Zachte knippers maken stinkende wonden
Je bent bijna klaar met je bachelor, maar wéér gezakt voor dat ene rotvak. Nu laat de RU je nog doorstromen naar een master, maar vanaf 2010 moet je bachelor volledig zijn afgerond. Minister Plasterks (OCW) plan voor een ‘harde knip’ moet studenten ambitieuzer en mobieler maken.
In september presenteerde de minister zijn idee voor een volledige scheiding van bachelor en master. Een plan dat een einde moet maken aan de Nederlandse ‘zachte cesuur’ – Europees gezien een uitzondering. De Landelijke Studentenvakbond (LSVb) trekt in zijn kritiek de harde knip uit de context van het bama-systeem. De maatregel moet echter worden gezien binnen het Europees streven naar een Angelsaksisch model. In dit model staan ambitie, competitie en verantwoordelijkheid centraal.
Naast de mogelijkheden voor directe doorstroom moeten studenten meer concurreren om toelating tot prestigieuze masters. Universiteiten zullen gaan strijden om studenten met interessante curricula. Daarnaast zorgt de knip voor een keuzemoment waarop een nieuwe weg kan worden ingeslagen: aan eigen universiteit, in het buitenland of op de arbeidsmarkt. Het krampachtige protest van universiteiten en studentenorganisaties tegen de harde knip geeft aan dat het bachelor-masterstelsel alleen op papier is ingevoerd.
Oude wijn in nieuwe zakken
Het bama-systeem is nog vaak een verkapte opleiding tot doctorandus. Universiteiten hebben financieel belang bij de geleidelijke overgang tussen bachelor en master, aangezien het studenten bindt tot hun afstuderen. Hoewel studenten meer keuzevrijheid en mobiliteit moesten verkrijgen door de harmonisering van het Europees hoger onderwijs – uitgezet in de in 1999 ondertekende Bologna-verklaring – maken ze door de huidige situatie weinig gebruik van de mogelijkheden.
Hoewel Plasterk zijn maatregel in deze geest verkoopt, dient de cesuur ook meer aardse doelen. ‘De harde knip moet bachelorrendementen verbeteren’, aldus Nol Vermeulen, studieadviseur Bestuurs- en Bedrijfswetenschappen. ‘Plasterk zoekt geld binnen zijn begroting en dat wordt graag bij het WO weggehaald. Verzet tegen bezuinigingen is daar beperkt omdat de Vereniging van Universiteiten zich nooit heeft opgeworpen als lobbygroep.’
De toekomst belooft meer ingrijpende hervormingen. ‘Het idee voor meer private financiering hangt in de lucht. De kosten van een tweede master, hbo-instroom en studie-uitloop worden hierin niet vergoed door het ministerie. Tegelijkertijd mogen universiteiten de hoogte van het collegegeld zelf bepalen. Een extra jaar studeren kost dan tussen de 6.000 en 10.000 euro.’
Studenten hebben de keuze
Van oudsher biedt het Nederlandse onderwijssysteem weinig differentiatie in onderwijsniveau, terwijl de tijdsgeest vraagt om ambitieuze studenten die internationaal kunnen concurreren. Bij buitenlandse masters is het normaal extra eisen te stellen voor deelname en is toelating vaak een echte prestatie. Een harde scheiding geeft universiteiten de kans strengere selectiecriteria te hanteren, waardoor de onderwijskwaliteit omhoog kan en ongemotiveerde studenten worden afgeschrikt.
Bovendien moet dit keuzemoment een trendbreuk in doorstroming bewerkstelligen. Nu stroomt 79 procent van de studenten ‘klakkeloos’ door, kiest 6 procent voor een andere variant aan eigen universiteit en verdelen de overige studenten zich gelijkmatig over arbeidsmarkt en andere universiteiten. Door een bewuster keuzeproces slaan studenten nieuwe wegen in, mogelijk aan een andere universiteit, die een specialistische of kwalitatief sterkere master aanbiedt. Deze keuzevrijheid voor studenten wakkert de concurrentie tussen universiteiten aan. Op termijn zorgt dit voor diversificatie en verbetering van mastervarianten, wat is terug is te zien in het verschijnen van onderzoeksmasters, graduate schools en joint degrees.
Strategische student
De LSVb stelt dat een harde cesuur zorgt voor minder actieve studenten, aangezien het missen van een vak leidt tot een jaar vertraging. Deze ‘bedreiging’ van het studentenleven was voor veel organisaties aanleiding om partij te kiezen tegen invoering. De waarschijnlijkheid van zulke disproportionele studievertraging wordt echter schromelijk overdreven. Minister Plasterk wil clementie voor grensgevallen, en regelingen voor een mondeling om laatste ‘lijken in de kast’ op te ruimen zijn voorstelbaar. Daarnaast is schade bij vertraging te beperken door de studiefinanciering stop te zetten en slechts een deel van het collegegeld te betalen.
Ten slotte kunnen studenten ‘lege’ maanden opvullen met minoren, stages en buitenlandervaring. Aangezien extracurriculaire activiteiten en goede resultaten voorwaarden zijn voor toelating tot een prestigieuze master zal de prikkel tot minimalistisch studeren juist zwakker worden.
Omdat de regeling studenten dwingt tot meer verantwoordelijkheid en inzet, zijn studenten veelal automatisch tegen de harde knip. Het is exemplarisch dat de studentenpopulatie wordt overtuigd door de simplistische anekdotes van de LSVb. Aan de andere kant is de knip, ondanks beoogde uitwerkingen als vergrote mobiliteit en keuzevrijheid, ook bedoeld als bezuiniging. Hervormingen die geld wegnemen bij universiteiten laten zich slecht rijmen met het voornemen Nederland in de top vijf van kennislanden te krijgen.
Studenten moeten het bama-stelsel koesteren. Universiteiten concurreren om hen binnen te halen en heel Europa ligt voor ze open. Een kritische opstelling tegenover zowel de LSVb als de regering is noodzakelijk om deze mogelijkheden te behouden. De huidige protesten leiden af van het grotere probleem dat er steeds meer geld wordt weggeleid van het WO naar andere onderwijsgebieden. Als de Nederlandse academie zich nu niet roert, wacht in de toekomst een echt grondige knipbeurt.
Tekst: Rob Ramaker en Sjoerd ten Wolde

-
Hwb
-
Hester
-
Richard
-
http://www.geenhardeknip.nl Matthijs
-
Hwb
-
chino
-
Georg
-
Hwb
-
Georg
-
Lisa
-
David
-
Sanne






