'Medezeggenschap wordt compleet omzeild'

[Ingezonden] Waar gaat dit heen?

Lisa Busink (21), voorzitter van studentenvakbond AKKU, vindt dat de recente beslissingen van het College van Bestuur (CvB) laten blijken dat deze de huidige medezeggenschap niet serieus neemt en misbruik maakt van diens onervarenheid. 'Het CvB maakt gretig gebruik van haar machtspositie en lijkt medezeggenschap niet belangrijk te vinden en graag te omzeilen.'   

Begin dit jaar werd het Maagdenhuis in Amsterdam maandenlang bezet door studenten die in de medezeggenschap gepasseerd werden door hun College van Bestuur (CvB). Het werd een landelijke politieke discussie, maar schijnbaar is het CvB van de RU dit alweer helemaal vergeten. De Nijmeegse student lost graag zaken op een fatsoenlijke manier op, maar dan moet ze wel serieus worden genomen.

Het is een nieuw jaar, met nieuwe studenten en een geheel nieuwe medezeggenschap: een frisse start! Inmiddels zijn we twee maanden verder en het CvB heeft de toon gezet. Het CvB heeft middels een bindende richtlijn de bandbreedte van het BSA verhoogd van 39-42 naar 42-45 studiepunten. De medezeggenschap werd bij deze beslissing compleet omzeild. Daarnaast werd vorige week plotseling medegedeeld dat er flink wordt bezuinigd op het – nog te bouwen – cultuurcentrum. Zo zullen er geen repetitieruimtes worden gebouwd, maar wel een veredelde collegezaal en een buitenpodium. Daarmee is de ‘cultuur’ uit het ‘centrum’ gehaald. Beide beslissingen zijn doorgevoerd zonder ook maar enige vorm van overleg met studenten.

De BSA-verhoging en het schrappen van het cultuurcentrum krijgen nog een flinke staart. Deze twee zaken tonen echter een nog fundamenteler probleem aan: de verzwakking van de (studenten)medezeggenschap. Het CvB ‘luistert’ naar de argumenten van de USR, maar doet daar vrijwel niets mee. Althans, daar lijkt het nu heen te gaan. Tot twee keer toe heeft het CvB gebruik gemaakt van artikel 7 van de Structuurregeling, de bindende richtlijn, bij een van de eerste centralemedezeggenschapsvergaderingen (UGV’s) van het jaar. Vorig jaar ging het over de judiciaregeling en nu over de BSA-verhoging. Funs Elbersen verwoorde kernachtig dat de USR betrokken wordt bij 'huis-tuin-en-keukenzaken', maar dat de serieuze zaken worden afgedaan met een bindende richtlijn.

Een probleem dat de medezeggenschap kent, is dat er elk jaar nieuwe studentenraden en assessoren zitten, terwijl het CvB maar eens in de zoveel jaar een wissel meemaakt en altijd twee ervaren leden heeft. Het CvB maakte hier misbruik van de onervarenheid van de nieuwe USR, door beslissingen te maken over lastige zaken tijdens de eerste UGV van het jaar. Waar ervaren bestuurders al moeite mee zouden hebben, moet de USR dit al in zijn eerste vergadering zien tegen te houden.

Het doel van de universiteit is om studenten tot kritische academici, of zoals Jet Bussemaker zegt 'competente rebellen', op te leiden. Maar als er kritische studenten in de medezeggenschapsorganen zitten, worden ze niet serieus genomen of, beter gezegd, gepasseerd. De besluiten die het CvB zomaar doorvoert, zijn van grote invloed op hoe studenten studeren aan de Radboud Universiteit. De huidige ontwikkelingen laten zien dat studenten hier steeds minder inspraak op hebben.

Het CvB maakt gretig gebruik van haar machtspositie en lijkt medezeggenschap niet belangrijk te vinden en graag te omzeilen. Het gebruiken van een bindende richtlijn is een uiting van een gebrek aan vertrouwen. Aanstaande maandag is de tweede UGV van het jaar en de USR staat op scherp. De medezeggenschap draagt met haar kritische blik bij aan een beter en meer doordacht beleid. In plaats van deze kritische blik te omzeilen zou het CvB hier beter happig gebruik van moeten maken. Hopelijk heeft het CvB geen Erasmusgebouwbezetting nodig om dit in te zien.

Add a comment
Redactie
De USR moet druk zetten

[Ingezonden] Tijd om de universitaire lobbydemocratie vaarwel te zeggen.

Gino Praat (21), oud-student Psychologie op de RU en vorig jaar actief bij De Nieuwe Universiteit Nijmegen (DNUN), vindt dat de recente ophoging van het BSA laat zien dat de huidige regeling van de studentenmedezeggeschap op de RU ontoereikend is. Hij roept het USR op druk te zetten op het CvB om de Structuurregeling aan te passen. 'Aangezien het CvB er geen baat bij heeft om de bestaande regelgeving te veranderen, kan een dergelijke verandering alleen plaatsvinden door middel van grote maatschappelijke druk, zoals demonstraties, ludieke acties, of een tijdelijke boycot van het CvB door de USR.'

Afgelopen week maakte het College van Bestuur (CvB) bekend om vanaf het volgende collegejaar het BSA te verhogen van 39-42 studiepunten naar 42-45 studiepunten. Conform de regels kon het CvB via een bindende richtlijn de medezeggenschap passeren, aangezien de Universitaire Studentenraad (USR) en de Ondernemingsraad (OR) in de Universitaire Gezamenlijke Vergadering (UGV) geen instemmingsrecht hebben met betrekking tot dit onderwerp. Laten we als studenten het moment aangrijpen om deze democratische misstanden daadwerkelijk op te lossen.

Als het gaat om democratie op de RU, vormen de Structuurregeling en het UGV/FGV-reglement de belangrijkste bouwstenen. Hierin zijn onder andere de bevoegdheden en beperkingen van de GV en het CvB vastgelegd. In artikel 7 van de Structuurregeling wordt aangegeven dat het CvB richtlijnen aan decanen kan vaststellen ´met het oog op de organisatie en coördinatie van het onderwijs en de wetenschapsbeoefening´. Het vaststellen van de onderwijs- en examenregeling (OER), waarin de BSA-voorwaarden staan vermeld, valt hier ook onder.

Aangezien iedere opleiding of faculteit een andere OER heeft, stelt het CvB ieder jaar een model-OER vast. Binnen de richtlijnen hiervan moeten opleidingen en faculteiten hun eigen OER vormgeven. Met betrekking tot de model-OER voor het komende studiejaar, heeft het CvB besloten om de BSA-bandbreedte te verhogen naar 42-45 studiepunten. Zoals gezegd, heeft de UGV hier geen instemmingsrecht op.

De oplossing lijkt simpel: door middel van een aanpassing van de Structuurregeling zou de UGV instemmingsrecht moeten krijgen op de bindende richtlijnen die het CvB vaststelt, maar hier bevindt zich tevens het grootste struikelblok. Alleen het CvB is bevoegd om een wijzigingsvoorstel in te dienen om de Structuurregeling te veranderen. Het CvB zou dus met een wijzigingsvoorstel moeten komen die het besturen voor henzelf moeilijker maakt. Daarmee zou het CvB zich in hun eigen voet schieten en is de kans dat er een dergelijk voorstel ooit gaat komen nihil.

Vanuit de USR werd in eerste instantie nooit de noodzaak gezien om de Structuurregeling aan te passen. Gedurende het voorjaar, toen dankzij de Maagdenhuisbezetting en de komst van De Nieuwe Universiteit Nijmegen het debat over onderwijsdemocratie volop gevoerd werd, benadrukte de USR dat dankzij een goede relatie met het CvB er weinig reden was tot verandering. Door die goede relatie zouden de belangen van studenten immers goed behartigd worden. Daarmee legitimeerde de USR de huidige ondemocratische regelgeving, zolang daar maar geen misbruik van werd gemaakt. Zeker met de kennis van nu, kunnen we concluderen dat de opstelling van de USR behoorlijk naïef was.

Toch gloort er hoop op de RU. Dankzij het BSA-debacle is de USR tot inkeer gekomen en willen ze de Structuurregeling tegen het licht houden. Aangezien het CvB er geen baat bij heeft om de bestaande regelgeving te veranderen, kan een dergelijke verandering alleen plaatsvinden door middel van grote maatschappelijke druk, zoals demonstraties, ludieke acties, of een tijdelijke boycot van het CvB door de USR. Het opvoeren van de maatschappelijk druk zagen we bijvoorbeeld terug in de toekenning van het CvB om de UGV instemmingsrecht te geven op de begroting. Mede dankzij de organiseerde ophef rondom het leenstelsel, zoals een grote demonstratie in Den Haag en Nijmeegse initiatieven zoals StufiRecht, werd de druk zo opgevoerd dat het CvB dit recht aan de UGV gunde.

We hebben kunnen zien dat boze en lieve woordjes tijdens vergaderingen niet genoeg zijn om de belangen van de student te beschermen. Het zou beter zijn als de USR in een goede relatie met de student in plaats van in het CvB investeert. Als de USR daadwerkelijk wil opkomen voor de belangen van studenten, moet zij het als haar taak beschouwen studenten te activeren om in protest te komen tegen onterechte maatregelen. Alleen dan is er een kans om het CvB op andere gedachten te brengen en kan er een begin gemaakt worden om échte democratie op de RU te realiseren.

Add a comment
Redactie
Nina pleit voor een fietsflyervrije universiteit

[Ingezonden] Verbied fietsflyeren op de universiteit

Nina den Elzen (23), oud masterstudent Communicatie- en Informatiewetenschappen en Medewerker Externe Relaties Letteren aan de RU, pleit ervoor het fietsflyeren op de RU te verbieden. 'Als je als vereniging of organisatie dan tóch graag de tof ontworpen flyers aan de man willen brengen, neem dan asjeblieft de moeite om studenten aan te spreken en ze alleen aan de geïnteresseerden mee te geven.' 

Soms lijkt het alsof er in een week net zo veel feestjes en bijeenkomsten gehouden worden als colleges. Ten minste, als ik het aantal flyers op mijn fiets moet geloven. Niks mis mee, al die toffe activiteiten, maar ik zou ze liever niet via mijn fiets gepromoot zien. Ik pleit daarom voor een fietsflyervrije universiteit.

Nutteloos
Je hebt net een lange collegedag achter de rug en wil om 17.30 uur op je fiets stappen. Nadat je deze eindelijk hebt gevonden in de overvolle fietsenstalling, zie je dat deze van boven tot onder bedekt is met flyers. Erg vrolijk word je daar niet van, dus belandt die flyer negen van de tien keer op de grond naast je fiets. Laat staan dat het je er toe aanzet om dat “o-zo-te-gekke” feestje of die “mega-vette” activiteit te bezoeken. Mijn beeld en dat van veel van mijn vrienden over deze verenigingen achter de flyers is de afgelopen jaren niet veel beter geworden door deze opgedrongen papiertjes. Fietsflyeren is dus bepaald geen effectieve manier om je doelgroep aan te spreken. Verenigingen zouden beter studenten kunnen benaderen via bijvoorbeeld sociale media. Hier kunnen specifieke doelgroepen aangesproken worden en hoeft de rest van studerend Nijmegen zich geen weg te zoeken door het oerwoud aan papier, dat als lianen om hun fiets is gewikkeld.

Verspilling
Fietsflyeren levert naast irritatie ook een enorme bulk aan verspild papier op. Ten eerste is het voor de vereniging of organisatie zonde om veel flyers te drukken met een boodschap die bij veel studenten niet aankomt. De flyers worden genegeerd, waardoor een hoop printkosten voor niets gemaakt worden. Dat geld is beter besteed aan het verlagen van de bierprijs in de vele sociëteiten, iets waarmee waarschijnlijk wel meer studenten gelokt kunnen worden. Daarnaast belanden veel van de flyers op de grond in de fietsenstalling, omdat studenten uit irritatie de flyers van hun fiets trekken. Dit levert veel rotzooi en milieuvervuiling op. Als je als vereniging of organisatie dan tóch graag de tof ontworpen flyers aan de man willen brengen, neem dan asjeblieft de moeite om studenten aan te spreken en ze alleen aan de geïnteresseerden mee te geven.

Verbieden die flyers aan de fiets
Om studenten te ontlasten van de irritante flyers en organisaties aan te sporen tot creatievere en milieuvriendelijke manieren van promotie, wil ik de universiteit oproepen om fietsflyeren te verbieden op het universiteitsterrein. Dan hoop ik binnenkort niet meer te struikelen over de onzinnig bestede hoop papiertjes.

Add a comment
Redactie
Verhoging BSA zorgt niet voor studiemotivatie

[Ingezonden] Foutjes in de bedrijfsvoering

Lisa Westerveld  vindt dat de verhoging van het bindend studieadvies (BSA) op de Radboud Universiteit de verkeerde manier is om studenten tot studeren te motiveren. Ze studeerde filosofie aan de RU en was een aantal jaar actief in de medezeggenschap. Van 2007-2009 was ze voorzitter van de Landelijke Studenten Vakbond. Nu is ze raadslid voor GroenLinks Nijmegen.

Het College van Bestuur (CvB) van de Radboud Universiteit wil de norm voor het bindend studieadvies (BSA) gaan verhogen van 39-42 naar 42-45 studiepunten, berichtte ANS-online dinsdagochtend. In een brief aan de medezeggenschap liet het CvB weten: 'De universiteit heeft de morele plicht om de studenten te helpen voldoende studievoortgang te boeken, zodat zij niet voor onnodig hoge kosten worden gesteld.' Het staat er echt.

Volgens de brief zijn de belangrijkste argumenten (1) dat studenten niet blijven ‘voortmodderen’ (ja, ook dit staat er echt), (2) dat vrijwel alle collega-universiteiten een BSA hebben en (3) dat de ervaringen van deze universiteiten overwegend positief zijn. Ja, van de universiteiten misschien wel.

Al in 2007 was ik op een door de VSNU (de Vereniging van Nederlandse Universiteiten) georganiseerde conferentie over studiesucces. Bestuurders, beleidsmakers en politici dachten twee dagen na over de vraag hoe meer jongeren het hoger onderwijs kunnen afmaken. Het bleek een voorbode van wat we nu de discussie over het ‘rendementsdenken’ noemen. Studiesucces werd namelijk primair gezien als het ‘halen van een papiertje, in een daarvoor vastgestelde tijd’.

In de jaren die volgden heb ik heel wat studenten gesproken voor wie een BSA helemaal niet ‘overwegend positief’ uitviel. Studenten die ernstig ziek waren en vanwege een paar punten te weinig, botweg werden weggestuurd. Een student met migraineaanvallen die haar hertentamen had gemist, maar niet van tevoren had afgebeld. Ze kreeg te horen dat een andere studie beter paste. Iemand die door het overlijden van haar vader punten misliep vanwege aanwezigheidsplicht. ‘Foutjes in de bedrijfsvoering’, dit waren de letterlijke woorden van een voormalig VSNU-voorman.

Maar ook voor het hoger onderwijs is deze ontwikkeling funest. De ‘academische gemeenschap’ klinkt zo leuk, maar zonder studenten en docenten die samen het onderwijs vormgeven, is het een holle term. In plaats van studenten te zien als jongvolwassenen in de bloei van hun leven die zelf verantwoordelijkheid kunnen en moeten nemen, moeten zij ‘beschermd’ worden, vinden steeds meer bestuurders. Wegsturen bij een studiepunt te weinig is kennelijk het summum van bescherming.

Terwijl het ook anders kan: wees streng doch rechtvaardig, stel hoge eisen aan je studenten en beoordeel ze eerlijk. Stop met genadezesjes, maar zorg voor goede begeleiding. Een student die dan onvoldoendes blijft halen, heeft daar óf een goede reden voor, óf komt zelf wel tot de conclusie dat een andere studie beter past. Bovendien is de mythe van de dure langstudeerder inmiddels achterhaald

Add a comment
Redactie

[Ingezonden] Censuur cantusprotest is een universiteit onwaardig

Gisteren zond Gaia (liever geen achternaam) een opiniestuk in waarin ze stelde dat de Radboud Universiteit een drankfestijn als de Campuscantus niet mee zou moeten organiseren. Dit bracht op Facebook een heftige discussies op gang. De RU reageerde als volgt. Yurre Wieken, masterstudent Geschiedenis, vindt dat de Radboud Universiteit het verkeerde signaal afgaf door demonstranten tijdens de Campuscantus weg te sturen.

Een verder gezellige en geslaagde intro dreigt opeens een nare bijsmaak te krijgen. Tijdens de campuscantus afgelopen dinsdag hingen enkele studenten een spandoek op met de tekst ‘geen drankfestijn op het Erasmusplein’. Zij vonden dat de universiteit door het organiseren van een cantus een verkeerde boodschap afgeeft aan aankomende studenten. Daarover is al veel gezegd en geschreven. Ik persoonlijk heb als geheelonthouder niet zoveel met cantussen, maar lig er niet wakker van dat de universiteit er een organiseert. Voor ieder wat wils. Waar ik wel van schrik is hoe de universiteit reageerde op het protest: met censuur en intimidatie.

Maar liefst drie beveiligers werden opgetrommeld om de twee demonstrerende studenten te verwijderen. Zij kregen de boodschap dat ze de ‘regels van de universiteit overtraden’. Vervolgens werd er een foto gemaakt van hun paspoort, wat helemaal niet mag. Kennelijk is dit hoe we aan de Radboud Universiteit omgaan met onwelgevallige kritiek en vreedzaam protest. Vergeet de discussie over alcoholgebruik - is dít een boodschap die je als universiteit aan je eerstejaars wilt geven?

Een universiteit hoort juist bij uitstek een intellectuele vrijplaats te zijn waar ruimte is voor kritische discussie en afwijkende geluiden. De introductieperiode lijkt mij ook een uitstekende gelegenheid om dat uit te dragen naar de nieuwe generatie studenten. Dat doe je niet door ieder onwelgevallig geluid de kop in te drukken. Ik ben ook heel benieuwd welke ‘regels’ er zijn overtreden en waarom RU-beveiligers kennelijk denken dat ze zomaar even iemands paspoort mogen fotograferen. De BOS-bestuurders, die ‘het gezellig wilden houden’, hadden overigens ook beter moeten weten.

Moet er volgend jaar weer een cantus georganiseerd worden? Wat mij betreft is dat geen probleem, maar geef kritische geluiden dan gewoon de ruimte. We verwachten van de aankomende generatie studenten dat zij zich ontwikkelen tot academici met een open blik op de wereld en een goed vermogen tot kritiek en zelfkritiek. Probeer dan als universiteit ten minste het goede voorbeeld te geven.

Add a comment
Bas van Woerkum

[Ingezonden] 'Geen drankfestijn op het Erasmusplein'

Filosofiestudent Gaia (liever geen achternaam) vindt dat de Radboud Universiteit een verkeerd signaal afgeeft aan haar studenten met het organiseren van de Campuscantus. Ze demonstreerde gisteren tijdens dit evenement, maar werd al snel door de beveiliging weggehaald. 'Kritiek uiten is een overtreding, maar zelfs voordat de kersverse studentjes van het jaar fatsoenlijke colleges hebben gehad, hebben ze een cantus op het Erasmusplein.' 

Aan het eind van de middag liep ik het Erasmusgebouw uit. Na een dag studeren, discussiëren en kennisvergaring was ik moe en lustte ik wel een biertje. Toen ik uit de toren was afgedaald en het plein opliep, zag ik dat er weer een cantus georganiseerd was. Dit wordt nu voor de tweede keer georganiseerd door een groep studentenverenigingen (B.O.S:  Ovum Novum, Carolus Magnus, Phocas, de Loefbijter en Argus) in samenwerking met onze Radboud universiteit.

Ik ergerde me vorig jaar al aan het feit dat het schijnbaar normaal is om een bierdrinkactiviteit op het Erasmusplein te organiseren. De campuscantus gaat niet alleen om het bier drinken, maar ook om de gezelligheid, het dansen en zingen. Dat snap ik best, maar ik hoop toch dat het College van Bestuur nadenkt over het imago dat ze de universiteit geeft door dit soort activiteiten te organiseren op het Erasmusplein. De universiteit is er om jezelf te ontwikkelen en kennis te vergaren, en zou niet moeten worden geassocieerd met drankfestijnen.

Dit jaar had ik er genoeg van en studenten uit mijn omgeving waren het met me eens. Vandaar dat Hanneke en ik een paar uur later met een spandoek met nog natte verf op het fietspad langs het Erasmusplein stonden. 'Geen drankfestijn op het Erasmusplein', stond erop. Binnen een minuut stond er een lichtelijk overspannen voorzitter van de B.O.S voor ons spandoek. Of we 'snel weg wilden gaan', anders zou ze de beveiliging halen. Drie serieus uitziende beveiligers kwamen erbij en gristen ons spandoek naar beneden. Ik vind het jammer dat er geen plek was voor een afwijkende mening op de universiteit: een plek waar juist ruimte moet zijn voor discussie. Daarna wilde de beveiliging foto’s van onze paspoorten maken, omdat we de ‘regels van de universiteit’ overtraden.

Kritiek uiten is een overtreding, maar zelfs voordat de kersverse studentjes van het jaar fatsoenlijke colleges hebben gehad, hebben ze een cantus op het Erasmusplein. Ja, je hebt de mogelijkheid om fris te drinken in plaats van bier op deze Campuscantus. Dat werkt vast goed voor sommigen. Maar herinner je je eigen intro nog? Stond je stevig in je schoenen en zei je ‘ik hoef niet meer’ als je merkte dat je scheel begon te zien? Je limiet leren kennen zal voor de meeste studenten een proces zijn dat je toch wel doormoet tijdens je studietijd, maar dat is niet het soort ontwikkeling dat de universiteit hoeft te faciliteren.

Al een tijdje wordt er gezegd dat studenten van tegenwoordig niet meer gemotiveerd zijn, dat er aanwezigheidsplicht nodig is om ervoor te zorgen dat ze nog op komen dagen en klaagt men over de zesjescultuur. Maar College van Bestuur, dit is niet de manier om de nieuwe studentjes studeren serieus te leren nemen.

Zoals Desiderius Erasmus in de zestiende eeuw al zei: De voornaamste hoop van een natie zit in fatsoenlijke educatie van de jeugd. Kom op Radboud universiteit, zet je prioriteiten op een rijtje. Al de hele dag worden we overspoeld met reacties van mensen die het een goed actie vonden. Ik hoop dat dat wat zegt.

Add a comment
Redactie

[Ingezonden] De medezeggenschap is simpelweg machteloos

Gino Praat (20), eerstejaarsstudent Psychologie en actief bij De Nieuwe Universiteit Nijmegen (DNUN), vindt dat de kritiek op de RU-medezeggenschap makkelijk aan de kant is geschoven. 'De tijd van discussies over stopcontacten en Blackboard-problemen is voorbij. De dialoog over fundamentele vraagstukken moet ook op de RU worden gestart.'

Sinds de gebeurtenissen in het Bungehuis en het Maagdenhuis is de discussie over het verbeteren van het hoger onderwijs losgebarsten. Uit alle hoeken van de academische gemeenschap is kritiek geuit op de universitaire democratie. Ook hier in Nijmegen had men bezwaar op het gebrek aan rechten dat de medezeggenschap bezit. Maar is die kritiek op de RU wel terecht? Volgens sommigen niet.

Op verschillende manieren kreeg ik vooral sussende uitspraken te horen: Het is een Amsterdams probleem. Weliswaar zijn er verbeteringen mogelijk, maar hier is alles goed geregeld. De Nieuwe Universiteit is in Nijmegen niet nodig. Voor oplossingen moet je in Den Haag zijn. De student heeft hier het laatste woord. De medezeggenschap heeft immers een goede relatie met het College van Bestuur (CvB).

Kon ik maar zeggen dat het zo democratisch is gesteld op de Radboud Universiteit. Blijkbaar is de ‘goodwill’ van het CvB voldoende reden om een ondemocratisch systeem te rechtvaardigen. Een systeem waarbij bisschoppen het stichtingsbestuur benoemen, dat op haar beurt weer het CvB kiest. Bovendien staat hetzelfde stichtingsbestuur boven de medezeggenschap. De inspraakorganen kunnen immers worden gepasseerd bij besluiten waar deze het niet mee eens is. Het is dus slechts een illusie dat de medezeggenschap door middel van haar instemmingsrechten daadwerkelijk het laatste woord heeft.

Waar ik me ook over verbaas, is het feit dat de medezeggenschap het initiatiefrecht niet heeft en niet met eigen voorstellen kan komen. De medezeggenschap kan het CvB wel adviseren om een beleidsvoorstel te doen, maar op deze manier blijft de medezeggenschap afhankelijk van de ‘goodwill’ van het CvB. Voorzitter van de Universitaire Studentenraad (USR) Mark Vlek de Coningh gaf in een eerder artikel van ANS de situatie goed weer: 'Als er een College zit dat niet bereid is om naar studenten te luisteren, zijn we vleugellam.' Zelfs relatief kleine democratische veranderingen die (een gedeelte van) de USR al jarenlang wil - zoals een studentenassessor in het CvB of het aanpassen van de 60/40-regeling - kan na jarenlang pleiten niet gerealiseerd worden. De medezeggenschap is simpelweg machteloos.

Samen met andere betrokkenen van DNUN speuren we deze problemen op en willen we ze aanpakken. De Nieuwe Universiteit moet niet als een stelletje ‘CvB-slachters’ worden gezien die tegen alles en iedereen aan wil schoppen, maar als een beweging die strijdt voor echte democratie en meer transparantie in het hoger onderwijs. Ik roep studenten, wetenschappers en de rest van de academische gemeenschap op om met een gezonde kritische blik naar het hoger onderwijs te kijken en mee te doen met het debat dat gaande is. De tijd van discussies over stopcontacten en Blackboard-problemen is voorbij. De dialoog over fundamentele vraagstukken zoals democratie en transparantie moet ook op de Radboud Universiteit worden gestart.

Add a comment
Redactie