Het laatste oordeel: Dr. M.H. Prins
Duffe opsommingen of ultiem entertainment? Iedere maand verschanst ANS zich in de collegebanken om een genadeloos oordeel te vellen over het onderwijs aan de RU.
college:
Psychologie van de seksualiteit,
dinsdag 7 april, 10.45-13.30, SP2
docent:
Dr. M.H. Prins
uitstraling:
Geblondeerde, veertigjarige puber
publiek:
Giechelende brugklassers
inhoud:
Wetenschappelijke porno
eindcijfer:
6
‘Een man wil gewoon neuken, en als hij vaak neukt is dat stoer.’ Dr. Prins maakt meteen een einde aan het idee dat hij seksualiteit omslachtig gaat bespreken. Zijn no-nonsense aanpak blijkt onweerstaanbaar, aangezien de collegezaal is gevuld met een veelvoud van de dertig studenten waarvoor het college verplicht is. Vandaag behandelt hij onder andere de beperkte acceptatie van homoseksualiteit onder Nederlandse jongeren. In een terzijde merkt Prins op het ‘krankzinnig’ te vinden dat ambtenaren van de burgerlijke stand ‘antihomo mogen zijn’. Het college blijkt zelfs een heuse moraal te bevatten. De docent roept op te stoppen met dichotoom denken. Hij hoopt dat studenten tegenstellingen als man–vrouw, hetero–homo en zondig–kuis voortaan zien als glijdende schalen met een grijs gebied in het midden.
De stof wordt levendig uitgelegd aan de hand van hedendaagse voorbeelden. De docent put hierbij flink uit de jeugdcultuur, zijn onderzoeksgebied. Acceptatie van homoseksualiteit bespreekt hij aan de hand van de Gay Parade en bekende rolmodellen als ‘Geer en Goor’. Verder wordt Kelly uit Big Brother opgevoerd als ‘een dappere transseksueel met het IQ van een kamerplant’. Het college is duidelijk en grappig, maar de wetenschappelijke inhoud karig. In twee uur worden slechts twee grafieken en enkele concepten oppervlakkig behandeld. Het is lovenswaardig dat Prins veel moeite doet om abstracte begrippen te verduidelijken en amusant college te geven, maar hij schiet hierin zijn doel voorbij. De stof is overgoten met zo’n dikke laag populaire cultuur en kroegpraat dat de toon van zijn voordracht af en toe op de Viva lijkt. Dieptepunt is een ellenlange verhandeling over modieuze begrippen als metroseksuelen, überseksuelen en retroseksuelen. Hoewel Prins zijn populistische voorbeelden gelukkig niet al te serieus neemt, dwaalt hij ondertussen wel enorm af van de serieuze inhoud. Een ander pijnlijk moment volgt als de docent hakkelend een schema probeert uit te leggen dat niet klopt in zijn sheets. De bekentenis dat hij het college ‘gisteravond heel laat in elkaar heeft geflanst’, verklaart zijn verwarring.
Het is onduidelijk waarom Prins zich zoveel moeite heeft getroost om onderhoudend college te geven. Zijn gehoor beloont de inspanningen slechts met desinteresse. Er wordt gekletst en gegiecheld alsof het een brugklas tijdens de eerste les seksuele voorlichting betreft. De docent is af en toe nauwelijks te verstaan en maant de veredelde scholieren dan met een flinke sis tot stilte. Wanneer na twee uur college nog een documentaire volgt, weet het merendeel niet hoe snel ze moet vluchten. Als vervolgens expliciete beelden van sekseveranderende operaties volgen, verdwijnen nog meer studenten. Naar buiten, waar de lentezon de hormoonspiegels verder opjaagt.
Het Laatste Oordeel der Studenten
De toeschouwers waarderen Prins’ directe benadering. Wel vinden zij het behoorlijk puberaal ‘dat de docent consequent neuken zegt in plaats van seks’. Studenten vinden de vele filmpjes en foto’s een toevoeging en ze omschrijven het college als ‘grappig en interessant’. Dat Prins’ uitgesproken mening ‘veroordelend’ werkt, wordt genoemd als negatief punt. Het gebrek aan nieuwe informatie en het lage verteltempo worden niet door iedereen als vervelend ervaren, omdat ‘je dan niet na hoeft te denken’. Dit schept ruimte voor dubieuze fantasieën over eigen sekservaringen, weekendplannen en het privéleven van de docent. Over het onderwerp van haar dagdromen merkt een dirty mind zelfs op ‘dat je dat echt niet wil weten’.
Tekst: Rob Ramaker
Foto: Loes Perrée






