ANS bezocht: ‘Watskeburt met het imago van taal?’

Noor de Kort

Naar aanleiding van de landelijke Dag van de Leraar organiseerde LUX gisteravond in samenwerking met de Faculteit der Letteren en Radboud Docenten Academie van de Radboud Universiteit ‘Watskeburt met het imago van taal?’ met als hoofdspreker Willie Wartaal, bekend van de rapformatie De Jeugd van Tegenwoordig. Wat kan de  rapper ons leren over de Nederlandse taal?  

Tekst: Noor de Kort 
Foto's: Melis Ulubas 

Om acht uur 's avonds zit de zaal al stampvol, maar Willie Wartaal staat nog in de file. Uiteindelijk laat hij zich om tien voor half negen dan toch onderuitzakken in de draaistoel naast de interviewster. Totaal relaxt en rondjes draaiend, beantwoordt hij de vragen.

Voor de klas willie
Wartaal vertelt enthousiast over zijn leraar Nederlands op de mavo. Hij overwoog zelf ook een carrière als docent. Na het eerste succes met De Jeugd van Tegenwoordig werd er vaak gezegd dat de groep een eendagsvlieg was. Wartaal besloot toen de lerarenopleiding Nederlands te doen, ‘omdat ik misschien toch een echt vak moest zoeken’. Het viel hem tegen dat de stageperiode op zich liet wachten. Door deze teleurstelling en het aanhoudende succes van De Jeugd bloedde het plan om docent te worden dood. Toch sluit hij een baan voor de klas nog steeds niet uit: ‘Als ik genoeg geld heb verdiend, lijkt het me wel tof om kinderen een soort van op te voeden.’

Goed fout
De teksten van de Jeugd van Tegenwoordig brengen wat teweeg. In 2011 verscheen bijvoorbeeld ‘Het Handboek der Jeugd’: een boek met daarin alle teksten van de rapformatie. Eerst was de groep huiverig voor het op papier laten zetten van hun teksten. ‘Het is grappig om te horen wat mensen van de tekst maken als ze deze verkeerd meezingen’, vertelt Wartaal. Hij hoopt daarom dat het publiek dit nog steeds blijft doen. Een van de mooiste verbasteringen vindt hij ‘Haal hem uit je oor’ in plaats van ‘holler at ya boy boy’ in ‘Hollereer’.
vraagDe bekendheid van hun teksten gaat zo ver dat zelfs studenten hun scripties erover schrijven. Op het beeld wordt een analyse getoond van een van een door De Jeugd geïntroduceerd woord. Wartaal kijkt aandachtig naar het scherm en zegt dan droog: ‘Zo moeilijk is het volgens mij niet hoor. Ik heb zo’n tabelletje niet nodig’.

Sarren
Wartaal vertelt dat hij met zijn teksten geen echte idealen nastreeft. Wel wilde hij op een bepaald moment ervoor zorgen dat blanke mensen vaker het woord ‘neger’ zouden gebruiken, door dit veel in zijn teksten te verwerken. Woorden schuwen vindt hij namelijk een vreemd fenomeen: ‘Als je een probleem met een woord hebt, ligt dat bij jezelf. Je moet alles kunnen zeggen.’ Toch wil hij niet zeggen dat dit een maatschappelijk doel van hem is. ‘Het is meer om te sarren, om mensen een ongemakkelijk gevoel te geven.’

 

Regeltjesandere mensen
Tijdens het tweede deel van de avond worden vragen over taal en het onderwijs voorgelegd aan een panel van drie docenten. Docent Nederlands Maurice Dumont vertelt dat poëzie vaak als een moeilijk onderwerp wordt gezien. Dit zorgt er volgens hem voor dat veel vakgenoten beschamend weinig poëzie behandelen. ‘Ik gebruik daarom poëzie die dichtbij de leerlingen staat zoals teksten van De Jeugd, maar ook van Spinvis. ’Wartaal vindt het prima dat zijn teksten voor educatieve doeleinden worden ingezet. ‘Als het werkt, vooral doen.’

De docenten vinden daarnaast dat niet alles mogelijk moet zijn in een taal. Docent en taalprofessor Peter-Arno Coppen zegt dat je taalnormen moet leren beheersen. ‘Als het taalgevoel precies hetzelfde was als de regels, waren deze niet meer nodig, maar dat is niet het geval.’ Wartaal ziet ook het belang van taalnormen in. ‘De regels zorgen ervoor dat taal een goed middel is om mee te kunnen doen in de samenleving. Als je ze goed hanteert, nemen mensen je serieus.’