Battlen in de binnenstad
Computerspellen zijn niet langer alleen voor zon schuwende nerds. Verzin een Engelstalige naam, ga in zee met een hippe gsm-fabrikant en speel het in de stad. ANS verkent de wereld van urban gaming.
Tekst: Koos ten Bras en Timo Pisart
Illustratie: Loes van Woezik
Het idee is simpel. Neem een doorsnee activiteit en doe het in de stad. Urban golf in Londen bijvoorbeeld, waar je al zachte golfballetjes slaand de binnenstad doorkruist. In de gameswereld is dit concept ook doorgedrongen. Als monstertjes verklede geeks spelen in New York al tijden real life Pac-Man. Nederland heeft de hype ook opgepikt. Het spel The Target is de nieuwste telg in de familie van urban games.
The Target
‘In vier teams van drie nemen de deelnemers de rol aan van gangsters of politie. Het gangsterteam moet één miljoen euro verzamelen door het plegen van digitale misdaden in de binnenstad. De enige taak van de drie politieteams is hen met een virtuele kogel naar een andere dimensie te sturen’, aldus Michiel van Eune.
Van Eune, medewerker van Living Story, geeft ons de mogelijkheid om dit spel als één van de eerste groepen in Nederland te spelen. Het van oorsprong Belgische spelconcept van The Target wordt sinds 30 oktober in Nederland aangeboden. Nu voornamelijk in Utrecht, maar binnenkort ook in Nijmegen.
Zowel de Don Corleones als de politie krijgen een kekke gsm mee, voorzien van internet en GPS-functie. Daarop is de plattegrond van de binnenstad van Utrecht te zien. Op deze plattegrond, die een vierkante kilometer beslaat, staan de locaties van digitale voorwerpen en mogelijke crime scenes aangegeven. Het gangsterteam moet deze locaties afgaan om de voorwerpen te bemachtigen. Met bijvoorbeeld virtuele dynamietstaven kunnen de schurken misdrijven plegen. Een druk op de knop met een gsm is voldoende om het delict te laten slagen. Hoe meer voorwerpen van tevoren zijn verzameld, des te grotere aanslagen kunnen worden gepleegd. Het magnum opus is het opblazen van het postkantoor op het Neude. De gangsters hebben een veelvoud aan middelen ter beschikking om hun belagers af te schudden, waaronder vuurwapens, kogelvrije vesten en stoorzenders. De politie kan slechts gebruik maken van een revolver met drie kogels.
Virtuele vergrijpen
Een kroeg aan de Oude Gracht is het zenuwcentrum van The Target. De trap langs de bar leidt naar een met kaarsen verlichte ruimte. In deze briefingroom laat Van Eune een net iets te catchy trailer zien. Hippe jongeren spurten door de binnenstad en klimmen over hekken, als in de climax van een middelmatige blockbuster. Geheel in stijl werpt Van Eune zich vervolgens op als Q., het personage uit de James Bond films dat de held voorziet van allerlei levensreddende gadgets. ‘Gangsters, deze telefoons zijn meer dan jullie virtuele gids, het zijn jullie wapens in de urban jungle. Hiermee zullen jullie toeristen ontvoeren, een bank beroven of verdovende middelen slijten. Voor elke misdaad die jullie plegen, krijgen jullie geld van een criminele organisatie. Wanneer genoeg euro’s bijeen zijn geschraapt, kunnen jullie de stad ontvluchten’. Deze misdaden blijven echter niet onopgemerkt. De politieteams worden via de gsm op de hoogte gehouden van de virtuele vergrijpen. Wanneer het gangsterteam het pand verlaat, krijgt het nog een laatste raad: ‘Blijf rennen, en maak ze gek.’
Rommelen onder de radar
Vijf minuten verstrijken voordat een eerste melding bij de politie binnenkomt. Een virtueel mes is door de gangsters opgepikt. De politie zet de achtervolging in. Drie teams stuiven uiteen om de schurken in te sluiten. ‘Wacht even, we gaan toch niet rennen?’, moppert één van de deelnemers. Op het scherm van de telefoon bewegen blauwe, groene en rode icoontjes representeren de politieteams. Zij kunnen te allen tijde elkaars positie aflezen. Eens in de zes minuten krijgen zij in de vorm van een zwart pionnetje te zien waar de gangsters op dat moment hun kwaadaardigheden uitvoeren. De criminelen hebben het beter voor elkaar. Zij krijgen om de drie minuten de positie van hun achtervolgers door.
De in hoog tempo door steegjes en straten voortbewegende teams zijn een koddig gezicht voor het winkelend publiek. Intensief turend op het beeldscherm – om de gangsters niet uit het oog te verliezen – wordt het straatbeeld uit oog verloren. Binnen een straal van tweehonderd meter van de gangsters wordt een radarbalk geactiveerd op het scherm van de telefoon. Dankzij de GPS-functie van de telefoon is op deze balk zichtbaar of de gangsters worden genaderd. Dat blijkt niet zonder gevaar. De auto’s, brommers en fietsers die op een haar na worden ontweken kunnen meer dan virtuele ongelukken veroorzaken.
Opeens rinkelen de telefoons van de politie. Shit, ze hebben de bank overvallen. De bank is helemaal aan de andere kant van de stad. Om de bandieten nog enigszins dwars te zitten, is rennen wederom het devies. Daarnaast zijn alle beschikbare vervoersmiddelen in de binnenstad toegestaan. Fietsen, bussen en taxi’s mogen allemaal worden gebruikt zolang de speler binnen het spelgebied en de telefoon in het bereik van satellieten blijft.
Het rode team heeft de achtervolging ingezet. Andere politie-eenheden lijken meer problemen te ondervinden. Het blauwe team is moe: ‘Dit is moordend na een avond doorhalen.’ Ondertussen fladdert de groene brigade als een labiele postduif over de kaart, en verlaat zelfs enige momenten het speelveld.
Hondenbaan
De telefoon van de rode dienders begint te bliepen. ‘Het tuig is op honderd meter afstand’, aldus een van de fanatieke flikken. Nog zeventig meter en ze zijn binnen schootsafstand. De draaideurcriminelen voelen de hete kilobytes in hun nek en besluiten tot actie over te gaan. De politie schiet, maar net te laat. ‘Helaas’, piept de telefoon, ‘de gangsters hebben hun kogelvrije vesten aangetrokken.’ Virtueel vuur wordt met virtueel vuur beantwoord: het rode team is uitgeschakeld. Om te reïncarneren moet worden teruggekeerd naar het hoofdkwartier. Dit geeft de bandieten de gelegenheid om zich voor te bereiden op hun meesterwerk, het opblazen van het postkantoor op het Neude. Voorwerpen verdwijnen één voor één van de kaart. De eindsprints van de achtervolgende teams zijn zinloos. De laatste misdaad is gepleegd. Game Over. Alle deelnemers moeten zich melden bij het hoofdkwartier. Zelfgenoegzaam en met de armen in de lucht arriveert het gangsterteam bij de briefingroom. Het spel blijkt slechts veertig minuten te hebben geduurd. Er is nog ruim een uur speeltijd over.
Een drietal snel gespeelde potjes later zijn de deelnemers afgepeigerd. Dat in de nagespeelde werkelijkheid de functie van politieagent een hondenbaan is, blijkt verder uit het minimale wapenarsenaal dat tot de beschikking is. Van drie luttele kogels wordt geen enkele schietgrage smeris blij. Daartegenover hebben de criminelen veel meer hulpmiddelen ter beschikking. Waarom blijft onduidelijk. De verhaallijn vervaagt zodra het spel begint; wat rest is rondrennen als een kip zonder kop. The Target pretendeert een real time game te zijn, maar het gebruik van GPS en internet levert soms wat storingen en vertragingen op. Zo werd een sowieso ongelukkig gangsterteam naar eigen zeggen op een afstand van honderdvijftig meter genadeloos afgeknald. Ditzelfde team had echter de grootste lol toen ze een voorwerp wisten te bemachtigen. Ze joegen in een donker steegje een jonge vrouw met een kinderwagen de stuipen op het lijf: ‘We hebben het mes! Nu snel het postkantoor overvallen.’






