Het issue: Begrensde ambitie?
In deze rubriek staat iedere maand een ander Issue centraal, waarover de meningen sterk zijn verdeeld. Deze maand: een internationale universiteit in een provinciestad.
Tekst: Andy Leenen en Sjors Overman
Illustratie: Ruud Vos
Volgens haar strategisch plan heeft de Radboud Universiteit de ambitie om tot de top van Europa te behoren. De term ‘internationalisering’ duikt veelvuldig op. Belangrijke doelstellingen die worden genoemd zijn de internationale samenwerking met andere universiteiten en de uitbreiding van het Engelstalige masteraanbod. In de toekomstvisie van de gemeente Nijmegen schittert diezelfde internationalisering door afwezigheid: het gemeentebeleid is gericht op het koesteren van de huidige identiteit. De speerpunten van de stedelijke ontwikkeling zijn het verbeteren van bestaande condities, zoals wonen, openbare ruimte en bereikbaarheid.
‘De tijd van provinciestad is voor Nijmegen definitief voorbij’, drukt burgemeester Thom de Graaf ons tijdens een bezoek aan de universiteit desgevraagd op het hart. Toch zul je grote moeite moeten doen om in het buitenland iemand te vinden die ooit van Nijmegen heeft gehoord. Wat moet men zich voorstellen bij de internationale ambities van een universiteit die in dit stadje is gevestigd? De uiteenlopende toekomstvisies brengen immers praktische moeilijkheden met zich mee, zoals het herbergen van internationale studenten. Ook ligt een groeibelemmering voor de universiteit in het vooruitzicht, als het verschil tussen de beleidsvisies standhoudt. Kortom, deze internationale universiteit wordt te groot voor een provinciestad. Nijmegen in de toekomst: Harvard aan de Waal, of een karakteristiek dorpje met een internationaal luchtkasteel?
Willem Hooglugt
Woordvoerder College van Bestuur
‘Dat Nijmegen door een traditie van linkse bestuurders internationaal bekendstaat als Havana aan de Waal is niet gunstig voor de universiteit; dat beeld moet veranderen. Met dit oude imago lukt het niet om toponderzoekers en -studenten aan te trekken. Daarom probeert de universiteit de stad te verbeelden als “the oldest city in the Netherlands” en “a green campus in a safe city”. Zo geeft de universiteit een eigen draai aan het imago van de stad en wordt onze stad internationaal tegenover Amsterdam gezet.
‘Behalve het veranderen van de manier waarop de stad wordt gekend, dienen Nijmegen en de universiteit er samen alles aan te doen om open en bereikbaar te zijn. Dat kan veel beter. Het gebrek aan voldoende huisvesting en culturele voorzieningen moet worden opgelost om in de toekomst studenten en jonge wetenschappers aan te trekken. Vooral de woonkansen in deze stad kunnen veel beter.
‘Het kleinschalige imago van Nijmegen hoeft geen probleem te zijn voor de universiteit. Dat wil tenslotte zeggen dat er een prettige en geborgen woonomgeving is gecreëerd. Als het betekent dat de RU in een gezellige studentenstad is gevestigd, is dat een pre bij het werven van nieuwe studenten. Maar dat mag niet het enige imago zijn; de gemeente moet daarnaast ambitieus en internationaal zijn gericht. De hoogste prioriteit ligt voor de universiteit niet bij de werving van studenten; in de eerste plaats moet de kwaliteit van het Nijmeegse onderzoek worden gecommuniceerd. Het is dus niet alleen meer “gezelligheid” wat de klok slaat; aan onze universiteit is excelleren heel gewoon.’
Theo Jacobs
Medewerker externe betrekkingen en public affairs gemeente Nijmegen
‘Het is niet zo dat de gemeente Nijmegen alleen maar op zichzelf en de regio is gericht. Oud-burgemeester Ter Horst is juist begonnen met het opbouwen van een internationaal stedennetwerk en dat probeert de gemeente nu verder uit te breiden. Daarvoor is de universiteit van eminent belang; Nijmegen is bekend door de Vierdaagse en als studentenstad. Dat laatste betekent kennisstad, en dat is wat we willen uitdragen, naast het groene en gezondheidsimago van Health City. Daarnaast is de gemeente betrokken in de contacten die de universiteit heeft met andere kennisinstellingen, zoals de universiteiten in Duisburg en Essen. Ambtenaren bezoeken deze steden, waardoor een heuse vriendschapsband tussen de steden ontstaat. De gemeente probeert optimaal te profiteren van de contacten die de universiteit legt.
‘Het aantal overnachtingen van buitenlandse bezoekers is de laatste tijd enorm toegenomen. Natuurlijk brengt een toenemend aantal inwoners ook een groeiende vraag naar stedelijke voorzieningen met zich mee. Het voorzieningenniveau zal hard genoeg groeien om deze vraag naar faciliteiten bij te houden. Er wordt bijvoorbeeld hard gewerkt aan meer woningen om aan de vraag naar huisvesting te kunnen voldoen. Zo heeft de gemeente het bestemmingsplan versneld gewijzigd om woningbouw in Heyendaal mogelijk te maken.
‘In de groei van Nijmegen wordt vooral gelet op expats, buitenlandse onderzoekers die hier tijdelijk komen werken. Voor hen organiseert de gemeente een “rode-loperbeleid” door vele bijeenkomsten te verzorgen. Voor buitenlandse masterstudenten wordt niet meer moeite gedaan dan voor Nederlandse. De gemeente vindt het belangrijk dat iedere student hier goed kan leven en daarbij speelt nationaliteit van de studenten geen enkele rol.’
Dr. Jörg Henseler
Universitair docent Brand Management
‘Om een merk te creëren moeten twee dingen worden gedaan. De eerste stap is bekendheid opwekken, door veel te communiceren. Een goed merk dat niet bekend is, betekent niks. Je kunt dus in principe ook een succesvol merk maken zonder dat daarachter een goed product schuilt. Vervolgens komt het opbouwen van een imago: de indruk die mensen bij een merk hebben. Een universiteit hoeft niet op veel punten uit te blinken, maar kan door het goed benadrukken van de sterke kanten bij het grote publiek positieve associaties oproepen. Dat is realistisch, ook voor de RU.
‘Wanneer ik de RU vergelijk met andere universiteiten, vind ik dat ze in Nijmegen nog helemaal niet zo ver zijn op het gebied van internationalisering. Of de gemeente een internationale uitstraling heeft, is niet echt van belang. Dat gaat redelijk onafhankelijk van elkaar. Kijk bijvoorbeeld naar de Verenigde Staten, waar de beste universiteiten soms in heel kleine plaatsen zijn gevestigd. Dat hoeft niet tegenstrijdig te zijn, zolang er associaties zijn met een open wetenschappelijke houding. Maar net als de stad heeft de universiteit nog niet het kosmopolitische imago dat ze wil hebben.
‘De universiteit zou alleen last kunnen hebben van Nijmegen als er een negatieve connotatie met de stad bestaat en dat is nu niet het geval. De stad is niet per se internationaal, maar staat ook niet negatief tegenover dat idee. Hierdoor heeft het geen weerslag op het imago van de RU. Nijmegen kan een imago opbouwen dat heel anders is dan dat van de universiteit, en het eigen karakter weerspiegelt.’
Prof. dr. Paul Klep
Hoogleraar Economische en Sociale Geschiedenis
‘Een universiteit is voor een stad een goede weg naar internationalisering. Als je als stad kiest voor de wetenschap, zit je als het ware vast aan het internationale aspect. De verzorgingscapaciteit van de stad Nijmegen zie ik niet als een probleem, omdat de universiteit zelf ook hierin zal investeren. Kijk bijvoorbeeld naar de studentenflats die zijn verrezen op de campus. De stad Nijmegen kan hier natuurlijk bij helpen, zoals dat gebeurt in steden als Utrecht of Groningen.
‘Het karakter en de identiteit van Nijmegen zijn voor een groot gedeelte ontleend aan het verleden, in het bijzonder doordat het de oudste stad van Nederland is. Nijmegen kan als stad een hele sterke identiteit ontwikkelen. Deels met het verleden, en deels internationaal. Een goed voorbeeld hiervan is de voormalige Philips-vestiging in Nijmegen, die zeer veel buitenlandse contacten heeft. Ook ligt Nijmegen aan de grens, en is daardoor als het ware al verplicht om zich ook op het buitenland te richten.
‘Het is opvallend dat Nijmegen nog het meest bekend is dankzij de Vierdaagse, ook in het buitenland. Het evenement heeft een brede internationale uitwerking door de deelname van de vele buitenlanders. De Vierdaagse is op dit moment het sterkste internationale kanaal, nog sterker dan de universiteit. Wellicht is dat nog een goede partij om mee samen te werken aan internationalisering.
‘We moeten niet de illusie hebben dat Nijmegen ooit een “Harvard aan de Waal” zal worden. Onze stad is niet te vergelijken met Harvard, omdat die plaats groot is geworden door de universiteit. Nijmegen was al een behoorlijk grote stad voordat er een universiteit kwam. Dit is vergelijkbaar met de meeste Europese steden, zoals Parijs, Rome en Berlijn. Alle beroemde oude universiteiten in Europa, behalve Oxford en Cambridge, zijn gevestigd in grote steden.’






