De Marsman: promotielegers

Redactie
De Marsman op de intromarkt

Hij werd geboren in het Nijmeegse Waterkwartier. Als eerste in zijn familie ging hij naar het stedelijk gymnasium. Terwijl hij op het Erasmusplein zijn broodjes eet, voelt hij zich zo nu en dan een Marsman.

Het is de derde zondag van augustus en het park Brakkenstein stroomt vol met nieuwe studenten. De grond ligt vol met flyers van een scala aan clubjes dat klaar staat om nieuwe sjaars in te lijven. De fanatiekelingen van de grote gezelligheidsverenigingen draaien harde muziek en proberen gaafheid uit te stralen. 

Een groep meisjes moedigt een jongen op een roeiapparaat aan. Zijn armen zwellen op bij iedere keer dat hij er een ruk aan geeft. Het lichtblauwe shirtje dat de meisjes dragen, toont de stam waartoe ze deze week behoren. Een toekijkende jongen die eenzelfde krap shirt draagt, heft het woord tot een meisje in een poging haar aandacht te verschuiven. Weg van die uitslover. ‘Ik denk dat ik de eerste maanden nog af en toe op en neer ga naar huis, maar dat zal uiteindelijk wel minder worden. Ik heb net een kamer bij zo´n dispuutshuis. Dat lijkt me wel mooi.’ Het meisje knikt bemoedigend en vertelt hem dat ook zij zojuist een kamer heeft betrokken. Zijn gezicht dat zojuist nog groen zag van de jaloezie, trekt enigszins
bij. De twee bevestigen elkaar in hun opluchting dat ze in ieder geval de eerste stappen goed hebben gezet.

De jongen die zijn nek uitsteekt om het onwennige mentorgroepje te vermaken, staat op. Hij leest trots zijn roeiprestatie af van het schermpje. Een potige vent van de roeiclub klapt hem op zijn schouders en moedigt hem aan om langs te komen op het boothuis. ‘Ik ben derdejaars en heb al een eigen club nieuwen gecoacht. Ik denk dat jij echt binnen twee jaar bij Zwaar 1 zou kunnen zitten.’ Het meisje wendt zich af van de toekomstige dispuutsjongen. Ze worstelt zich behendig door de groep bewonderende meisjes naar de toekomstige roeier. ‘Denk je dat je er bij gaat?’, vraagt ze.

De Marsman staat op en baant zich een weg tussen de promotielegers. Hij vraagt zich af wat er gebeurd zou zijn als hij in zijn tijd naar ze had geluisterd. Hoge stappen nemend door de bekers en ballonnen loopt hij terug naar de universiteit.