Column: Verdomd Veel Vrijheid

Loes de Veth

Bij alles wat je doet, doe je duizend dingen niet. Met elke keuze die je maakt, sluit je honderd andere uit. Alles is mogelijk: reden tot een depressie of een feestje?

Over het algemeen raad ik niemand aan bij mij in de auto te stappen, want besluiteloosheid is ook in het verkeer een weinig behulpzame eigenschap. Toch vond ik mij een aantal weken terug achter het stuur met mijn vader naast me en mijn broer achterin, onderweg naar de verjaardag van mijn oma. Zachte muziek kwam uit de radio. Als mijn vader rijdt, draait hij hard The Rolling Stones en andere rocknummers uit zijn tijd, waarbij hij de gitaarsolo’s meetrompettert, maar zo’n filmische autoscene is niet voor mij weggelegd. Als ik alleen mijn mond maar opentrek om iets te zeggen, laat ik de auto al onbedoeld uitzwenken.

Bij oma was het druk. Op haar verjaardag zijn altijd weer veel onbekende oudooms en oudtantes die allemaal Kees en Jannie lijken te heten en zich allemaal nog herinneren dat ik zo – dan houden ze een hand op heuphoogte – groot was. Ik ontweek ze en ging op zoek naar mensen die dat niet meer weten. Mijn twee nichtjes zijn allebei een jaar jonger dan ik, dus dat bood uitkomst. De ene heeft al vijf jaar een vriend, woont samen en vertelde me op het feest enthousiast over hun nieuwe strijkplankhoes. De relatie van mijn andere nichtje was een aantal weken daarvoor uitgegaan, zo had Facebook mij verteld, maar ze had nu de ware gevonden. Vijf dagen geleden. Op de kermis. Hij werkt bij de Octopus.

Toen het gesprek even stilviel vroegen ze mij waar ík heen ga met mijn leven. ‘Weet ik niet, fijn he?’ zei ik. Zij wisten het wel. In ieder geval in hun Brabantse geboortestad blijven, dat was zeker. Gelukkig, met man, kinderen en strijkplank/octopus. Ik werd er stil van.

Op de terugweg in de auto vroeg ik me af hoe het kwam dat zij wilden blijven en ik altijd weg wil, ook van de plekken waar ik heen ben gevlucht om weg te raken van andere plekken. Is het uit angst voor het onbekende, luiheid, beperkt inzicht in alle andere mogelijkheden of zijn ze simpelweg tevreden? Hoe komt het dat zij zich willen vastleggen terwijl ik het grote vraagteken omarm en er tegelijkertijd paniekerig van word. Ík ben degene die bang is, bang voor de verkeerde keuze.

Het stoplicht wordt oranje en ik twijfel. Stoppen of doorgaan. Stoppen of doorgaan. Hoe weet je ooit wat goed is? Stoppen of doorgaan. Ik begin af te remmen, maar niet genoeg en rijd in omatempo door het ondertussen rode licht over het enorme kruispunt. Getoeter. Dit was niet goed. Volgende keer beter.