ANS-Online

Website van het Algemeen Nijmeegs Studentenblad

Adje d’n Teunis

Het leven van Adje d’n Teunis (2/10)
De pijn van Kimmy

‘Ich komme zurück’, had Gunther gezegd.

Godverkut! Wat was dat huisetentje een compleet fiasco. Al die gedwongen gezelligheid. En dan die nieuwe, Remco, wat een volledige klotemongool is dat. Nog minder charisma dan een verlepte spons, en dan dat gehakkel in elke zin op de koop toe.
‘Waar is Adje? Waarom is hij er niet?’ Steeds maar vragen over Adje dit, Adje dat. En wij alsmaar nieuwe dingen moeten verzinnen om hem bezig te houden. Adje doet cavalerieoefeningen, Adje houdt een lezing over seksualiteit onder pygmeeën, Adje drinkt niets dan Creoolse koffie. Ja dan raakt de koek ineens op en valt er een stilte. Het teken voor Hans om van wal te steken. En voor mij om me schrap te zetten.
‘Kimmy, heb jij nog je tong in een lekkere neegster gestoken?’, probeert hij mijn reputatie bij te houden. Tevergeefs natuurlijk; geen beerput te groot voor mij om open te trekken. Zodra hij me niet meer kan bijbenen, komt mijn grootste ergernis: Hans’ filmimitaties.
De ergste komt meteen aan het begin. Borat-style: ‘Yakshemash!’ Huiver. En dan Agent Smith uit The Matrix en natúúrlijk een slechte Gollem aan het eind. Ja, dat is dan weer lekker gegeneerd lachen rond de tafel. Zelfs Graard begint die onzin eindelijk zat te worden. Maar het ergste kwam toen die andere malloot zijn bek opentrok.

‘I’ll be back!’, was de enige imitatie die Remco kon.

Die woorden, dat Oostenrijkse accent. Alle herinneringen kwamen weer bovendrijven in de zee van alcohol die door mijn brein klotste.
Gunther had gezegd dat ‘ie terug zou komen, dat was het laatste wat hij tegen me zei. Twee dagen later werd hij dood aangetroffen in het portaaltje voor een collegezaal. Een overdosis, door de heroïne die onze huis-Duitser kocht van zijn gokwinsten. Op internet wedde hij, onder Adjes naam, op welke illegale Mexicaanse immigranten de meeste ledematen vrijwillig lieten amputeren voor een vals Amerikaans paspoort. Gunther werd te goed, dat was zijn ondergang.
Mijn maandenlange vriendschap met Gunther flitste voorbij in mijn gedachten. In die vijf minuten zag ik onze lange conversaties – huisetentjes waren niet nodig om een band met hem te krijgen. En ik zag hoe Gunther aftakelde. Zijn postuur ging zo scheef hangen als dat van een potplant die geen water krijgt. En toen was ie er niet meer. Toen kwam Remco.

‘Ik ben zo terug’, zei ik tegen de rest, en sloot me op in mijn kamer om te gaan huilen.

Ik vergat de tijd. Twee uur later tikte er zachtjes iets tegen mijn deur. Eerst dacht ik dat de muizen terug waren. Toen bleek er regelmaat in het getik te zitten. Het was Chantal.
‘G-g-gaat het?’, vroeg ze.
Wat is ze toch ook een schat. De rest heeft vast niet eens in de gaten dat ik zo lang weg ben. Ik open de deur en laat me door haar knuffelen. Ik vergeet mezelf eventjes. Misschien heb ik toch nog een vriend hier in huis.

WORDT VERVOLGD