Het Issue – Residentie Radboud
In deze rubriek staat iedere maand een ander Issue centraal, waarover de meningen sterk zijn verdeeld. Deze maand: kamperen bij Kortmann
Tekst: Ciaran O’Connor en Janneke Wijkmans
Illustratie: Erik Molkenboer
Bijna alle studenten die in het buitenland studeren, zullen hun tijdelijke huisvesting vinden in de vorm van een studentenkamer op het universiteitsterrein. Al sinds de jaren vijftig is het vooral in Angelsaksische landen gebruikelijk dat studenten op een campus rondom de universiteit wonen.
In Nederland zijn er momenteel slechts enkele universiteiten die dit principe hanteren. Zowel op de internationale instellingen Roosevelt Academy en University College Utrecht als op het prestigieuze Nyenrode en de Universiteit Twente wonen studenten op de campus.
Studenten kunnen na een avondje doorhalen in de universiteitskroeg zo hun bed inrollen, om de volgende ochtend hun verse broodjes te halen bij de campusbakker op de hoek. Doordat alle voorzieningen op kruipafstand zijn, hoeven ze geen minuut van hun kostbare tijd te verspillen. Kortom, deze manier van studentenhuisvesting lijkt niets dan voordelen te hebben. In januari 2008 kwam de Onderwijsraad dan ook met een rapport waarin ze pleitte voor een dergelijk systeem. In Nijmegen rijst na Sterrenbosch en Hoogeveldt een nieuw studentenwooncomplex in de buurt van de campus. Met de bouw van dit futuristisch aandoende complex lijkt de SSHN het met de Onderwijsraad eens te zijn. Zijn de Nederlandse studenten gebaat bij een gezamenlijke woon- en leefomgeving, of doet dit principe tekort aan hun zelfstandigheid?
De stelling van deze maand:
Studenten moeten op een campus rondom de universiteit wonen.
Drs. Hans van Himbergen, decaan University College Utrecht (UCU)
‘Ik denk zeker dat het wenselijk is. Een van de doelstellingen van UCU is studenten breder te laten leren dan alleen in het klaslokaal. Juist het samenleven op een internationale campus draagt veel bij aan hun algemene ontwikkeling. Het past in onze filosofie dat ze samen eten, zodat ze geen tijd kwijt zijn met zelf boodschappen doen en koken. Studenten eten in de Dining Hall, wat tevens een centrale ontmoetingsplek is. Ook is het verplicht lid te worden van de studentenvereniging en zeer wenselijk dat studenten naar de activiteiten komen.
‘Ook voor minder internationaal gerichte universiteiten heeft het voordelen als hun studenten op de campus zouden wonen. Doordat de studenten zo lang intensief hebben samengewoond, weten ze elkaar later gemakkelijk te vinden. Ze bouwen een hecht netwerk op.
‘Het is belangrijk dat onderwijs kleinschalig wordt georganiseerd. Je moet ervoor zorgen dat studenten niet verdrinken in een grote groep. Ik denk niet dat wonen op de campus daar een absolute voorwaarde voor is. Een andere manier is dingen te organiseren waar studenten bij elkaar kunnen komen, op de campus, in de context van het studeren. Activiteiten die binnen de gebouwen van een opleiding plaatsvinden, zorgen ervoor dat studenten zich meer betrokken voelen bij alles wat er binnen hun opleiding speelt.
‘UCU is geïnspireerd door het Amerikaanse model van samen wonen en samen leren. Een groot verschil is dat zij slechts sporadisch een buitenlander op hun universiteiten hebben, terwijl wij studenten uit meer dan vijftig verschillende landen herbergen. Ik vind ons stiekem toch idealistischer. ’
Asis Aynan (27), student Filosofie aan de Universiteit van Amsterdam en schrijver-columnist
‘In mijn column in het NRC Handelsblad heb ik duidelijk gemaakt een tegenstander te zijn van het idee studenten allemaal bij elkaar te laten wonen. Of ze hun opleiding uiteindelijk afmaken of niet, het is even belangrijk dat ze andere vaardigheden ontwikkelen dan alleen wat hun studie voorschrijft. De meeste universiteiten zijn te vinden in grote steden. Dat biedt studenten een kans zich te mengen met allerlei verschillende mensen, waardoor ze nieuwe dingen proberen en met andere lagen van de bevolking optrekken. Als je studenten allemaal samen plaatst, gebeurt dit niet, terwijl het wel degelijk belangrijk is voor hun latere carrière. Ze zullen scoren op het gebied van academische kennis, maar het vervolgens niet redden op de “universiteit van het leven”. Er moet veel meer worden ondernomen dan alleen met soortgenoten bier zuipen en studeren, anders worden studenten monotone wezens; flauwe, saaie mensen. Voor studenten uit het buitenland die hierheen komen, geldt precies hetzelfde. Ze moeten cultuur opsnuiven in plaats van binnen de campusmuren opgesloten blijven zitten.’
Max Derks, directeur Stichting Studenten Huisvesting Nijmegen (SSHN)
‘Als er in de stad niet voldoende mogelijkheden voor studentenhuisvesting zijn, is een complex als Sterrenbosch een uitstekende optie. Je kunt het bijna als wonen op een campus zien; de Refter is op steenworp afstand, net zoals de bieb, het sportcentrum en het universiteitscafé.
‘Ik vind het belangrijk dat studenten de keuze hebben. De SSHN zal niet door een eenzijdig aanbod afdwingen dat ze op één plek gaan wonen. Dat blijkt ook uit het feit dat we achttien wooncomplexen hebben, die verspreid over Nijmegen liggen. Dé student bestaat niet. Ik denk dat het per student verschilt of hij zich beter ontwikkelt in de stad of op een campus. Er zijn voor- en nadelen te noemen van het wonen op de campus; het is aan de student zelf om te bepalen welke voor hem het zwaarst wegen. We proberen momenteel in samenwerking met de universiteit te zorgen dat er voldoende wooneenheden voor studenten komen. Natuurlijk zullen enkele daarvan op de campus komen te staan, maar ik denk dat het niet verstandig is studenten massaal naar de campus te verbannen.’
Fons van Wieringen, voorzitter van de Onderwijsraad.
‘Wij vinden dat de gemiddelde student meer tijd aan zijn studie moet besteden. Dit is te bereiken door “wonen” en “onderwijs” bij elkaar te brengen. Het is belangrijk om een mooie campus te creëren waar bijvoorbeeld sport, studie en wonen dicht bij elkaar liggen. Dit zal leiden tot betere resultaten, aangezien studenten continu bezig zijn op de campus.
‘Een andere belangrijke reden om studenten bij de universiteit te plaatsen is de bestrijding van eenzaamheid. Stel dat iemand met een specifieke studie wil starten in een ander deel van het land. Het is goed voor zo iemand die zich vreemd voelt, om meteen contacten op te bouwen met medestudenten. Op de campus gebeurt dit vanzelf. Zo wordt het voor jongeren aantrekkelijker om te studeren over een grotere afstand en zo hun horizon te verbreden.
‘De internationale strijd om studenten is in volle gang. Universiteiten moeten zich aan de wensen van buitenlandse studenten aanpassen. Als mensen uit het buitenland hier komen studeren, zullen ze een volledig pakket willen. Universiteiten moeten dat aanbieden, inclusief de huisvesting en faciliteiten op de campus. Bovendien is een mooie bewoonbare leefomgeving een asset voor een universiteit.’
Prof mr. Bas Kortmann, rector magnificus
‘Ik ben het niet met deze stelling eens. Ik zou het liefst zien dat studenten tijdens hun studie, of minstens een deel ervan, op zichzelf wonen. Het draagt bij aan hun algemene vorming wanneer ze tussen de Nijmegenaren wonen. Misschien leidt wonen op de campus tot betere studieresultaten, maar een universitaire opleiding moet daarnaast ook aandacht hebben voor andere dingen. De blik mag daarom niet worden vernauwd tot de campus en het sociale leven van studenten moet zich niet geheel in de ‘campus-kring’ afspelen.
‘Wel is het van belang dat studenten niet al te ver van de campus onderdak kunnen vinden. Wat mij betreft kunnen studenten het beste tussen het stadscentrum en de campus wonen. De gemeente, de woningcorporaties, particulieren en de universiteit moeten samen streven naar meer studentenkamers in dit gebied.’






