Het laatste oordeel: Drs. A. Jeurissen
Duffe opsommingen of ultiem entertainment? Iedere maand verschanst ANS zich in de collegebanken om een genadeloos oordeel te vellen over het onderwijs aan de RU.
Studie:
Tandheelkunde
College:
Practicum Restauratie van gebitselementen 1, donderdag 8 april, 08.30-12.30 uur, Fantoomzaal
Docent:
Drs. A. Jeurissen
Uitstraling:
Degelijke dentist
Publiek:
Tieners met holle verstandskiezen
Inhoud:
Klussen met cariës
Eindcijfer:
7,5
Zelfs bij degenen die de tandarts niet vrezen zou het angstzweet uitbreken na een kijkje bij een willekeurig practicum in de Fantoomzaal. Hoofddocent Jeurissen gooit zijn eerstejaars Tandheelkunde na slechts één inleidend hoorcollege in het diepe. De studenten mogen hun geringe kennis direct botvieren op gebitsprothesen van talloze namaakhoofden. Dit resulteert in opmerkelijke taferelen. Niet zelden glipt een boor in de mond van een plastieken patiënt of eindigt een vulling in de neus of het oor. ‘Het is echt moeilijk om alles te zien in dat nietige spiegeltje’, klaagt een jongen die bijna heel zijn hoofd tussen twee wijd openstaande kaken heeft gewurmd. ‘Zo gaat het een stuk makkelijker.’
Het practicum staat in het teken van cariës, gaatjes voor leken. Het is de bedoeling om het glazuur en rot weefsel laag voor laag weg te boren, zodat de kies zorgvuldig kan worden opgevuld met een plastisch grijs goedje. De studenten krijgen alle vrijheid om zich uit te leven op de prothesen. Wel probeert Jeurissen, die gehuld in zijn witte doktersjas de degelijkheid zelve is, er voortdurend op toe te zien dat iedereen puntsgewijs een aantal opdrachten afwerkt. Gedurende de hele ochtend rent hij van hot naar her door de immense zaal om zijn pupillen aan de tand te voelen, vragen te beantwoorden en waar nodig groen licht te geven om aan de volgende opdracht te beginnen. ‘Je kunt prima zien dat je alle cariës hebt verwijderd’, meldt de docent een verlegen meisje, ‘al is het jammer dat er van de wortel ook niet veel meer over is.’
Omdat nu eenmaal geen enkele tandarts het werk alleen af kan, wordt Jeurissen ondersteund door een vijftal assistentes. Deze charmante tandenfeeën hameren continu op professionaliteit en een klinische werkwijze. Een nalatige student krijgt een retorisch ‘Vergeet je niet iets?’ naar zijn hoofd geslingerd wanneer hij wil beginnen zonder mondkapje. De strenge controle voorkomt echter niet dat er een informele sfeer in de zaal hangt. Zoals in iedere tandartsenpraktijk klinkt de muzak van Q-music op de achtergrond. De toekomstige grootverdieners vinden tijdens het klussen ook voldoende gelegenheid om te overleggen. Op aanraden van zijn groepsgenootjes verwijdert een kwajongen het hele ondergebit uit zijn pop om de vulling beter aan te kunnen brengen. ‘Wie mooi wil zijn, moet pijn lijden’, besluit hij.
Het Laatste Oordeel der Studenten
De persoonlijke benadering en behulpzaamheid van Jeurissen maken zijn practicum voor velen tot een van de beste van het propedeusejaar. ‘Hij geeft tenminste rustig antwoord op al mijn vragen’, meent een verongelijkte eerstejaars, ‘bij andere vakken blijft het allemaal veel vager.’ Omdat de docent iedereen regelmatig controleert, kan de zelfstandige manier van werken voor veel studenten wel door de beugel. Een snuggere, uit de kluiten gewassen puber vat de filosofie van Jeurissen pakkend samen: ‘Je moet gewoon zelf een beetje klungelen, dat is de enige manier om het vak te leren.’
Tekst: Joost Nellen
Foto: Martijn Wehrens
Klik hier voor de andere artikelen van de ANS mei 2010.






