De Nieuwe Stad
De bovenbuurman en ik zijn nooit vrienden geworden. Het eerste dat hij tegen mij zei was: ‘Het is mooi wonen hier.’ Hij riep het vanaf het balkon dat boven het terras hing van het appartement waar we rondgeleid werden. Vanaf daar ging het bergaf.
Ik zag hem pas weer toen hij rood aangelopen op de deur van dat appartement stond te bonken. Mijn muziek stond te hard. Het tweede dat mijn bovenbuurman tegen mij zei bestond uit een aaneenrijging van krachttermen die ik, al zou ik het willen, niet kan herhalen. Hij wilde niet kalmeren en ik vertelde hem dat ik niet met hem kon praten als hij me bleef uitschelden. ‘Ik ga niet kalmeren’, zei hij, waarop ik hem vertelde dat ons gesprek was afgelopen. Hij gooide daarop mijn deur in mijn gezicht.
De maanden daarna communiceerden we alleen met elkaar via onze stereo’s. Meestal won hij – hij kon zijn boxen op de vloer leggen – maar ging ik heel hard meezingen met de muziek die hij draaide. Er is nog altijd een verschil tussen winnen en morele winnaar zijn. Op een dag, nadat het weer een keer uit de hand was gelopen, vroeg hij me (vanaf zijn balkon) om even langs te komen. We moesten praten. Ik ging akkoord op de voorwaarde dat het ook inderdaad om praten zou gaan en dat de krachttermen achterwege zouden blijven. Hij vertelde me dat hij problemen had. Problemen die te maken hadden met de manier waarop hij keer op keer tegen mij uitviel. Dat hij dat niet zo in de hand had. Waarvoor zijn excuses.
We spraken af wat aardiger met elkaar om te gaan. Het werd rustiger; we hoorden elkaars voetstappen, we hoorden het als iemand de wc doorspoelde en wanneer een van ons verkouden was. Af en toe hoorden we nog elkaars muziek.
Afgelopen week hoorde ik dat zijn vriendin een einde aan haar leven had gemaakt. Het is akelig rustig nu. Mijn bovenbuurman hoest niet meer, hij loopt amper en bezoekt de wc zelden. Zijn stereo blijft uit.
Ik mis de voetstappen. Ik hoop dat het hem goed gaat. We zijn dan nooit vrienden geworden: hij blijft mijn bovenbuurman.
We delen een huis.
Klik hier voor de andere artikelen van de ANS april 2010.




