Sjaak
‘Het Journaal: oppervlakkig commentaar bij rampen. Meer is het niet.’ Een prachtcitaat, geformuleerd door een van mijn striphelden van vroeger: de Kolonel, van Sjors en Sjimmie. Een krantlezende, journaalverfoeiende opvoeder, die heel lang geleden nog niet bestond, zo ontdekte ik als tienjarige toen ik bij oma op zolder een beduimeld Sjors en Sjimmie‘tje vond uit de tijd waarin we nog elke dag jus over ons eten kieperden. In dat vergeelde exemplaar was geen pixeltje aan kolonel te vinden, maar wel een vreemd wezen dat Sjimmie bleek te zijn. Was me dat even een verrassing! Sjimmie was in oma’s vergeelde boekje nog een echte vijftiger jaren-zwartjoekel, met lippen als autobanden, een oorring van drie decimeter, een slavenpetje en een taaltje dat het midden hield tussen het slappe gelul van Samson, Jerom en Tinky-Winky. U begrijpt dat ik geen sikkepit begreep van het verschil tussen 1950-Sjimmie en 1990-Sjimmie (die er veeleer uitziet als een zwarte Michael Jackson) en dat ik mijn heil begon te zoeken bij Kuifje. Na verloop van tijd had ik het echter wel gezien met die verrekte Zonnetempels en dronken Picaro’s en keerde ik terug bij de moderne Sjors en Sjimmie.
Toen ik mijn vader eens confronteerde met de mening van de Kolonel, vertelde hij dat ik het nog wel eens zou leren. Donders! Daar keek ik naar uit, maar anno nu ben ik het nog steeds eens met oom Kolonel. Dat Journaal, daar deugt niks van: rampen met vragen van de presentatrices die ze zelf niet begrijpen. Nee, dan sla ik, net zoals de Kolonel, liever een krant open. Geen krantje, want met die tabloidgedrochten van tegenwoordig is het ook al droevig gesteld.
Neem nu zo’n NRC-next. Een foto op de voorpagina ter grootte van twee broodtrommels, een indeling die de lezer aan de hand neemt (zo MOET je met pagina 1, 2 en 3 beginnen) en een nietje waar je jeuk van krijgt. Nee, meer dan een mislukte kruising tussen Vrij Nederland en Trouw is het niet.
Bovendien snijdt het landelijke sufferdje zichzelf met enige regelmaat in de verwende vingertjes. Laatst stond er een flink artikel afgedrukt in de next waarin de populariteit van BN’ers werd verklaard. De reden dat we Nance en John van den Heuvel in onze huiskamer dulden, is dat we ze zien als familie. Jawel: de familiebanden zijn tegenwoordig minder strak dan voorheen, maar tegelijkertijd zoeken we naar binding, en zie: aangetrouwde Catherine Keijl en debiel neefje Ron Boszhard komen de hoek omzetten. Nu is een dergelijk smurfenartikel tot daar aan toe, maar next verrast me vaker in negatief opzicht. De hele krant loopt over van de meninkjes, halfonderbouwde stellingen en opinies, en werd onlangs opgesierd door het bericht dat er te veel meningen in Nederland zijn. Tsja, next, snijd die eigen, door deadlinedruk verzonnen flutmeningen er dan maar eens snel uit, zodat we weer wat lucht krijgen en af en toe een meninkje op kunnen snuiven dat er toe doet. Goed doordachte meningen, die niet in het journaal verschijnen, maar in films, tijdschriften en boeken. De Mening van de Kolonel strekt hierbij tot aanbeveling.






