Uit de Oude Doos: dooiers ontgelen bij Ovum Novum

Lotte

Iedere dag rakelt ANS in het kader van het jubileum herinneringen op door een artikel uit de archieven te plukken. Vandaag in de nostalgische rubriek: undercover bij de ontgeling van Ovum Novum.

Elk jaar neemt er weer een groot aantal studenten deel aan de ontgroening, door Ovum Novum verandert naar ontgeling. Meer dan tien jaar geleden lukte het ons om undercover te gaan en mee te doen met de geheimzinnige activiteiten. Iedereen heeft ze weleens aan moeten horen: de verhalen over angstaanjagende ouderejaars die de nieuwe leden dagenlang vreselijk behandelen. Wees gerust, geen dergelijke duffe herhaling in dit artikel. Wel een nog duffere opsomming van afgezaagde tradities, het collectief brullen en gezeik over gelijkwaardigheid.

Toch interessant om het wereldje eens van dichtbij te zien. Vermoedelijk is er weinig veranderd want de utopische doelstelling om een groepsgevoel te creëren en vooral alle leden gelijk te stellen bestaat nog steeds.

Lees hieronder het artikel uit de oktober-ANS van 1999.

De muffe geur van Nieuwe Eieren

Angstvallig wordt altijd verborgen gehouden wat er zich tijdens de ontgroening van een studentenvereniging afspeelt. Welke rituelen moeten voor de buitenwereld verborgen blijven? ANS gaat undercover bij de ontgeling van de N.S.V. Ovum Novum om te kijken of deze werkelijk het daglicht niet kan verdragen..

Tekst: Anneloes Raes

We staan in rijen van zeven. We staan rechtop en we zijn blij. En enthousiast. En trots. Het is goed dat me dit verteld wordt, want zelf zou ik mijn gemoedstoestand van dit moment heel anders definiëren. Het is de eerste avond van de eigen introductie van de N.S.V. Ovum Novum. Wat mij beloofd is, zijn ‘tien intensieve, maar leuke dagen, waarin je kennis maakt met de vereniging, de ouderejaars en je jaargenoten’. Een sympathieke omschrijving voor iets dat toch een ontgroening moet worden. Iedereen krijgt een T-shirt met daarop zijn naam en een nummer. Dit T-shirt mag niet gewassen worden en dient te allen tijde zichtbaar te zijn. De spelregels voor de komende tien dagen worden uitgelegd: Regel 1: alles is verboden, behalve datgene wat van de Introductie Commissie (IC) mag. Regel 2: de IC heeft altijd gelijk. Regel 3: indien de IC geen gelijk heeft, treedt automatisch regel 2 in werking. In slagorde opgesteld moeten we het verenigingslied uit ons hoofd leren. Later op de avond zal het bestuur zich verwaardigen om ons te bezoeken. ‘Het minste dat jullie dooiers dan kunnen doen, is “De Waalbrug” zingen,’ houdt mevrouw Cieraad ons voor. Zingen alleen is niet goed genoeg. ‘Harder, dooiers. Harder!’, schreeuwt mevrouw Cieraad te pas en te onpas: bij Ovum Novum worden liederen niet gezongen, maar geschreeuwd. Melodie en tekst doen niet ter zake: het enige dat telt zijn het aantal geproduceerde decibellen. Dit geldt echter alleen voor het zingen. Als iemand het ook maar waagt om even zachtjes te lachen, klinkt onmiddellijk de stem van mevrouw Cieraad: ‘Dit is niet grappig, dooiers!’. Na uren van zingen en beleefd als we de door de IC afgeblaft worden, is er een ranja-, plas- en rookpauze. Ik vraag me af wat mijn mede-dooiers vinden van deze eerste avond. We hebben lang in een oncomfortabele positie moeten staan en er is flink wat verbaal geweld over ons uitgestort, maar echt vernederende dingen zijn er nog niet gebeurd. Dat komt nog wel, houd ik mezelf voor, dit is tenslotte een ontgroening. Ovum Novum heeft de kleur weliswaar veranderd, maar het principe is vast wel hetzelfde. Vrijdagochtend worden we om zes uur op het station verwacht. Ik verslaap me. Om half zeven word ik wakker gebeld door de IC: ‘Dooier nummer 22, jij zorgt dat je over vijf minuten hier op het station staat.’ Als ik op mijn fiets door Nijmegen race, spelen zich in mijn hoofd de meest vreselijke scenario’s af. Ik zie mezelf al vreemdsoortige insecten opeten. Mijn kleren worden afgepakt; verdoemd voor de rest van de introductie. Maar Ovum blijkt zuinig te zijn op haar dooiers. De bedoeling van deze introductieperiode, zo wordt mij uitgelegd, is dat we een groep worden. Iemand zal dus nooit ten overstaan van de hele groep voor gek gezet worden. Na mijn ‘Sorry, mede-dooiers, ik had me verslapen’ is de IC alweer tevreden. Vandaag gaan we in subgroepjes op stap. Zonder het constante commentaar van de IC. Dat we Enschede van iedereen commentaar krijgen op onze T-shirts met namen en dat we allerlei opdrachten moeten uitvoeren, deert niemand. Het voelt goed om vrij te zijn na een avond onder strak regime geleefd te hebben. ’s Middags gaan we op kamp. Na een lange wandeling, met bagage komen we aan op een boerderij. Eerst moeten we weer zingen en daarna wacht ons een verrassing: dit weekend zullen we ondersteund worden door hulptroepen. Bij hen kunnen we ons beklagen over de IC, die altijd gelijk heeft, en af en toe zullen ze ons een pep-talk geven. Alle luxeartikelen moeten ingeleverd worden. Geen deodorant, tandenborstel of horloge de komende dagen. Douches zijn er niet eens. Ik ontkom aan een volgende sessie van staan en zingen door mij op te werpen als kookdooier. We maken spaghetti met een heerlijke tomaten-groentensaus. Deze is echter, hoe had ik dat ooit anders kunnen denken, niet voor ons bestemd. Voor onszelf moeten we een pan andijviestamppot maken. Deze is echter koud zodra we hem mogen eten, omdat eerst alle eetregels geleerd moeten worden. Dan wordt aangekondigd dat de tassen doorzocht zullen worden op verboden artikelen. De rest van de avond werp ik schichtige blikken richting de IC om te zien of ze al op mij af komen. Ik heb mijn horloge achtergehouden en daar staan sancties op. Bovendien heb ik een agenda bij me waar wat aantekeningen voor dit artikel in staan en ik ben bang om ontmaskerd te worden. Er blijken meer mensen te hebben gezondigd en de spanning stijgt. Er gaat een zucht van verlichting door de groep als blijkt dat er niks is gevonden. In het kader van ‘de vereniging leren kennen’, krijgen we vanavond bezoek van twee doorgewinterde Ovianen. Zij doen hun uiterste best om ons dingen bij te brengen over de geschiedenis, de structuur en de mentaliteit van Ovum Novum. Tevens worden we getraind in het aanheffen van spreekkoren en het onthouden van namen: ‘Wie zijn de oprichters van Ovum Novum, dooiers?’ -Stilte aan onze kant- ‘De heren van Oblomov, dooiers. Herhalen graag, dooiers.’ ‘De heren van Oblomov, meneer Klein Entink’. Om 4 uur ’s nachts is dit programmaonderdeel afgewerkt en ga ik ervan uit dat we mogen gaan slapen. Verkeerd gedacht: er blijken vier mede-dooiers te zijn ontvoerd. Ovum weet concurrent Carolus Magnus op een intrigerende manier in dit spel te betrekken: ‘ De Daders van deze brute actie zijn CM-demonen, dooiers.’ Aangezien wij een groep zijn, gaan we ze natuurlijk redden. Dat lukt. Na een bloedstollende boswandeling, ontdekken we de gevangenen. De fakkels hebben we uiteindelijk natuurlijk voor niks meegezeuld: ze worden ontstoken als het inmiddels licht is geworden. Zaterdagavond fingeer ik de 25-jarige van mijn ouders om naar een feestje van een vriendin te kunnen. Het blijkt geen probleem te zijn om een avondje aan het regime te ontsnappen. Door de hulptroepen word ik zelfs naar het station gebracht. Als ik zondag terugkom, is de sfeer gelaten. Iedereen is moe, maar er zijn wel duidelijke tekenen van groepsvorming. De opzet lijkt geslaagd. Hier en daar wordt zelfs gesproken van een opstandje tegen de IC. ‘Als we het met z’n allen doen, kunnen ze ons toch niks maken. Ze willen ons veel te graag als lid hebben.’ Vandaag staan er een aantal spelletjes met eieren op het programma. Bijna tien jaar geleden stichtten vier heren de N.S.V. Ovum Novum door een ei op een paal kapot te slaan. Deze gebeurtenis wordt in ere gehouden door mij nieuwe leden een panty met daarin een ei op hun hoofd te zetten en het ei kapot te slaan. Als ik uren later nog steeds met het eierprutje over mijn hoofd rondloop, ben ik alle positieve verhalen over de oprichters alweer vergeten en voel ik mij vooral heel erg vies. Als het weekend voorbij is, is het tijd om de balans op te maken. Fysiek was het zwaar. Weinig slaap en lang in dezelfde houding staan of zitten. De IC wist zich verbaal goed te manifesteren en dat kan behoorlijk intimiderend werken. Schokkende dingen zijn er echter niet gebeurd. We hebben geen rare dingen moeten eten en zijn niet ten overstaan van de hele groep afgemaakt. Ovum hoeft niet bang te zijn voor een ontgelingsschandaal: er gebeurt hier namelijk helemaal niks!