ANSadvo 570x135

Medezeggenschap zo gek nog niet

CC'tje: Studentenverkiezingen

Wanneer Cecile Collin haar gedachten aan het papier schenkt, zet ze jou in de CC. Zo kan jij meelezen met de studentikoze ongemakken van deze student Nederlands.

Het zonnetje schijnt, de lucht is blauw, irritante campagnelui van studentenpartijen met nutteloze flyers, verdwijn gauw! Dat waren mijn gedachten toen ik als eerstejaars wist te ontsnappen aan een college Morfologie en in de zon wilde genieten van een ijsje dat ik had gescoord in de Refter. Helaas was de rust ver te zoeken; om de haverklap kreeg ik óf een bak koffie óf een bord met tien stellingen onder mijn neus geduwd. De medezeggenschapsverkiezingen veranderden de campus in een gigantisch mijnenveld, waardoor je door TvA moest zigzaggen om opdringerige USR-kandidaten te ontwijken.

Het kon mij helemaal niks verrekken, die hele verkiezingen. Wat maakte deze flyerende flierefluiters nou belangrijker dan de andere studenten die jou het hele jaar probeerden te overtuigen om bij een vereniging te gaan, naar een dispuutsfeest te komen of om vrijwilligerswerk te doen met Siamese lilliputters in Zuid-Tadzjikistan? Leuk die ambities om de universiteit te verbeteren, maar val mij er niet mee lastig. Ik vond het als eerstejaars wel prima geregeld op de Radboud Universiteit. Bovendien wist ik de verschillen tussen de deelnemende partijen toch niet: ze hadden allebei zwarte shirtjes, namen die begonnen met een ‘a’ en ontzettend ongeloofwaardige en ambitieuze plannen voor de universiteit. Toen ik ging stemmen ging ik voor de partij die mij de meeste gratis koffie had gegeven en koos ik voor iemand van de Letterenfaculteit. Ik kende die lui op de lijsten toch niet, dus dan gaven dit soort criteria de doorslag.

Ondertussen zijn er vier partijen in de race om de USR-zetels, is het BSA op de meeste faculteiten veranderd, is er een supermarkt in het Erasmusgebouw en zijn er continu verbouwingen gaande op de campus. Ondanks al deze veranderingen zijn we nog altijd even ongeïnteresseerd in medezeggenschap. Anderhalf jaar nadat de eerste campagnestudent mij de weg versperde op het Erasmusplein zag ik op televisie een item over studenten die in Amsterdam een universiteitsgebouw in beslag hadden genomen, omdat ze vonden dat ze te weinig inspraak hadden. Goh, dacht ik, die inspraak heb ik gewoon al. Misschien moest ik er toch maar eens iets mee gaan doen.

 

Redactie
Jodel als therapie

CC'tje: Jodel

Wanneer Cecile Collin haar gedachten aan het papier schenkt, zet ze jou in de CC. Zo kan jij meelezen met de studentikoze ongemakken van deze student Nederlands.

Op een blauwe maandag klopte ik een keer aan bij de studieadviseur; ik zat al langere tijd niet meer lekker in mijn vel. Op dat gesprek volgde een compleet circus met optredens van de studentendecaan, de studentenpsycholoog, de praktijkondersteuner van de huisarts en op dit moment een ‘gewone’ psycholoog. Ondanks dit gezigzag tussen kastjes en muren heb ik niet echt het idee dat ik me beter voel.

Gelukkig is er Jodel. Deze studentikoze app is gigantisch populair in Nijmegen. Jodel is een soort van anoniem Twitter, waarbij foto’s van huisdieren, flauwe grappen, maar ook serieuze problemen gedeeld worden. Regelmatig verschijnt er ook een noodkreet van een eenzame student die zwaar behoefte heeft aan een luisterend oor of een knuffel. Het prachtige van deze app is dat er binnen een kwartier heel veel andere eenzame medejodelaars helpen, adviseren en soms gegevens uitwisselen om een serieus gesprek te voeren. Je zou bijna denken dat Jodel het therapeutische tekortkomen van de studentenpsychologen oplost.

De wachttijden voor de studentpsychologen op de RU zijn namelijk lang, heel lang. Het kan een maand tot anderhalve maand duren totdat je een afspraak hebt. Het is al een hele stap dat je erkent voor jezelf dat je hulp nodig hebt. Dan is het erg vervelend dat je ook nog lang moet wachten totdat je die hulp krijgt. Vaak word je ook eens doorverwezen naar andere hulpverleners. Dit is niet alleen mijn eigen ervaring, maar ook de ervaring van medestudenten met wie ik de afgelopen maanden hierover sprak.

Het is goed dat de universiteit psychologische hulp biedt aan studenten en dat meer studenten weten dat zij voor een tientje een intakegesprek kunnen doen. Schoorvoetend durven we toe te geven dat het studentenleven niet alleen de bier-en-frikandellentijd is zoals deze vaak wordt voorgesteld. Juist in deze levensfase verander je van vriendengroep, woonplaats, onderwijsinstelling en spelen misschien ook de eerste problemen met alcohol en seksualiteit op. Misschien verandert er ook nog iets in jouw familie of word je ziek. Probeer je in al die hectiek maar eens staande te houden. Als de universiteit zorgt voor een zo groot mogelijk vangnet voor gedesillusioneerde studenten, kunnen we weer Jodel gebruiken waarvoor het bedoeld is: bekentenissen over schoonheden in de UB en foto’s van vrolijk gekleurde sokken.

 

Redactie
De kleine acties maken het verschil

CC'tje: Mijn kleine opstand

Wanneer Cecile Collin haar gedachten aan het papier schenkt, zet ze jou in de CC. Zo kan jij meelezen met de studentikoze ongemakken van deze student Nederlands.

Rebelsheid wordt vaak geassocieerd met studenten. Nu heb ik nog niemand zichzelf zien vastketenen aan het Erasmusgebouw, toch is de gemiddelde student niet vies van een beetje activisme. Of je een universiteitsgebouw bezet, een vlammend betoog tegen TTIP schrijft, kookt met een vluchteling of meeloopt in een Women’s March, studenten laten nog steeds graag zien dat ze vasthouden aan hun idealen. Maar dat geldt niet voor alle studenten.

Terwijl ik op Facebook al deze uitingen van studentikoos activisme voorbij scroll, tag ik mijn vrienden in filmpjes van rondhuppelende babygeitjes en kijk ik gefascineerd naar een Turkse kok die sensueel zout op een stuk vlees weet te strooien. Ben ik zo onverschillig? Heb ik dan echt geen idealen, of een mening?

Neen – als ik mijn collega-columnist van ANS mag geloven, kan je met het schrijven van een spitsvondige ‘kolom’ de onverschilligheid ook bestrijden. Maar eerlijk is eerlijk, iedereen kan een pen pakken en als een roepende in de woestijn ongevraagd zijn mening spuien op het internet. Een beetje studentikoos wereldverbeteraar voegt daden bij die woorden.

Je zal mij niet vastgeketend aan het Erasmusgebouw aantreffen en ik ga ook niet mijn eigen Facebookpagina opleuken met activistische selfies met kekke spandoeken. Ik scheid mijn afval, betaalde laatst – geëmancipeerd als ik ben - voor het eerst de complete rekening tijdens een eerste afspraakje, heb een bestuursfunctie, eet geen vlees meer, laat de auto vaak staan (maar dat is vooral een gunst van mij om de nationale wegen veilig te houden) en blijf consequent vasthouden aan mijn zachte g. Als deze pogingen om het patriarchaat te slopen, het milieu te redden en de emancipatie van de Limburgers te bevorderen niet blijken te werken kan ik mezelf alsnog vastketenen aan de trappen in De Refter. Maak je geen zorgen als je niet naar het Malieveld kan afreizen. Het scheiden van afval kan ook een zeer bevredigende vorm van miniactivisme zijn. Daden bij jouw idealistische woorden voegen: je moet het maar kunnen.

 

Redactie
'Behoud het Linnaeusgebouw!'

CC'tje: Linkse voornemens

Wanneer Cecile Collin haar gedachten aan het papier schenkt, zet ze jou in de CC. Zo kan jij meelezen met de studentikoze ongemakken van deze student Nederlands.

Nu 2016 eindelijk achter de rug is, kunnen wij de balans opmaken van het afgelopen jaar. Als student die actief is in de medezeggenschap zie ik het liefst dat er een evaluatiecommissie wordt opgezet om 2016 mee te evalueren en als letterkundige zie ik het liefst een recensie van 2016 in ANS verschijnen. Die evaluatiecommissie gaat er vast niet komen, maar die recensie staat hieronder. Daarnaast wil ik toch een startschot geven om 2017 wat leuker en vooral linkser te maken. Want mensen, wat was het eigenlijk voor een jaar?

2016 bleek de aanzet te zijn voor een totale escalatie. Het Midden-Oosten is een enorme puinhoop, er is steeds meer polarisatie, haat en nijd (mede dankzij ene Trump) en Kensington heeft een nieuw album uitgebracht. Ik werd er zo bang van dat ik al oorlogsvoorraden voedsel in begon te slaan, voor het geval dat. In deze steeds verrechtsende wereld is er zelfs een website ontstaan waarop je hoogleraren kan aangeven die (te) linkse ideeën verspreiden op universiteiten, genaamd ‘Professor Watchlist’. Wat heeft de Radboud Universiteit hiermee te maken? Het is heel eenvoudig: onze universiteit is een erg linkse, rode universiteit in een erg linkse stad, die misschien wel een heel rechts 2017 moet zien te overleven. De enige manier waarop de RU weerstand kan bieden is door het Linnaeusgebouw wat meer te waarderen.

Het gonst van de geruchten dat deze beruchte betonnen kolos in de toekomst wel eens gekieteld zou kunnen worden door een sloopkogel. Dat is zonde, want het uiterlijk van het Linnaeus sluit naadloos aan bij het rode bolwerk dat Nijmegen nou eenmaal is. Het gebouw doet qua architectuur sterk denken aan enkele linkse kunstwerken van de Rus Kazimir Malevich, die het liefst vierkanten schilderde. Weer en wind, een tentamen over Syntaxis of een college van 3 uur lang: alles wat de student kan slopen weet het Linnaeusgebouw te doorstaan. Het oogt ook een stuk meer solide dan het glazen aquarium dat het Grotiusgebouw bijvoorbeeld is. Dat is noodzakelijk, want Karl Marx mag weten wat er ons te wachten staat het komende jaar. Iéts moet ons beschermen tegen de derde wereldoorlog die er ongetwijfeld gaat komen. Mochten mensen het gebouw te lelijk vinden: de binnenkant zou eventueel in Radboudrood gedecoreerd kunnen worden met enkele gouden hamers en sikkels erbij.

Laten wij samenkomen in het Linnaeusgebouw en solidair met elkaar zijn. Het is niet alleen een lekker linkse gedachte, maar ook nog eens een goed voornemen dat we hopelijk wél het hele jaar kunnen volhouden.

(Foto: Dick van Aalst, Beeldbank Radboud Universiteit)

 

Redactie
'Wees geen all-you-can-read-restaurant'

CC'tje: All-you-can-readrestaurant

Wanneer Cecile Collin haar gedachten aan het papier schenkt, zet ze jou in de CC. Zo kan jij meelezen met de studentikoze ongemakken van deze student Nederlands.

In Emmen heb je een all-you-can-eatrestaurant dat – ik maak geen grapje – Puur heet. Bij dit soort eettenten is het de bedoeling om in twee uur tijd zo veel mogelijk te schransen en zo veel mogelijk verschillende dingen op je bord te flikkeren. Een avondmaaltijd die bestaat uit sushi, frikandellen, pizza, gemarineerde kip en een stukje vis is hier eerder regel dan uitzondering. Veel consumeren in een korte tijd; het lijkt de universiteit wel. De universiteit is namelijk een all-you-can-readrestaurant.

Je hebt ongeveer vier jaar om alles te proeven, dus je haast je met je bordje naar het buffet. In roestvrijstalen bakken liggen alle lekkernijen heerlijk gepresenteerd: een gekonfijt bestuursjaar, een gegrild Honoursprogramma of een gemarineerde stage. Voor wie het allemaal niet op kan, is er ook nog een aardig staaltje fusion cooking te vinden: een buitenlandsemester. Ik zie mensen ronddwalen met hun bordjes, overdonderd door de overvloed. Sommigen zoeken slechts een eenvoudige maaltijd zonder toeters en bellen, de insalata caprese van het studentenleven, omdat men wil proeven hoe lekker simpel eten kan zijn. Mensen die oprechte liefde koesteren voor hun vakgebied en er zo veel mogelijk over willen lezen, maar er na de voorgeschreven vier jaar de brui aan moeten geven om hun heil te zoeken in het werkzame leven. Wie langer dan vier jaar wil genieten van het onderzoek, het onbeperkt schransen of van al het moois dat het studentenleven te bieden heeft, moet helaas bijbetalen.

Ik doe bij dezen een oproep aan het Nederlandse hoger onderwijs: wees geen all-you-can-readrestaurant. Gun mensen de tijd om zo veel mogelijk hapjes uit te proberen, om ze intens te laten genieten van het veelkleurig smakenpalet van het academische leven. Sla mensen niet dood met rendementsmaatregelen, het sociaal leenstelsel en werkervaringsplekken. Hier op de campus lopen namelijk de mensen rond met échte passie voor hun vak; hier zijn de echte fijnproevers te vinden. Het is zonde om hen zo snel mogelijk uit het restaurant weg te jagen. Als je de verliefde vakidioot de tijd geeft om te lezen, te experimenteren en te ontdekken, zal hij nooit verzadigd raken.

 

Redactie
Spinning tegen de Fuikbuik

CC'tje: Spinning

Wanneer Cecile Collin haar gedachten aan het papier schenkt, zet ze jou in de CC. Zo kan jij meelezen met de studentikoze ongemakken van deze student Nederlands.

Een van de meest ingrijpende veranderingen op de campus deze zomer was ongetwijfeld de verhuizing van de spinningruimte in het Gymnasion. Wellicht heeft de metamorfose te maken met het vijftigjarig jubileum van het Radboud Sportcentrum. Het RSC vond het blijkbaar tijd om dit festijn zo letterlijk mogelijk te laten terugkomen in de aankleding van de sportruimte. Deze ontwikkeling kan ik alleen maar aanmoedigen.

Mijn Fuikbuik begint zich steeds prominenter af te tekenen boven mijn sportbroekje, dus het werd tijd dat ik deze nachtclub met fietsjes erin ging uitproberen. Mijn keuze voor spinning is ontstaan uit het feit dat ik zelf totaal niet de discipline heb om maar een kilometertje te rennen. Ik heb iemand nodig die mij afbeult en tegelijkertijd meezingt met de sportieve muziek. Spinning houdt in dat je lid bent van een tijdelijk fietsclubje dat bang is voor de buitenlucht. Het is hartstikke gezellig: de groep voelt collectief de benen afsterven en doet toch alsof er niks aan de hand is, omdat ‘Insomnia’ van Faithless op staat, dat gewoon een lekker nummer is. Toch ontbrak er iets aan dit feestje: sfeer in de zweetzaal.

De nieuwe Spinning heeft sexy zwarte muren. De neonverlichting die van kleur kan veranderen doet meteen denken aan dure cocktailbars waar je nooit belandt, omdat je als student liever vier bier drinkt dan één mojito. Er is daarnaast een geluidsinstallatie te vinden van heb-ik-jou-daar en de klokken zijn verwijderd, zodat je net als in de club geen idee hebt hoe laat het al is. Je zou bijna vergeten dat deze hele ruimte is gemaakt om in te bewegen en zweten.

Dát gaat het lustrumjaar van het Sportcentrum een groot succes maken: inzetten op sfeer en beleving. Niet iedereen is zo’n fanatiekeling (lees: van wie je haren recht overeind gaan staan) die voor stoplichten squat en met een beker van de Body&Fitshop de collegezaal in wandelt. Maar op een gegeven moment moet een mens toch écht aan de bak. Dat moment is aangebroken wanneer je net als ik een pizza bestelt bij de pizzeria twee deuren verderop en je hijgend en puffend de trap af moet dalen om jouw avondeten in ontvangst te nemen. Als je conditie zodanig opgefrist moet worden, kan je daar maar beter een feestje van maken.

 

Redactie
Geestverruimende zuivelproducten

CC'tje: Kaasverslaving

Wanneer Cecile Collin haar gedachten aan het papier schenkt, zet ze jou in de CC. Zo kan jij meelezen met de studentikoze ongemakken van deze student Nederlands.

Af en toe verschijnt er op het internet een schokkend bericht: kaas eten kan dezelfde effecten hebben op de mens als een lijntje cocaïne snuiven. Het deel van de hersenen dat wordt geactiveerd als je harddrugs gebruikt, wordt ook geactiveerd door het zuivelproduct, dat zich als een kameleon overal weet te manifesteren; op een broodje, in een supermarkt, in een delicatessenzaak maar vooral in mijn mond. Broodje aap of niet; dit onderzoek kan mijn leven verklaren en ik weet zeker dat ik niet de enige ben. Ik ben namelijk kaasverslaafd.

In de colleges zijn mijn gedachten bij een puntje Pecorino, terwijl ik tijdens het werken aan mijn scriptie smelt bij de gedachte aan Bleu d’Auvergne. Red Leicester spookt door mijn hoofd terwijl ik in de kroeg sta en als ik wakker word, roep ik: ‘MANCHEGO!’, in de hoop dat een non-existente roomservice mij een kaasplank komt bezorgen.

Ik mag dan wel knettergek lijken met deze verslaving; het is vreselijk onschuldig. Mijn longen blijven intact en ik doe geen enge dingen met injectienaalden. Dat hebben ze op de universiteit ook goed begrepen. Onze vooruitstrevende universiteit verkoopt namelijk ook het geestverruimende zuivelproduct en reguleert op deze manier ook nog de verkoop. In De Refter liggen de voorverpakte plakjes zoutig bladgoud klaar om door mij te worden verslonden.

Het kaasspectrum kent zo veel kleuren, geuren en smaken dat ik pleit voor kaasplankjes in het Cultuurcafé en in De Refter. Kaas is zo speciaal dat niemand zich meer tevreden stelt met een plakje Gouda op de boterham. Nee, als er geen kaasplankjes beschikbaar zijn op de universiteit duiken er voor je het weet illegale straatdealers op in de Thomas van Aquinostraat: ‘Psst, camembertje kopen?’

De student moet te allen tijden een plankje met korrelige stukjes hemel kunnen kopen op de universiteit, zodat zij die vastlopen met hun scriptie of ander vervelend papierwerk, hun ziel kunnen terugvinden in de veelkleurige zee van fondue.

 

Redactie