Virtuoos voortbewegen
Een salto vanaf een muur bij Plein ‘44, springen van het ene naar het andere gebouw bij de Lindenberg en hangen aan een metershoge vensterbank naast het Holland Casino. Nijmegen door de ogen van een freerunner.
Tekst: Marieke Haafkes en Juliet van de Voort
foto: Thijs Hupkens
Wie op Google ‘freerunnen’ intikt stuit direct op een overdaad aan filmpjes waarin mensen de meest – soms zelfs letterlijk – halsbrekende toeren uithalen. Ook in Nijmegen zijn freerunners actief. ‘Freerunning staat voor het zo snel en esthetisch mogelijk bewegen over stedelijke obstakels zoals muurtjes, gebouwen, hekken en bruggen’, vertelt Tymen Hart (19), één van de vier leden van het Nijmeegse Team Twisted. Vijf keer per week is team Twisted in de binnenstad te vinden, waar ze oefenen op allerlei acrobatische stunts in de buitenlucht.
‘Het is echt verslavend’ lacht Aron Ermstrang (19). ‘Vroeger turnde ik, maar daar ben ik mee gestopt vanwege alle regels. Er was altijd een coach die zei dat ik mijn been anders moest plaatsen of dat ik iets niet goed uitvoerde. Nu bepaal ik zelf de regels.’ Freerunning is ontstaan uit Parkour, wat bedacht is door de Fransman David Belle in de jaren ’70, legt Maarten Puts (16) uit. In het Engels werd dit vertaald naar freerunning. Toch zijn het twee verschillende disciplines. Waar het bij Parkour gaat om het zo snel mogelijk verplaatsen van punt A naar punt B, gaat freerunning meer over de complete vrijheid van beweging en beheersing van je lichaam.
Free your mind
Lopend door de stad, springen de jongens schijnbaar moeiteloos tegen muren op, maken backflips van bankjes en klauteren op daken. Ze volgen hun eigen weg, letterlijk. Het winkelend publiek in de Marikenstraat kijkt angstvallig toe. Terwijl Tymen, Aron en Maarten zich meer bezig houden met het doen van salto’s, is het snelle werk aan Philip Joosten (19). Met lange aanlopen neemt hij flinke sprongen over grote gaps. ‘Ik ben nog niet zo heel lang bezig maar het gaat erg goed. Ik zie het als een manier om mezelf te testen. Ik wil de grenzen van mijn eigen lichaam verkennen. Bewegen zonder beperkingen, je niet laten limiteren door de wegen die zijn gecreëerd door anderen.’
Op de vraag of het niet gevaarlijk is om van zulke hoge gebouwen te springen antwoordt hij: ‘Bij een hoge drop moet je zorgen dat je goed doorrolt, dan is de klap op je lichaam niet zo hard. Ik heb wel eens iets gekneusd maar dat hoort erbij. Het belangrijkste is dat je vertrouwen in jezelf hebt en je niet laat opjutten door vrienden. Wanneer je niet 100 procent zeker van jezelf bent, moet je het niet doen.’








