ANS-Online

Website van het Algemeen Nijmeegs Studentenblad

De voldoening voorbij

Op een steenworp afstand van de Nederlandse grens woont in het rustieke Wuustwezel de Vlaamse oud-wielerprof Edwig van Hooydonck. ‘Het moment dat ik de Ronde van Vlaanderen won, is onbeschrijfelijk.’

Tekst: Laurens de Wit
Foto: Sjors Overman

Bij toeval belandde Edwig van Hooydonck (39) in de wielersport, want uit een echte wielerfamilie is hij niet afkomstig. ‘Toen ik een jaar of zes was, fietsten er kinderen ons huis voorbij, die meededen aan wedstrijden. Ik ging meefietsen en al snel bleek ik ze goed te kunnen volgen. Ik heb toen een koersfiets gekregen en ben competitie gaan rijden.’
Wielrennen mag dan een populaire sport zijn in Vlaanderen, onder kinderen blijft voetbal volkssport nummer een. ‘Voetbal is veel toegankelijker, het enige wat je nodig hebt zijn een bal en een paar schoenen. Wielrennen is een duurdere sport waardoor de drempel om ermee te beginnen veel hoger is,’ legt Van Hooydonck uit. Zeven jaar geleden werd de sport onder de jeugd populairder toen in België ook aspiranten – kinderen van rond de acht jaar oud – wedstrijden mochten gaan koersen. Voorheen was de minimumleeftijd om aan wedstrijden te mogen deelnemen vijftien jaar, waardoor een groot potentieel aan jonge coureurs verloren ging. Daarnaast is de populariteit van de sport zeer afhankelijk van de prestaties. ‘Als er goede Vlaamse renners opkomen die kans maken op bijvoorbeeld het wereldkampioenschap, is er meer aandacht voor de sport. Zeker nu de voetbalprestaties niet zo denderend zijn,’ glimlacht Van Hooydonck.

Wielerkoorts
De populariteit van de wielersport verschilt volgens de oud-coureur sterk van provincie tot provincie. ‘Limburg en Antwerpen zijn veel minder wieler-minded dan Oost- en West-Vlaanderen. Daarnaast is er verschil in waardering. Mensen uit Oost-Vlaanderen gaven mij bij de afgelopen Ronde van Vlaanderen complimenten over mijn geleverde prestaties. Ook kwam ik een groep Antwerpenaren tegen, die direct zeiden: “Wat Tom Boonen nu presteert, is wel wat anders dan in jouw tijd.” De mentaliteit is anders, veel negatiever.’
De beleving van de gemiddelde Vlaming bij de Ronde van Vlaanderen valt te vergelijken met de Nederlandse WK-oranjekoorts. ‘Al maanden van tevoren is er veel aandacht voor op televisie en in de sportbladen. Mensen zien er naar uit en maken er een uitje van naar de ronde te gaan,’ vertelt Van Hooydonck. ‘Vlamingen trekken de hele wereld over om de wielersport te volgen. Ik was eens op een mondiale in Portugal. Daar waren meer Belgische supporters dan Portugese.’
Van Hooydonck ziet een duidelijk verschil tussen de Vlaamse wielersport en de Nederlandse: ‘In Nederland wordt heel erg getraind voor de etappekoersen, in Vlaanderen worden renners juist opgeleid om klassiekers te rijden.’

Vlaanderens Mooiste
De erelijst van Van Hooydonck is rijk gevuld. Zo won hij vier maal de Brabantse Pijl en twee keer de Ronde van Vlaanderen. Beide keren dat hij Vlaanderens Mooiste won, demarreerde hij op de Bosberg. ‘Op het moment dat ik versnelde, ging er niet veel door mij heen, ik wilde gewoon zo snel mogelijk naar de finish toe. Pas toen ik de laatste kilometer inging en de laatste bocht pakte, ging er door mijn hoofd: het kan nu bijna niet meer misgaan. Het gevoel op het moment dat ik de streep passeerde, is niet in woorden te vangen. Ik voelde me geweldig en het was zalig om de mooiste koers te winnen,’ glundert Van Hooydonck.
Het winnen van de Ronde van Vlaanderen, een overwinning waaraan in Vlaanderen meer waarde wordt gehecht dan bijvoorbeeld een etappewinst in de Ronde van Frankrijk, had grote gevolgen. ‘Ik kreeg veel publiciteit over mij heen,’ verzucht de oud-wielerprof. ‘Ik werd een bekende Vlaming, verschrikkelijk. Ik moest niets hebben van al die aandacht. De pers heb ik altijd als een noodzakelijk kwaad gezien.’
Al op 29-jarige leeftijd eindigde de wielercarrière van Van Hooydonck. ‘Vanaf het moment dat ik begon met wielrennen, heb ik altijd willen winnen. Vanaf mijn zevende heb ik mijzelf een ontzettend grote prestatiedruk opgelegd. De laatste jaren van mijn carrière was ik uitgeblust. Toen ik in 1995 voor de vierde keer de Brabantse Pijl won, voelde ik geen voldoening meer, dat was heel raar. Op dat moment wist ik dat het beter was om te stoppen.’

Aluminiumverkoper
Anno 2006 is Van Hooydonck werkzaam in de verkoop van aluminium voor ramen en deuren. Hoewel dit leven hem goed bevalt, mist hij het presteren van het wielrennen: ‘De voldoening van een goede wedstrijd rijden, is met niets te vergelijken. Ik kan nu een deal van honderdduizend euro binnenhalen, wat geweldig is, maar het is toch anders. Er gaat niets boven de wielersport.’
In zijn wielertijd heeft Van Hooydonck het dopinggebruik zien opkomen. ‘Ik had zo mijn vermoedens en ik heb bij Festina dingen gezien, echt ongelofelijk. Door de verboden middelen werd het verschil tussen renners groter. Dat was zeer frustrerend, zeker omdat het lastig was het gebruik te bewijzen.’ Zelf greep de coureur niet naar de verboden middelen. ‘Ik ben nooit in de verleiding geweest te gebruiken. Ook mijn ploegleider, Jan Raas, was faliekant tegen doping. In die tijd werd het gebruik door ploegleidingen en doktoren aangestuurd.’ Volgens hem vindt dopinggebruik nog steeds plaats, maar op een andere manier. ‘Individuen gebruiken soms wat en worden er geregeld uitgepikt. Ploegen sturen het gelukkig niet meer aan, de kans dat ze worden gepakt is veel te groot. In Frankrijk of Italië verdwijnen ze meteen enkele maanden in het gevang, dat risico kunnen ploegen niet nemen.’
Aan de vooravond van de Ronde van Frankrijk kan een voorspelling niet ontbreken. Van Hooydonck is blij dat Lance Armstrong niet meer meedoet: ‘Door hem begon de Tour saai te worden. Ik denk dat Ivan Basso gaat winnen. Jan Ullrich niet, hij zal vanwege zijn gewicht tekortkomen in de bergen.’