Redactieperikelen
‘Vrouwen mogen geen kiesrecht hebben, mieren hebben dat toch ook niet,’ zegt Laurens door de telefoon. Hij belde even op om deze grap te maken. Voor alle fans is hier een reportage over onze redactie. Zodat jullie weten wat wij de godganse dag doen op kantoor, welk en hoeveel werk er nodig is om een verse ANS te maken.
Tekst: Iris Ruijs
Foto: Floris van den Berg
Dinsdag 1 november, 12.15 uur
‘Daar komt een vrachtwagen aan, zou die het zijn?’ De vrachtwagen rijdt door. Met de neuzen tegen de ruit gedrukt wachten Mathieu, mijn mede-hoofdredacteur, en ik op de nieuwe ANS. De voltallige redactie en een aantal medewerkers hebben zich op kantoor verzameld om het eindresultaat te zien. Wanneer er eindelijk een palet de gang onder het Gymnasion wordt binnengereden, worden de eerste exemplaren weggegrist en snel doorgebladerd, op zoek naar het eigen artikel. Ondertussen wordt er kritisch gekeken naar de lay-out en het werk van de drukker.
Dertig minuten later wordt de huurauto voorgereden en de chauffeur van vandaag, redacteur Ruud, laat 3500 gebundelde exemplaren in de achterbak verdwijnen. De stadsverspreiding kan beginnen. Bij de Albert Heijn aan de Daalseweg, café Samson en op tal van andere plaatsen worden stapels neergelegd. Ondertussen zorgen redactieleden Annemieke en Roel ervoor dat de bakken op de campus goed worden gevuld. Zij geven er maar al te graag wat weg, wanneer trouwe lezers verheugd roepen: ‘Ha, de nieuwe ANS, mag ik er een?’
Dinsdag 1 november, 19.27 uur
‘In het colofon staat een woordje en dikgedrukt, dat moet gewoon romein zijn,’ aldus Laurens, een van de redacteuren. De kritische houding van vanmiddag is nog volop aanwezig tijdens de medewerkersvergadering; het kersverse nummer wordt van commentaar voorzien. Als de laatste bladzijde is omgedraaid en het woord pauze is gevallen, haalt iedereen aan de bar van onze residentie van vanavond, café de Fiets, een nieuw glas bier. Twintig minuten later wordt ieders gesprek onderbroken en wordt iedereen weer naar de vergadertafel gesommeerd. Tijd om ideën te spuien. ‘Ik wil wel eens een topman uit het bedrijfsleven voor het grote interview,’ roept schrijver Axel. Een ander oppert ‘iets met Talpa’. ‘Wat dan?’‚ ‘Iets met’ is te algemeen en wordt direct afgestraft.
Woensdag 2 november, 09.34 uur
Heftige discussies en minutenlange stiltes zijn geen uitzonderingen op redactievergaderingen. Veto’s worden incidenteel uitgesproken, de slappe lach komt vaker voor. Na de brainstormsessie met alle schrijvers gisteravond is het nu aan de redactie om te beslissen over de indeling van het decembernummer. Een paar uur later is het zover: de schrijvers kunnen worden gebeld. ‘Hoi Sven, met Iris. We hebben een artikel voor je. Jij mag Het Laatste Oordeel schrijven deze maand, lijkt je dat wat? Ja? Leuk. Kom je morgen even langs om het door te spreken? Goed, dag.’
Dinsdag 8 november, 11.08 uur
‘Zetten!’ lacht Roel wanneer Ruud vraagt of er nog koffie is. Wanneer iemand het woord koffie zegt, moet er namelijk ook gezet worden. Nietsvermoedende bezoekers worden daarom weleens naar de keuken gestuurd. Wanneer het zwarte goud eenmaal pruttelt, beginnen we aan de volgende redactievergadering: de illustratievergadering. Na twee uurtjes zijn er drie prachttekeningen uit onze gedachten voortgekomen en worden de illustratoren geïnstrueerd.
Vrijdag 11 november, 10.30 uur
Als ik binnenkom, zit Mathieu alweer achter zijn laptop te msn’en met logger Berry over een mogelijke nieuwe opzet van het weblog. ‘Die sjansjes en de poll, kunnen beter meteen zichtbaar zijn als iemand de site bekijkt, toch?’ Ondertussen zet ik de lay-outcomputer aan: even de mail checken. ‘Increase your size.’ Delete. ‘Hi, my name is Julie, do you want to see my n*depictures?’ Delete. ‘Re: Interviewaanvraag Jane Goodall’, daar zat ik op te wachten.’Helaas moet ik jullie teleurstellend nieuws brengen. Het interview kan geen doorgang vinden. Janes aankomst- en vertrektijden zijn gewijzigd, waardoor er geen tijd meer is voor het interview.’ Shit. Dat wordt flink zoeken naar iemand anders om te interviewen. Nog anderhalve week te gaan.
Maandag 14 november, 15.12 uur
Alle advertenties hadden al binnen moeten zijn. Nu missen er nog vijf. Navraag bij Harry, hij doet de advertentieacquisitie, leert me dat er aanstaande donderdag nog eentje binnenkomt. De andere vier moeten worden gebeld. ‘Waar blijft jullie advertentie, de deadline was namelijk gisteren.’ ‘Ik zal erachteraan gaan, wanneer heb je hem nodig?’ Dat lijkt me duidelijk: gister.
Woensdag 16 november, 16.27 uur
Vandaag is de schrijversdeadline: idealiter zijn alle artikelen af, zodat er begonnen kan worden met redigeren. Lelijke zinnen, koeien van spelfouten en artikelen die onlogisch zijn opgebouwd worden aangepakt door de nietsontziende eindredactie. Een dikke huid voor de schrijvers is niet overbodig want opmerkingen als ‘dit stuk is nietszeggend en saai,’ zijn niet uitzonderlijk.
Dat nog niet de helft van de artikelen binnen is op dit tijdstip, baart Mathieu en mij zorgen. ‘Zeg, waar blijft jouw stuk?’‚ ‘Vanavond heb ik het af.’ Akkoord. Dat het nog even duurt omdat een ziekte, tentamen of niet te bereiken persoon tussendoor kwam fietsen, is echter een meer voorkomend antwoord van schrijvers. Smoesje of niet, het vele werk wordt hierdoor uitgesteld in plaats van verspreid over komende week. En alles moet volgende woensdag toch echt bij de drukker komen te liggen.
Maandag 21 november, 10.08 uur
‘Ik kom er zo aan, vijf minuten.’ ‘Doe maar rustig hoor, we mogen toch niet naar binnen, er is ingebroken. We moeten wachten tot de politie is geweest,’ zeg ik tegen schrijfster Maartje. Wanneer ik, tegelijk met Mathieu, bij het kantoor aankom, staan we direct tegen het raam aan geplakt. ‘Wat? Dat kan toch niet!’, is onze reactie. De binnendeur is ingetrapt, het grote beeldscherm en de scanner zijn gejat. Lekker dan, net voor de deadline. Gelukkig kunnen we van onze lieve AIESEC-buren een scherm lenen, al is het een kleintje.
Dinsdag 22 november, 15.45 uur
Aan tafel zitten vier mensen over een artikel gebogen. Zo nu en dan wordt er driftig in de kantlijn gekrabbeld en worden artikelen doorgegeven. ‘Is het nog paddestoel of moet die tussen-n er nu al bij?’ Het redigeren is in volle gang. Schrijvers maken hun tweede, derde of vijfde versie.
De lay-out van het blad is nagenoeg klaar. Afgezien van de tekst, missen er nog een paar foto’s. Wanneer ik deze op hun plaats zet, zingt Mathieu mee met Everybody needs somebody to love van de Blues Brothers terwijl hij met een kaasschaaf als microfoon door kantoor loopt.
Woensdag 23 november, 19.50 uur
Vanochtend begon de, in ANS-kringen, beruchte deadlinedag. Vandaag, eigenlijk morgenochtend, zal het decembernummer af zijn en kan het naar de drukker worden gestuurd. Na het avondeten – deadlinefriet – wordt het steeds drukker in het kantoor en wordt de muziek steeds harder gezet. Computers worden opgeëist door schrijvers die een laatste versie willen schrijven en de hoofdredactie heeft een telkens groter wordende stapel redigeerwerk. ‘Mathieu of Iris, kan één van jullie kijken of dit artikel helemaal klaar is?’ Mensen die niet bezig zijn met redigeren of schrijven, drinken bier en ouwehoeren over het voor studenten altijd goede gespreksonderwerp seks.
Tegen middernacht kunnen de eerste artikelen in de lay-out. Vanaf dat moment houdt het netwerk ermee op, zodat sommige artikelen spontaan van computers verdwijnen en niet meer terug te vinden zijn. Nadat Annemieke zo aardig was, het interview met Joris van Casteren over te typen, loopt het kantoor langzaam leeg. Om zeven uur ’s ochtends zijn alleen Mathieu en ik over. De laatste artikelen worden gelayout en het gehele nummer wordt nog een keer nagekeken op spel- en opmaakfouten. Wanneer het rond twaalf uur tijd is om het geheel op de server van de drukker te zetten, blijkt deze het niet te doen. Langslopende Onderganggenoten kijken verbaasd naar onze chagrijnige en vermoeide gezichten. ‘Zijn jullie nu nog niet klaar?’ Uiteindelijk belt de drukker met de verlossende mededeling dat een andere server wel te gebruiken is. Heel fijn. Donderdagmiddag om een uur verlaten we het kantoor en gaan slapen. ‘Welterusten.’
Klik hier voor alle artikelen van ANS januari 2006.






