Expositie De Cycloop in de Mariënburg

Door het oog van de fotograaf

Van de oevers van de Waal tot uitgestrekte meren in Nieuw-Zeeland: leden van studentenfotografievereniging De Cycloop zijn altijd op zoek naar het perfecte plaatje. Dertig van hun beste foto's zijn de hele maand juli te zien bij een expositie in Bibliotheek de Mariënburg.

Tekst: Joep Dorna
Foto's: Syl Bogers, Roelof Hoeksema, Steven Huls en Rutger van Loo /De Cycloop

Studentenfotografievereniging De Cycloop bestaat al sinds 1980, maar veel studenten weten volgens voorzitter Roelof Hoeksema niet van het bestaan van de vereniging af. 'Met de expositie hopen we wat meer aandacht voor onze vereniging te genereren', vertelt hij. Ook denkt Hoeksema, zelf student Informatica, dat de meeste studenten niet weten hoe leuk het is om foto's te maken. 'We schieten overal foto's van. Laatst hadden we als fotografieopdracht het eten van rode pepers, waarna we foto's van elkaars gezichten gingen schieten', grinnikt hij.

Beginnende fotografen kunnen zich ook aanmelden bij de fotografievereniging voor een basiscursus fotografie. Volgens Cycloop-lid Rutger van Loo, die de expositie mede-organiseert, hoeven zij niet per se veel geld te investeren om mooie foto's te maken. 'Veel mensen investeren veel in een dure camera voordat ze beginnen met foto's maken', vertelt Van Loo. 'Je moet eerst beginnen met foto's maken voor je een dure camera koopt.' De fotograaf lacht wanneer hij wordt gevraagd naar een tip voor beginnende fotografen. 'Als je beter wil worden, moet je je foto's aan mensen laten zien die kritisch zijn. Niet aan je moeder – zij zegt toch wel dat je foto's mooi zijn.'

Cycloop expo foto Rutger

Van Loo is zelf met drie foto's op de expositie te vinden. Hij hanteert een simpel recept bij het maken van het perfecte plaatje. 'Ik kies vaak een mooie achtergrond uit, dan wacht ik tot iemand voorbij loopt die ik fotogeniek vind, en vervolgens maak ik een foto. Bij de mooiste plaatjes kan je zelf achteraf een verhaal bedenken. Je ziet iets, weet niet waarover het gaat, maar je kan je toch voorstellen wat er op de foto aan de hand is.' Een van zijn foto's toont een oud echtpaar in de sneeuw. 'Het voordeel van fotograferen in de sneeuw is dat niemand het merkt wanneer ze worden gevolgd', lacht hij.

Cycloop expo foto Steven

Als student Biologie fotografeert Steven Huls graag levende wezens. 'Voor deze tentoonstelling heb ik getwijfeld om vlinders te laten zien. Vlinders vind ik zelf erg mooi, maar ik weet niet of veel anderen die ook aan de muur zouden willen hebben.' Met die gedachte heeft Huls twee foto's van Nijmegen ingezonden, waaronder een foto van de Waalbrug. 'Het mooie aan deze foto is hoe het licht valt. Je ogen gaan meteen naar de lichte vlekken in het gras, en pas daarna naar de rest van de foto.'

Cycloop expo foto Roelof

Voor zijn eigen foto's zijn voor voorzitter Hoeksema een aantal zaken van belang, waaronder kleur. 'In deze foto klopt de kleur van de jurk precies met het schilderij dat achter haar hangt en de kleuren in het tapijt. Daardoor komen de verschillende elementen mooi met elkaar overeen. Kleur kan een belangrijk hulpmiddel zijn om een link tussen je hoofdonderwerp en de rest van de omgeving te creëren.'

Cycloop expo foto Syl

Syl Bogers heeft haar foto's in Nieuw-Zeeland geschoten, waar haar vriend woont. 'De rust en ruimte van Nieuw-Zeeland raakt mij', vertelt ze gepassioneerd. 'Dat gevoel probeer ik vast te leggen in mijn foto's.' Alle vier inzendingen van de student Natuurkunde tonen uitgestrekte landschappen rondom schilderachtige meren. 'Voor deze foto had ik wel wat geluk. Ik was met mijn vriend aan het eten op onze camping toen de maan schitterend opkwam. De maan lijkt ook heel groot omdat hij heel dicht bij de berg staat. Vaak kan je zulke dingen plannen door tijdens zonsopgang of zonsondergang te gaan fotograferen, maar in dit geval was het puur toeval.'

Deze en 26 andere foto's zijn de hele maand juli nog te zien in Bibliotheek de Mariënburg.

 

King nog altijd in topvorm

ANS leest: Stephen King, The Outsider (2018)

Het is weer zover: Stephen King heeft een nieuwe roman, The Outsider. Boekenliefhebbers kunnen er na een halve eeuw nog altijd de klok op gelijk zetten dat King met minstens een nieuw boek per jaar komt. King is tegenwoordig druk met het vullen van zijn sociale media met cynische opmerkingen over de Amerikaanse president en foto's van zijn hond Molly, maar schrijft ondertussen stevig door. Minstens even bewonderenswaardig als Kings productiviteit is de kwaliteit van zijn boeken. Ook in The Outsider laat hij zien dat hij lezers nog altijd weet te overrompelen met wat op het eerste gezicht een vrij doorsnee verhaal lijkt te zijn.

Twee druppels water
Politiedetective Ralph Anderson lijkt een makkelijke klus te hebben aan het oplossen van de gruwelijke moord op de jonge Frank Peterson. Meerdere ooggetuigen, tientallen vingerafdrukken en het nodige DNA-bewijs lijken te bevestigen dat maar een iemand de dader kan zijn. Wanneer middelbare schooldocent en baseballcoach Terry Maitland wordt opgepakt, blijkt echter dat hij het niet kan hebben gedaan. Hij was op de bewuste dag heel ergens anders en ook hiervoor is onomstotelijk bewijs. Toch is iedereen ervan overtuigd dat Maitland het gedaan moet hebben. Al snel wordt echter duidelijk dat er sprake moet zijn van een dubbelganger en komt de hele zaak in een ander licht te staan. De situatie wordt nog vreemder wanneer Anderson een tweede zaak ontdekt die verrassende overeenkomsten vertoont.

Onverwachte wendingen
Opvallend genoeg speelt The Outsider zich voor de verandering eens niet af in Maine of ergens anders aan de oostkust van de Verenigde Staten. Toch vertoont het overduidelijk kenmerken van een typische Stephen King roman. Van de vlijmscherpe schrijfstijl tot de intertekstuele verwijzingen naar Edgar Allan Poe en Dracula. Het is zelfs zo kenmerkend dat het de eerste honderd pagina's allemaal wat voorspelbaar aanvoelt. Het is namelijk weer een misdaadverhaal met bovennatuurlijke elementen, zoals in The Green Mile of The Shawshank Redemption. Gelukkig is King een meester in zijn vak en gooit hij het roer al snel radicaal om, waardoor de verwachtingen plotseling moeten worden bijgesteld.

Personages die niet zomaar aannemen dat er meer is tussen hemel en aarde, zijn vaak ver te zoeken in romans als deze. Daarom is ook de manier waarop King hoofdrolspeler Anderson laat worstelen met het feit dat het antwoord misschien bovennatuurlijk van aard is, een welkome afwisseling. Ook al levert dit vooral oppervlakkige filosofische beslommeringen op, het is fijn dat personages het voor de verandering eens een keer niet vanzelfsprekend vinden dat hun leven wordt bedreigd door monsters.

'He could not believe in any explanation that transgressed the rules of the natural world, not just as a police detective, but as a man.'

Oude bekende
Een andere onverwachte keuze die King maakt, is zijn besluit om halverwege de roman een personage uit een eerder werk te herintroduceren. Aan de ene kant is het een feest van herkenning en een mooie gelegenheid om te zien hoe het een paar jaar later met Holly uit Mr. Mercedes (2014) gaat, maar het is niet zonder nadelen. Personages uit eerder werk terug laten komen voor een kleine gastrol gebeurt in principe wel vaker, maar het blijft hier niet bij een easter egg. Het personage speelt een cruciale rol in de tweede helft van het boek, wat vooral jammer is omdat het ten koste gaat van de karakters uit dit boek. Terwijl King de personages in het begin met zorg opbouwt en regelmatig van perspectief wisselt, moeten sommige van deze personages later plaats maken voor iemand van buiten het verhaal. Dit doet denken aan de filmindustrie, waar alles tegenwoordig draait om steeds groter wordende filmuniversums met tientallen aan elkaar gelinkte films. Op zichzelf staande films sukkelen steeds vaker achter een eindeloze rij vervolgen en spin-offs aan. Hetzelfde probleem ontstaat hier, want wat voor ingewijden misschien een leuke connectie is met de rest van Kings universum, zal voor nieuwe lezers eerder verwarrend overkomen.

The Outsider is een interessante combinatie van oud en nieuw. King maakt handig gebruik van de bekende schrijfformules, maar is niet bang nieuwe richtingen in te slaan. Het resultaat is een boek dat lekker weg leest en de lezer regelmatig naar het puntje van zijn stoel drijft met ijzingwekkende scènes. King is zijn kunsten duidelijk nog niet verleerd.

 

Vincent Veerbeek
Een huishouden van Jan Steen

ANS kijkt: Arrested Development (2003-heden)

Waar gecancelde series vroeger in de vergetelheid raakten of vereeuwigd werden door fans op het internet, is de kans tegenwoordig groter dat Netflix of een ander streamingplatform ermee aan de haal gaat. Zo ook de serie Arrested Development. Bijna even turbulent als het verhaal van de Bluth-familie die in Arrested Development centraal staat, is de productiegeschiedenis van de serie zelf. Na drie succesvolle seizoenen op de Amerikaanse televisie ging de stekker er in 2006 uit en leek de toekomst onzeker. Pas in 2011 besloot Netflix de rechten te kopen en drie jaar later verscheen een rommelig vierde seizoen. Inmiddels zijn de hoofdrolspelers beroemd en drukbezet, maar het is toch gelukt om iedereen opnieuw bij elkaar te krijgen. Zo is er nu na vijf jaar een half vijfde seizoen, de rest volgt later dit jaar.

Zootje ongeregeld
De serie vat zichzelf samen in de iconische zin waar elke aflevering mee begint. 'Now the story of a wealthy family who lost everything and the one son who had no choice but to keep them all together.' Die zoon is Michael Bluth, gespeeld door Jason Bateman. Wanneer vader George Bluth wordt gearresteerd voor investeringsfraude met zijn vastgoedbedrijf moet de familie zich aanpassen aan hun nieuwe, minder weelderige levensstijl. Michael, de enige rationele van het zootje ongeregeld, ziet zich gedwongen alle zeilen bij te zetten om te voorkomen dat zijn familie zich verder in het ongeluk stort. Van moederskindje Buster tot wereldvreemde zus Lindsey en haar excentrieke man Tobias, de Bluths zijn stuk voor stuk compleet labiel. In de eerste drie seizoenen staan dan ook de gevolgen van de arrestatie van vader George voor deze chaotische familie centraal.

Om de serie nieuw leven in te kunnen blazen, werden voor het vierde seizoen nog meer financiële moeilijkheden bedacht en zijn dit keer alle familieleden elkaar uit het oog verloren. Hierdoor staat elke aflevering een individueel personage centraal in plaats van de hele cast. Dit vierde seizoen was zo'n puinhoop dat de makers later besloten een "remix" van het seizoen uit te brengen met normale afleveringen waarin meer dan een personage centraal staat. Ook seizoen vijf maakt een terugkeer naar de oorspronkelijke vorm, waarbij het grootste deel van de cast in elke aflevering te zien is. Dan pas wordt duidelijk hoezeer de serie profiteert van de chemie tussen de personages.

Oude koeien
De humor van Arrested Development is ronduit bizar te noemen. Belachelijke misverstanden en de meest absurdistische typetjes, niets lijkt te gek. Het is vooral bijzonder hoe de serie desondanks geloofwaardig en leuk weet te blijven. Een groot deel van de humor is bovendien gebaseerd op running gags en veel grappen worden in de loop van de seizoenen opgebouwd en herhaald. Helaas worden vijftien jaar na dato nog steeds dezelfde grappen gerecycled, waardoor het soms allemaal erg uitgemolken aanvoelt. Michaels zoon George Michael blijft bijvoorbeeld worstelen met zijn gevoelens voor nicht Maeby, die in seizoen vijf nog steeds misbruik van hem maakt. Een ander kenmerk van de typische Arrested Development-humor is de stem van producent Ron Howard, die de perikelen van de Bluths aan elkaar praat. De droge vertelstem die beschrijft wat er gebeurt en daarbij vaak de personages tegenspreekt, is ook in seizoen vijf nog altijd bron van grote hilariteit. Helaas speelt hij zelf ook mee in het vierde en het vijfde seizoen en wordt algauw duidelijk dat hij beter de serie vanaf de zijlijn had kunnen blijven becommentariëren.

Politiek vermaak
Een groot deel van de humor komt bovendien van de politieke ondertoon die Arrested Development eigen is. De Bluths zijn een stelletje typische Republikeinen, die niets snappen van mensen buiten hun eigen rijke, blanke bubbel. Het is duidelijk dat de eerste seizoenen uit het tijdperk van George W. Bush stammen, met de nodige verwijzingen naar zijn presidentschap. Het is dan ook jammer dat de politieke humor die in de eerste seizoenen nog enigszins subtiel is, tot zulke proporties wordt opgeblazen in het nieuwste seizoen. Beeldschermen met nieuwsbeelden van Donald Trump op de achtergrond en de meest voor de hand liggende grappen. Die overcompensatie is vooral jammer omdat seizoen vier puur toevallig de spijker op de kop sloeg. Veel elementen uit dat seizoen doen denken aan het presidentschap van Trump, met grappen over een muur langs de Mexicaanse grens en een omstreden politicus. En dat in 2013, twee jaar voordat Trump met veel bombarie zijn presidentscampagne begon.

Het is bewonderenswaardig dat iemand na het tenenkrommende vierde seizoen nog zin had om meer Arrested Development te maken. Seizoen vijf mag dan iets beter zijn, na vijftien jaar is het eindeloos herhalen van grappen en verwijzingen wel en beetje klaar. Het is daarom te hopen dat de serie met de tweede helft van dit seizoen afscheid kan nemen zonder nog meer gezichtsverlies te lijden.

 

Vincent Veerbeek
Geschiedenis, cultuur en natuur in de blender

Uit de kunst: De Bastei

Aan de Waalkade is sinds kort een nieuw museum te vinden: De Bastei. Dit 'centrum voor natuur en cultuurhistorie' is ontstaan uit een ratjetoe aan organisaties: het voormalige Natuurmuseum, het voormalige Stratemakersmuseum, Staatsbosbeheer, IVN Rijk van Nijmegen en Rijkswaterstaat Oost-Nederland. Die diversiteit is terug te zien in de collectie. Bezoekers kunnen kennismaken met de voormalige verdedigingswerken van Nijmegen, flora en fauna in het rivierengebied, de gevolgen van de ijstijd voor Nijmegen, maar ook met bekende Nijmegenaren als Ronnie Ruysdael.

Tekst: Noor de Kort
Foto's: Tom Plaum

De Bastei lichtprojectiesHet is even zoeken naar de ingang van het spiksplinternieuwe museum, want dit bestaat uit twee, losse gedeelten. Het grootste deel van het museum bevindt zich aan de Waalkade, maar de ontvangstruimte ligt verstopt naast de trappen bij Holland Casino. Een bordje dat bezoekers naar de ingang wijst, zou geen overbodige luxe zijn. De twee delen van het museum zijn door een ondergrondse gang met elkaar verbonden. Oorspronkelijk was deze gang puur als verbinding bedoeld, maar tijdens het graven werden zo veel archeologische vondsten gedaan, dat deze ook maar zijn opgenomen in de collectie. In de donkere gang vind je bijvoorbeeld een schietgat uit de zestiende eeuw en een Romeinse stadsmuur uit de vierde eeuw, die in de veertiende eeuw de achterwand van een kelder was. Deze archeologische vondsten verdienen meer toelichting. Nu roept de beknopte uitleg in de vorm van lichtprojecties vooral veel vragen op.

Beschermd Nijmegen
Eenmaal onder de grond door, beland je in het museum aan de Waalkade. Van buiten is dit een architectonisch modern pand met veel glas en abstracte vormen, maar die buitenkant is misleidend. Achter de nieuwe gevel gaat de zogenaamde Stratemakerstoren schuil. Deze voormalige bastei, een middeleeuwse toren, maakte eeuwenlang onderdeel uit van de Nijmeegse vestingwerken. De toren ontsnapte in de negentiende eeuw toevallig aan de sloop. Door de omringende bebouwing was het gebouw toen namelijk niet zichtbaar. Vanuit de bastei werd onder andere de inmiddels niet meer bestaande Veerpoort in de gaten gehouden. Lopend door de kanonsgang met verschillende schietgaten begrijp je waarom de toren hiervoor zo geschikt was: door de ronde vorm kon de vijand vanuit verschillende hoeken worden aangevallen.

De Bastei mammoet

Komt een mammoet bij de kapper
Op de laagste verdieping van de bastei wordt met behulp van een video uitgelegd welke gevolgen de ijstijd voor Nijmegen heeft gehad, zoals het ontstaan van de stuwwal tussen Nijmegen en Kleef. Het ijs bracht ook veel zwerfkeien mee uit Scandinavië, waarvan een aantal in De Bastei te zien is. Veel indruk maakt de enorme mammoetschedel die midden in de ruimte hangt. Deze 41.000 jaar oude schedel werd in 1994 gevonden in een plas in Bergharen. Op een van de schermen is te zien hoe archeologen de mammoet uit het water takelen, en in een van de vitrines is zelfs een pluk mammoethaar te bewonderen.

De Bastei portrettenDieren en mensen van tegenwoordig
Aan je tijdreis naar de ijstijd komt een verdieping hoger abrupt een einde. Hier vind je geen mammoeten, maar dieren die nu rondom Nijmegen leven, zoals otters, bevers en vogels in alle soorten en maten. Ook de Nijmeegse homo sapiens is in het gebouw vertegenwoordigd, want een paar verdiepingen hoger kijk je recht in de gezichten van onder andere politicus Dries van Agt, zanger Ronnie Ruysdael en cabaretier Pieter Derks. Deze bekende Nijmegenaren leggen uit wat hun stad zo bijzonder maakt. De Gelderlander-journalist Rob Jaspers vertelt bijvoorbeeld in een video over zijn band met de Waal, en hardloopster Susan Krumins is enthousiast over de reeën die zij spot tijdens haar rondjes in de bossen. Terwijl je de laatste trap beklimt voor een kop koffie op het dakterras, vraag je je af of De Bastei niet te veel wil. De Stratemakerstoren is absoluut het bekijken waard en ook in de andere zalen kom je veel te weten over Nijmegen. Toch voelt de collectie aan als een bord tapas: je krijgt van alles een beetje. Om bij te komen van de verschillende smaken is het dakterras gelukkig heel geschikt. Vanaf grote hoogte kijk je uit over de Waal, Lent en de Ooijpolder, onder het genot van een stuk appeltaart. Als dat geen goed einde is.

De Bastei dakterras

 

Syntax, studie en rock-'n'-roll

Frisse tegenzin: Gegijzelde superster

Sander Nederveen heeft meestal erg weinig zin in dingen. Dus gaat hij met frisse tegenzin door het (studenten)leven en deelt hij op ANS-Online elke maand ideeën om er het beste van te maken.

Leven als een superster, wie wil dat nou niet? Lang leek het voor mij een onbereikbare droom, maar het is werkelijkheid geworden. Sinds ik bijlessessies organiseer voor de tentamenweken kom ik om in de fans. Of ja, eigenlijk heb ik slechts een fan en de situatie is misschien wat minder simpel dan ik het nu laat klinken.

Wanneer ik bijles geef aan een grotere groep studenten ben ik vooral bezig met de stof en herken ik hooguit enkele gezichten. De rest sla ik niet eens op. De bijleskindjes hebben exact het tegenovergestelde. Zij onthouden mijn hoofd bijzonder goed en vergeten vervolgens alle stof. Dat heb ik geweten, want er bleek een fanatieke groupie te zijn die mij sindsdien telkens confronteert met haar bestaan.

Het begon met een calvinistische knik bij wijze van begroeting, maar nu de frequentie van ontmoetingsmomenten toeneemt, wordt de uitbundigheid van begroeten significant groter. Toen ik eens als vanouds zat te wachten tot de deuren van het ESC voor mij open gingen, zat zij er ook. Zij wachtte alleen niet op de opening, maar op mij. Althans, dat is wat ik er van maak. Dit leek mij het toppunt, maar er komt meer. Laatst zat ik nietsvermoedend aan mijn scriptie te werken en plots maakte zij haar aanwezigheid bekend, waarna zij de plaats naast mij bezette.

Wat een ongemak, want ik moest nu wel de nodige small talk verrichten. In supersterterminologie heet dat ook wel een Meet and Greet. Eigenlijk viel het zo erg nog niet tegen en sindsdien ben ik zelf ook iets enthousiaster geworden. Tegenwoordig groet ik haar iedere keer uit mezelf. Als tegenprestatie ontvang ik dan een stralende glimlach. Het voelt fantastisch om zo'n fan te hebben: daar kan Lady Gaga nog een puntje aan zuigen.

De laatste tijd zwelg ik in narcistische zelfadoratie en ik was ook uiterst beledigd toen een vriend laatst vroeg of ik 'nog last had van die stalker'. Zo zag ik het inmiddels niet meer. Of had hij een punt?

Stalker, groupie, fan, wat is het verschil? Het lijntje tussen een supersterrenbestaan en het Stockholmsyndroom blijkt erg dun te zijn. Ondertussen begin ik vast met het opzetten van mijn eigen modelijn.

 

Reportage Studenten Bigband Nijmegen

Muzikale cross-over in Brebl

Bijna anderhalf jaar geleden is De Studenten Bigband Nijmegen opgericht. Op 22 en 23 juni voeren ze hun vierde project op bij cultuurcoöperatie Brebl, dit in samenwerking met het Nijmeegs Studentenorkest. ANS keek mee bij de laatste repetities voor dit unieke concert. 'Iedereen is een beetje buiten hun comfortzone, maar dat maakt het heel leerzaam.'

Tekst: Vincent Veerbeek en Irene Wilde
Foto's: Danique Janssen en Vincent Veerbeek

Vlak voor een van de laatste repetities voor hun vierde grote concert vertelt dirigent en arrangeur Berend van Deelen hoe de afgelopen anderhalf jaar sinds de oprichting er voor de bigband heeft uitgezien. Inmiddels heeft de bigband al drie grote projecten achter de rug. 'Na ons eerste optreden in het Cultuurcafé hebben we nog twee grote projecten gedaan. Een daarvan was ook in het Cultuurcafé, de andere was een samenwerking met het Fontys Jazz Choir voor een show in theaterzaal C.' Naast deze grote voorstellingen heeft de bigband allerlei andere dingen gedaan, zowel voor de universiteit als voor diverse andere organisaties. 'Tussendoor hebben we veel optredens gehad. Zo hebben we gespeeld op Music Meeting en stonden we in het voorprogramma van het Nederlandse Studenten Jazzorkest in Doornroosje.'

Naast de vaste bezetting, bestaande uit vijf saxofonisten, vier trombonisten, vier trompettisten en een ritmesectie van gitaar, toetsen, basgitaar en percussie, zijn er het afgelopen jaar een fluitist en een zangeres bijgekomen. 'Normaal zit een fluit niet in een bigbandbezetting als los instrument, maar ik vond het een vet idee. Op die manier kun je een moderne vibe creëren, dat is voor mij als arrangeur heel leuk.' Qua naamsbekendheid is de Studenten Bigband inmiddels vooral op de Radboud Universiteit erg bekend. 'Volgens mij zijn we buiten de universiteit nog niet helemaal bij de jazzliefhebbers doorgedrongen. We hopen hen met dit optreden meer aan te spreken.'

SBBN 1

Samenspel
Voor hun huidige project besloot de bigband iets bijzonders te doen in samenwerking met het Nijmeegs Studentenorkest Collegium Musicum Carolinum, een symfonieorkest. Al snel ontstond het idee om Sylva te gaan spelen. Dit album is oorspronkelijk van de Amerikaanse jazzband Snarky Puppy en het Nederlandse Metropole Orkest, een soortgelijke samenwerking als die van de Nijmeegse studentenmuzikanten. 'Sylva is een plaat die aan de ene kant heel funky is, maar aan de andere kant ook symfonische invloeden heeft.' Veel bandleden zijn groot fan van dit project en toen het idee ontstond om samen te werken, werd dan ook al snel geopperd om Sylva te  doen. Wat dit project extra bijzonder maakt, is dat het album tot nu toe alleen is opgevoerd door Snarky Puppy en het Metropole Orkest zelf. 'Losse nummers worden weleens door anderen gespeeld, maar we hebben niks kunnen vinden over een andere uitvoering van het geheel.'

SBBN 4Nadat het plan er eenmaal was, was het aan Van Deelen als arrangeur de taak om het album om te zetten in muziek die de bigband en het orkest konden gaan spelen. 'Het is helemaal gedaan op basis van de audio, omdat er geen uitgeschreven stukken beschikbaar zijn', vertelt Van Deelen terwijl hij een enorm boekwerk met bladmuziek erbij pakt dat de halve tafel in beslag neemt. Bij het uitwerken moest hij ook rekening houden met verschillen tussen de oorspronkelijke uitvoering en de huidige samenstelling. 'Het Metropole Orkest is een stuk groter dan wij en we hebben ook instrumenten die niet in het origineel zitten. Zo hebben we een hobo toegevoegd, want dat leek ons leuk en er is iemand die dat goed kan en graag mee wilde doen.' Al met al heeft het uitwerken van de bladmuziek aardig wat tijd gekost. 'Ik denk dat ik in totaal iets van tweehonderd tot tweehonderdvijftig uur bezig ben geweest om vijf van de zes partijen uit te werken. Bandlid Willem de Wit heeft het zesde deel uitgewerkt. Het is een goede oefening om zoiets ingewikkelds uit te zoeken en werkend te maken voor deze bezetting.'

SBBN 3Trompetten in TvA
Om zo'n grote voorstelling op poten te zetten, moet er natuurlijk flink worden geoefend. In totaal kwam het hele gezelschap vier keer samen voor reguliere repetities en sloten de muzikanten zich daarnaast een weekend op in een kampeerboerderij om te repeteren. Met een kleine twee weken te gaan tot de voorstelling komt iedereen samen in TvA8 voor een gewone repetitie. Waar overdag studenten zitten te blokken, stromen rond zeven uur 's avonds de groezelige gangen van TvA8 vol met mensen die grote instrumenttassen meezeulen. Verdeeld over zes lokalen op de begane grond en in de kelder gaan de secties eerst apart hun onderdeel oefenen.

Na ongeveer een uur komen ze samen in een van de grotere lokalen om met zijn allen te repeteren. 'Qua ruimte is deze locatie wel oké als we met alleen de bigband zijn, maar de akoestiek is nogal slecht', vertelt Van Deelen. 'Nu zitten we er met de volledige bezetting en dat is erg krap, maar we kunnen niet echt anders.' Met een mixtape geïnspireerd op de televisieserie The Get Down op de achtergrond in een lokaal de drums opgezet. Als alles klaar staat, kan het oefenen beginnen. Terwijl de percussionisten in het lokaal ernaast de muren doen trillen, stemmen de houtblazers hun spel op elkaar af. 'Je zit nog steeds wat aan de hoge kant, een beetje als een conjunctuurgolf in een goed jaar', klinkt het tussen de muzikale vaktermen door. Aan het andere uiteinde van de gang staan de contrabassen, deels verstopt achter hun imposante muziekinstrumenten. Boven zit in een lokaal een groep violisten rustig in een kring te oefenen, in het lokaal naast hen blazen de trompettisten de longen uit hun lijf. Ondertussen loopt Van Deelen rond om te kijken hoe het bij iedereen gaat. 'Iedereen is een beetje buiten hun comfortzone, maar dat maakt het heel leerzaam. Veel van de klassieke mensen spelen voor het eerst met een ritmesectie. Voor de bigband gaan we meer de klassieke kant op qua toon en dynamiek.'

SBBN 2Net echt
Een week later oefenen de 35 muzikanten nog een keer met zijn allen voordat het echte spektakel begint. Dit keer niet in een benauwende collegezaal, maar op de plek waar het allemaal gaat gebeuren. De maandag voor de voorstelling is Brebl, een zaaltje bij het Honigcomplex, het toneel voor de generale repetitie. Voor een groot rood doek en tussen een hoop tassen en instrumentkoffers staan de muzikanten opgesteld. Terwijl de technicus de laatste draden en snoeren voor licht en geluid aanlegt, worden alle stukken een voor een doorgelopen en net zo lang geoefend totdat iedere noot perfect klinkt. Sommige stukken moeten van de dirigent hiervoor wel vier keer opnieuw. 'Nog een keertje dan, om het af te leren.' Als de laatste aantekeningen op de bladmuziek zijn gemaakt en de verschillende secties onderling nog de laatste noten hebben gefinetuned, wordt het hele stuk nog een keer helemaal doorgespeeld.

Voor Van Deelen is het een hele oefening om zoveel mensen aan te sturen. 'Bij een bigband hoef je niet zoveel te dirigeren omdat er een aparte sectie is die het ritme aangeeft. Symfoniemensen leunen daar veel meer op, dus ik moest het dirigeren wel een beetje bijspijkeren.' Wat opvalt tijdens de repetitie is dat zowel de bigband als het studentenorkest erg tot hun recht komen. 'We spelen Sylva omdat dit naar mijn idee het best gelukte cross-overproject ooit is.' Dat de studenten veel zin hebben in het echte optreden is duidelijk. Zonder te klagen spelen ze iedere noot net zo lang totdat hij er perfect inzit, en luisteren ze goed naar de aanwijzingen van de dirigent. Tussen de verschillende stukken door wordt er een hoop gelachen en de sfeer onderling is goed. Met name de trombonisten stelen de show met hun zelfbedachte danspasjes.

'We werken altijd naar een eindproject toe, maar daarnaast hebben we een hoop side-optredens.'

Toekomstmuziek
Hoewel bijna alle aandacht op dit moment bij de optredens van aankomend weekend is, gaat het gewone leven van de muzikanten ook door. 'We werken altijd naar een eindproject toe, maar daarnaast hebben we een hoop side-optredens', vertelt Van Deelen. Zo speelde de bigband begin deze maand voor het lustrum van de managementfaculteit en staat zelfs de dag voor het grote optreden nog een barbecue bij het Radboudumc op de planning. 'Voor die kleinere optredens repeteren we ook, maar de focus ligt bij ons eigen project.' Over wat er verder voor de Studenten Bigband in het verschiet ligt, kan Van Deelen nog niet al te veel vertellen. Grote plannen zijn er in elk geval al wel, met twee projecten in de maak en een festival waar de bigband misschien te gast zal zijn. 'Het komende halfjaar gaan we waarschijnlijk geen samenwerking doen, maar gewoon weer een eigen project. Ik kan er nog niet veel over loslaten, want het staat nog niet helemaal vast.'