Geld stinkt niet
Hun bankrekeningen spekken ze met onalledaagse bezigheden, variërend van uitbrakken tijdens een uitvaart tot het kietelen van stoere jongemannen. Wat drijft deze studenten? ‘Pijn, vernedering en bondage vind ik het leukst. Die dingen maken me vrolijk.’
Sommige studenten ploeteren jarenlang in de afwaskeuken van de Refter of slijten hun dagen achter de telefoon in een callcenter. Deze geestdodende baantjes zijn echter alles behalve zaligmakend. Er zijn verfrissendere manieren om de kamerhuur op te kunnen hoesten, zoals het verwijderen van ogen uit levenloze lichamen, het dragen van grafkisten en werken in een sm-studio. Drie studenten over hun ongewone arbeid.
Het oog op de toekomst
Martine (21) en Daniël (21), studenten Geneeskunde, verdienen een zakcentje door ogen bij recent overleden hoornvliesdonoren uit te snijden. De zogenaamde enucleators worden bij een sterfgeval opgeroepen en moeten dan zo spoedig mogelijk ter plaatse zijn. Martine benadrukt dat dit grote verantwoordelijkheden met zich meebrengt. ‘De ogen dienen namelijk snel verwijderd te worden om bruikbaarheid te garanderen. Je dient bovendien het lichaam representatief voor de familie achter te laten, zodat deze op een fatsoenlijke manier afscheid kan nemen. Daarom plaatsen we in plaats van het oog een prothese, die we ook wel “knikker” noemen.’
Voordat de ogen kunnen worden verwijderd, is het van belang de gegevens van de overledene nauwkeurig te noteren. ‘Je moet natuurlijk niet het verkeerde lijk uit de koeling halen’, zegt Daniël. ‘Vervolgens moet het lichaam worden geschouwd. Geslachtsziektes en kanker kunnen via het hoornvlies overgedragen worden. Daarom voeren we ook een bloedtest uit om te controleren op hiv.’
Het tweetal heeft een bewust doel voor ogen met dit bijbaantje en beweert het niet voor het geld te doen. Martine: ‘Voor het bedrag dat je uiteindelijk ontvangt is het naar verhouding hard werken. Het staat voor ons echter erg goed op het cv en sluit perfect aan bij onze opleiding.’ Daniël sluit zich hierbij aan. ‘De verantwoordelijkheid die je draagt is supervet. In feite voer je een mini-operatie uit. Dat vergt zelfstandigheid.’
Als enucleator is het noodzakelijk om sterk in je schoenen te staan, aldus Martine. ‘Bij je eerste oproep schrik je je kapot. De gezichten van de eerste drie mensen waarvan ik de ogen heb verwijderd, staan nog altijd op mijn netvlies.’ Ze voegt hieraan toe dat het een kick geeft om met twee ogen in een bakje door het ziekenhuis te lopen. ‘We moeten die pakketjes afgeven bij de portier van het ziekenhuis, omdat hij deze opstuurt. Een keer vroeg een koerier wat er in het pakket zat. Ik antwoordde “ogen”. Hij trok helemaal wit weg.’
De een zijn dood is de ander zijn brood
Zijn leeftijdsgenoten maken hooguit één begrafenis per jaar mee. Fred (21), derdejaars Geschiedenis, meerdere per maand: hij verdient bij als grafkistdrager. ‘Ik kan het iedere student aanraden. De werktijden zijn ideaal, want begrafenissen duren hooguit drie uur. Je verdient tien euro per uur en in het weekend krijg je een bonus. Bovendien is het gezellig om koffie te drinken met je collega’s en de uitvaartleiders. Zij zijn de heerlijkste personen op aarde, ze vertellen voortdurend lijkengrappen.’
Het bedrijf neemt bewust studenten als drager in dienst omdat zij er over het algemeen representatief uit zien: hun ballerige uiterlijk is geschikt voor begrafenissen. Toch kan niet iedereen als kistdrager aan de slag. ‘Je moet geduldig en behulpzaam zijn, want je moet familie en vrienden te woord staan terwijl je geen band met de overledene hebt. Als je een flauwe mop vertelt terwijl een rouwend omaatje om de hoek staat, dan is dat niet netjes.’ Fred vertelt dat hij uitsluitend mannelijke collega’s heeft. ‘Elders in Nederland zijn er wel vrouwelijke dragers, maar vaak zijn dat graftakken.’ Toch is er vrouwelijk schoon te spotten bij een bijbaan in de uitvaartbranche. ‘Wanneer er bijvoorbeeld een vrouw van rond de 50 jaar is overleden, zijn haar lekkere dochters met vriendinnen onderwerp van gesprek. We blijven immers mannen.’
De grafkistdragers hebben als voordeel dat ze tijdens werktijd bij kunnen komen van een avondje stappen. ‘Als student zitten er zeker brakke werkdagen tussen. Zo kotste een collega van mij eens tijdens de dienst tegen de kerk. We konden het gelukkig tijdig opruimen, waardoor niemand het heeft gemerkt. Het gaat te ver als je over je nek gaat, maar een beetje brak voor je uitstaren zorgt juist voor het goede bedrukte gezicht.’
Het klappen van de zweep
Een bijbaan in de mysterieuze sm-wereld lijkt voor de meeste studenten ondenkbaar. Toch neemt een enkeling de zweep ter hand. Janneke (24) is vijfdejaars Psychologie en werkt eenmaal per week als sm-meesteres. In haar vrije tijd was ze reeds actief in een organisatie voor jongeren met dezelfde seksuele interesses, inmiddels is zij ook professioneel actief. ‘Andere baantjes vond ik saai, maar dit werk niet. Bovendien verdient het lekker.’ Janneke verdient ongeveer 70 euro voor een sessie van een uur. Deze uren vinden over het algemeen in de middag plaats.
Ze praat openlijk over haar werkwijze en specialisatie: ‘Vooraf bespreek ik met mijn potentiële slaven hun verlangens en pijngrens, waarop ik probeer in te spelen. Het is gebruikelijk dat de zweep erover wordt gehaald.’ De meesteres werkt graag met opvallende voorwerpen zoals bamboestokken. ‘Pijn, vernedering en bondage zijn het leukst. Die dingen maken mij vrolijk.’ Ze zegt echter geen expliciet seksuele handelingen uit te voeren. ‘Ik ben niet naakt en draag bovendien niet altijd fetisjkleding. Vaak doe ik een H&M-jurkje aan dat ik ook tijdens een diner met vrienden aan zou kunnen trekken.’
Er zijn ook wensen waarbij Janneke haar wenkbrauwen fronst. ‘Opvallend genoeg hebben veel mannen interesse in travestie. Ze moeten dan vrouwenkleding dragen, op hoge hakken paraderen en een heuse slettentraining ondergaan. Daarnaast willen veel mannen worden gedwongen homoseksuele handelingen uit te voeren met slaven uit een andere sessie. Dan kan ik ondertussen gezellig met mijn collega kletsen.’
De gasten die Janneke onder handen neemt, zijn een bonte verzameling van mannen tussen de 30 en 50 jaar. ‘Het zou zomaar je vader of je buurman kunnen zijn.’ Ze vertelt bijvoorbeeld over een stoere, gespierde jongeman. ‘Ik verwachtte harde klappen uit te moeten delen, maar hij wilde een uur lang uitputtend worden gekieteld. Daar heb ik van genoten, lachen werkt aanstekelijk.’
De ouders van de studente zijn niet op de hoogte van haar bijbaan. Momenteel verkeren zij in de veronderstelling dat hun dochter zonder zit. ‘Ik overweeg ze te vertellen dat ik gastvrouw ben in mijn eigen sm-studio. Ze weten namelijk van mijn sm-levensstijl. Mijn vriend heeft er ook geen problemen mee, want hij heeft dezelfde sadomasochistische behoeften. We hebben een open relatie, dus volgens mij zou hij het niet eens erg vinden als ik in de escort aan de slag ga.’
Om privacyredenen zijn de namen van Fred en Janneke gefingeerd.
Tekst: Tamar van der Niet en Mart Waterval
Illustratie: Joost Dekkers
Klik hier voor alle artikelen van ANS maart 2010.




