Wat de boer niet kent…
Nederland wordt overspoeld door kleinburgerlijkheid. Onttrekt de Radboudstudent – hip, vernieuwend en progressief als hij is – zich aan al wat truttig en traditioneel is of geurt ook de campus naar spruitjes?
Tekst: Maartje Bakker en Janneke Wijkmans
Geïnterviewden in deze spruitjeslucht-ANS signaleren een vertrutting van de samenleving. Youp van ‘t Hek schopt al jaren tegen het burgermansbestaan van Nederland: ‘Mensen maken zich veel te druk over welke kleding ze aanhebben en bij welke club ze horen.’ D66-politicus Boris van der Ham zegt dat de normen van het CDA en de ChristenUnie stilstand en vaak zelfs achteruitgang betekenen. In het studentenmilieu van Nijmegen hoeven we ons op het eerste gezicht niet zo’n zorgen te maken over een traditionele opstelling. Of zijn de ouderwetse normen ook diep geworteld in studentenlevens? Een vijftigtal studenten geeft zijn mening over tradities, relaties en toekomstbeelden.
Korte rokken
Emancipatie is een eerste checkpoint voor de meetlat waarlangs we de ondervraagden leggen. Volgens een kwart van de ondervraagden zou de man – arme student of niet – altijd moeten betalen na een etentje met een meisje. ‘Het is niets anders dan etiquette’, vindt Thijs (20), derdejaars Moleculaire Levenswetenschappen. De motieven van de studentes om te worden getrakteerd zijn niet altijd even zuiver. Boukje (20), derdejaars Scheikunde: ‘Anders houden wij vrouwen geen geld over om te winkelen.’
Een op de drie studenten ziet vrouwen het liefst in een rok. Het is verleidelijk om dit toe te schrijven aan behoudzucht, maar dat zou de waarheid geweld aandoen. Veel lekkerbekkende heren antwoorden in de trant van Vincent (26), zevendejaars Biologie: ‘Vooral in de zomer en kort graag.’ Lesley (19), eerstejaars Griekse en Latijnse Taal en Cultuur, laat de keuze aan de potentiële rokkendraagster zelf: ‘Als zij zich er maar prettig in voelt.’
Wat al die studentes op de universiteit doen, is een kwart van de ondervraagden niet duidelijk. Een carrière buitenshuis is volgens hen geschikter voor mannen. Viktor (21), student Amerikanistiek, verklaart: ‘Vrouwen zijn emotioneel labieler, nemen zakelijke kritiek op als persoonlijke beledigingen en zijn geschikter voor de opvoeding en het huishouden.’
En die carrière, kan die wel even wachten of hebben afgestudeerden haast om de stap naar de volwassen wereld van regelmaat en structuur te nemen? Bijna 50 procent van de studenten wil na zijn studie het liefst meteen een vaste baan; geen bijzonder hoog percentage. Elleke (23), vijfdejaars Biologie, is een van de studenten die liever eerst nog gaat reizen: ‘Werken kan altijd nog.’ Zo wenst ook maar de helft van de studenten nu al een partner voor het leven te ontmoeten. Floor (20), tweedejaars Psychologie, denkt daar anders over: ‘Dan heb je zekerheid in je leven.’
Tradities voelen lekker, vindt een derde van de respondenten. Rust en regelmaat geven het leven van Rik (21), derdejaars Scheikunde, zin. Het gezin is nog altijd de ideale samenlevingsvorm, vindt ruim 60 procent. Sommigen kunnen zelfs geen alternatieven bedenken. Nou, de latrelatie bijvoorbeeld, of een woongroep, of een zelfbedachte andere optie – niets hoeft zoals het hoort. Het gezin wint door de stabiele en gezellige voordelen die het biedt. ‘Het is een belangrijke basis voor je geestelijke gezondheid’, zegt de een. ‘Beetje achterhaald’, becommentarieert een ander.
Msn-contacten zijn geen goede vervanging voor ontmoetingen in real life. Maar liefst twee derde geeft aan dat gesprekken met buren veel leuker, persoonlijker of gemakkelijker verlopen dan gesprekken via de computer. ‘Bovendien’, zegt een vijfdejaars student Informatica, ‘is het mij nog nooit gelukt een kopje suiker te downloaden.’
Macht der gewoonte
Of je er nu van houdt of niet: msn, e-mail en de mobiele telefoon hebben de wereld behoorlijk doen krimpen. Een ruime meerderheid van de Nederlanders zag een Europese Grondwet niet zitten – een symptoom van tegenzin tegen invloed van over de landsgrens. De peiling onder studenten laat een omgekeerd beeld zien: men is niet bang voor internationaal opgelegde veranderingen. Slechts 10 procent van de studenten wil de invloed van Europa tegenhouden. De meerderheid van de studenten vindt goede banden met Europa belangrijk, met name om sterk te staan tegenover grootheden als de Verenigde Staten en China.
Deze internationalisering dringt niet door in onze eetgewoonten. De helft van de ondervraagde studenten vindt spruitjes en boerenkool meer bij Nederland passen dan macaroni. Martijn (24), vierdejaars Informatiekunde, haalt een toepasselijk spreekwoord aan: ‘Wat de boer niet kent, dat eet hij niet.’ Wat er ook op tafel komt: 30 procent van de Nijmeegse studenten schuift om klokslag zes uur aan. Het toppunt van vastigheid.
De klaagzang van het kabinet over normen-en-waarden zou je bijna doen geloven dat het treurig is gesteld met het fatsoen in Nederland. Met trots kunnen we dan ook melden dat een overweldigende meerderheid, maar liefst 92 procent, nog steeds opstaat voor ouderen in de bus. ‘Anders vallen ze om’, licht Daan (20), derdejaars Scheikunde, toe.
Op onderwijskundig gebied heeft zich wel een verandering in het denken voorgedaan. Docenten hoeven niet louter inhoudelijke kennis over te brengen, maar zijn er ook om het studieproces te begeleiden. Een eerstejaars Pedagogische Wetenschappen en Opleidingskunde heeft zijn lesje goed geleerd: ‘In het studieproces leert de student bepaalde vaardigheden aan.’ Een minderheid van 44 procent vindt dat de taakomschrijving van de docent stopt bij kennis oplepelen. Elleke (23), vijfdejaars Biologie: ‘De Tweede Fase kweekt mensen die met Google kunnen werken, geen mensen met hersenen.’
Nieuwe technologie is echter niet in staat alle behoeften van de Google-professionals te bevredigen. 40 procent ontvangt liever een handgeschreven brief dan een e-mail. Steef (22), vierdejaars Moleculaire Levenswetenschappen, beaamt: ‘Een handgeschreven brief straalt emoties uit en bovendien geeft het aan dat de verzender moeite heeft gedaan.’
Ook lijken studenten terug te verlangen naar de tijd dat er nog geen commerciële zenders bestonden. ‘Commerciële zenders bevuilen de televisie: te veel reclame en oeverloos vermaak’, schrijft M. (24), tweedejaars Nederlands, vermanend. Een derde van de studentenpopulatie is het met hem eens. Bart (21), vierdejaars Geschiedenis, vindt de commerciëlen zelfs een uiting van ‘algehele degeneratie van het Nederlandse volk, en een uitwas van het credo “houd jij ze dom, dan houd ik ze arm”.’
En hoe zit het met ANS zelf; vindt de doelgroep het terecht dat het vorige nummer uit de bakken is gehaald vanwege de pornografische afbeeldingen die erin waren te zien? Ruim twee derde blijkt het niet eens te zijn met de maatregel. Thomas (21), tweedejaars Engelse Taal en Cultuur: ‘Och toch, censuur? Nu nog?’
Zeker, Thomas. En ook veel studenten tonen zich behoudend, zij het niet wat betreft ANS. Een groot aandeel verlangt naar zekerheid; het driedelig grijs hangt al uitgestreken in de kast, klaar voor een lang, burgerlijk leven.






