ANS-Online

Website van het Algemeen Nijmeegs Studentenblad

M#

Ach, iedereen heeft toch een seksleven’, zegt Lief, terwijl hij het licht uitknipt. Voorzichtig zoekt hij zijn weg naar het trapje van mijn hoogslaper en klautert in bed. Een schrikbarende hoogte, die al menig logé de stuipen op het lijf heeft gejaagd.
Hij probeert me gerust te stellen. Ik vrees dat de bovenbuurjongen, die we horen rondscharrelen, straks wel eens dingen mee zou kunnen krijgen die hij helemaal niet zou moeten horen. Zeker doordat de hoogslaper als bijkomend nadeel heeft dat we extra dicht bij de bovenburen zijn.
Al heeft niet iedereen een seksleven, Lief heeft toch een beetje gelijk. Ik heb mijn huisgenoten bijna allemaal wel eens betrapt. De eerste keer dat ik mijn nieuwe onderhuur-buurjongen zag, was hij duidelijk ‘net klaar’. Met een rood aangelopen hoofd stelde hij zich aan me voor, terwijl achter hem in de deuropening zijn vriendinnetje verscheen, met al even rode konen en slechts gekleed in een slordige kamerjas.
Meestal zijn het echter de geluiden die de vrijende stellen verraden. Het bed hierboven heeft de neiging mee te bonken, en een keer ging dat zo hard en langdurig, dat het naar mijn idee voor niemand prettig meer kon zijn. Zeker niet voor de onschuldige oorgetuige. Ik kon er niet van slapen, maar om gènante situaties of ruzies te voorkomen, en in de valse veronderstelling dat het binnen de kortste keren voorbij zou zijn, ben ik maar niet gaan aankloppen. Inmiddels heb ik me vast voorgenomen om de eerstvolgende keer dat ik een bonkje hoor met de bezemsteel tegen het plafond terug te kloppen.
Ik vraag me ondertussen af of mijn onderbuurvrouw thuis is, en hoe goed ze hoort wat er in mijn kamer gebeurt. Maar ook zij heeft een seksleven, bij voorkeur in de badkamer. Ik weet niet goed waarom of hoe, want onze douche is nogal krap. Mijn kamer grenst aan de badkamer, en onlangs hoorde ik dat ze er in ingewikkelde zaken verwikkeld was geraakt met een van haar vriendjes. Uit de douche kwam een schor ‘Oh ja’. Ze herhaalde deze kreet heel vaak en steeds luider. Het klonk nog het meest alsof ze zich ineens iets herinnerde, wat ze vergeten was. Heel bevreemdend. Ik aarzelde of ik iets terug moest roepen, maar bedacht dat ik haar overduidelijk grote plezier niet wilde storen. Ik heb mijn deur dichtgegooid en mijn muziek demonstratief harder gezet. Niks meer van gehoord.
Het meisje op zolder heeft andere methodes. Zij kermt bij kreunoverlast zelf keihard terug. Werkt feilloos, vertrouwde ze me toe. Deze huisgenoot doet het met de jongen die twee verdiepingen lager woont, maar hen heb ik nooit hun seksleven in de praktijk horen brengen. Hoewel ze blijkbaar hard kan kreunen, houdt ze zich dus in, zodat niemand mee kan genieten. Mijn andere huisgenootjes vragen zich kennelijk nooit af wat de rest van het huis allemaal meekrijgt. Misschien is het wel uit trots op hun seksuele activiteit dat ze zo luidruchtig mogelijk zijn.
Waar maak ik me ook druk om. Ik kruip onder de wol.

In de kamer boven wordt de muziek harder gezet.