verbinding vertelt Natalie Righton (35) over haar leven als verslaggever in Kabul. Na haar postdoctorale opleiding Journalistiek in Rotterdam liep ze stage bij <em>de Volkskrant</em>, waar ze vervolgens een vaste aanstelling kreeg. Sinds twee jaar bericht ze voor het dagblad vanuit de Afghaanse hoofdstad, waar ze dagelijks wordt geconfronteerd met de realiteit van een land in oorlog. ‘Ik ben me continu bewust van het kidnaprisico en bermbommen die kunnen ontploffen. Overal staan scherpschutters op de daken en onlangs werd de supermarkt om de hoek opgeblazen.’ Righton haalde afgelopen jaar diverse malen de voorpagina van de krant met onder meer reportages over de omstreden politiemissie in Kunduz. Hoewel het leven in Afghanistan zwaar en gevaarlijk is, spreekt ze gepassioneerd over haar vak. ‘De oorlog in Afghanistan heeft sinds het begin van deze eeuw de politiek wereldwijd sterk beïnvloed, zowel op binnenlands als internationaal niveau. In dit land gebeurt het en ik wil er getuige van zijn.’<br />
Tien jaar geleden beloofde de internationale gemeenschap vrede en veiligheid te brengen in Afghanistan. Dat lijkt nu echter verder weg dan ooit: ‘Westerse militairen en ook Nederlandse politici zeggen dat het hier langzaamaan beter gaat, maar wat ik op straat zie en van Afghanen hoor, is juist het tegenovergestelde. Er is op dit moment geen hoop op vooruitgang in Afghanistan. Sorry, er zit gewoon geen positieve kant aan mijn verhaal.’ </p>
<p><strong>Achter hoge muren</strong><br />
Hoewel Righton zich niet specifiek wil uitlaten over de buitenlandse interventie in Afghanistan, spreekt ze zich wel kritisch uit over het beeld dat hierover wordt geschetst door de politiek. Volgens de journalist ontbreekt het de Westerse militairen en diplomaten aan kennis over wat er werkelijk speelt onder de bevolking. ‘De meeste buitenlanders wonen achter hoge muren met bewaking en prikkeldraad. Zij spreken vrijwel nooit met Afghaanse burgers. Dan is het moeilijk de algemene opinie te bepalen, maar dat is inherent aan een oorlog waarin je een van de strijdende partijen bent.’<br />
Zelf woont Righton in een Afghaanse middenstandswijk en probeert zij, met behulp van een tolk, zoveel mogelijk met de lokale bevolking in gesprek te gaan. ‘Het is mijn rol als journalist om alle feiten op tafel te krijgen. Er bestaat hier geen betrouwbare opiniepeiling of een Maurice de Hond, dus ik probeer zoveel mogelijk verschillende partijen te spreken. Dat zijn bakkers en slagers op de bazaar, maar ook regeringsleiders, NAVO-militairen en de Taliban.’<br />
Op de dag van het gesprek heeft Righton haar tijd doorgebracht in een internetcafé om een artikel te schrijven over de Bonn-conferentie, waar de toekomst van Afghanistan wordt besproken. Doorgaans is ze regelmatig op reis naar provincies als Kunduz. Die bezoeken vereisen veel voorbereiding, variërend van kleding tot onderdak. ‘Ik bedenk vooraf wie ik wil spreken en plan in korte tijd zoveel mogelijk afspraken. Bovendien kun je niet zomaar een taxi aanhouden en ergens naartoe reizen. Je verzint altijd een plan B en C, omdat hier veel dingen misgaan. Ik reis bijvoorbeeld altijd met Afghanen en moet nagaan of mijn chauffeur onlangs nog ruzie heeft gehad in het gebied. Het verzamelen van betrouwbare mensen om me heen is een van de moeilijkste dingen in mijn vak.’ </p>
<p><strong>Betrouwbare beeldvorming</strong><br />
Ondanks haar pogingen een onafhankelijk beeld van de situatie neer te zetten, ziet Righton ook de problemen rondom betrouwbare verslaglegging in het Midden-Oosten. Journalist Joris Luyendijk beschreef enkele jaren geleden in zijn boek <em>Het zijn net mensen</em> de kloof tussen de berichtgeving en realiteit in deze regio. Op de vraag of zij deze analyse herkent, stelt Righton: ‘De waarheid achterhalen is inderdaad moeilijk en een achtergrondverhaal verdwijnt ergens in het midden van de krant.<br />
Bovendien is verslaggeven in een oorlogssituatie lastig. Ik probeer zo goed mogelijk door de propaganda van alle strijdende partijen heen te prikken. Toch blijven sommige verhalen onderbelicht. Er zijn altijd gebieden waar ik niet kan komen, want dat zou mijn dood betekenen.’ Om de risico’s te beperken maakt Righton zich altijd duidelijk kenbaar als journalist. ‘De haat tegen buitenlandse militairen neemt toe. Voor journalisten is meer begrip. Als ik met het leger op patrouille ga, draag ik een zwarte helm en een blauw vest. Zo hoop ik dat vijandelijke troepen het verschil zien tussen mij en de rest van de groep.’ </p>
<p><img src="http://www.ans-online.nl/wp-content/themes/mimbo/images/Natalie-Righton1.jpg"></p>
<p><strong>Land zonder hoop</strong><br />
Veel buitenlandse militairen, die samen met de Afghaanse overheid tegen de Taliban en andere gewapende opstandelingen strijden, zullen naar verwachting in 2014 uit het land zijn vertrokken. Volgens Righton is er weinig zicht op verbetering van de huidige situatie: ‘Wanneer men tot een vredesakkoord wil komen, moeten alle strijdende partijen in de onderhandelingen worden betrokken. De Taliban zal dan ook deel uit moeten maken van de regering, zeggen Afghanen mij. Daar is de laatste tien jaar weinig animo voor geweest.’ Op nuchtere toon schetst ze hoe Afghaanse burgers die toekomst tegemoet zien: ‘Als ik de bakker om de hoek vraag wat hij verwacht na de terugtrekking van buitenlandse troepen, zegt hij: “Er zal een burgeroorlog uitbreken, erger dan we ooit hebben meegemaakt.” De meeste mensen die ik ontmoet, zijn depressief en wanhopig. Afghanen tussen de twintig en dertig dromen ervan om in Europa of Amerika te studeren. Ze hebben weinig hoop dat er ooit vrede komt. Voor veel mensen is het hier echt een hel.’<br />
Van de internationale beloftes over veiligheid en een betere economie is de afgelopen tien jaar vrijwel niets terecht gekomen, stelt Righton. Ze vertelt hoe sommigen zelfs terugverlangen naar de Taliban-tijd: ‘De Taliban waren echt niet altijd netjes. Mensen werden geslagen, handen werden afgehakt, maar er was wel duidelijkheid over wat wel en niet mocht. Een misdadiger kon er destijds donder op zeggen dat hij werd gestraft. Nu is het nergens mogelijk je recht te halen als bijvoorbeeld je broer wordt vermoord. De rechteloosheid heerst.’ Toch is er volgens de correspondent geen sprake van verheerlijking van de periode voor 2001. Met name vrouwen zijn bang hun verworven vrijheden te verliezen. Zij vrezen dat ze niet meer naar school kunnen of buitenshuis mogen werken wanneer de Taliban terug aan de macht komen. </p>
<p><strong>Derde geslacht</strong><br />
Righton vertelt dat ze zich bewust als onafhankelijke vrouw positioneert. In hotels laat zij de rekening nooit door haar reisgenoot betalen en thuis onderhoudt zij het contact met de bewakers van het huis. ‘Elke journalist moet zich hier aanpassen, maar dit is een vrouwonvriendelijk land. Ik draag een hoofddoek of een boerka en moet altijd met een mannelijke begeleider reizen.’ Toch ervaart ze haar geslacht niet als belemmering in het werk. Waar Afghaanse vrouwen onderling in een aparte kamer met elkaar spreken, wordt zij doorgaans in de mannenkamer geplaatst. ‘Mijn positie is verwarrend, ik ben geen man, maar ook geen Afghaanse vrouw. Ze beschouwen me hier als een soort derde geslacht. Hierdoor kan ik hetzelfde werk doen als mannelijke Westerse collega’s. Bovendien heb ik het voordeel ook met vrouwen in boerka te kunnen spreken. Dat is voor een Westerse man vrijwel onmogelijk.’ Onder de Afghanen is de bereidheid om met journalisten te praten vrij groot, maar dit beperkt zich tot de formele sfeer. Een sociaal leven heeft Righton dan ook nauwelijks. ‘Diepgaande vriendschappen zijn moeilijk op te bouwen met mensen die zo’n andere levensstijl hebben. De paar Afghaanse vrienden die ik heb, ontmoet ik alleen af en toe thuis. Omdat het vragen over spionage op zou roepen kan ik met hen niet en plein public in een theehuis afspreken. Terrasjes zijn hier niet, maar met overal prikkeldraad en mannen met mitrailleurs zou het daar ook geen prettige omgeving voor zijn.’<br />
De depressiviteit van het land en het gebrek aan sociaal leven maken haar tijdelijke uitstapjes naar Nederland onmisbaar. Om de paar maanden probeert ze even weg te gaan uit Afghanistan. ‘Het is heerlijk om in mijn eentje door Amsterdam te fietsen met mijn haren los en in een wapperend jurkje, zonder bang te zijn in de problemen te komen als ik de politie tegenkom. Dat is een ongekende vrijheid.’ De journalist zal vermoedelijk nog een jaar in het land blijven werken. ‘Het is af en toe zo’n onprettig leven. Door het gebrek aan hoop houd ik het hier niet eeuwig vol. Tegelijkertijd wil ik als journalist vooraan staan, met eigen ogen zien hoe de geschiedenis zich ontrolt. Het is een hang naar avontuur die mij eigen is. Als ik een aantal eeuwen eerder had geleefd, was ik op een schip gestapt om op ontdekkingsreis te gaan.’</p>
<p><em>Kijk <a href="http://www.ans-online.nl/papieren-ansen/ans-januari-2012">hier</a> voor de andere artikelen in de januari-ANS</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.ans-online.nl/interview/natalie-righton-er-is-geen-enkele-hoop-voor-afghanistan/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Thomas van Slobbe &#8211; Een dijk van een ramp</title>
		<link>http://www.ans-online.nl/interview/thomas-van-slobbe-een-dijk-van-een-ramp</link>
		<comments>http://www.ans-online.nl/interview/thomas-van-slobbe-een-dijk-van-een-ramp#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 06 Jan 2012 17:50:20 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Tim Ficheroux</dc:creator>
				<category><![CDATA[Interview]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.ans-online.nl/?p=40846</guid>
		<description><![CDATA[Januari 2012 vormt het startschot voor het jaar waarvan de Maya’s voorspelden dat het ons laatste zal zijn. Gaat de wereld dit jaar ten onder? Zijn we nog te redden of maakt het niets uit? Drie interviews over het begin van het einde.
Tekst: Mickey Steijaert
Foto&#8217;s: Ceriel Gerrits
Door een dijkdoorbraak komt de Randstad onder water te [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><em>Januari 2012 vormt het startschot voor het jaar waarvan de Maya’s voorspelden dat het ons laatste zal zijn. <strong>Gaat de wereld dit jaar ten onder? Zijn we nog te redden of maakt het niets uit?</strong> Drie interviews over het begin van het einde.</em></p>
<p><strong>Tekst: Mickey Steijaert<br />
Foto&#8217;s: Ceriel Gerrits</strong></p>
<p>Door een dijkdoorbraak komt de Randstad onder water te staan en een uit de poolkappen ontsnapt virus zorgt voor een graantekort met wereldwijde hongersnood tot gevolg. Ruben van Dijk, het pseudoniem van Thomas van Slobbe (54), schetst in zijn eco-thrillers een aantal realistische doemscenario’s binnen een spannend verhaal. Daarbij maakt de schrijver gebruik van zijn brede ervaring, opgedaan tijdens een carrière binnen zowel het bedrijfsleven als de politiek.<br />
Tegenwoordig is Van Slobbe algemeen directeur van Stichting wAarde, een denktank binnen de natuur- en milieubeweging, en staat hij midden in het klimaatdebat. Hij ergert zich aan de nonchalance die heerst over de milieuproblematiek: ‘Iedereen denkt dat een ramp toch niet gebeurt in Nederland. We zijn al jaren niet meer gewend dat de geschiedenis ons overkomt.’ </p>
<p><img src="http://www.ans-online.nl/wp-content/themes/mimbo/images/ThomasvanSlobbe1.jpg"></p>
<p><strong>Naderend onheil</strong><br />
Van Slobbe trekt een la open en gooit een indrukwekkende stapel rapporten en verslagen op tafel. Het zijn coördinatieplannen voor militaire reddingsoperaties van de Nederlandse overheid die de auteur heeft gebruikt voor zijn thriller <em>Wild Water</em> die begin deze maand is uitgekomen. ‘Deze kaarten laten zien hoe Nederland van uur tot uur onder water loopt na een eventuele dijkdoorbraak. Er is berekend dat dan in een etmaal een derde van de Randstad onder water zal staan.’<br />
‘Twee maanden geleden kwam het <em>World Risk Report</em> van de Verenigde Naties uit. Wist je dat Nederland van alle Europese naties de grootste kans heeft op een natuurramp? Volgens dat verslag lopen we hier meer risico op een overstroming dan in Bangladesh, dat is echt heftig.’ Een doorbraak van dijken die de Randstad beschermen zou catastrofale gevolgen hebben, aldus Van Slobbe. Uit rapporten van de overheid blijkt dat de staat niet bij machte is alle inwoners van de westelijke steden te evacueren wanneer het noodlot toeslaat. Een zorgwekkende conclusie, vooral omdat de kans op zo’n ramp blijft toenemen. ‘Tien jaar terug riepen overheden, natuurorganisaties en klimaatwetenschappers in koor dat het terugdringen van CO2-uitstoot heel snel moet gebeuren. Dat is niet gebeurd en als gevolg daarvan hebben we steeds vaker te maken met extreme weersomstandigheden. Nu, in 2012, zitten we met de problemen.’ </p>
<p><strong>Twijfelachtige belangen</strong><br />
De milieumalaise kent niet alleen ecologische oorzaken. In zijn thrillers wijst Van Slobbe met een beschuldigende vinger naar de economische wereld. In <em>Het Kyoto Complot</em> beschrijft hij tot in detail hoe oliebedrijven uit alle macht proberen milieuafspraken tegen te houden. ‘Dat dit gebeurt is geen fictief scenario, het is een goed gedocumenteerd feit. Deze organisaties hebben er belang bij dat conferenties als die in Durban mislukken, zodat hun winst niet zal worden aangetast.<br />
‘Ook de overheid schiet tekort,’ aldus de klimaatdeskundige. ‘Rutte zegt: “Even geen ecologische maatregelen, nu hebben we een economische crisis.” Smeltende gletsjers hebben echter geen boodschap aan het gesteggel tussen de PVV en de VVD.’ </p>
<p><strong>Een wake-up call voor Nederland</strong><br />
Van Slobbe maakt zich vooral zorgen over wat hij de ‘comfortabele Nederlandse het-zal-wel-goedkomen-sufheid’ noemt. Het gevaar zou te ver van de burgers afstaan. ‘We zijn te veel gewend geraakt dat de overheid onze problemen oplost. Als de dijken doorbreken, kan de overheid echter onthutsend weinig doen, dan gaat het tussen jou en het water. De overheid erkent dat, maar sust tegelijkertijd de ongerustheid omdat zij wil voorkomen dat er paniek uitbreekt. Ook in het buitenland is men verbaasd over de Hollandse onbezorgdheid. WikiLeaks publiceerde een document van Amerikaanse diplomaten in Nederland. Daarin gaven zij aan te verwachten dat de orkaan Katrina en bijbehorende overstromingen voor ons een <em>wake-up call</em> zouden zijn. Dat bleek dus helemaal niet het geval.’<br />
De belangrijkste cultuuromslag zoekt Van Slobbe bij de burgers zelf. Volgens de bevlogen ecoloog moeten zij weer zelfredzaam worden. ‘Het is verstandig om het gevaar te onderkennen en een radio op zonne-energie of batterijen, een zaklantaarn en een voedselreserve voor een paar dagen in huis te hebben. Wanneer het misgaat zullen alleen mensen die zich hebben voorbereid het overleven.’ </p>
<p><em>Kijk <a href="http://www.ans-online.nl/papieren-ansen/ans-januari-2012">hier</a> voor de andere artikelen in de januari-ANS</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.ans-online.nl/interview/thomas-van-slobbe-een-dijk-van-een-ramp/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Mathijs Bouman &#8211; Munt op een keerpunt</title>
		<link>http://www.ans-online.nl/interview/mathijs-bouman-munt-op-een-keerpunt</link>
		<comments>http://www.ans-online.nl/interview/mathijs-bouman-munt-op-een-keerpunt#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 06 Jan 2012 17:13:01 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Tim Ficheroux</dc:creator>
				<category><![CDATA[Interview]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.ans-online.nl/?p=40834</guid>
		<description><![CDATA[Januari 2012 vormt het startschot voor het jaar waarvan de Maya&#8217;s voorspelden dat het ons laatste zal zijn. Gaat de wereld dit jaar ten onder? Zijn we nog te redden of maakt het niets uit? Drie interviews over het begin van het einde.
Tekst: Tim Ficheroux
Foto: Persoonlijk archief Mathijs Bouman
Diep treurig provincialisme in nationale parlementen houdt [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img src="http://www.ans-online.nl/wp-content/themes/mimbo/images/Bouman-vinger.jpg" class=picleft><em>Januari 2012 vormt het startschot voor het jaar waarvan de Maya&#8217;s voorspelden dat het ons laatste zal zijn. <strong>Gaat de wereld dit jaar ten onder? Zijn we nog te redden of maakt het niets uit?</strong> Drie interviews over het begin van het einde.</em></p>
<p><strong>Tekst: Tim Ficheroux<br />
Foto: Persoonlijk archief Mathijs Bouman</strong></p>
<p>Diep treurig provincialisme in nationale parlementen houdt de echte oplossing voor de schuldencrisis tegen.’ Mathijs Bouman (45), huiseconoom van <em>RTL Z</em> en columnist bij <em>Het Financieele Dagblad</em>, schetst een somber scenario voor de eurozone. Met de huidige politieke instituties is het lastig om de munt te behouden, ‘maar de euro afschaffen is welvaartsvernietigend’. </p>
<p><strong>Wordt de eurocrisis ons aangepraat door doemdenkers en journalisten?</strong><br />
‘Nee, dat is onzin. Berichtgeving over een crisis zorgt ervoor dat de situatie heftiger wordt, maar dat is geen steekhoudende reden om de werkelijkheid te verbloemen. Als we in 2008 geheim hadden gehouden dat er een probleem was met banken als Lehman Brothers waren de investeringen misschien hoger geweest en de recessie minder diep. Iedereen investeert op basis van beschikbare informatie. Het is de taak van de journalistiek om die informatie te verstrekken, ongeacht of dat de crisis verergert.’ </p>
<p><strong>Hans Hoogervorst, oud-voorzitter van de Autoriteit Financiële Markten, noemde de euro een misgeboorte. Bent u het daarmee eens?</strong><br />
‘Ja, landen als Italië, Portugal en Griekenland hadden nooit mogen toetreden.’ </p>
<p><strong>Critici roepen dat al twintig jaar. Had men daar niet beter naar moeten luisteren?</strong><br />
‘Nee, zij zeiden veelal dat een eenheidsmunt niet zou werken vanwege een gebrekkige arbeidsmobiliteit tussen de eurolanden, maar dat is niet de oorzaak van de crisis. Er is onvoldoende toezicht uitgeoefend op de banken, die enthousiast geld uitleenden.<br />
‘Een ander veelgehoord argument tegen de euro was dat landen als Spanje en Italië zoveel zouden moeten bezuinigen dat de onderlaag van de bevolking hard zou worden getroffen. Hadden ze dat maar gedaan, dan was het huidige probleem niet ontstaan.’ </p>
<p><strong>Hoe groot acht u de kans op een breuk in de eurozone?</strong><br />
‘Die kans valt niet in getallen uit te drukken. Er zijn meerdere scenario’s denkbaar.’ </p>
<p><strong>Zoals een eurozone zonder Griekenland?</strong><br />
‘Het is juridisch niet mogelijk om een lidstaat eruit te zetten. Daarnaast zal onmiddellijk de speculatie ontstaan dat landen als Portugal en Ierland ook beter af zijn zonder euro. Niemand zal geld uitlenen aan die landen omdat je het misschien terugkrijgt in fopgeld. Het is dan slechts een kwestie van dagen voor de twijfel toeslaat over Spanje en Italië. Als zij uit de euro stappen, gaan de Franse vakbonden op hun beurt hetzelfde van de regering eisen, omdat er ineens allerlei landen goedkoop kunnen concurreren aan de zuidgrens. Dat zou het einde van de Europese munt betekenen.’ </p>
<p><strong>Moeten we een politieke unie in het leven roepen om de eurocrisis op te lossen?</strong><br />
‘Nu zitten regeringsleiders in een spagaat tussen nationale en Europese belangen. Dat is geen stabiele situatie. Een democratisch gekozen orgaan in Brussel, dat gaat over essentiële thema’s zoals begrotingsbeleid, economische structuur en toezicht, is noodzakelijk. Helaas komt die unie er niet snel, omdat het alleen om nationale belangetjes draait. We moeten de PVV en de SP uitleggen dat de macht op dit moment toch al in Athene ligt. Ook als die macht in Brussel ligt mogen we nog steeds op klompen lopen, kaas eten en tulpenbollen verkopen.’ </p>
<p><strong>Wat gebeurt er als een van de eurolanden failliet gaat?</strong><br />
‘Dat land zal besluiten haar schulden niet langer af te lossen. Veel banken in Europa zijn daarvan de dupe, aangezien ze geld hebben uitgeleend aan die landen. Omvallende banken zullen genationaliseerd worden en uiteindelijk zullen de belastingplichtigen voor die schulden opdraaien. We moeten de problemen nu oplossen, anders komen ze later terug in de vorm van een enorme financiële crisis.’ </p>
<p><strong>Wat heeft 2012 voor ons in petto?</strong><br />
‘Een doormodderscenario lijkt mij het meest waarschijnlijk. Als blijkt dat de euro echt wordt gered, zal dat vertrouwen creëren op de financiële markten en een matig economisch herstel niet in de weg staan. We slepen echter nog steeds de schuldencrisis uit 2008 met ons mee. Bedrijven zullen in hun personeelsbestand gaan snijden, de buffers zijn op. Banken gaan hun kredietverlening terugbrengen, waardoor geld lenen nog moeilijker wordt. De echte klap komt nu pas.’</p>
<p><em>Kijk <a href="http://www.ans-online.nl/papieren-ansen/ans-januari-2012">hier</a> voor de andere artikelen in de januari-ANS</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.ans-online.nl/interview/mathijs-bouman-munt-op-een-keerpunt/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Wat zijn de plannen? (3)</title>
		<link>http://www.ans-online.nl/interview/wat-zijn-de-plannen-3</link>
		<comments>http://www.ans-online.nl/interview/wat-zijn-de-plannen-3#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 15 Dec 2011 12:33:09 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Adrianne Tuk</dc:creator>
				<category><![CDATA[Interview]]></category>
		<category><![CDATA[onderwijsbezuinigingen]]></category>
		<category><![CDATA[wat zijn de plannen]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.ans-online.nl/?p=40167</guid>
		<description><![CDATA[Op maandag 5 december werd de website watzijndeplannen.info gelanceerd. Alle behartigers van studentenbelangen hebben de handen ineen geslagen om de Nijmeegse student te informeren over het onderwijsbeleid en de bezuinigingsmaatregelen van het kabinet. ANS vraagt deze twee weken een aantal deelnemers naar hun kijk op de plannen. Ditmaal Joris Blaauw, assessor van de Faculteit der [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img src="http://www.ans-online.nl/wp-content/themes/mimbo/images/WZP-JorisBlaauw.jpg" class=picleft><em>Op maandag 5 december werd de website <a href="http://www.watzijndeplannen.info" target=_blank>watzijndeplannen.info</a> gelanceerd. Alle behartigers van studentenbelangen hebben de handen ineen geslagen om de Nijmeegse student te informeren over het onderwijsbeleid en de bezuinigingsmaatregelen van het kabinet. ANS vraagt deze twee weken een aantal deelnemers naar hun kijk op de plannen. Ditmaal Joris Blaauw, assessor van de Faculteit der Sociale wetenschappen.</em></p>
<p>De actieperiode van Wat zijn de plannen is al weer bijna voorbij. Vanavond vindt een grote informatiebijeenkomst plaats waarbij zoveel mogelijk mensen worden geïnformeerd over de bezuinigingsmaatregelen in het onderwijs. Joris Blaauw sprak dit jaar al met veel studenten over de maatregelen. ‘Studenten worden letterlijk genaaid.’</p>
<p><strong>Welke maatregel zou jij uit willen lichten?</strong><br />
‘Ik vind net als Niek Janssen en Arlette van Lint de langstudeerdersboete en het afschaffen van de studiefinanciering in de masterfase belangrijk. Maar daarnaast vind ik het erg van belang dat de verscherpte eisen van de aanvullende beurs aandacht krijgen.’</p>
<p><strong>Waarom deze maatregel?</strong><br />
‘Het is op dit moment nog steeds onduidelijk hoe de maatregel er precies uit komt te zien. De aanvullende beurs is nu al geen vetpot en studenten moeten er al naast werken om rond te komen. Het is schokkend om te zien dat ze nu ook hieraan gaan tornen. Zo wordt er wellicht geen rekening meer gehouden met het het aantal minderjarige kinderen dat ouders moeten verzorgen. Die brengen kosten met zich mee waardoor minder geld kan worden gegeven aan een studerend kind. Het is het letterlijk naaien van studenten die het al moeilijk hebben.’ </p>
<p><strong>Hoe zet jij je in om de Nijmeegse student te informeren?</strong><br />
‘In mijn kantoor net naast het DE-café spreek ik regelmatig met studenten over de nieuwe maatregelen. Ik krijg dan vooral vragen over hoe de maatregelen van toepassing zijn op de specifieke situatie van de student. In mijn functie van assessor van de Faculteit der Sociale Wetenschappen houd ik me vooral bezig met de praktische implementatie van de maatregelen, zonder dat studenten te hard worden getroffen.<br />
‘Deze week ben ik vooral erg druk met de boekenverkoop van de Facultaire Studentenraad voor de Ragweek. Bij elk boek dat ik verkoop geef ik een flyer van Wat zijn de plannen mee.’</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.ans-online.nl/interview/wat-zijn-de-plannen-3/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Wat zijn de plannen? (2)</title>
		<link>http://www.ans-online.nl/interview/wat-zijn-de-plannen-2</link>
		<comments>http://www.ans-online.nl/interview/wat-zijn-de-plannen-2#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 14 Dec 2011 10:36:55 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Jozien Wijkhuijs</dc:creator>
				<category><![CDATA[Interview]]></category>
		<category><![CDATA[onderwijsbezuinigingen]]></category>
		<category><![CDATA[wat zijn de plannen]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.ans-online.nl/?p=40104</guid>
		<description><![CDATA[Op maandag 5 december werd de website watzijndeplannen.info gelanceerd. Alle behartigers van studentenbelangen hebben de handen ineen geslagen om de Nijmeegse student te informeren over het onderwijsbeleid en de bezuinigingsmaatregelen van het kabinet. ANS vraagt deze twee weken een aantal deelnemers naar hun kijk op de plannen. Ditmaal Niek Janssen, lid van de Universitaire Studentenraad [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img src="http://www.ans-online.nl/wp-content/themes/mimbo/images/WZPniekjanssen.jpg" class=picleft><em>Op maandag 5 december werd de website <a href="http://www.watzijndeplannen.info" target=_blank>watzijndeplannen.info</a> gelanceerd. Alle behartigers van studentenbelangen hebben de handen ineen geslagen om de Nijmeegse student te informeren over het onderwijsbeleid en de bezuinigingsmaatregelen van het kabinet. ANS vraagt deze twee weken een aantal deelnemers naar hun kijk op de plannen. Ditmaal Niek Janssen, lid van de Universitaire Studentenraad namens SOFv en coördinator van de taskforce communicatie nieuwe maatregelen.</em></p>
<p>De twee weken vorderen gestaag en over twee dagen, op 15 december, vindt een grote informatiebijeenkomst plaats. Daarbij worden zoveel mogelijk mensen geïnformeerd over de maatregelen die ons allen te wachten staan. Niek Janssen houdt deze week collegepraatjes en deelt flyers uit. ‘De communicatie vanuit de overheid is echt tekortgeschoten.’</p>
<p><strong>Welke maatregel zou jij uit willen lichten?</strong><br />
‘Allemaal natuurlijk, maar ik vind het afschaffen van de studiefinanciering in de master het belangrijkst. </p>
<p><strong>Waarom die?</strong><br />
‘Het is nu nog een wetsvoorstel, maar het gaat er naar alle waarschijnlijkheid wel doorkomen. Misschien is het zelfs volgend collegejaar al ingevoerd. Studenten komen dan in een geheel andere situatie terecht dan nu en ik zie op de campus dat lang niet alle studenten dat weten. Dit is ook een maatregel die nog niet definitief is, dus is het logisch dat hij weinig bekendheid geniet. Als je straks ineens twaalf keer 260 euro minder krijgt en ook nog eens langstudeerder bent, heb je een groot probleem.’</p>
<p><strong>Hoe zet jij je in om de Nijmeegse student te informeren?</strong><br />
‘Ik houd collegepraatjes en ik flyer in bijvoorbeeld de Refter. Dan leg ik vaak ook uit waar het voor is en vraag mensen naar hun studie en hoe lang ze al studeren. Vaak blijkt dat ze makkelijk denken dat een maatregel niet op hen van toepassing is, maar als je ze persoonlijk aanspreekt zien studenten wel degelijk in dat deze maatregelen ook hen aangaan en zijn ze heel bereid zich goed te informeren.&#8217;</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.ans-online.nl/interview/wat-zijn-de-plannen-2/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>

