De mogelijkheid van een land
Dit collegejaar is het motto van onze universiteit ‘Grenzeloos studeren’. Wie Spanje of Italië passé vindt, moet eens denken aan Beukeveld. Ingeklemd tussen Nederland en Duitsland wacht dit ministaatje een grootse toekomst in het casinowezen en de handel in accijnsvrije producten.
Tekst: Maartje Bakker
Foto’s: Valentijn Brandt en Maartje Bakker
Laarzen aan, vanaf de doorgaande weg enkele passen door drassig grasland en je staat in Beukeveld, een onbewoonde strook grond van 6 bij 485 meter vlakbij Coevorden. Het landje ligt middenin een verlaten vlakte, het toekomstige industrieterrein Europark. Een vers geasfalteerde weg glimt naast mals gras en natzwarte aarde. Graafmachines werpen manshoge molshopen op. Op deze zaterdagmiddag is de enige sterveling in de verre omtrek een man die zijn levensgrote vliegers oplaat.
Vredigheid bedriegt. Beukeveld verkeert in een internationaal conflict met de Staat der Nederlanden, die het land met graafmachines is binnengevallen. Het lapje grond wordt in de rechtszaal en de media verdedigd tegen onrecht, dat de familie Beukeveld – melkveehouders van origine – is aangedaan door de overheid. De staat wordt namelijk niet erkend. Gerard Beukeveld, woordvoerder namens de familie: ‘Maar dat betekent niet dat Beukeveld niet bestaat. Sommige landen erkennen ook Israël en Taiwan niet.’
De paaltjes met prikkeldraad, die een week geleden nog keurig de grenzen afbakenden, liggen nu op een slordige hoop. Een buurtbewoner weet te melden dat er een container op de strook land was gezet en een bordje met de tekst ‘Verboden voor onbevoegden’. De vijandige troepen, gezonden door de gemeente Coevorden, rukken desondanks rücksichtslos op.
Onder de rook van een paffende afvalverbrandingsinstallatie, op gepaste afstand van de soevereine staat, staan enkele boerderijen. Een buurman van het jongste land ter wereld loopt zijn tuin in. ‘De familie Beukeveld gaat het conflict niet uit de weg.’ Zijn vuisten botsen tegen elkaar. De vrouw des huizes haalt de folder over de oprichting van de staat, die verspreid is onder omwonenden, uit de papierbak. Die stelt ze in de gelegenheid inspraak te hebben in de ideeën van Beukeveld, precies zoals is voorgeschreven bij bestemmingsplannen. Een sneer aan het adres van de gemeente; die lapt de regels volgens Gerard Beukeveld aan haar laars. Al doen buurtbewoners onder elkaar lacherig over het project, ze scharen zich toch achter Beukeveld. ‘Hij is niet gek, hij heeft gestudeerd.’
Complot
Een stukje grond losgeslagen van Nederland en Duitsland, hoe is dat mogelijk? Het begon vlak na de Tweede Wereldoorlog. De Nederlandse oostgrens werd opgeschoven richting Duitsland, als compensatie voor de geleden schade. Het kadaster vergat sommige stukjes in te delen bij gemeenten en zo verdween het huidige Beukeveld van de kaart, samen met zestien andere grensstroken.
De Duitse boer aan de overzijde bleef zijn grond gewoon gebruiken, ook al hoorde die nu bij Nederland. Eind jaren negentig verkocht hij 1,8 hectare van zijn Nederlandse grond, inclusief het ongeregistreerde stukje, aan Hendrik Beukeveld, de vader van Gerard. De gemeente Coevorden kreeg deze grond een paar jaar later op het oog voor de ontwikkeling van het grensoverschrijdende industrieterrein Europark. Aan de onderhandelingstafel bleef de gemeente echter volhouden dat de grond een oppervlak had van 1,5 in plaats van 1,8 hectare. Dat scheelt al gauw honderdduizenden euro’s, in het nadeel van de verkoper.
Het kadaster werd gevraagd het geheel na te meten en gaf de gemeente gelijk. Maar Gerard Beukeveld vertrouwt de landmeters niet. Als hij met zijn GPS-apparaat meet, bestaat de drieduizend vierkante meter wel degelijk. Niet voor niets is er een ruimte van zes meter tussen de Nederlandse en Duitse grenspaal. Bovendien is het stukje op meerdere kaarten ingetekend.
Ambtelijke leugens
Gerard Beukeveld bestuurt het land vanuit zijn nieuwbouwwoning in Hoorn. ‘Afgelopen januari riep ik mijn staat uit. Ik heb wel twintig kranten aangeschreven, maar niemand besteedde er aandacht aan. Zo kon de gemeente haar gang gaan. Ik dacht: de lokale bevolking moet aan mijn kant komen te staan, dan volgt de publiciteit vanzelf. Met hun erkenning sta ik sterker. Daarom heb ik de folder ontworpen en verspreid in de buurt.’
Zwetend van opwinding vervolgt hij: ‘Alle gemeenten zijn gemeen, maar de gemeenheid van de gemeente Coevorden is wel bijzonder groot. Veel boeren in de omgeving zijn psychisch kapot gemaakt door haar louche praktijken.’ De gemeente gaat volgens Beukeveld driest te werk als het gaat om grond onteigenen. Maar dat is niet het enige. In het pamflet struikelen de verongelijkte woorden over elkaar. ‘Deze actie is ons mede ingegeven door de melkgeldfraude, een zeer grote fraudezaak waar alle Europese veehouders ernstig de dupe van zijn geworden. Al met al gaat het om miljoenen euro’s.’ Beukeveld verzucht: ‘Als er zo veel geld in het spel is, wordt de mens slecht.’
Het ergste vindt Beukeveld de onaantastbaarheid van bestuurders. ‘Burgemeesters en ambtenaren houden elkaar de hand boven het hoofd. In het ziekenhuis waar ik leiding geef aan het laboratorium, kun je het gerust melden als je een fout maakt. Dat zou bij ambtenaren ook moeten kunnen.’ Zolang de gemeente haar fouten niet erkent, zitten de onderhandelingen muurvast: ‘Alvorens over de ontsluitingsweg die over Beukeveld loopt te onderhandelen, moeten alle gerechtelijke uitspraken leugenvrij zijn’.
Geelgroene olie
Nu het land is uitgeroepen, openbaren allerlei onverwachte mogelijkheden om flink geld te verdienen zich aan Beukeveld. ‘Ik heb het Russische staatsgasconcern Gazprom een brief gestuurd om te vragen of ze hier willen boren. Misschien willen ze zelfs wel een hoofdkwartier inrichten voor de gasexport naar West-Europa. Nee, ik denk niet dat ze er serieus op in zullen gaan. Het gaat me meer om de symboliek: het grootste en kleinste land ter wereld samen. Als ik zo’n groot gasbedrijf aan mijn kant heb, zal de gemeente zeker van me afblijven.’ Behalve gas zit er ook olie in de grond, vermoedt Beukeveld. De folder illustreert zijn humoristische kant: ‘Geelgroene opgeboorde olie zal toebehoren aan de Staat der Nederlanden, groengele aan Duitsland. Andersom mag ook. Zwarte olie is voor Beukeveld.’
Een casino is wel een serieus idee. Op een strook van zes meter breed? Triomfantelijk licht Beukeveld zijn ingenieuze plan toe. ‘Ja, dat gaat wel passen. Ik wil een virtueel casino neerzetten, dan kan ik miljoenen per dag verdienen. Er hoeft immers geen kansspelbelasting te worden betaald. Ik heb met geen enkele regelgeving te maken, behalve met die van mezelf.’ Hetzelfde gebeurt volgens Beukeveld op Gibraltar, waar een Duitse ondernemer per dag tien miljoen euro casht.
Verder is het nieuwbakken belastingparadijsje van plan accijnsloos alcohol, sigaretten en parfum te gaan verkopen. En het bezit een in Nederland nog niet eerder geziene attractie: twee drielandenpunten. Dat wordt smullen voor toeristen.
Eigen wereld
Een staat wordt volgens de encyclopedie gedefinieerd door grondgebied, bevolking en overheid. Die laatste twee ontbreken vooralsnog in Beukeveld. Alhoewel: ‘Koning, keizer, admiraal, dat ben ik. En nog douanier ook.’ Over wetgeving heeft Gerard Beukeveld al nagedacht. ‘Mijn ideaal is dat er maar één grondwet bestaat: gelijkheid. Wanneer vrijheid en broederschap daarbij komen, wordt de gelijkheid verzwakt. Ik ben koning, en ieder ander ook. Iedereen heeft dezelfde status. In een land met maar een inwoner is dat gemakkelijk, maar zo zou het in Nederland ook moeten zijn.’
Burgemeester Bouwmeester van Coevorden trekt zich weinig aan van het ministaatje dat zich tegen zijn gemeentegrenzen heeft geschurkt en doet Beukevelds zienswijze af als fantasie. ‘De grond is al van ons. Laat Beukeveld maar lekker geloven in zijn eigen Tolkienachtige wereldje.’ Gerard Beukeveld is wel ingenomen met deze opmerking. ‘Als hij goed had gelezen, had hij begrepen dat ‘In de ban van de ring’ gaat over een strijd tegen kwade werelden. Telkens denk je dat het misgaat, maar uiteindelijk overwint het goede.’






