[Ingezonden] RU 2020: beste brede, duurzame universiteit?

Redactie
AKKU pleit voor duurzaam onderwijs

Lisa Busink, voorzitter van studentenvakbond AKKU, vindt dat de Radboud Universiteit meer onderwijs zou moeten aanbieden over duurzaamheid en innovatie. 'Je leidt deze generatie niet op tot innovatieve wereldverbeteraars door een prullenbakje te plaatsen in de UB.'

Vorige week vond op onze universiteit de Groene Week plaats en deze week liet zien dat duurzaamheid helemaal niet zo moeilijk is. Maar met een week per jaar meer aandacht vestigen op duurzaamheid, wordt de universiteit niet duurzamer. Studenten zijn de beleidsmakers van de toekomst en kunnen dus allemaal wereldverbeteraars worden. Het is dus jammer dat de Radboud Universiteit ze daarin nauwelijks begeleidt. De RU moet hiervoor meer onderwijs aanbieden over duurzaamheid en innovatie.

De universiteit heeft een voorbeeldfunctie; het is de broedplaats voor kennis. De Radboud Universiteit (RU) is ook dit jaar door Elsevier uitgeroepen tot beste brede, klassieke universiteit, maar hoe breed zij ook is, er is weinig ruimte voor duurzaamheid. Omdat de universiteit zo breed is, zou je verwachten dat er ook veel onderlinge samenhang is. Maar dat is nog niet zo, zeker niet op het gebied van duurzaamheid. Duurzaamheid is een interdisciplinair onderwerp en daar ligt een kans voor de universiteit die nog niet benut wordt.

Ja, je kan nu je afval scheiden in de UB en, er zijn een paar cursussen en opleidingen die zich bezig houden met duurzaamheid en innovatie, maar daar houdt het wel mee op. Studenten die interesse hebben in duurzaamheid, hebben een beperkte keuze en studenten die het niet interesseert, komen er niet mee in aanraking. Dat is hartstikke zonde, want daarmee wordt een hoop talent niet benut.

Bij mijn studie Geografie, Planologie en Milieu zie ik dat er een groeiende groep medestudenten in het tweede jaar in contact is gekomen met duurzaamheid en er geïnteresseerd in is geraakt Waar zij in hun eerste jaar vooral geïnteresseerd waren in geografie of planologie, zijn zij nu ook meer bezig met duurzaamheid. Niet omdat zij van kleins af aan gepassioneerd zijn in duurzaamheid, maar omdat duurzaamheid business is. Want als er érgens behoefte aan is, dan is het wel talent dat complexe vraagstukken rondom duurzaamheid kan oplossen: kunnen blijven groeien zonder bronnen te blijven uit putten.

Het aantal bacheloropleidingen op de RU die enige mate van duurzaamheid in het curriculum heeft, is op een handje te tellen. Bijvoorbeeld het vak ‘Duurzaam Ondernemen’ wordt per jaar door hooguit 20 studenten gevolgd, waar tegenover duizenden bedrijfskunde en economie studenten staan die hier nooit mee in aanraking komen. Op deze manier zorgt de RU ervoor dat onze generatie wederom bestaat uit een kleine groep ‘wereldverbeteraars’.

Je leidt deze generatie niet op tot innovatieve wereldverbeteraars door een prullenbakje te plaatsen in de UB, maar door meer onderwijs aan te bieden op dit gebied. Er is talent nodig om complexe klimaatvraagstukken op te lossen en studenten, de top van het onderwijs, beschikken over dat talent. De student wordt nu nog niet aangespoord deze hiervoor in te zetten. We zijn de beste brede klassieke universiteit van Nederland, maar er is nauwelijks interdisciplinariteit. Duurzaamheid is bij uitstek het onderwerp waar interdisciplinariteit voor nodig is. Ik pleit voor een interdisciplinair instituut voor duurzaamheid op de RU, waar studenten van elke richting duurzaamheidsonderwijs kunnen volgen en worden uitgedaagd complexe vraagstukken op te lossen. Zo wordt het talent van de student benut voor een betere toekomst en straalt de RU een mooie ambitie uit.