ANS-Online

Website van het Algemeen Nijmeegs Studentenblad

De Nieuwe Stad

Voordat ik supermarkten begreep, beschouwde ik ze als een noodzakelijk kwaad. Tussen colleges en uitgaan moest ik eten en om te eten moest ik de supermarkt in. Ik haastte me langs de schappen en koelvitrines, schatte in wat de snelste rij zou zijn (een berekening op basis van rij-lengte en gemiddelde leeftijd van de wachtenden voor mij) en maakte dat ik weer zo snel mogelijk buiten stond. De muziek die er gedraaid werd, speelde ook een rol. Er is immers een grens aan het aantal keren per week dat je Dido kunt verdragen.
Natuurlijk, ik zag wel dat er een eigen wereld draaide op de tegelvloer. Ik zag medewerkers na sluitingstijd op de kassaband zitten, drinken en een enkele keer zelfs roken. Ik begreep dat de supermarkt voor sommigen een soort van thuis was, maar ik dacht dat het alleen voor medewerkers was weggelegd. Totdat ik op een groepje van die middelbareschooljongens botste, die in hun pauzes steevast grote zakken M&M’s en treetjes no-name energydrink kopen. Het was midden in de zomer en de jongens haalden gratis koffie, pakten blokjes kaas van het schoteltje om daarna boven de vriesvakken af te koelen en gewoon te kletsen. Dezelfde gangpaden die ik recordtijd probeerde te doorkruisen, leken voor hun zo vertrouwd als de muren van hun eigen kamers. De huisstijl hun behangpapier. Het was daar en op dat moment dat mijn fascinatie voor supermarkten ontstond, dat ik besefte dat de supermarkt voor meer dan alleen de medewerkers een thuis is. Het is waar de ontbijtgranen nooit op zijn en er altijd warme koffie is. Waar de zomer wordt ingeluid met vers fruit in bakjes. Waar we weten dat het winter wordt door boerenkool in de koelingen en chocoladeletters in de bakken. Waar de temperatuur altijd aangenaam anders is dan in onze studentenkamers, appartementen en huizen. Waar we recepten uitwisselen of afkijken. De schappen worden voor ons bijgevuld en alles wat we laten vallen wordt door iemand anders opgeruimd. De supermarkt is meer dan een noodzakelijk kwaad. Het is een van de weinige publieke ruimtes waar we allemaal samenkomen: van bejaarden met hun rollators vol producten die we niet eens kunnen benoemen – laat staan vinden – tot de kinderen die zich voor de ingang dringen voor knikkers, stickers of wat het ook is dat de supermarkt op dat moment uitdeelt. Onze gevulde mandjes en karretjes zijn ons bewijs van deelname aan een groter geheel.

Klik hier voor alle artikelen van ANS intro 2009.