Nieuwe wetenschappelijke integriteitscode

Redactie
Wetenschappelijke regels opnieuw vastgelegd

Om wetenschappelijke integriteit te kunnen waarborgen, hebben universiteiten, hogescholen en wetenschappelijke instellingen een wetenschappelijke integriteitscode opgesteld. Vandaag wordt de nieuwe code gepresenteerd, die op 1 oktober 2018 in zal gaan. De nieuwe wetenschappelijke integriteitscode is tot stand gekomen door een nauwe samenwerking van maar liefst zes partijen.

De huidige integriteitscode is opgesteld door de Vereniging van Samenwerkende Universiteiten (VSNU), een samenwerking tussen verschillende Nederlandse universiteiten. De oude code bestond al even. Bart Pierik, woordvoerder van de VSNU, stelt dan ook dat het belangrijk is dat deze eens in de zoveel tijd een vernieuwing doorgaat. 'Dit soort codes moeten aansluiten bij de huidige praktijk.'

Wetenschappelijke integriteit heeft te maken met eerlijkheid, betrouwbaarheid en oprechtheid in wetenschappelijk onderwijs en onderzoek. Universiteiten hechten hier veel waarde aan. Wetenschappelijke integriteit geldt voor individuele onderzoekers, studenten en betrokken medewerkers. Het schenden van wetenschappelijke integriteit brengt namelijk schade toe aan de wetenschappelijke waarheid en aan andere wetenschappers. Onder schendingen van wetenschappelijke integriteit verstaat men onder andere het invoeren van fictieve gegevens, het plegen van plagiaat en het vervalsen van gegevens. In de regeling is dan ook vastgelegd hoe er dient worden om te gaan met mogelijke schendingen van de wetenschappelijke integriteit.

De oude code was opgesteld door alleen de VSNU. De nieuwe code is tot stand gekomen door een samenwerking van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW), De Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra (NFU), De Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO), De organisaties voor toegepast onderzoek (TO2-federatie), Vereniging Hogescholen en de VSNU. Dit laat een brede samenwerking zien. 'Het is een breed pallet van organisaties', vertelt Pierik enthousiast. Instellingen hebben de nodige verantwoordelijkheid als het gaat om het waarborgen van wetenschappelijke integriteit. Het is belangrijk dat instellingen laten zien dat ze verantwoordelijk zijn voor het creëren van een werkomgeving waarin wetenschappers zo goed mogelijk hun werk kunnen uitvoeren. Dit worden zorgplichten genoemd en zijn daarom ook opgenomen in de nieuwe gedragscode. Volgens Pierik kunnen eventuele spanningen die ontstaan zo bespreekbaar worden gemaakt.

De VSNU verwacht positieve reacties op de nieuwe wetenschappelijke integriteitscode. De herziende code is namelijk aanzienlijk uitgebreider dan de vorige. 'We hopen op enthousiasme, maar eigenlijk is het belangrijkste dat mensen er kennis van nemen. Het is goed dat mensen de nieuwe code weten te vinden en dat ze het ervaren als goed bruikbaar voor dagelijkse praktijken.'

 

 

 

Reacties (0)

Op dit bericht is nog niet gereageerd.

Laat een bericht achter

  1. Reageer als gast
0 Characters
Bijlagen (0 / 3)
Deel jouw locatie