Bas Haring – Hooggeleerd in laagdrempeligheid
In tv-programma’s, columns en boeken ventileert de populairste filosoof van Nederland op heldere en aantrekkelijke wijze zijn visie. Bas Haring is erg gedreven en breekt tegelijkertijd een lans voor de minder ambitieuze medemens. ‘Iemand die leeft zonder succes na te jagen is zeker geen lamlul. Sterker nog, stiekem benijd ik hem.’
‘Ik ben ziedend’, foetert Bas Haring (40) als hij aanschuift aan de tafel achterin bruine kroeg De Pels in de Amsterdamse Negen Straatjes. De doorgaans zo bedachtzame filosoof verklaart: ‘Ik had onenigheid met mijn baas en heb hem de huid vol gescholden op zijn voicemail. Niet echt handig, maar soms zit ik vol adrenaline.’
Harings woede ebt snel weg. Vervolgens verwondert hij zich over het feit dat anderen hem als filosoof bestempelen. ‘Het gekke is dat ik dat eigenlijk helemaal niet ben, ik heb een natuurwetenschappelijke achtergrond.’ Hij behaalde een propedeuse Natuurkunde en is afgestudeerd in Kunstmatige Intelligentie, dat destijds viel onder de faculteit Wijsbegeerte. ‘De term “filosoof” is mij na een interview door de NRC toebedeeld. Het was even wennen, maar inmiddels kan ik me er in vinden. Ik ben sterk in het redeneren op een filosofische manier.’
Haring, hoogleraar aan de Universiteit van Leiden, heeft met zijn leerstoel ‘Publiek begrip van wetenschap’ een bijzondere opdracht. Hij probeert wetenschappelijke vraagstukken toegankelijk te maken voor een breed publiek. Daarnaast wil hij op een verfrissende manier naar de wetenschap kijken. ‘Ik heb in samenwerking met de kunstacademie de masteropleiding Mediatechnologie ontwikkeld. Hierin komen natuurwetenschappen en kunst samen om op een creatieve manier wetenschap te bedrijven. Een student heeft bijvoorbeeld zijn leven laten leiden door een dobbelsteen, om te kijken of zijn identiteit zou veranderen’.
De leerstoel is een kopie van het hoogleraarschap dat Richard Dawkins bekleedde in Oxford, The public understanding of science. Dawkins is als evolutiebioloog wereldwijd befaamd om zijn bevlogen en duidelijke manier van vertellen. Het zijn precies deze vaardigheden waarom Haring wordt gewaardeerd. In de tv-programma’s Stof en Haring, de columns, talkshows en een drietal boeken verheldert hij gepassioneerd en in lekentaal populaire wetenschappelijke thema’s.
In je veelgeprezen boek ‘Kaas en de evolutietheorie’ wordt het wetenschappelijke feit benadrukt dat evolutie geen doel heeft. Is deze doelloosheid niet demotiverend?
‘Stel je voor dat er wel een vooraf bepaald doel is en dat we allemaal binnen een groter kader passen. De kans is erg klein dat dit grotere geheel strookt met wat jij denkt. Feit is dat het grote plan altijd onbekend zal blijven, dus het is onmogelijk daarnaar te handelen. Dat is pas demotiverend. Het is juist motiverend om te weten dat er geen groter plan is, want het geeft mensen de oprechte verantwoordelijkheid voor hun eigen leven.’
Je stelt verder dat de mens niet de kroon is op de evolutie. Is de ver geëvolueerde mens dan niet beter dan minder geëvolueerde diersoorten?
‘Helemaal niet, wat overleeft is alleen beter in overleven, maar niet beter in moreel opzicht. Dat iets bestaat wil niet zeggen dat het goed is. Zo heeft Darwin zijn theorie nooit bedoeld. De natuur kent geen wet van goed of kwaad. Je kunt er geen moreel oordeel op baseren, maar je kunt er wel een oordeel aan toekennen.
‘Laat ik een voorbeeld geven. In de sloot achter mijn huis zitten twee eendjes die elke morgen in mijn tuin ontbijten. Dat doen ze al jaren en inmiddels ben ik aan ze gehecht. Laatst werden ze aangevallen door een reiger. Ik probeerde ze te redden, maar mijn buurman riep dat het de natuur is. “Je moet ze hun gang laten gaan!” Deze redenering klopt niet. Dat de natuur zo werkt wil niet zeggen dat je daar vrede mee moet hebben. Het is juist fijn om er af en toe tegenin te druisen.
‘Homoseksualiteit strookt bijvoorbeeld volgens bepaalde godsdiensten niet met de natuur. Ze baseren dit op de gedachte dat de evolutie als doel voortplanting heeft. Dat klopt niet, het is een wetenschappelijk feit dat evolutie doelloos is. Hun mening is dus ongefundeerd. Homoseksualiteit is wel natuurlijk.’
In ‘De ijzeren wil’ stel je de vraag of de mens iets extra’s heeft, zoals een vrije wil, wat hem bijzonder maakt ten opzichte van dieren en machines. Hebben wij een vrije wil?
‘Vind jij dat je een vinger hebt? Als je gaat kijken wat die vinger werkelijk is, dan zie je dat hij bestaat uit bloedvaten, zenuwen en botjes. Wanneer er nog verder wordt ingezoomd moet je concluderen dat die vinger bestaat uit moleculen en atomen. Het is dus helemaal geen vinger, maar een bundel atomen. Dat klopt ook niet. Het is er allemaal: atomen, bloedvaten en een vinger.
‘Zo zit het ook met de vrije wil. Als je tot op detail inzoomt, kan het heel goed zijn dat het functioneren van ons brein volkomen vast ligt in de talloze knipperende neuronen. Maar wanneer je uitzoomt is er wel degelijk sprake van een vrije wil, omdat je uren zou moeten uitleggen wat er in detail gebeurt. In de dagelijkse omgang is dit onhoudbaar. Vrijheid bestaat bij de gratie van de complexheid van ons eigen lichaam. Het is een handig begrip om over onszelf te kunnen spreken.’
Wat is dan de essentie van een leven zonder voorafgesteld doel waarin de vrije wil mogelijk niet bestaat?
‘Lekker in je vel zitten. Het is onverstandig om een leven te leiden waarin je dingen doet die je niet leuk vindt, vanwege een doel dat niet ter zake doet. Wanneer ik twintig van de veertig uur werk om meer te kunnen consumeren, ben ik als een debiel bezig.
‘Ik hoop dat mensen zich realiseren wat belangrijk is in de tachtig jaar die ze is gegeven. De Oudgriekse filosoof Epicurus heeft dit goed verwoord: het gaat om het hebben van goede vrienden, lekkere seks, een dak boven je hoofd en voldoende te eten. Bovendien is het belangrijk dat je anderen helpt om ook zo te kunnen leven. Zijn opvatting vind ik een wijsheid.’
Waarom vond je het nodig om in je meest recente werk op te komen voor mensen die niet boven alles streven naar succes?
‘Mensen die leven zonder doel of ambitie worden gezien als lamlullen, omdat ze niet passen binnen een competitieve maatschappij. Dit is onterecht. Een doel is immers niets anders dan een manier om lekker te kunnen leven. Als je zonder succes ook gelukkig bent, is dat prima. Om eerlijk te zijn kan ik zelf ook niet zonder, maar dat neemt niet weg dat ik mensen die een doelloos leven leiden benijd.’
Je hebt een duidelijke visie op het leven. Heb je nooit gedacht aan een carrière in de politiek?
‘Op de middelbare school dacht iedereen dat ik politieke aspiraties had, omdat ik altijd de discussie aanging in de klas. Bij vermoedens is het echter gebleven. Politici zijn niet meer dan professionals in het spel der politiek. Mei Li Vos is een sprekend voorbeeld. Ik ken haar nog van mijn tijd bij studentenvereniging Veritas in Utrecht, waar overigens erg saaie mensen lid van waren. Ze praatte toen al exact het partijprogramma na, in plaats van haar eigen visie te verkondigen over de gang van zaken in de wereld en de politiek. Dat is waar politici zich de hele dag mee bezig houden: partijpolitiek. Ik zie mezelf eerder als een soort nar dan als onderdeel van dat mechanisme.’
Ben je nog nooit in de problemen gekomen met je filosofische standpunten?
‘In het essay dat ik heb geschreven voor de Maand van de Filosofie behandel ik de vraag hoe het komt dat wij ons zorgen maken over de verre toekomst. Over tweehonderd jaar zijn er waarschijnlijk minder soorten dieren en is er minder regenwoud. Hoe erg is dat? Wanneer bijvoorbeeld op dit moment De Nachtwacht afbrandt, dan raakt mij dat. Als het schilderij in een wereld zonder mensen verbrandt vind ik dat niet erg, omdat erg dan geen betrekking tot mensen kan hebben. Binnen de filosofische wereld bestaat tegen deze opvatting veel weerstand. Veel filosofen vinden dat dingen, zoals het schilderij, van zichzelf waarde hebben. Het gaat zelfs zover dat mijn uitgever het essay in eerste instantie niet wilde publiceren.
‘Ondanks de weerstand zal ik mijn mening blijven verwoorden en mezelf voortdurend vragen stellen, zo zit ik in elkaar. Er zijn nog veel vragen denkbaar waar moeilijk een eenduidig antwoord op is te geven. Die vragen blijven boeien. Het stellen ervan is emancipatie voor de vraag zelf.’
Tekst: Zef Faassen en Dave Willems
Foto’s: Boy van Dijk







