Uit de oude doos: Samen bidden

Anne van Veen

Iedere maand rakelt ANS herinneringen op door een artikel uit de archieven te plukken. Deze week in de nostalgische rubriek: ‘Samen bidden’

In de mei-ANS van 1997 verscheen een reportage over de wens van moslims voor een nieuwe, eigen gebedsruimte in de Studentenkerk. Op dat moment bevond de ruimte zich in de kelder van het Erasmusgebouw. 'Een donker, stoffig schoonmaakhok', aldus de 21-jarige moslimstudente S. Adiyaman, waardoor moslims lege leslokalen opzochten om daar te gaan bidden. De afgelopen maanden raakte de Studentenkerk in opspraak door de uitspraken van priester Antoine Bodar over het ruimdenkende beleid van studentenpastor Theo Koster. Deze week plaatste ANS een stuk over de huidige rol van het geloof en de Studentenkerk op de RU. Ook Loubna Es-Safraouy, voorzitter van de moslimstudentenvereniging, gaf haar mening.

Lees hier het artikel uit de mei-ANS van 1997:

Samen bidden

‘Als je niet samen kunt bidden, kun je ook niet samen leven’, meent studentenpastor Jan Huismans. Aan zijn enthousiasme zal het niet liggen: moslimstudenten moeten een gebedsruimte in de studentenkerk krijgen. Zowel financiële als ideologische drempels dwarsbomen echter een realisering van de plannen.

Tekst: Pieter Baken

‘In deze tijd van interreligieuze verhoudingen moeten verschillende geloofsovertuigingen elkaar opzoeken. Dat kan prima in een kerkgebouw', zegt studentenpastor Jan Huismans. Hij steunt dan ook het plan van het college van bestuur (cvb) om in de studentenkerk een gebedsruimte voor moslimstudenten te realiseren. Aan dit principebesluit zijn een petitie van veertig moslims aan het cvb en vier jaar moeizaam overleg tussen kerk en moslimstudenten vooraf gegaan.

Schoonmaakhok
De huidige gebedsruimte voor islamieten is verre van ideaal: een onverlichte ruimte in de kelder van het Erasmusgebouw. 'Een donker, stoffig schoonmaakhok', zo typeert de 21-jarige moslimstudente S. Adiyaman het provisorische onderkomen. De moslims zoeken voor het bidden daarom hun toevlucht tot lege leslokalen. Adiyaman: 'Als er dan plotseling mensen binnen komen, moet je midden in het gebed het lokaal weer verlaten. Maar we hebben geen andere keuze: bidden is voor elke moslim een noodzakelijk ritueel.' Het ziet er echter naar uit dat ook de studentenkerk niet geheel aan de wensen van de moslimstudenten tegemoet kan komen. De islamitische gebedstraditie vraagt om financieel ingrijpende aanpassingen aan de kerk. Zo willen de moslims een geluiddichte bidruimte en een rituele wasgelegenheid. Het bestuur van de kerk heeft de kosten van de verbouwing laten berekenen.

De uitkomst zal binnenkort aan het cvb warden voorgelegd. Het college zal als geldschieter van het project een beslissing nemen. Huismans acht een realisatie van de plannen echter financieel onhaalbaar. Inmiddels wachten de moslims alweer een paar maanden op een definitieve beslissing van het cvb. Het vertrouwen in de bestuurders lijkt met het verstrijken van de tijd af te nemen. Adiyaman: 'Het duurt allemaal erg lang. Ik heb soms het gevoel dat we door het bestuur van de kerk en de universiteit: niet echt gewenst zijn.' Huismans bekritiseert dit pessimisme: 'Ik kan me het wantrouwen van de moslims goed voorstellen, maar het probleem ligt wat genuanceerder dan het nu lijkt.' Huismans doelt op een voorstel van de studentenkerk om de huidige gebedsruimte simpelweg te delen. Zowel christenen als moslims zouden volgens dat plan op gezette tijden van de ruimte gebruik mogen maken. De moslims hebben deze oplossing echter van de hand gewezen: zij houden vast aan de eis van een eigen ruimte. Huismans: 'Het ogenschijnlijk louter financiële probleem wordt hiermee ook een ideologisch probleem. Het is goed mogelijk om een ruimte te delen. Wij als kerk zeggen: “Laten we genoegen nemen met een symbolische ruimte." Katholieken hebben nu eenmaal de neiging om iedereen binnen te halen. Deze groep islamieten heeft hier meer moeite mee dan wij. Ik zeg deze islamieten, omdat iedere moslimgroep de geloofsvoorschriften weer anders interpreteert.'

Kloof
Huismans klaagt niet over de huidige onderhandelingen. Een paar jaar geleden voerde hij gesprekken met een andere groep moslimstudenten, die veel stroever verliepen. De kloof tussen moslims en kerk bleek toen onoverbrugbaar. Volgens Huismans gaat het om een mentaliteitsverschil: 'De groep hiervoor was veel strenger in de leer. Dat leverde meer botsingen op dan met de huidige groep. De moslims waar ik nu mee praat karakteriseer ik als relatief tolerant met wat orthodoxe trekjes.' Huismans heeft door de veelvuldige gesprekken goede hoop dat ze samen tot een oplossing komen, zij het misschien niet op korte termijn: 'We zullen tot een compromis moeten komen. Wellicht moeten de ideeën over een gemeenschappelijke kerk nog een jaartje rijpen voor iedereen zich erin kan vinden.' Het liefst ziet hij op de gevel van 'zijn' kerk in de toekomst ook een Arabisch naambordje prijken, want: 'Als je niet samen kunt bidden, kun je ook niet samen leven.'