Het Laatste Oordeel
Duffe opsommingen of ultiem entertainment? Iedere maand verschanst ANS zich in de collegebanken om een genadeloos oordeel te vellen over het onderwijs aan de RU.
Tekst: Annemieke van Ramshorst
Foto: Jos Janssen Overasselt
College:
Inleiding Taalwetenschap. Donderdag 8 december 2005, 13:45 tot 15:30 uur, E 2.01
Docent:
Dr. A.P. Foolen
Uitstraling:
Lieve oude man, die eigenlijk liever met de VUT zou gaan.
Inhoud:
Taaluniversalia. Saai, met een hoofdletter S.
Publiek:
Eerstejaars Nederlands en Duits, die duidelijk nog moeten wennen aan het academisch klimaat.
Eindcijfer:
5
‘We zijn echt een stelletje middelbare scholieren, man,’ schreeuwt een meisje met een roze truitje door de zaal. Inderdaad: het geschreeuw en gelach zijn niet van de lucht vlak voor aanvang van het college Inleiding Taalwetenschap. ‘Je gaat een artikel schrijven? Nou, dan moet je niet hier zijn,’ merkt een ander lachend op. Dat belooft niet veel goeds. Vandaag zijn 28 studenten aanwezig. Hiervan zit het merendeel veilig achterin, alleen drie actievelingen durven het aan om vooraan bij de docent te zitten. Wanneer Dhr. Foolen – een wat oudere, kalende man – voorzichtig zijn college aanvangt, reageert in eerste instantie niemand op hem en praat iedereen gewoon verder. Hierdoor is het begin volledig onverstaanbaar. Na een aantal zinnen begint toch door te dringen dat de man iets probeert te vertellen en wordt het langzaamaan stil.
Al snel wordt duidelijk waarom het voor de eerstejaars moeilijk is om hun aandacht erbij te houden. Het onderwerp is behoorlijk saai, het gaat vandaag namelijk over taaluniversalia: kenmerken die in alle talen voorkomen. Hoe zijn deze overeenkomsten te verklaren en welke verschillen bestaan er binnen deze overeenkomsten? De manier waarop Foolen de stof brengt, maakt het geheel nog moeilijker te verteren. Visuele ondersteuning ontbreekt en er is weinig samenhang in hetgeen dat wordt verteld. Foolen lijkt zijn college niet bijster goed te hebben voorbereid. ‘Wat we zouden kunnen doen… Ehm, ik heb…’ Na een verwoede zoektocht in zijn tas vindt hij uiteindelijk een boekje waarover hij iets kan vertellen. Eigenlijk praat hij het gehele college alleen tegen de drie geĂ¯nteresseerden vooraan, die op hun beurt enkele vragen stellen om hem een plezier te doen. Helaas weet Foolen hier niet altijd een antwoord op, in dat geval wordt de vraag afgedaan als ‘interessante kwestie’.
Gelukkig hoeft Foolen maar drie kwartier vol te praten, in het tweede uur geeft Drs. Charlotte Giesbers een gastcollege. Zij heeft Duits gestudeerd aan de RU en schrijft momenteel een proefschrift over dialecten langs de Duits-Nederlandse grens. Ze onderzoekt aan beide kanten van de grens het dialectgebruik en de attitude ten opzichte van het dialect. De studenten lijken dit redelijk interessant te vinden, hoewel de aandacht na een klein halfuur weer verslapt. Foolen moet een aantal keren een dodelijke blik achterom werpen om de praters tot stilte te manen. Vijf minuten voor het eind van het college is het volgens een groot deel van de aanwezigen hoog tijd om de tas vast in te gaan pakken. Giesbers sluit haar presentatie af met een aantal geluidsfragmenten. Hiermee weet ze de aandacht weer even terug te winnen, de studenten vinden vooral het woord knien (konijn) uitermate geestig. Helaas waagt Giesbers het om drie minuten te lang door te gaan en dit wordt haar niet in dank afgenomen.
Het Laatste Oordeel der Studenten:
Foolen is een vriendelijke man die veel kennis van zijn vakgebied heeft, maar helaas niet weet hoe hij het moet overbrengen. Verder is de docent saai en traag, en wordt het betreurd dat hij geen gebruik maakt van sheets of PowerPoint. ‘Ik vraag me af hoe ik de afgelopen 45 minuten ben doorgekomen,’ klaagt een student tijdens de pauze. Een aantal anderen merkt op dat het boek wel interessant is en vindt het een ‘gemiste kans’ dat Foolen dit alleen maar navertelt. De toegevoegde waarde van zijn college is dus nihil. De aanwezigen worden afgeleid door vallende appels en grappen van medestudenten. Anderen kunnen alleen maar denken aan sudoku’s of het avondeten. De werklust is ver te zoeken op deze donderdagmiddag.
Klik hier voor alle artikelen van ANS januari 2006.






