[Ingezonden] Een studentlid in het College van Bestuur is oplossing

Redactie

Afgelopen vrijdag stuurde studentenfractie asap een opinieartikel in, waarin zij stelt dat een studentlid in het College van Bestuur geen oplossing is om de RU democratischer te maken. Studentenfractie AKKUraatd denkt daar heel anders over en maakt haar standpunt duidelijk in deze ingezonden brief.

Afgelopen vrijdag is er een opinieartikel gepubliceerd, waarin werd opgeroepen om de medezeggenschap te versterken. Het voorstel dat in dit artikel werd gedaan om een toehoorder toe te voegen aan het College van Bestuur (CvB), zorgt echter niet voor de beoogde versterking. AKKUraatd wil verder kijken: de stem van studenten moet versterkt worden. Een studentlid in het CvB is daar het middel voor.

Een toehoorder zou aanwezig moeten zijn bij alle vergaderingen van het CvB en het College van Decanen. Deze student zou volgens asap deel kunnen uitmaken van de Universitaire Studentenraad (USR). Dit concept kent al een lange geschiedenis aan onze universiteit, aangezien zo’n toehoorder vroeger bestond. De voorzitter van de USR sloot toen aan bij vergaderingen van het CvB. Het gevolg hiervan was dat het College besluiten nam in zogenaamde schaduwvergaderingen. De medezeggenschap werd gezien als een infiltrant in het College. In de ogen van studentenfractie AKKUraatd is dit doordat de medezeggenschap vervloeide met zeggenschap. De scheidslijn moet duidelijk zijn, een studentlid in het CvB zal door het College gezien moeten worden als een volwaardig lid met een geheimhoudingsplicht van gevoelige informatie over bijvoorbeeld medewerkers. Een toehoorder vanuit de medezeggenschap is als een Tweede Kamerlid als toehoorder bij het kabinet, dat is onwenselijk.

Een grote angst is dat de medezeggenschap buiten spel gezet zou kunnen worden, wanneer een student plaats neemt in het CvB. Het College zou namelijk kunnen beweren dat zaken met de medezeggenschap zijn besproken, waardoor de discussie niet meer met de USR wordt gevoerd. Dit is onjuist, omdat een studentlid geen onderdeel uitmaakt van de medezeggenschap. Juist door het bestuurlijke karakter van het studentlid heeft het College nog altijd haar informatieplicht naar de medezeggenschap. Besluiten kunnen op een aantal zaken alleen worden genomen als de medezeggenschap instemming verleend of is gehoord. Daarnaast is de situatie op facultair niveau een op een vergelijkbaar met dat op centraal. Daar wordt de Facultaire Studentenraad nog altijd betrokken en geraadpleegd, ondanks dat een studentlid- of assessor al heeft meegepraat.

Een toehoorder zal ook in geen geval persoonlijke informatie kunnen delen met de medezeggenschap. De beoogde transparantie zal daardoor niet groter worden. Dat is in de ogen van AKKUraatd ook niet het probleem. Het studentlid moet vanaf het begin van het beleid mee kunnen praten met het College. Beleid kan zo eerder vanuit een studentperspectief worden bekeken, waardoor in een eerdere fase rekening kan worden gehouden met de mening van studenten. De plannen gaan daarna nog altijd naar de USR, maar hebben dan al studenten-input gehad.

Om de kwaliteit van het studentlid te waarborgen, is een selectieprocedure nodig. Een sollicitatiecommissie bestaande uit het voorgaande studentlid, USR-leden en andere betrokken studenten is hier uitermate geschikt voor. Op deze manier worden ook de facultaire assessoren gekozen aan de universiteit.

AKKUraatd roept dan ook nogmaals op om in navolging van de goede ervaringen op facultair niveau en vanuit studentenoogpunt in Groningen een studentlid toe te voegen aan het bestuur van de universiteit. Juist op de RU zijn goede verhalen te horen over studentleden in het bestuur en zoals twee studentleden van de Universiteitsraad uit Groningen reageren op het artikel op Folia Web: 'Natuurlijk zijn er ook kritische geluiden en verschilt het per studentlid, toch kan hij/zij vaak een brugfunctie vervullen. (…) De student moet gehoord worden en met het studentlid erbij is dat nu ook direct bij het CvB. Samen met de Universiteitsraad komt dit de student en universiteit alleen maar ten goede.'