Literatuurtip december

Uit de allesomvangende brei van literaire werken een exemplaar kiezen voor in je boekenkast, is geen kattenpis. Daarom plaatsen ANS en het literair tijdschrift Op Ruwe Planken dit jaar maandelijks aanraders voor leesvoer online. Bjorn Schrijen (21), student Nederlands en redacteur van Op Ruwe Planken, schrijft de literatuurtip van deze maand.

The Great Gatsby (1925) – F. Scott Fitzgerald December is de maand van de feestdagen, daarom deze maand een lijst met literaire feestjes. Om met een grote naam te beginnen: de feesten die Jay Gatsby organiseert, zijn groots en legendarisch. Elk weekend gaat de New Yorkse upperclass van de roaring twenties los in Gatsby’s huis: 'In his blue gardens men and girls came and went like moths among the whisperings and the champagne and the stars.' Fascinerender is echter om te zien hoe de feesten voor multimiljonair Gatsby een manier vormen om de hoop in leven te houden voor het enige dat hij nooit heeft kunnen bereiken. 'He was the single most hopeful person I have ever met', zegt verteller Nick in de meest recente filmbewerking. Vervang 'person' door 'book', en je hebt een adequate samenvatting.

Alice’s Adventures in Wonderland (1865) – Lewis Carroll Eerlijk is eerlijk, eigenlijk vind ik Alice in Wonderland niet zo’n heel erg goed boek. Een overkoepelende narratief ontbreekt, en uiteindelijk komt het hele boek neer op het vreselijk uitgekauwde ‘het-was-allemaal-maar-een-droom’-scenario. Toch zou iedereen dit boek een keer gelezen moeten hebben, omdat er zo ontzettend vaak mee gespeeld wordt in moderne cultuur. Batman? Lost? The Matrix? Allemaal in zekere mate schatplichtig aan Alice. Om de plek op deze lijst te rechtvaardigen: er zit ook een bekend feestje in, A Mad Tea-Party.

Lights Out in Wonderland (2010) – D.B.C. Pierre Zei ik het niet, dat er vaak verwezen werd naar Alice? Hoofdpersoon Gabriel Brockwell staat op het punt om zelfmoord te plegen, maar beseft dan dat hij het niet meteen hoeft te doen. Die vrijheid brengt hem naar Tokio, waar een bizar ongeluk ervoor zorgt dat zijn vriend en kok Smuts in de gevangenis eindigt. Om hem vrij te krijgen moet Gabriel vervolgens een banket organiseren voor het hoofd van de culinaire maffia op een onwerkelijke locatie: in de schuilkelders van het verlaten vliegveld Berlijn Tempelhof. De roman heeft een interessant geëngageerd karakter, maar is vooral de moeite waard omdat het zo heerlijk grotesk is. De deelnemers aan het banket gaan zichzelf volledig te buiten, en op het menu prijken gerechten als 'Confit of Koala Leg with Lemon Saffron Chutney' en 'Olive Ridley Turtle Necks'.

 

Op Ruwe Planken

Literatuurtip november

Uit de allesomvangende brei van literaire werken een exemplaar kiezen voor in je boekenkast, is geen kattenpis. Daarom plaatsen ANS en het literair tijdschrift Op Ruwe Planken dit jaar maandelijks aanraders voor leesvoer online. Lotte Lentes (24), masterstudent Europese Letterkunde en redacteur van Op Ruwe Planken, schrijft de literatuurtip van deze maand.

Juni – Gerbrand Bakker De meeste schrijvers met een debuutroman die zo’n bestseller is als Boven is het stil, kunnen een anticlimax bij hun daaropvolgende boeken niet vermijden. Dat geldt niet voor Gerbrand Bakker. Zijn debuutroman Boven is het stil is een bloedmooi boek, maar zijn derde roman Juni vind ik zo mogelijk nog mooier. De roman speelt zich af in het plaatsje Wieringerwaard, in de kop van Noord-Holland en beschrijft een periode van veertig jaar uit het leven van ‘De Kaantjes’, een boerengezin dat menig familiedrama met zich meedraagt. In schurende scènes met prachtige, verstilde beelden, beschrijft Bakker het leven in de polder en het lot van een familie die niet van haar verleden los kan komen.

Zo kwamen we aan het eind – Joshua Ferris Zo kwamen we aan het eind is een hilarische vertelling over het dagelijkse kantoorleven op een Amerikaans reclamebureau. 368 pagina’s lang wordt er op hilarische wijze gesteggeld over welke bureaustoel van wie is, geroddeld over wie het met wie doet en natuurlijk vooral veel gepraat over wat de baas allemaal fout doet. Dan wordt duidelijk dat het reclamebureau moet inkrimpen en dat er ontslagen moeten vallen. Alle medewerkers schieten op hun eigen manier in een kramp en doen er alles aan om hun baan zo lang mogelijk te behouden. Zo kwamen we aan ons eind is een snelle en scherpe roman over het onsuccesvol nastreven van The American Dream.

Terug tot Ina Daman – Simon Vestdijk Omdat een lijstje van goede titels wat mij betreft nooit compleet is zonder mijn jeugdheld: Simon Vestdijk. Alle redenen waarom ik ooit iets in de Letteren ben gaan studeren zitten in deze roman, waarin middelbare scholier Anton Wachter hopeloos verliefd zijn puberteit door struikelt. Op school wordt hij gepest, zijn harde werken voor goede cijfers wordt niet beloond en zijn vader en moeder begrijpen niets van wat hem bezighoudt. Als er een nieuw meisje op de HBS verschijnt, Ina Damman, is hij onmiddellijk weg van haar. Maar natuurlijk blijft Antons liefde onbeantwoord. Ondanks al zijn wanhopige pogingen blijft Ina koel en afstandelijk. Een prachtige roman over hoe die eerste jeugdliefde een allesverzengende uitwerking kan hebben op het leven van een scholier.

 

Evy van der Aa

Literatuurtip oktober

Uit de allesomvangende brei van literaire werken een exemplaar kiezen voor in je boekenkast, is geen kattenpis. Daarom plaatsen ANS en het literair tijdschrift Op Ruwe Planken dit jaar maandelijks aanraders voor leesvoer online. Laurens van de Linde (21), bijt de spits af met een drietal inspirerende boeken. Hij is student Nederlands en hoofdredacteur van Op Ruwe Planken.

Schaaknovelle – Stefan Zweig Als er iets is waarvan ik graag zeg dat ik het kan, dan is het schaken. In de hoek van mijn kamer staat zo'n stoffig bord, met houten stukjes en Tric Trac aan de binnenkant. Punt is: ik kan eigenlijk niet schaken. De hoofdpersoon van Schaaknovelle, Dokter B., gelukkig ook niet. In gevangenschap van de nazi's leerde hij via een schaakboekje álle grote partijen uit zijn hoofd, en splitste zijn geest op in twee kleuren (rara welke) om tegen zichzelf te kunnen spelen. Dit alles om maar niet zijn verstand te verliezen (spoiler alert: hij verloor misschien een beetje zijn verstand).Tja. Fantastische, duistere novelle die precies genoeg weet te vertellen. Een heel andere kijk op oorlogsliteratuur.

Bint – Ferdinand Bordewijk Ah, als we het over duistere boeken hebben. Bint is hoofd van een school die alleen in de naamgeving nog geen tuchtschool is. Op de school wordt met ijzeren vuist geregeerd, op het sadistische af. Omdat er geen toelatingen meer zijn – ouders die klaagden, de zeurpieten – is er alleen een vierde en vijfde klas over. Een van de klassen is door Bint zelf samengesteld, die alle 'monsters' in één klas wil: de Hel. Als het schoolhoofd terloops voorspelt dat één van zijn leerlingen zelfmoord zal plegen en besluit er niets aan te doen, snap je het gebrek aan aanmeldingen. Fascinerend vind ik de bedoeling van de schrijver: was het nou juist een pleidooi tegen het fascisme of een lofzang?

On the road – Jack Kerouac Toen ik een jaar of zeventien was (alleen oude mannen beginnen een verhaal op deze manier), luisterde ik enorm veel naar The Doors. Ik zal niet zeggen dat ik ongevoelig was voor invloeden: toen ik las dat Jim dit boek fantastisch vond, wilde ik het hebben. Een transactie via bol.com verder lag het pakje voor mijn deur, en het was uit voor ik er erg in had. Het verhaal van een jonge schrijver die door het Amerika van de jaren 50 – jazzmuziek en veel drugs – reist, met een vriend die mateloos veel interessanter is dan hijzelf. Als er één verhaal is waarvan je voeten gaan jeuken, je koffer roept en het weer altijd mooi schijnt, is dit het. Goed, ik ga mijn koffer inpakken.

 

Redactie

Literatuurtip mei

De beste roman aller tijden, het meest gedurfde essay van de laatste jaren en een poëtische geheimtip. Ook dit jaar laten medewerkers van Literair Productiehuis Wintertuin maandelijks op ANS-Online weten wat je echt niet mag missen. De literatuurtips van deze maand zijn van Dorien Pool. Zij werkt vrijwillig mee aan festivals van Wintertuin en houdt het kantoor schoon.

Marjolijn van Heemstra – De Laatste Aedema Marjolein van Heemstra betoverde me op literair festival Geen Daden Maar Woorden in Utrecht, waar ze voordroeg uit haar poëziebundel Als Mozes had doorgevraagd. Ik lees niet graag gedichten maar wel romans, en besloot daarom haar debuut De Laatste Aedema aan te schaffen. Het verhaal gaat over Loina Aedema, de laatste telg van een oud adellijk geslacht uit Friesland. Ze is opgegroeid bij haar grootvader, haar ouders zijn overleden. Wanneer ook haar opa overlijdt voelt ze zich leeg en eenzaam. Bij haar adellijke vrienden vindt ze geen aansluiting meer en ze besluit af te reizen naar Friesland om onderzoek te doen naar haar familie. Ze ontdekt een familiegeheim: haar overgrootmoeder is van de een op de andere dag verdwenen, niemand die weet waar ze heen gegaan is. Wat volgt is enerzijds een interessant verhaal over de Nederlandse adel, anderzijds een spannende ontdekkingstocht naar haar verleden.

Paul Auster – Moon Palace Dit is zonder twijfel het beste boek dat ik voor mijn studie Literatuurwetenschap heb gelezen. Het is fantastisch goed geschreven en het verhaal is tot op de laatste pagina fascinerend. Marco Fogg is een wees in New York. Hij studeert aan de Columbia University en woon sinds kort op zichzelf. Het enige dat hij bezit zijn 1492 boeken die zijn oom Victor aan hem naliet. Van de boeken bouwt hij zijn interieur (wat een geweldig beeld is voor een boekofiel als ik) en om rond te komen verkoopt hij ze een voor een, nadat hij ze gelezen heeft. Als zijn geld dan echt op is, en hij tragisch genoeg zijn laatste eitje kapot laat vallen, loopt hij in complete staat van ontreddering Central Park in en begint een leven als zwerver. Tot Kitty Wu hem vindt. Hier begint het verhaal pas echt. Als hij weer is opgeknapt neemt hij een baan aan bij Thomas Effing, een oude man die iemand zoekt om hem voor te lezen en met hem te wandelen. Wat begint als een simpel baantje eindigt als een avontuur dat zijn leven verandert. Curtis Sittenfeld – The man of my dreams Lang voordat Lena Dunham de serie Girls schreef was er Curtis Sittenfeld. In haar drie romans (naast deze ook Prep en American Wife) beschrijft ze het leven van jonge vrouwen zonder romantische poespas. De hoofdpersonen zijn onzeker, soms wat ongemakkelijk en vooral heel echt. In The man of my dreams volgen we Hannah Gavener tijdens haar studie. Ze woont op de campus en leidt in tegenstelling tot haar medestudenten een teruggetrokken leven. Terwijl haar knappe nichtje Fig erop los date is Hannah op haar twintigste nog compleet onervaren in de liefde. Ze is heimelijk verliefd op Henry, Figs vriendje, maar durft er geen werk van te maken, zelfs als Fig hem al lang aan de kant heeft gezet. Langzaam kruipt ze uit haar schulp en heeft een paar relaties die allemaal op niks uitlopen. Jaren na haar afstuderen komt ze Henry weer op het spoor en besluit naar hem toe te reizen. Zou hij de man zijn van haar dromen?

 

Erik

Literatuurtip april

De beste roman aller tijden, het meest gedurfde essay van de laatste jaren en een poëtische geheimtip. Ook dit jaar laten medewerkers van Literair Productiehuis Wintertuin maandelijks op ANS-Online weten wat je echt niet mag missen. De literatuurtips van deze maand zijn van Wout Waanders. Hij doet een onderzoekstage bij Wintertuin, in het kader van zijn Master Literair Bedrijf aan de RU.

Zeep – Willem Elschot Ik hou absoluut niet van kaas. Ik gruw er al van als ik het zie en liever lees ik er ook niet over. Ik denk dat ik dat van mijn vader heb: hij hield er ook niet van en streepte vroeger alle broodjes kaas uit mijn Kameleonboeken weg. Het gevolg hiervan is dat Kaas, de klassieker van Willem Elsschot, door mij nooit gelezen gaat worden. Daarom heeft mijn goede vriend Sebastiaan Andeweg het boek uitgeprint in een ‘zeepversie’: alle kazen zijn daar veranderd in zepen. Nu gaat het over een man die een zeepbedrijf start en allerlei zepen aan de man moet brengen. Het enige vreemde is dat mensen soms van de zeep gaan proeven. Verder is het echter een uiterst leesbaar boek. Aanrader. Alleen bij mij te kopiëren.

Italo Calvino – Als op een winternacht een reiziger In niets lijkt dit werk op een gemiddeld boek. Zo wordt je in dit werk direct aangesproken: een groot gedeelte staat in de jij-vorm. Bovendien zit je van de een op de andere pagina zo in een geheel ander verhaal, met een totaal andere stijl en andere figuren. Calvino kan als geen ander experimenteren op een toegankelijke wijze. Een keertje toe aan iets anders dan de eeuwige literaire thema’s als opgroeien in een moeilijk milieu of dramatische levenswendingen: dit lezen.

C.S.S. Crone – De Schuiftrompet Hoewel ik zelf vrijwel alleen gedichten schrijf, is deze verhalenbundel eigenlijk mijn uitgangspunt. In De Schuiftrompet staan verhalen die zo subtiel verteld worden, dat je amper het idee hebt dat je aan het lezen bent. Crone gebruikt geen overbodige beelden, doet niet aan mooischrijverij en schrijft desondanks toch waanzinnig mooie dingen op. Inhoudelijk gaat het vaak niet veel verder dan juist ontslagen mensen die in de kroeg lummelen en langs de grachten lopen, maar er staat ook een surrealistisch tekstje in over een man die bezoek krijgt van de dood.

 

Erik

Literatuurtip maart

De beste roman aller tijden, het meest gedurfde essay van de laatste jaren en een poëtische geheimtip. Ook dit jaar laten medewerkers van Literair Productiehuis Wintertuin maandelijks op ANS-Online weten wat je echt niet mag missen. De literatuurtips van deze maand zijn van Flavia Mercelina.

Jonathan Safran Foer – Extremely Loud and Incredibly Close (Extreem Luid en Ongelooflijk Dichtbij) Dit boek gaat over een gezin in New York. De vader komt om bij de aanslagen van 11 september en het zoontje (Oskar Schell) voelt zich naast verdrietig ook schuldig. Als hij in de kledingkast van zijn vader een sleutel vindt, besluit Oskar op zoektocht te gaan naar het slot. De liefde voor puzzels en logica heeft hij van zijn vader meegekregen en het is dan ook mooi om te zien hoe de jongen op deze manier betekenis probeert te geven aan de dood van zijn vader. Jonathan Safran Foer verrast door zijn manier van verhalen vertellen. Er staan bijvoorbeeld afbeeldingen in zijn boeken en daarnaast speelt hij met typografie en taal.

De Kellner en de Levenden – Simon Vestdijk Twaalf mensen worden op een avond uit hun flat gehaald door agenten. In eerste instantie lijken alle gebeurtenissen mogelijk, maar het wordt een vreemde nacht waarin de bewoners met elkaar opgescheept zitten in een absurde situatie. Ze zijn bang, boos, hebben problemen met de ander, proberen een verklaring te zoeken voor wat er gebeurt en behoorlijk plotseling zijn ze weer in de werkelijkheid bij hun flat en gaat hun leven weer normaal verder. Wat is er gebeurd? Vestdijk neemt je mee naar een wereld waarin thema’s als het christendom, de Apocalyps, de ander en de droom een belangrijke rol spelen.

Madame Bovary – Gustave Flaubert Madame Bovary gaat over een vrouw (Emma) die samen met haar nogal saaie man in een landelijke omgeving woont. Emma raakt verveeld, ze voelt een leegte en besluit zich te verliezen in leuke, spannende mannen en dure aankopen. Voor een kort moment voelt ze zich fijner, maar haar leven wordt er niet beter door. Uiteindelijk kan Emma de grote schulden die ze gemaakt heeft niet meer verbergen. Het slot van het boek is dan ook niet ‘… en ze leefden nog lang en gelukkig.’ Madame Bovary heeft een tijdloze verhaallijn met thema’s als de bourgeoisie in 19e-eeuws Frankrijk, consumeren, vreemdgaan en zingeving. Daarnaast valt natuurlijk het mooie taalgebruik op.

Meer literatuurtips vind je hier.

 

Erik

Literatuurtip februari

De beste roman aller tijden, het meest gedurfde essay van de laatste jaren en een poëtische geheimtip. Ook dit jaar laten medewerkers van Literair Productiehuis Wintertuin maandelijks op ANS-Online weten wat je echt niet mag missen. De literatuurtips van deze maand zijn van Esther Aerts.

De stad der blinden - José Saramago Een automobilist die plotseling blind wordt terwijl hij voor een stoplicht staat. Dit is het begin van een reeks soortgelijke, onverklaarbare gebeurtenissen. In deze dystopische roman komt de ware aard van de mens naar boven die steeds dierlijker gedrag vertoont om te overleven. Nobelprijswinnaar Saramago slingert de lezer heen en weer tussen afschuw en fascinatie. Een klassieker die je zeker een keer gelezen moet hebben.

Het verhaal van Bobbel die in een bakfiets woonde en rijk wilde worden - Joke van Leeuwen De titel van dit fantastische jeugdboek vertelt de essentie van het verhaal. Bobbel woont samen met haar ouders en vleermuis in een bakfiets en wil dolgraag rijk worden. De leuke details zorgen ervoor dat dit boek al jarenlang tot mijn favorieten behoort: zo is de moeder van Bobbel kunstenares, maar moet zij wegens geldgebrek op wc-papier tekenen. Ook maken de eenvoudige tekeningen met grappige onderschriften van Joke van Leeuwen het boek erg fijn om te lezen.

Io e te (Jij en ik) - Niccolò Ammaniti Een bijzonder verhaal over puber Lorenzo die graag alleen is en genoeg heeft van alle mensen om zich heen. Als zijn klas op wintersportvakantie gaat, neemt hij een besluit. Dit grappige, maar ook ontroerende verhaal is zeker een aanrader als fijn vakantieboek. Io e te is onlangs te zien geweest als een van de publieksfavorieten op het Internationaal Filmfestival in Rotterdam en zal dan ook binnenkort in Nijmegen in de bioscoop te zien zijn.

Meer literatuurtips vind je hier.

 

Erik