ANS-Online

Website van het Algemeen Nijmeegs Studentenblad

Radbouds slechtste

Tekst: Anouk Broersma
Illustratie: Dirk Bertens

Ranglijsten blijven interessant. Universiteitsblad Vox bijvoorbeeld, schept er een waar genoegen in om het vol trots te melden wanneer de RU weer in een of ander lijstje of onderzoekje goed uit de bus komt. ANS gooit het over een andere boeg en werpt een licht op de slechtst scorende opleidingen aan de Radboud Universiteit. Begin oktober publiceerde weekblad Elsevier een jaarlijks onderzoek, waarin studenten en hoogleraren hun genadeloos oordeel vellen over universitaire opleidingen in Nederland. Studenten konden door middel van een enquête kritiek spuien op de eigen studie, aan hoogleraren werd gevraagd welke universiteit volgens hen de beste opleiding aanbiedt op hun vakgebied.
De grote verliezers aan de RU waren Culturele Antropologie, Communicatiewetenschap en Informatica. Ondanks het minimale verschil in eindcijfer met de overige opleidingen in hun soort, leverde het voor onderzoek voor alledrie de opleidingen een magere laatste plaats op.

Korrel zout
Op de kamer van Umoja, de studievereniging Culturele Antropologie en Ontwikkelingsstudies, slaat het nieuws in als een bom. De leden van de opleidingscommissie, die op het punt staan een vergadering te beginnen, schuiven de agenda even aan de kant. Ze raken verwikkeld in een uitgebreide discussie over de problemen binnen de studie. In grote lijnen zijn ze het eens over het belangrijkste knelpunt: de samenvoeging van Culturele Antropologie en Ontwikkelingsstudies in 2003. Kim Cloudt (20), derdejaars Ontwikkelingsstudies, hoorde bij de eerste lichting studenten die de opleiding volgde in de nieuwe opzet. ‘Ik heb de afgelopen jaren veel vakken gevolgd die voor het eerst werden gegeven of waren aangepast. Doordat zoveel nieuw is, gaat ook meer fout. Dat heeft onder studenten veel kritiek opgeroepen.’
Voor enkelen was de samensmelting van de twee studies een onoverbrugbaar probleem. Richard Damen (31) studeerde een jaar Antropologie aan de RU, maar stapte dit jaar over naar de Universiteit van Amsterdam (UvA). ‘Ik heb in Nijmegen een solide basis en brede ntatie verworven. Toch was ik bang dat Ontwikkelingsstudies binnen de opleiding te veel ruimte zou innemen, waardoor ik me niet geheel op de antropologie zou kunnen richten. Aan de UvA is meer plaats voor verdieping.’
De UvA en de Universiteit van Utrecht bleken volgens Elsevier over de beste opleidingen Antropologie te beschikken, of in ieder geval over de meest positieve studenten. Ton Robben, hoogleraar Antropologie in Utrecht, heeft desondanks nog geen feestje gepland. ‘De resultaten moeten met een korrel zout worden genomen. Er zijn vijf opleidingen Antropologie in Nederland en die zijn allemaal goed, ook die in Nijmegen. De onderlinge verschillen zijn klein, nauwelijks noemenswaardig eigenlijk.’ Volgens Robben veranderen de onderzoeksresultaten continu. Dit blijkt ook uit een recentelijk uitgebracht rapport van een visitatiecommissie, die is samengesteld uit deskundigen op het gebied van Antropologie-opleidingen. Het rapport dient als basis voor een verzoek om accreditatie, wat een voorwaarde is voor erkenning door de overheid. De commissie was zeer te spreken over het onderwijs aan de RU: de opleiding Antropologie scoorde hier het beste, op die van de UvA na. Utrecht eindigde onder Nijmegen; zo blijkt maar weer hoe vergankelijk succes kan zijn.

Hoe langer, hoe leuker
Ook Communicatiewetenschap werd onlangs vereerd met een bezoekje van een visitatiecommissie. Compleet in strijd met de studentenopinie werd de RU door de commissie als beste beoordeeld. Dit nieuws werd bij de opleiding met open armen ontvangen, maar in feite geeft het een probleem aan; een discrepantie tussen de visie van studenten en die van de ‘experts’. Ed Hollander, onderwijsdirecteur Maatschappijwetenschappen ziet geen directe oplossing hiervoor. ‘Studenten oordelen in onderzoek geregeld negatief over Communicatiewetenschap. Dit verandert niet, ondanks wijzigingen die in de opleiding worden doorgevoerd. Het zijn vooral eerste- en tweedejaars die kritiek hebben. We hebben een klassieke, degelijke opleiding en het duurt altijd even voordat studenten dat waarderen.’
Daniëlle Bisschops (19), tweedejaars Communicatiewetenschap, bevestigt dit: ‘Ik vind de opleiding nu veel interessanter dan vorig jaar. Toen was alles zo algemeen dat ik me afvroeg wat ik er aan had. Nu gaan de colleges tenminste ergens over. Ik hoor het ook vaak van ouderejaars: hoe langer ze studeren, hoe leuker ze de studie gaan vinden.’ Voor alle gedesillusioneerde eerstejaars is er dus nog hoop. Toch is er altijd plaats voor verbetering. Studenten zijn bijvoorbeeld ontevreden over stagemogelijkheden en voorbereiding op de arbeidsmarkt. ‘Ik heb geen idee wat ik kan doen zodra ik ben afgestudeerd. We krijgen altijd te horen dat we overal terecht kunnen, maar dan weten we eigenlijk nog niks’, zegt Bisschops. Hollander biedt uitkomst voor de onzekere student: hij wil voor betere uitleg over dergelijke onduidelijkheden zorgen. Hij kan de studenten echter niet tegemoetkomen in hun drang naar praktijkervaring. ‘Dit is immers geen hbo.’
Drs. Addy Weijers, docent Communicatieweten-schap, heeft de lovende kritiek van de visitatiecommissie nog vers in het geheugen. ‘We moeten een opleiding niet zonder meer aanpassen aan hoe Elsevier kwaliteit meet. Er moet ook worden bekeken wat een goede opleiding inhoudt – volgens onszelf en volgens instanties als de visitatiecommissie.’

Informele sfeer
Bij Informatica wordt meer belang gehecht aan de mening van de student zoals die in Elsevier naar voren kwam. Opleidingscoördinator dr. Sjaak Smetsers geeft toe dat zijn opleiding al langere tijd minder scoort op bepaalde onderdelen. ‘Waar de problemen precies liggen, weten we niet. Maar zodra zwakke punten worden ontdekt, zorgen we voor verandering. De opleiding verbetert steeds meer.’
Een van de onderdelen waarop Informatica slecht scoorde, was mondelinge vaardigheden van studenten. André de Jong (24), tweedejaars hbo-doorstromer, kan zich hierbij wel iets voorstellen. ‘Informatica-studenten hebben absoluut geen mondelinge vaardigheden. We krijgen bijvoorbeeld geen feedback op presentaties. Misschien doordat veel docenten zelf ook bijzonder slecht zijn in presenteren, echt belachelijk. Ze hebben wel kennis van zaken, maar kunnen die niet overbrengen.’ Ondanks dit voelt hij zich volkomen op zijn plek bij zijn studie. ‘Er heerst hier een prettige, informele sfeer. Je maakt makkelijk contact met medestudenten en docenten. Bovendien krijg je goede persoonlijke begeleiding.’

Verschillende perspectieven
Het valt te betwisten of onderzoek onder studenten en hoogleraren werkelijk iets zegt over de kwaliteit van opleidingen. Studenten kennen meestal alleen hun eigen opleiding en kunnen dus geen vergelijking maken. Het deskundige oordeel van hoogleraren is een nuttige toevoeging om een totaalbeeld te vormen. Toch wordt ook dit door sommigen betwijfeld. ‘Hoogleraren weten ook niet genoeg van andere opleidingen om een goed oordeel te geven. Hun mening is gebaseerd op gevoel, of op wat ze hebben gehoord’, zegt Smetsers.
Volgens Anja van den Broek, projectleider van het Elsevier-onderzoek, is het nooit het doel van het onderzoek geweest om de kwaliteit van opleidingen te onderzoeken. ‘We willen het oordeel over studies vanuit bepaalde perspectieven in kaart brengen. De mening van studenten hangt van verschillende factoren af. Het studentenleven buiten de studie is vaak medebepalend voor hun mening. Het hooglerarenoordeel geeft voornamelijk een beeld van het aanzien en de reputatie die een opleiding geniet.’ Toch zal het onderzoek veel studenten, docenten en toekomstige studenten beïnvloeden in hun beeld inzake de kwaliteit van opleidingen. Studies die hieruit slecht naar voren komen, doen er goed aan dit mee te nemen in komende evaluaties. Zelfs als de visitatiecommissie is langsgeweest.


Dorpspomp

De resultaten van het Elsevier-onderzoek worden niet door iedereen even serieus genomen. Op de campus werd de mening van betrokkenen nog eens gepeild: hebben studenten Culturele Antropologie, Communicatiewetenschap en Informatica het werkelijk zo slecht?

Joris van Gurp (20), tweedejaars Communicatiewetenschap
‘Ik vind dat hier goed onderwijs wordt gegeven, maar het is niet altijd naar de zin van de studenten. Communicatiewetenschap is erg theoretisch, wat een universitaire opleiding ook hoort te zijn. Toch zou het best iets praktischer mogen worden ingericht. Het zou bijvoorbeeld goed zijn een verplichte stage aan het programma toe te voegen.’

Eline Pereboom (20), eerstejaars Culturele Antropologie
‘Over het algemeen vind ik de vakken heel theoretisch. We krijgen tot nu toe alleen hoorcolleges. Al dat luisteren maakt het soms saai.’

Francois Kooman (25), vijfdejaars Informatica
‘Ik snap echt niet dat Informatica aan de RU als laagste is geëindigd. Ik ben heel tevreden over mijn opleiding. De vakken zijn erg interessant en ook leuk om te volgen. Ik volg nu enkele mastervakken aan andere universiteiten en die zijn echt niet merkbaar beter. Het enige verschil is dat ze daar koffie uitdelen tijdens tentamens.’