ANS-Online

Website van het Algemeen Nijmeegs Studentenblad

Het issue: Dat zoeken we op…

In deze rubriek staat iedere maand een ander Issue centraal, waarover de
meningen sterk zijn verdeeld. Deze maand: het kennisniveau van de student in de toekomst.

Tekst: Martine Peters van Ton en Ewoud Rohn
Illustratie: Marjolein de Reus

De doorsnee student is niet meer in staat te vertellen wanneer de Tachtigjarige Oorlog begon. Sterker nog, velen zullen niet eens weten welke partijen toen tegen elkaar streden. Geschiedkundige kennis is niet het enige waaraan het studenten ontbreekt. Ook van onderwerpen als topografie, kunst, literatuur en de actualiteit zijn ze slecht op de hoogte. De Onderwijsraad spreekt in het rapport Versteviging van kennis in het onderwijs van december 2006 zijn zorg uit over deze afname van de algemene kennis.
Het is echter de vraag hoe zorgwekkend het is dat studenten minder weten, aangezien het door de komst van nieuwe media veel gemakkelijker is geworden om informatie op te zoeken. Een kort bezoek aan Wikipedia leert dat de Tachtigjarige Oorlog in 1568 begon en dat het de Nederlanders waren die zich van de Spanjaarden wisten vrij te vechten. De nieuwe generatie studenten zoekt informatie zo snel op dat uit het hoofd leren van feiten, zoals de oude generatie dat deed, zinloos lijkt. Is de toegenomen vaardigheid in het opzoeken van feiten niet dé compensatie voor het afgenomen kennisniveau?
De stelling van deze maand is: de student kan zich in de toekomst goed redden met Wikipedia en Google alleen.

Dr. Ad Verbrugge
Universitair hoofddocent Sociale en Culturele Filosofie, Vrije Universiteit Amsterdam
Voorzitter Beter Onderwijs Nederland

‘Kennis en informatie moeten niet door elkaar worden gehaald. Informatie is een objectbepaling. Het is bijvoorbeeld te vinden op computers, in de bibliotheek en in folders. Kennis daarentegen is een subjectbepaling: het is iets waarover de mens zelf beschikt. De mens heeft de kennis die hij bezit nodig om het overzicht te houden over alle informatie hij tegenkomt. Als een student bijvoorbeeld een tekst vertaalt, heeft hij de betekenis van afzonderlijke woorden nodig. Met slechts het opzoeken van de woordjes in het woordenboek kan niet worden bepaald wat de correcte vertaling is. De context, de verbanden en het niveau van de tekst kunnen dan niet worden ingeschat. Kortom: het gebruik van ICT zonder kennisbasis decontextualiseert de informatie.
‘Het gevolg is dat studenten complexe structuren niet langer begrijpen. Dat valt me vooral op wanneer ik hun geschreven teksten lees. Van een duidelijke structuur, alinea-indeling en gedachtegang is vaak geen sprake. Als ze de nuances in de kennis niet hebben eigengemaakt, missen ze ook de nuances in hun eigen gedachtegang.
‘Of de computer die nuance in de toekomst kan maken, weet ik niet. De computer wordt vaak overschat; dit miskent de menselijke natuur. De docent blijft een kennisautoriteit. Studenten hebben een levendig, aansprekend voorbeeld nodig; iemand die zijn vak verstaat. Dat is iets wat de computer nooit kan bieden.’

Dr. Hanno Wupper
Universitair hoofddocent Informatics for Technical Applications

‘Het is onzin te veronderstellen dat parate kennis in de toekomst niet langer nodig zal zijn. Het aantal internetpagina’s neemt enorm snel toe en op de meeste daarvan is vooral troep en overlappende informatie te vinden. Daarom is kennis nodig als referentiekader. Alleen daarmee is kwaliteit van kwantiteit te onderscheiden. Wellicht worden in de toekomst geavanceerde zoekmachines ontwikkeld, die kwaliteit van troep kunnen onderscheiden.
‘Nieuwe media kunnen goed binnen het onderwijs passen. Bij de studie Informatica wordt een open computersysteem gebruikt, waar studenten commentaar op elkaars werk leveren. Deze zogenaamde elektronische werkplaats, gebaseerd op de Wikipedia-engine, is erg goed ontvangen door onze studenten. Ze worden gestimuleerd om een goed product af te leveren en kritisch naar elkaars werk te kijken.’

Inez Groen
Auteur Generatie Einstein: slimmer, sneller en socialer. Communiceren met jongeren van de 21ste eeuw

‘Kennis is belangrijk, maar de toekomst van het onderwijs ligt bij het competentiegericht leren. Vaardigheden zoals samenwerken en gebruikmaken van een netwerk worden steeds belangrijker; de docent en het schoolboek als enige kennisautoriteit zijn verdwenen. Studenten kunnen bijvoorbeeld ook een vriend met een grote interesse voor de Tweede Wereldoorlog als kennisautoriteit zien. Ze gebruiken hun sociale netwerken op een heel efficiënte manier om te vinden wat ze zoeken. Uit een onderzoek van professor Veen van de Technische Universiteit (TU) Delft bleek dat deze manier van informatie verzamelen niet alleen sneller is dan klassieke methoden, maar dat de jongere generatie ook meer informatie vindt en beter in staat is deze te reproduceren.’

Prof. dr. Wim Veen
Hoogleraar Educatie en Technologie, TU Delft

‘Een mens moet zijn hoofd vooral niet belasten met zaken die hij aan de computer kan overlaten. Het gaat erom dat een student in een bepaalde tijd een probleem kan oplossen, met welke middelen dan ook. Het valt me op dat mijn masterstudenten daar steeds beter in worden.
‘Ik denk dat basiskennis die kinderen leren uit de tijd is. Twaalf jaar onderwijs moet daarom niet worden besteed aan basiskennis alleen. In deze tijd kan een leerling zo veel andere dingen leren. Daarom ben ik voor het invoeren van moeilijker onderwijs.
‘Nieuwe media spelen een belangrijke rol in deze onderwijsvernieuwing. In de toekomst zal het schoolboek verdwijnen. Leerlingen zullen het lesmateriaal van al hun vakken downloaden op hun laptop of iRex en be-studeren op het moment dat het nodig is.’

Prof. mr. Tijn Kortmann
Hoogleraar Staatsrecht

‘Ik kan me talloze situaties voorstellen waarin ik geen beschikking heb over Wikipedia of Google. In dat geval is parate kennis noodzakelijk. De geschiedenis van Europa is voor veel studenten een zwart gat. De Nederlandse taal is voor hen op het punt van vervoegingen en verbuigingen een soort van geheimtaal aan het worden. Dat zijn slechte ontwikkelingen. Op veel terreinen is de kennis echt achteruitgegaan, en veel studenten geven dat ook schaamteloos toe.
‘Online informatiebronnen als Google kunnen erg handig zijn en nieuwe media hebben de toekomst. De informatie op Wikipedia is bepaald niet van lage kwaliteit. Als aanvulling zijn dergelijke bronnen dus prima, maar de student zal zich er niet mee kunnen redden.’

Dr. Willibrord Huisman
Adviseur onderwijsvernieuwing IOWO

‘De toegenomen aandacht voor het kunnen vinden van informatie is een duidelijke tendens in het onderwijs. Ik denk dat het niet erg is dat studenten geen droge feiten meer in hun hoofd stampen. Informatie veroudert tegenwoordig in zo’n hoog tempo dat je er snel niets meer aan hebt. Ik denk dat de student net zo goed met de informatie kan omgaan als vroeger. Wat de verwerking ervan complexer maakt, is het multidisciplinaire teamverband waarin het nu vaak plaatsvindt.
‘Een andere ontwikkeling is dat studenten nu visueler zijn ingesteld. Ze zijn misschien minder goed in het doorwerken van lange teksten, maar ze kunnen erg snel informatie uit korte filmpjes – bijvoorbeeld videoclips – filteren. Ook gaming wordt steeds belangrijker in het onderwijs. Van sociale computerspellen zoals The Sims, vaardigheidsspelletjes en spelsimulaties steekt de jongere generatie onbewust veel op. Wat ze leren komt ze van pas in soortgelijke situaties in de realiteit. Ik hoop dat deze virtuele methoden in de toekomst steeds meer zullen worden ingezet in het onderwijs. Ik denk dat de student zich daarmee niet alleen redt, maar zelfs slimmer wordt dan voorheen.’