Het Laatste Oordeel
Duffe opsommingen of ultiem entertainment? Iedere maand verschanst ANS zich in de
collegebanken om een genadeloos oordeel te vellen over het onderwijs aan de RU.
Tekst: Jelmer Dijkstra
Foto: Sjors Overman
College:
Project Celbiofysica,
dinsdag 15 mei, 13.45 – 15.30 uur,
Huygensgebouw 0.00.23
Docent:
Dr. W.J.J.M. Scheenen
Uitstraling:
Midas Dekkers in slow motion
Inhoud:
Klauwpadden en ion channels
Publiek:
Postpuberaal publiek
Stopwoordje:
‘Ja?’
Eindcijfer:
7
Het is half twee. Bij het lokaal waar het college Celbiofysica wordt gegeven, arriveren enkele verdwaalde studenten. Na enig heen en weer geloop, gekijk op de horloges en ge-sms wordt hen duidelijk dat het college om kwart voor twee begint; een klein foutje in het rooster. Na een kwartier komt de heer Scheenen in snelle pas aanlopen en maakt zich klaar voor het college.
De studenten zoeken hun plekken op en gaan in duidelijk gedefinieerde groepjes zitten. Op de achterste rij gaan een paar jongens zitten; hun tassen blijven ongeopend en de afgelopen kroegavond wordt uitgebreid besproken. De heer Scheenen is nog bezig met zijn laptop om PowerPoint op te starten. ‘Mag het iets rustiger?’ vraagt hij. Het wordt inderdaad iets rustiger, maar nog steeds blijven enige studenten met elkaar kletsen. De docent lijkt verdraagzaam.
Scheenen begint aan het college wat hij zelf ‘Regulation of pituitary melanotrope cells of Xenopus laevis: ion channels and Ca2+ oscillations’ heeft genoemd. De inleiding handelt over de kleurverandering van Zuid-Afrikaanse klauwpadden, die optreedt wanneer de beestjes in emmers water worden gestopt. Het verschijnsel wordt veroorzaakt door processen in hun cellen. Ingewikkelde schema’s volgen elkaar snel op in de PowerPoint-presentatie. Het wordt langzaam duidelijk hoe gebeurtenissen binnen de cellen van de diertjes leidt tot hun kleurverandering. Zogeheten ion channels worden genoemd in combinatie met calciumprocessen en er wordt uitgelegd hoe alle verschillende componenten elkaar beïnvloeden. Ondanks dat het college in het Nederlands wordt gegeven is de presentatie in het Engels, iets waar de man pas achter komt wanneer hij bezig is met doceren. ‘Het had eigenlijk ook wel in het Nederlands gekund’, zegt hij, ‘maar dit moeten jullie ook wel kunnen volgen. Ja?’
De studenten luisteren geboeid naar de docent, die de stof duidelijk uiteenzet. Scheenen is een echte onderwijzer. Als hij denkt dat mensen hem misschien niet langer volgen, wordt het tempo vertraagd. Verscheidene toehoorders maken uitgebreid aantekeningen.
Een groepje jongens gooit papiertjes naar elkaar en de meeste studenten zijn met elkaar in gesprek. De vergelijking met een schoolgaande jeugd is snel gemaakt. Scheenen probeert verschillende malen de aandacht van zijn publiek vast te houden. Helaas, het is keer op keer tevergeefs. Wanneer er een vraag wordt gesteld, gaat de celbiofysicus netjes erop in. Hij geeft kort antwoord, waarna de vragensteller tevreden zijn mond houdt. Wanneer Scheenen klaar is met zijn uitleg zegt hij telkens: ‘Ja? Goed.’ Zelf stelt de docent praktisch geen vragen. Slechts een enkele keer informeert hij naar de voorkennis van zijn studenten. Uit de reacties van Scheenens studenten blijkt dat niet alleen zij over beperkte voorkennis beschikken.
Het Laatste Oordeel der Studenten
De studenten vinden de stof erg interessant, al was dat niet altijd te merken aan de aandacht die ze voor het college hadden. ‘Ik hang meer op mijn tafel dan aan de lippen van de docent’, geeft een van de studentes te kennen. ‘De behandelde stof is interessant maar het college saai, omdat het té langzaam gaat. Bovendien zijn hoofd- en bijzaken niet altijd even duidelijk te onderscheiden.’ Gemiddeld kunnen de collegebezoekers een uur geboeid naar het college luisteren maar gedachten dwalen af naar niks doen, slapen en seks met de voormalige tv-nerd Ture.






