Het issue: Een beetje penisnijd mag best

Martini

In deze rubriek staat iedere maand een ander issue centraal, waarover de meningen sterk zijn verdeeld. Deze maand: werken of thuisblijven

Tekst: Adrianne Tuk en Eva-Marijn de Vries Illustratie: Joost Dekkers

Vlak na de Tweede Wereldoorlog was 90 procent van de getrouwde vrouwen huisvrouw. Nadat eind jaren zestig vanuit de Verenigde Staten de Tweede Feministische Golf ook ons land had bereikt, leek dit te veranderen. Vrouwen werden gestimuleerd voor zichzelf te kiezen in de vorm van een studie en een baan. Hoe vooruitstrevend Nederland soms lijkt, vandaag de dag is slechts 45 procent van de volwassen vrouwen in Nederland economisch zelfstandig, zo blijkt uit de laatste Emancipatiemonitor. Journaliste Elma Drayer wijt dit aan het verwende gedrag van de Nederlandse vrouw. In haar boek Verwende Prinsesjes weerlegt ze elk argument dat door vrouwen wordt aangedragen om niet of parttime te gaan werken. Zo gebruiken moeders hun kinderen als excuus om thuis te blijven en beschouwt ze de keuzevrijheid van vrouwen als overgewaardeerd. Vrouwen willen simpelweg niet zien hoe ze carrière kunnen maken en zijn daar nog trots op ook, stelt Drayer. Moeten vrouwen inderdaad weg achter aanrecht en commode of mogen ze vrij zijn in het maken van de keuze om niet te werken?

Stelling: Niet-werkende vrouwen zijn verwend.

Kadertje: - Joke Kool-Smit gaf in 1967 een nieuwe impuls aan de aandacht voor de achtergestelde positie van de vrouw. In haar essay Het onbehagen van de vrouw verzette ze zich fel tegen de algemeen geaccepteerde rolverdeling tussen mannen en vrouwen. - In De Volkskrant Top-200 van invloedrijkste Nederlanders van 2010 is onder de 25 hooggeplaatsten slechts een vrouw te vinden. Topvrouw in kwestie is Agnes Jongerius, voorzitter van vakcentrale FNV en nummer zeven op de lijst. - Volgens de laatste Emancipatiemonitor bedroeg de arbeidsdeelname in 2007 van vrouwen in Nederland 70 procent, tegenover 82 procent van de mannen. Het Europees niveau lag op respectievelijk 58 procent en 73 procent.

Angélique Janssens, docent Economische en Sociale Geschiedenis aan de RU ‘Hoewel de meerderheid van de studenten vrouw is, blijft hun participatie op de arbeidsmarkt achter. De Nederlandse vrouw is daar zelf ook debet aan. Wanneer ze kinderen krijgt, verschuift de focus van werk naar gezin en wil ze niets uit handen geven. gevolg hiervan is dat het grootste deel van de vrouwen niet economisch zelfstandig is, wat inhoudt dat het niet eens in staat is 70 procent van het minimumloon te verdienen. Zo worden hun kinderen blootgesteld aan het reële gevaar van ernstige armoede na een eventuele scheiding. ‘Veel vrouwen zijn bang een slechte moeder te zijn als ze niet iedere dag op het schoolplein staan om hun kinderen op te halen. Blijkbaar vinden ze dat belangrijker dan het risico dat hun kroost in armoede opgroeit en een zeer beperkt toekomstperspectief heeft. Het zijn overigens niet alleen vrouwen met kleine kinderen die parttime werken, maar ook jonge vrouwen zonder kinderen. Dat kun je met recht prinsesjesgedrag noemen.’

Marike Stellinga, chef Economie van Elsevier en auteur van De Mythe van het glazen plafond ‘Nederlandse vrouwen zijn dol op korte werkweken. Dat komt doordat in Nederland interessant, uitdagend en goedbetaald werk mogelijk is in deeltijd. In andere Europese landen is deeltijdwerk rotwerk: schoonmaken of fabriekswerk. Vrouwen vinden een fulltimebaan niet te belastend, ze werken in deeltijd omdat dat hun ideale werkweek is. Als klassiek feminist noemt Drayer hen lui en verwend. Alle vrouwen zouden moeten werken. Maar wie is zij om dat voor hen te beslissen? Drayer heeft een arrogante air over zich die als het ware uitstraalt: “Wij verlichte vrouwen vertellen jullie gewone vrouwen wel even wat jullie moeten doen”. ‘Vrouwen zijn absoluut niet mislukt als ze weinig uren maken. De vrouw weet precies wat ze wil en het is niet aan de maatschappij of overheid om hen normen op te leggen. Als je er moeite mee hebt dat deze vrouwen te weinig doen met hun, door de maatschappij betaalde, studie, kun je van de studiefinanciering een lening maken. Ook kun je vrouwen minder beschermen door moeders wel sollicitatieplicht op te leggen als ze in de bijstand zitten en door de alimentatieperiode van twaalf jaar te bekorten. Meer dan dat heeft een overheid of Drayer zich niet te bemoeien met in deeltijd werkende vrouwen.’

Esther-Mirjam sent, hoogleraar Economische Theorie en Economisch Beleid aan de RU ‘‘“Verwende” prinsesjes is geen juiste betiteling, ik zou ze eerder onbezonnen prinsesjes noemen. Het is verstandig voor vrouwen om economisch zelfstandig te zijn. Daarnaast is het een gemiste kans voor de economie. uit onderzoek blijkt dat diversiteit binnen een bedrijf positieve resultaten oplevert. Daarnaast is het niet of slechts parttime werken een luxe die we ons in de toekomst niet meer kunnen veroorloven door toenemende krapte op de arbeidsmarkt. We zouden moeten streven naar een twee-keer-vier-dagenmodel: de vrouw werkt vier dagen, de man ook. ‘Toch is het begrijpelijk dat vrouwen in deeltijd of helemaal niet te werken. onze cultuur maakt het niet aantrekkelijk om als moeder een fulltimefunctie te vervullen. Voorbeelden zijn dat we het wel hebben over werkende moeders, maar niet over werkende vaders. Ook kennen we wel een papadag, maar geen mamadag. overblijven in de middagpauze wordt als not done gezien en er wordt bezuinigd op de kinderopvang. Het ouderwetse rollenpatroon zit helaas nog te diep geworteld in de maatschappij. Daarnaast is de mannelijke bedrijfscultuur niet aantrekkelijk voor vrouwen.’

Klik hier voor alle artikelen van de ANS uit maart 2011.