ANS-Online

Website van het Algemeen Nijmeegs Studentenblad

VOC-mentaliteit

Druk, druk, druk. Het credo van de moderne student. Als die student een eigen onderneming begint wordt het een stuk geloofwaardiger.

Tekst: Ewoud Rohn en Juliet Van de Voort
Foto’s: Sjors Overman

Veel studenten zijn op zoek naar het gat in de markt. Die ideeën worden wel gevonden, maar het daadwerkelijk uitwerken in de praktijk blijft uit. Die stap is voor velen kennelijk te groot. Sommige studenten gaan de uitdaging wel aan, en gaan aan de slag. De sleutel tot succes blijkt simpel: het is een kwestie van doen. ANS volgt drie studenten die hard aan het werk zijn om hun droom te verwezenlijken.

De eerste stapjes
Al op zijn dertiende was Thomas Bouwels (25), derdejaars Bedrijfswetenschappen, ondernemer. ‘Ik kocht oude brommers op, knutselde er wat aan en verkocht ze vervolgens door voor een hogere prijs.’ Met die ervaring als bagage is hij inmiddels directeur van Manage, een reclame- en bemiddelingsbureau. ‘In principe is het opzetten van een eigen bedrijf heel eenvoudig, na het inschrijven bij de Kamer van Koophandel is de eigen onderneming een feit. Het enige waarover ik lang heb moeten nadenken is de bedrijfsnaam.’ Yvette Haas (24), afgestudeerd in Bedrijfscommunicatie, is directeur van Be More, een stichting die vrijwilligers naar Zuid-Afrika uitzendt. Zij had geen enkele ervaring als ondernemer. ‘Ik had nooit met de gedachte gespeeld om een onderneming te beginnen. Mijn mededirecteur Michel kwam op een avond met dit idee naar me toe. Ik dacht, dan schrijf ik een scriptie over de oprichting van het bedrijf en daarna ga ik gewoon een baan zoeken.’ Dit liep anders af: het bedrijf groeide zo explosief dat ze besloten door te gaan. ‘Ik weet zeker dat ik nooit spijt zal krijgen van deze keuze. Als ik in Zuid-Afrika langs mijn projecten reis en zie wat mijn werk oplevert, stimuleert mij dat in het begeleiden van nieuwe vrijwilligers.’ Beide studentondernemers zijn het erover eens dat de onzekerheid de grootste belemmering is bij het opzetten van een eigen bedrijf. ‘Elke keuze heeft zijn effect op het verloop van het bedrijf, met die gedachte heb ik het wel eens moeilijk gehad’, vertelt Yvette.

Studievertraging
Het klinkt cliché, maar een eigen onderneming betekent hard werken. Voor studentondernemers is dit een dilemma. Is het succes van de eigen onderneming belangrijker dan de studievoortgang? Frits Bloemberg (23), vijfdejaars Geschiedenis, is directeur van Debatteren.nl en heeft in dat dilemma een balans gevonden. ‘Ik heb mijzelf aangeleerd om mijn tijd efficiënter in te delen. Soms sla ik een college over, dan gaat het werk voor, maar alleen in de gevallen dat ik dat college echt kan missen.’ Bij Thomas is die balans omgeslagen in het voordeel van het bedrijf. Hij was bijvoorbeeld verantwoordelijk voor de plaatsing van reclameborden in de sporthal van de Rijksuniversiteit Groningen. ‘Doordat dit veel tijd kostte, liep ik studievertraging op. Aan de hand van de collegesheets heb ik de tentamens gehaald. Daardoor bleef er veel tijd over voor belangrijkere zaken. Op dit moment moet ik mijn masterthesis afmaken, maar dat kan wachten. Mijn bedrijf staat op nummer één.’

Gouden tijden
De drie studentondernemers zijn het erover eens: het harde werken wordt beloond. Het bedrijf van Yvette is inmiddels een succesvolle onderneming en groeit nog steeds. Geld speelt echter absoluut geen grote rol. ‘Het blijft een ideële stichting, en zolang ik kan eten en leven vind ik het prima. Ik werk hard, zelfs in het weekend en de avond. Het feit dat ik eigen baas ben maakt veel goed.’ Frits deelt die mening: ‘Geld is voor mij nooit een reden geweest om een onderneming te beginnen. Mijn grootste drijfveer is het overbrengen van kennis. Voor mijn werk ga ik langs scholen en bedrijven om debatvaardigheden bij te brengen. Ik begeleid bijvoorbeeld scholieren bij het Jongeren Lagerhuis. Als mijn groep het debat wint, geeft mij dat de voldoening die ik zoek.’ Thomas is commerciëler ingesteld. ‘Geld is wel degelijk belangrijk. Als ik de kans krijg om in loondienst meer te verdienen, zal ik deze met beide handen aangrijpen.’

Hulptroepen
Studenten hoeven het niet alleen te doen. De universiteit is bereid om ze te ondersteunen. ‘Het is leuk dat er veel onderzoek wordt gedaan, maar als die kennis op de plank blijft liggen, is dat zonde. Universitaire kennis moet het maatschappelijk belang dienen’, vertelt Hans Derksen, hoogleraar Kennis en Ondernemerschap aan de RU. De laatste jaren zijn verschillende projecten gestart op de universiteit om de studenten te motiveren een eigen onderneming te beginnen. Naar verwachting zal het aantal projecten alleen maar toenemen. Yvette zegt alles op eigen kracht te hebben gedaan. Zij heeft nooit bij de universiteit aangeklopt. ‘In het begin had ik veel steun aan mijn vrienden. Dit netwerk is enorm uitgebreid en dat voorziet mij op dit moment van voldoende support. Als ik bijvoorbeeld een notaris nodig heb, hoef ik maar even te zoeken in ons bestand. Een netwerk is gewoon heel belangrijk.’ Thomas is het hier volkomen mee eens. Als reactie op de op dat moment gebrekkige medewerking vanuit de universiteit, is de vereniging voor studentondernemers opgericht. Thomas is medeoprichter en hij vertelt gretig over het grote voordeel hiervan: ‘Een vereniging maakt het netwerken een stuk eenvoudiger. Bijna iedereen die zich bij ons aansluit, komt in een stroomversnelling terecht. Dat voordeel kan de universiteit niet bieden.’

Het ideaal
Yvette ziet de toekomst rooskleurig in. ‘Be More wordt steeds groter. Op dit moment zijn we bezig met een tweede vestiging in Engeland. Voor mij moet het een uitdaging blijven, anders ben ik morgen weg.’ Frits heeft nog geen duidelijke plannen voor de toekomst. ‘Zolang ik plezier heb in mijn werk blijf ik dit doen, maar het moet geen fulltime job worden. Het liefst zou ik mijn onderneming combineren met een andere baan. Word ik toch tot een keuze gedwongen, dan gaat het ondernemerschap voor.’ Thomas is stelliger. ‘Als ik ben afgestudeerd, ga ik niet solliciteren naar een baan. Ik zal, mits het meer verdient, als ondernemer doorgaan.’