Binnenstebuiten

Redactie

Het leven van een bèta gaat niet altijd over rozen. Natuurkundestudent Manu trekt over het hobbelige pad van het Huygensgebouw naar de rest van de wereld. Hieronder zijn verslag.

Deze column van Manu Compen verscheen eerder in de maart-ANS.

Door het zeurende, repetitieve geluid van mijn trillende telefoon, open ik slaperig mijn ogen. Het is zaterdagochtend, 8 uur. Mijn wekker had ik uitgezet; tot onbepaalde tijd uitslapen stond op de planning. Enigszins gealarmeerd, maar nog niet wakker genoeg om snel te bewegen, stommel ik uit bed. Een telefoontje op dit tijdstip kan van alles betekenen. Net voordat ik mijn mobiel weet te grijpen, stopt het trillen abrupt en zie ik op het scherm iets wat mijn hart doet overslaan. 19 gemiste oproepen van Pap.

Met ingehouden adem bel ik terug, terwijl doemscenario’s door mijn hoofd schieten. Pap neemt op: ‘Manu, kun je om 11 uur hier zijn? …’

Drie uur later zit ik alleen aan de keukentafel van mijn ouderlijk huis. Voor het keukenraam pikt een bonte specht gretig aan een vetbol, totdat het gekras van een tweetal eksters hem richting een achterliggend weiland doet opvliegen. Een paar jaar geleden zat ik nog dagelijks met mijn ouders aan deze tafel. Voor de specht ging toen een verrekijker rond, de ekster kreeg een slof of op z’n minst wat geschreeuw en raamgebons op zijn dak. Nu is het geruis van de stijgende lucht door de kachelpijp het enige dat de totale stilte verstoort. Het voelt ongemakkelijk om hier zonder hen te zijn. Mijn ouders zijn hier niet weg te denken.

Terwijl ik rond het huis loop, sijpelen herinneringen van het gezinsleven dat ik allang vergeten dacht te zijn, weer door mijn hoofd. Het servies waar ik op zondagen de tafel mee dekte, het voer dat ik de kippen vergat te geven en de router die ik zo vaak opnieuw had opgestart. Alsof het allemaal gisteren was, in één dag voorbij geschoten.

‘… Je moeder en ik moeten allebei weg voor werk om 11 uur, net als de nieuwe wasmachine wordt bezorgd’, zegt m’n vader dringend. Als mijn pa iets urgent vindt, dan ís het urgent. 19 keer bellen voor het opwachten van een wasmachine is dan heel normaal.

Voordat ik er erg in heb, zit ik met een kom havermout aan m’n eigen uitschuifbare Ikea-tafeltje. Achter mijn raam geen weilanden en vogels, maar een grauwe bouwput met steigers zo hoog als de hemel. Opgewekt stap ik de douche in. Blij dat ik nog even naar huis kan.

Klik hier voor de overige artikelen uit de maart-ANS.