ANS-Online

Website van het Algemeen Nijmeegs Studentenblad

Interview met Hans van Baalen: Politiek zwaargewichte

Defensie, Europa en buitenlandse zaken gaan Hans van Baalen aan het hart. De liberale parlementariër staat bekend als opvallend kamerlid met een uitgesproken mening. ‘Gelukkig zitten er geen honderdvijftig Hans van Baalens in de kamer.’

Tekst: Pepijn Reeser en Anouk Broersma
Foto’s: Paul van Vegchel

‘Vanmorgen werd ik om zeven uur wakker gebeld’, vertelt Hans van Baalen (46) terwijl hij door het Tweede Kamergebouw loopt, op zoek naar een filmploeg van de NOS. ‘De hoogste Nederlandse militair in Afghanistan, kolonel Arie Vermeij, stelt in een interview dat zijn militairen in Uruzgan niet aan opbouw toekomen, doordat er voortdurend nieuwe Talibanstrijders uit Pakistan komen meevechten.’ Van Baalen is bereid om voor het achtuurjournaal kort commentaar te geven op de uitspraken van de kolonel. Hij vraagt de journalist snel nog waarover het gaat – ‘dweilen met de kraan open?’ – en formuleert vervolgens zijn standpunt; bondig, helder en met ingelaste pauzes voor een dramatisch effect. ‘Het geschetste beeld is vooral een realistisch beeld. Realistisch is: het is moeilijk, het is een harde missie, het is ook een gevechtsmissie, het is ook een wederopbouwmissie, het is ook een missie die met narcotica te maken heeft en lang gaat duren.’
Daarna vervolgen we met de VVD’er onze tocht door het gebouw. ‘Van de vijf minuten die ik net heb gesproken, worden maar twintig seconden gebruikt. Maar de rest van de opnames gaat wel in een archief. Daarom is het van belang zorgvuldig te formuleren en fouten te vermijden. Dat heb ik geleerd van Frits Bolkestein. Hij was bij uitstek een helder en duidelijk politicus.’ De waardering voor Bolkestein komt ook in het kantoor van Van Baalen tot uiting: een afbeelding van de voormalig VVD-leider siert de wand. ‘Hij koos ervoor problemen niet te bedekken met een klamme consensusdeken, maar het debat op scherp te zetten. Waar een gemiddeld politicus zo goed mogelijk probeert te spelen binnen het bestaande speelveld, verlegde Bolkestein de grenzen ervan. Het ter discussie stellen van de Europese Unie was destijds bijvoorbeeld volkomen nieuw.’

Radicalisering
De werkplek van Hans van Baalen biedt uitzicht op het Binnenhof en is gevuld met enkele boekenkasten en twee bureaus bezaaid met stapels papier. Trots toont de politicus foto’s waarop hij de Orde van de Briljanten Ster ontvangt uit handen van de president van Taiwan. In de kast staat ook een koran. Kwam Van Baalen niet eerder in de publiciteit met kritische standpunten over de islam? ‘We hebben momenteel te maken met onzichtbare groepen die onze vrijheid en samenleving haten. Ze laten grof geweld los op burgers om onze maatschappij kapot te krijgen. Helaas komen deze groepen uit de moslimwereld. De bron van de radicalisering, de inspiratie, ligt in het Midden-Oosten. Daar komen de radicale ideeën vandaan en worden terroristen getraind. Daarom moeten we daar naartoe om de bron aan te pakken en niet wachten tot die ideeën hier komen.’
‘Het is een goede vraag hoe het kan dat jonge mensen in een rijk, Westers land worden aangetrokken door geweld. Volgens mij komt dat niet door discriminatie. Surinamers werden vroeger ook gediscrimineerd in Nederland, maar zijn er nooit gewelddadig door geworden. Ten tijde van de apartheid in Zuid-Afrika was er vanuit zwarte groeperingen gewapend verzet. Dat keerde zich echter altijd tegen politici, politieagenten of andere vertegenwoordigers van het gezag en nooit tegen willekeurige blanke burgers. Het huidige terrorisme heeft een heel ander karakter: het doel is slechts een zo groot mogelijk aantal slachtoffers te maken.’
‘Deze vorm van radicalisme hangt samen met de archaïsche structuur van het islamitische geloof. In het Westen is er een lange traditie van kritiek op het geloof. Er zijn weinig katholieken die daadwerkelijk menen dat de paus de onfeilbare plaatsvervanger van God op aarde is. De gelijkwaardigheid van man en vrouw wordt algemeen geaccepteerd. Priester Antoine Bodar is openlijk homoseksueel zonder dat dit gevolgen heeft voor zijn positie en het is een kwestie van tijd voordat de eerste vrouwelijke priester wordt benoemd. Dit betekent dat de rooms-katholieke kerk met de tijd meegaat.’
De islam doet dit volgens Van Baalen nauwelijks. ‘Dat komt doordat de Koran niet mag worden vertaald en uitgelegd, waardoor het een document blijft uit het Saudi-Arabië van de tiende eeuw. Turkije is als enige moslimland geseculariseerd en in Marokko moderniseert koning Mohammed VI de wetten ten gunste van de vrouw. Die kant zouden meer landen op moeten.’ Van Baalen zegt veel respect te hebben voor moslims die wel onderdeel zijn van de Nederlandse samenleving. ‘Maar zij moeten veel vaker opstaan tegen radicalen. Ik vind het fantastisch dat de Amsterdamse PvdA-wethouder Aboutaleb dat doet: hij geeft een goed voorbeeld. Natuurlijk horen jongeren ook kansen te krijgen. Werkgelegenheid en scholing zijn ongelofelijk belangrijk om ze bij de Nederlandse samenleving te betrekken. Maar de achterstand van allochtone jongeren is niet de reden van de radicalisering, die ligt in het geloof.’

Hamburgers bakken
Van Baalen, die pas na zijn studie lid werd van de VVD, omdat hij ‘liever leuke dingen deed dan urenlang vergaderen in kleine zaaltjes’, is het niet eens met de stelling dat studenten over het algemeen links zijn georiënteerd. ‘De VVD is bij uitstek een partij voor jongeren. Mijn ervaring is dat studenten juist positief tegenover het gedachtegoed van de VVD staan. Vrijheid spreekt jongeren aan. Wanneer mensen ouder worden, krijgen ze behoefte aan zekerheid. Dan gaan ze zich druk maken om hun rollator. Jonge mensen willen vrijheid en uitdagingen. Het lef dat wij als partij uitstralen is voor hen aantrekkelijk: ze zitten niet te wachten op een overheid die alles voor hen wil regelen. Het beleid van de VVD is erop gericht iedereen zoveel mogelijk uit zichzelf te laten halen. Met name aan de onderkant van de arbeidsmarkt hebben mensen voordeel bij liberalisering. Als ontslagregelingen soepeler zijn, nemen bedrijven eerder mensen aan omdat ze er ook weer gemakkelijk vanaf kunnen. Daarmee worden de kansen op werk vergroot voor iemand die moeilijk aan een baan komt. Het is beter om hamburgers te bakken dan thuis te zitten. Aan het einde van de dag voelt het misschien wat vettig, maar heb je wel je eigen geld verdiend.’

Liberale idealen
Een thema dat bij de liberaal hoog op de agenda staat, is het bevorderen van burgerschap. ‘Dat wordt de grote uitdaging van de komende decennia. Mensen in Nederland hoeven niet van erwtensoep te houden, ze mogen best liever couscous eten, zolang ze zich maar betrokken voelen bij dit land.’ Hij spreekt van gettovorming. ‘Kijk bijvoorbeeld naar de Schilderswijk in Den Haag. De ene straat is Turks, de andere Marokkaans. Er is nauwelijks sprake van onderling contact of betrokkenheid bij de Nederlandse samenleving. Daarin zie ik een nieuwe vorm van apartheid, die fel moet worden bestreden. Immigratie is nog steeds een belangrijk thema. We zijn de laatste eeuwen gewend geraakt aan een stabiele samenleving, maar er is momenteel sprake van een grote volksverhuizing.’

Immigratie is volgens Van Baalen geen ramp, maar een verschijnsel waarmee we moeten leren omgaan. ‘In Noord-Afrika kan bijvoorbeeld veel worden verbeterd met economische ontwikkeling. Door de landbouwsubsidies in de EU te verminderen, krijgen Afrikaanse boeren kans hun producten op de Europese markt te brengen en verbetert hun levensstandaard. Mensen emigreren niet uit plezier, maar uit bittere noodzaak.’
‘Nederland is een handelsland, onze boterham wordt in het buitenland gesmeerd. Een open economie is dus essentieel. De Poolse arbeiders die hier komen werken als loodgieter doen dat omdat er te weinig Nederlandse loodgieters zijn. De belangrijkste vraag is: wie hebben we nodig? Ofwel, waar ligt het belang van Nederland? Dat ligt in het accumuleren van de beste kennis en de beste mensen. Het is prima als ICT’ers uit Taiwan in Nederland komen werken of studeren, maar we hebben geen behoefte aan tienduizenden Chinezen om onze vloeren te vegen terwijl we in de Europese Unie voldoende arbeidskrachten hebben.’

Puzzelstukjes
Hans van Baalen neemt de rol van gids weer op zich en toont de vergaderzaal van de Tweede Kamer der Staten-Generaal. Het is de vraag wie de honderdvijftig kamerzetels na de komende verkiezingen zullen bemannen. ‘Ik hoop op een kabinet met een liberale premier’, vertelt de parlementariër. ‘Het zou een kabinet met CDA of PvdA kunnen zijn, daarin heb ik geen voorkeur. Zelf ben ik wel bereid in een dergelijk kabinet zitting te nemen, maar alleen op een positie waar ik het verschil kan maken: Defensie, Buitenlandse, Europese of Economische Zaken. Er is echter geen sollicitatieprocedure voor ministers; politici worden ervoor gevraagd. Vroeger zaten kandidaten hele dagen bij de telefoon te wachten terwijl hun kinderen uit de buurt werden gehouden. Tegenwoordig is er gelukkig mobiele telefonie’, grapt Van Baalen.
Zowel in 1998 als in 2003 was hij campagneleider voor de VVD en leerde hij het klappen van de verkiezingszweep kennen. Dat ex-collega Anton van Schijndel onlangs uit de VVD stapte omdat er volgens hem in het verkiezingsprogramma te weinig aandacht wordt besteed aan integratie, keurt Van Baalen af. ‘Het programma is slechts een etalagekast. Een partij heeft een visie op maatschappelijke problemen, en die verandert niet zomaar. De standpunten die wel veranderen of nadruk krijgen, worden in het verkiezingsprogramma vermeld. Politiek is voor een gedeelte marketing: welke standpunten komen in de schijnwerpers? Neem bijvoorbeeld Europa. Ik ben er kritisch over: wat in Nederland kan worden gedaan, moeten we niet door Brussel laten doen. Maar ik ben wel pro-Europees. Dat standpunt verandert niet en hoeft dus ook niet in de etalage. Mark Rutte heeft Van Schijndel overigens terecht de deur gewezen; niet alleen omdat Van Schijndel het verkiezingsprogramma wilde aanpassen, maar vooral omdat hij Rutte chanteerde met uittreding.’
Onvrede ontstond binnen de partij ook toen de kandidatenlijst voor de Tweede Kamerverkiezingen werd bekendgemaakt. Van Baalen legt uit hoe de lijst tot stand komt. ‘Bij het bepalen van de eerste tien personen wordt gelet op diversiteit. Het aantal mannen en vrouwen moet ongeveer gelijk zijn; er staan nu vier vrouwen en zes mannen op. De zittende ministers krijgen een notering bij de eerste tien, anders wordt er gespeculeerd dat ze zijn afgeserveerd. Daarnaast is het van belang dat het hele land is vertegenwoordigd en er niet slechts Haagse kandidaten op de lijst staan. Door dergelijke overwegingen kan het voorkomen dat een politicus op een plaats komt te staan die geen recht doet aan zijn kwaliteiten. Het samenstellen van een lijst is eigenlijk gewoon een puzzel. Soms blijken er aan het einde nog hele goede puzzelstukjes over te zijn, die je niet meer in kunt passen.’