ANS-Online

Website van het Algemeen Nijmeegs Studentenblad

Op de set bij Zwartboek

In het najaar van 2006 gaat Zwartboek in première, de nieuwe film van regisseur Paul Verhoeven. De opnames van de grootste Nederlandse productie ooit zijn in volle gang. De dagelijkse hectiek van een filmset in een oogopslag.

Tekst: Ruud Vos
Foto’s: Jaap Vrenegoor

Carice van Houten krijgt na de luide tik van het klapbord een duwtje. Onder het oog van de camera fietst ze een brug af, richting de gaarkeuken. Dit voedseldistributiepunt dient als decor voor de scène die vandaag in Delft wordt geschoten. Van Houtens personage Rachel Steinn is een jonge joodse revuester die in de nadagen van de Tweede Wereldoorlog erachter probeert te komen wie haar familie heeft verraden aan de Duitsers.
Wanneer het niet lukt om naar het buitenland te vluchten, belandt ze in het Nederlandse verzet. Zodra haar verzetsgroep wordt weggevaagd, wordt Rachel ten onrechte beschuldigd van verraad. Pas na de bevrijding ziet ze een kans om de echte dader te ontmaskeren en zich te wreken.

Magere opkomst
Zodra de camera’s zijn gestopt met draaien, krijg ik toestemming om door te lopen. Tussen de toekijkende kindertjes en de filmcrew door, wurm ik me een weg naar het punt waar ik me moet melden, de Nederlandse Gist- & Spiritusfabriek. In dit gebouw is een kantine ingericht voor de filmcrew en figuranten. Hier zitten mensen in een jaren-veertigkloffie en met brillantine in hun haar gespannen te wachten op de twee seconden die ze uiteindelijk misschien in beeld komen. Ineens roept iemand: ‘Jongeman, loop jij even mee?’ De herenkapper ziet me aan voor figurant en wil mijn hoofdhaar bewerken met een tondeuse. Ik laat me liever niet kortwieken.
‘Per week wordt er zo’n vijf à  zes dagen gefilmd,’ vertelt Mirjam van het figuratiedepartement. ‘Mijn afdeling moet elke dag om halfzeven op de set verzamelen.’ Al sinds half juni zijn ze bezig met de casting. Voor de hongerwinterscène van vandaag is er speciaal geselecteerd op heel magere mensen. Zodra de figuranten zijn gekleed naar de mode van de forties, worden in rap tempo hun kapsels erop aangepast. Degenen die moeten doorgaan voor politieagent krijgen daarnaast een geweer uitgereikt. Annemarie, tevens werkzaam bij de figuratie vertelt: ‘Ondanks de grondige voorbereiding, komen er soms te weinig figuranten opdagen. Een keer moesten we snel de straat op om te scouten.’
Mirjam vertelt over de belangrijke hiërarchie op de set: ‘Bovenaan staat de regisseur. Van daaruit lopen er allemaal lijntjes naar beneden – via de Assistant Director, opnameleiding enzovoort – waarlangs alle aanwijzingen worden doorgegeven. In praktijk blijkt dit systeem het meest efficiënt. Een van de belangrijkste afdelingen is overigens de catering. Als mensen niet op tijd kunnen eten, worden ze knorrig en is de sfeer erg slecht.’

Mis-en-scene
Het laat lang op zich wachten, maar dan komt eindelijk het seintje dat de figuranten zich naar buiten, richting de set moeten begeven. Een crewlid sleutelt vlak naast de gistfabriek nog aan een Duitse legertruck en een man op een trekschuit oefent alvast met het overgooien van suikerbieten naar een dokwerker. De hele crew loopt kriskras door elkaar om alles gereed te krijgen voor het volgende shot.
Paul Verhoeven wandelt voorbij, hij houdt zich bezig met camerastandpunten. Ondanks de drukte vindt hij een moment om een van de decorschilders joviaal aan te spreken: ‘Vind je het wel leuk om de hele dag zo onder de verf te zitten?’ Een meisje in een met verf besmeurde overal antwoordt: ‘Ik ben blij zolang ik maar vies ben.’ Zo te horen een tevreden werknemer.
‘Iedereen eerste positie,’ klinkt het plots door een megafoon. De eerste checks moeten worden uitgevoerd voor het van de stuk scène dat buiten zal worden gefilmd. Er wordt geroepen om stilte op de set. In de tussentijd schiet ik de gaarkeuken in om een kijkje nemen. Hier zijn tal van mensen druk in de weer om het binnendecor op tijd gereed te krijgen voor de opnames na de lunch. Dan wordt hier namelijk een sequentie geschoten waarin relletjes ontstaan bij het uitdelen van voedsel. Een half dozijn grote kookpotten staat opgesteld, erachter liggen massa’s kabels voor de apparatuur die de pannen tot ‘leven’ brengen. ‘Eigenlijk staat er alleen in die eerste pot een klein laagje knollen, het lijkt dan of het heel wat is,’ legt Edward Wiessenhaan van de special effects uit. ‘Wij voegen vuur en stoom toe om het goedje visueel te laten koken.’
Speciale effecten verzorgt de Firma Wiessenhaan op de set zelf, visuele effecten zullen pas na de opnames door een computerspecialist worden toegevoegd. ‘De bedoeling is zoveel mogelijk live-action,’ vertelt de effectenman. ‘Corrigeren in de nabewerking gaat wel erg gemakkelijk tegenwoordig. Als ik bijvoorbeeld vroeger iemand wilde laten zweven, gebruikte ik wolfraam draadjes – dunne zwarte draadjes die niet glimmen – tegen een donkere achtergrond. Tegenwoordig plakt de meneer van de computer er een stukje tape overheen. “Kan ik het straks makkelijker terugvinden,” zegt hij dan.’
In een van de authentiek ingerichte kantoortjes bij de gaarkeuken vertelt een man over de rekwisieten. ‘Onder props valt alles wat je kunt meenemen,’ hij wrijft zijn hand langs een deurlijst, ‘dit wandje hoort daar dus niet bij, maar is een decorstuk.’ De oude bureaus, landkaarten en bonnenboekjes maken een realistische indruk. Toch rijst de vraag wat die Gauloise-peuken, met filter nota bene, doen in een asbak in Duits bezet gebied.

Rollende film
Buiten gaan de volgende opnames van start. Carice van Houten zit weer klaar op de fiets en Paul Verhoeven neemt plaats achter twee videoschermen waarop hij nauwlettend in de gaten houdt wat de camera’s waarnemen. De man met de megafoon herhaalt zijn regieaanwijzingen: ‘And… Action!’ Een camera op een kraan volgt de beweging van het rijwiel. Zodra het ‘Cut!’ heeft geklonken, geeft hij aan dat hij het nog eens wil overdoen. De geschoten 35 seconden waren de grootschalige voorbereiding dus nog niet waard.
Stevy Custers, de stand-in van Carice, kijkt vanaf de zijlijn mee. Tijdens de checks heeft zij alle handelingen die de hoofdrolspeelster nu doet al enkele malen uitgevoerd. Zo kunnen zaken als camerastandpunt, belichting en geluid uitvoerig worden getest. In de film zelf is ze slechts af en toe in beeld tijdens het uitvoeren van kleine handelingen, nooit met haar gezicht. ‘Vandaag breek ik een slot open. Ze filmen mij van de achterkant, met dezelfde kleren en een pruik op, zodat je denkt dat ik Carice ben,’ vertelt ze. ‘Ik was net twee dagen bezig met een lerarenopleiding in Nijmegen. Toen kreeg ik een telefoontje dat ik hier fulltime aan de slag kon. Het is meer geluk dan planning dat het zo snel na mijn acteeropleiding al zover is gekomen.’ Zodra ze klaar is bij Zwartboek, gaat ze een filmcarrière nastreven.

Een flinke tik
Sound mixer Georges Bossaers praat na de lunch over zijn werk: ‘Tegenwoordig wordt het geluid vaker op locatie opgenomen dan vroeger, toen bijna alles werd nagesynchroniseerd. Het opnemen gebeurt nu ook direct met de computer, zodat het geluid niet eerst moet worden overgezet. Dat is veel handiger voor de nabewerking.’ Voor hij weer naar de set vlucht, gaat de geluidsman nog in op het belang van de clapper loader, die aan het begin van elke take het harde tikgeluid verzorgt. ‘Dat klapbord is ontzettend handig. Je ziet en hoort het tegelijk. Op de camera’s zit geen timecode, en je moet beeld en geluid toch op een bepaalde manier gelijk zien te krijgen.’
De Duitse cinematograaf Karl Walter Lindenlaub heeft al films geschoten als Universal Soldier en Independence Day. Als Director of Photography moet hij het geheel overzien. ‘In Nederland hebben we niet de beschikking over veel cameramensen, dus zit ik zelf ook achter de camera. Bij de meeste andere films doe ik dat niet eens meer.’ Lindenlaub geeft de voorkeur aan 35mm film. ‘Het is nog steeds het beste opnamemedium met de hoogste resolutie, veel meer dan de beste digitale camera aankan. Er zijn elke dag standaard drie camera’s aanwezig. Meestal gebruiken we er twee.’ Wat hij vooral probeert te doen, is om de film zo realistisch mogelijk te laten overkomen. ‘Tegelijkertijd moeten we er rekening mee houden dat het een thriller is, niet een documentaire over de periode.’
Tot begin december zal er nog in Nederland op locatie worden geschoten. Daarna wordt de productie voortgezet in de studio in Berlijn, en ook moet er nog worden geschoten in Israël. Als uiteindelijk de postproductie is afgerond, zal de film hopelijk eind volgend jaar in Nederland te zien zijn.