ANSadvo 570x135

Het Issue: de vleestaks

Redactie

In deze rubriek staat iedere editie een ander issue centraal dat de gemoederen flink bezighoudt. Deze editie: de vleestaks.

Tekst: Bram Jodies en Wout Zerner
Illustratie: Jim Burgman

Dit artikel verscheen eerder in de zesde editie van ANS.

Voor veel mensen is vlees een belangrijk onderdeel van hun voedingspatroon. De productie hiervan draagt echter door middel van het vrijkomen van broeikasgassen bij aan de opwarming van de aarde. Onder andere vanuit dat oogpunt starten politieke partijen en milieu-organisaties regelmatig campagnes om de vleesconsumptie te verduurzamen. Een van de meest geopperde methoden om dit te bewerkstelligen is een vleestaks: een accijns op vlees. Een dergelijke maatregel is nodig om te voldoen aan de klimaatdoelstellingen voor 2020, die Nederland tijdens de klimaattop van Parijs in 2015 heeft ondertekend. Voorstanders van deze belasting willen de consumptie van vlees terugdringen door een prijsverhoging, terwijl tegenstanders vinden dat het kunstmatig opdrijven van de prijs niet bijdraagt aan het bereiken van de duurzaamheidsdoelen. ANS vraagt zich daarom af: moet er een vleestaks komen?

Vleestaks

Meike Rijksen, International Campaigner bij Greenpeace
‘Vlees is belastend voor het klimaat en het productieproces is een belangrijke oorzaak van bijvoorbeeld watervervuiling. Door de invoering van belasting op vlees is de kans groter dat mensen milieubewuste keuzes maken. Dat is nodig, omdat we minder vlees moeten eten, willen we voldoen aan het klimaatdoel van Parijs. Dat doel is maximaal twee graden Celsius opwarming van de aarde. Een vleestaks zou een effectief middel kunnen zijn, omdat veel mensen in de supermarkt met hun portemonnee kiezen. Andere producten waarvan wij het consumeren willen ontmoedigen, zoals tabak, worden ook met een hoog tarief belast. Een vleestaks is een van de instrumenten om de vleesconsumptie te verminderen, maar is op zichzelf niet voldoende. Educatie en subsidies voor alternatieven zijn ook nodig om de vleesconsumptie in te perken. Deze maatregelen kunnen worden gefinancierd met de opbrengst van de vleestaks. Voorlichting is nodig om mensen te overtuigen van de noodzaak om hun vleesconsumptie te minderen. Uit veel onderzoeken blijkt bijvoorbeeld dat we vlees niet nodig hebben voor onze gezondheid, terwijl veel mensen denken dat dit wel het geval is.

‘Het eten van vlees is in het Westen geen essentiële levensbehoefte. Door de verschillende alternatieven die vergelijkbare voedingswaarden hebben, zoals peulvruchten, zou je makkelijk kunnen minderen. Dit soort vervangende producten moeten wel voor iedereen beschikbaar zijn. We moeten namelijk voorkomen dat alleen de lagere inkomens last hebben van deze maatregel. Daarnaast moeten we de alternatieven subsidiëren zodat het eenvoudiger wordt om een andere keuze te maken. Een vleestaks kan de consument een klein duwtje in de rug geven om goede keuzes voor het milieu te maken.’

'Het eten van vlees is in het Westen geen essentiële levensbehoefte.'

Dé van de Riet, woordvoerder van de Centrale Organisatie voor de Vleessector
‘Ik denk dat een vleestaks juist contraproductief werkt. Voorstanders van deze belasting opperen de maatregel vanuit gezondheids- en duurzaamheidsoverwegingen. Zij stellen dat het gezonder is om minder vlees te eten. Ik ben het daar niet mee eens, omdat vlees een buitengewoon voedzaam product is.

‘Het duurder maken van vlees treft mensen met een beperkte koopkracht onevenredig. Deze groep zal terugvallen op voedingsmiddelen die per definitie minder voedzaam zijn dan vlees, zoals chips en frisdrank. Tegelijkertijd zal het deel van de bevolking dat het wel kan betalen het duurdere vlees toch wel consumeren.

‘De doelen voor verduurzaming klinken wel mooi en nobel, maar deze bewerkstellig je niet door middel van belastingmaatregelen. Wanneer consumenten het belangrijk vinden dat er duurzaam wordt geproduceerd, zullen ze ook vanuit die gedachte duurzame keuzes moeten maken. Ze moeten dus bereid zijn meer te betalen voor een dergelijk product. Het kunstmatig opdrijven van de prijs leidt niet tot een duurzamere productie, omdat op deze manier kapitaal aan de markt wordt onttrokken. Dit geld komt in een overheidspotje terecht waarvan je niet de garantie hebt dat het de productie in Nederland zal verduurzamen. Sterker nog, door de prijs kunstmatig te verhogen verzwak je de concurrentiepositie van Nederlandse boeren ten opzichte van hun collega’s uit landen zonder vleestaks.

‘Je zal moeten investeren in voorlichting over de productie van vlees om meer begrip te kweken voor de vleesindustrie. Als mensen begrijpen waarom de prijs wordt verhoogd, zoals bij biologisch geproduceerd vlees, zijn ze ook bereid om meer te betalen voor het product.’

'In deze discussie ontbreekt een gedegen wetenschappelijk fundament.'

Hans Dagevos, Consumptiesocioloog van Wageningen Economic Research
‘Het debat over de vleestaks keert regelmatig terug. De voor- en tegenstanders in deze discussie denken vaak vanuit een ideologisch oogpunt. In deze discussie ontbreekt een gedegen wetenschappelijk fundament.

‘Voorstanders van een vleestaks gaan vaak uit van een prijslogica. Zij stellen dat de consumptie van vlees zal afnemen wanneer de prijs van het product stijgt. Momenteel is er voor de werking van een specifieke belasting, zoals de kiloknallertaks, nog maar weinig wetenschappelijk bewijs geleverd. Daarom denk ik dat de paar wetenschappers die hier al wel onderzoek naar hebben gedaan hun krachten moeten bundelen. Zij moeten samen gedegen onderzoek naar deze maatregelen doen. Dat zou de discussie enorm helpen.

‘Naast het gebrek aan bewijsvoering in het debat, is er nog een andere belemmering voor het invoeren van de vleestaks. Enkele praktische problemen moeten eerst goed worden uitgezocht. De vraag is bijvoorbeeld hoe je een pizza met vlees belast. Je zou daarvoor hetzelfde tarief kunnen heffen, of er zou andere regelgeving voor moeten komen. De invulling van de vleestaks is door dit soort beleidsmatige problemen niet concreet. De wetenschap zou door middel van onderzoek een bijdrage kunnen leveren aan het oplossen van deze dilemma’s.

‘Ten slotte is de boodschap die een vleestaks uitdraagt ook belangrijk. Vaak wordt er verwezen naar het voorbeeld van accijns op roken, waardoor mensen zijn gaan minderen. Deze campagnes zijn echter niet helemaal vergelijkbaar. De boodschap van antirookcampagnes is persoonlijker, omdat deze mensen op hun individuele gezondheid aanspreekt. Een vleestaks heeft daarentegen een sterker verband met milieubescherming en ‘de vervuiler betaalt’ dan met persoonlijke gezondheid van mensen.’

De vleestaks in Nederland
Niet alleen de vleestaks zelf is voer voor discussie. Mocht deze maatregel worden ingevoerd, dan zijn de meningen over de precieze invulling ervan ook verdeeld. Een veelgehoord geluid hierbij is ‘de vervuiler betaalt’. De vleesindustrie is, volgens een rapport van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM), verantwoordelijk voor een kwart van de uitstoot van broeikasgassen. Het RIVM stelt dat het eten van minder vlees deze uitstoot aanzienlijk terug kan dringen en dat dit zelfs nodig is voor het halen van de klimaatdoelen van Parijs in 2020. De precieze hoogte van het btw-tarief staat nog ter discussie. De meest voor de hand liggende oplossing is het verhogen van de belasting van 6 procent voor voedingsmiddelen naar 21 procent voor luxeproducten. Dit roept wel de vraag op of dit percentage alleen voor kiloknallers zou moeten gelden, of voor elk product dat vlees bevat. Voorbeelden hiervan zijn pizza’s en bouillon, maar ook pudding en drop bevatten dierlijke producten. Voor de precieze invulling van de vleestaks zal dus moeten worden onderzocht wat onder vlees wordt verstaan en wat niet.