Kroegtheoloog: Vergeven

Redactie
Joanne over het vergeven van zonden

‘Als je alleen maar de regels volgt en niet geniet, doe je het geschenk van het leven geen eer aan.’ Theologiestudent Joanne denkt na over de balans tussen geloven en plezier maken en beschrijft het studentenleven met een zakbijbel in haar hand.


Het enige meisje met een kort rokje, de enige roker, de enige met een tattoo en bovendien een gescheiden vrouw. Tijdens mijn introductieweek aan de Vrije Universiteit voelde ik me er totaal buiten vallen. Allemaal beschaafde, nette mensen – voornamelijk mannen met baarden en geruite overhemden – die een vlekkeloze levenswandel leken te hebben. Op dag twee deelde ik dit met een medestudent, die aangaf dat hij me er niet op aankeek. ‘Dat heeft te maken met de vergeving van je zonden, maar daar hebben we het nog wel over.’

Ik was diep geschokt. Hoe durfde deze smurf van achttien mij te vertellen dat ik zonden had begaan? Wat wist hij nou van het leven? Ik had mijn oordeel al klaar: deze baard met zijn ‘roeping’ mocht ik niet. Een jaar ging voorbij en ik besloot in Nijmegen mijn studie te vervolgen. Juist bovenstaande baard vond dat jammer, omdat we volgens hem vanaf het begin al een klik hadden. Pas toen drong het tot me door: hij probeerde me tijdens de introductieweek niet te vertellen dat ik zondig was, maar juist dat zonden je altijd vergeven worden. Hij wees me niet terecht, maar stelde me gerust.

Heel lang associeerde ik ‘de zondige mens’ met het pessimistische idee dat de mens ten diepste slecht is. Wat je ook doet, het is niet goed genoeg. Je blijft slecht. Dus moet je branden in de hel, niets aan te doen. Leef je echter je leven als een heilige, dan maak je een mini-kansje om vergeven te worden en toch naar de hemel te mogen. Een leven als een heilige is dan als een extreem dieet: nooit wat lekkers, nooit een misstap en het liefst sterven aan deze ongein, anders is het te makkelijk. Klinkt als een dreigement en daar hou ik niet van.

Maar blijkbaar bedoelen de meeste christenen dit helemaal niet. ‘Ik ben zondig’ is eerder iets als ‘Ik ben ook maar een mens’. Daarbij geldt ook nog de geruststelling dat het vergeven wordt. Je bent niet perfect, maar dat is ook niet erg. Vergelijk het met de manier waarop we iets ‘zonde’ van onze tijd vinden. Hierbij hebben we doorgaans ook geen associaties met hel en verdoemenis. We bedoelen: ‘beter niet’, of ‘liever anders’. Zo kan ik me ook betere dingen bedenken dan je een jaar lang opvreten over meningen van geruite overhemden. Gelukkig wordt me dat vergeven.