Gratis af te halen: maaltijd en bul
In 2002 introduceerde de RU het Honours Programma. Het nieuwe paradepaardje werd gepresenteerd als een prestigieus programma voor extra gemotiveerde studenten. Maar strookt deze hoogdravende beschrijving ook met de werkelijkheid? Bij de viering van het eerste lustrum inventariseert ANS hoe excellent het Honours Programma echt is.
Tekst: Anne Elshof en Freek Slits
Illustratie: Erik Molkenboer
Een gastcollege van bomenknuffelaarster prinses Irene, een excursie naar een Duitse bierbrouwer: het Honours Programma liegt er niet om. ‘De eisen die aan dit programma gesteld worden zijn: aantrekkelijk, multidisciplinair, grote diepgang, pittig van inhoud’, zo vermeldt de website van het programma . Deelnemende studenten offeren een avond per week op voor cursussen als Darwins Erfenis of Je bent wat je eet. Na twee jaar ontvangen zij uit handen van de rector magnificus een speciale Honoursbul. Met deze bul op zak zou het krijgen van een stageplek, beurs of baan gemakkelijker zijn.
De universiteit is trots op het programma en dat is aan alles te merken. De cursussen, de studieboeken, het eten en de uitstapjes zijn gratis; er komen gastdocenten uit binnen- en buitenland, en enkel de ‘topdocenten’ van de universiteit verzorgen de cursussen.
Selection of the fittest
Het academische walhalla is niet voor iedereen weggelegd, geen prestige zonder exclusiviteit. Het Honours Programma kent toelatingseisen: de propedeuse moet zijn behaald en er dient een motivatiebrief te worden geschreven. Dit eisenpakket staat in schril contrast tot dat van vergelijkbare programma’s bij andere universiteiten. Voor toelating tot het Honours Programma van de Universiteit van Amsterdam bijvoorbeeld, moet naast een motivatiebrief ook een essay worden geschreven en vindt er een intakegesprek plaats. In vergelijking met de Erasmus Universiteit Rotterdam vallen de selectiecriteria van de RU helemaal in het niet. Bij het programma van deze universiteit is slechts voor 25 studenten plaats, die door een commissie onder leiding van de rector magnificus worden geselecteerd op basis van cijfers, motivatie, cv en een aanbevelingsbrief.
Sinds de start van het programma aan de RU is er veel discussie geweest over de selectiecriteria. Studentenvakbond AKKU vindt dat toponderwijs voor iedereen toegankelijk moet zijn en is daarom fel gekant tegen selectie op basis van cijfers. Dit wringt echter met de wens van het Honours Programma enkel de beste studenten aan te trekken. ‘Wij hebben, willen en houden de beste docenten en de beste studenten’, beweert Henk Willems, coördinator van het programma. Dat dit niet helemaal lijkt te kloppen, blijkt uit het advies van de studentenraad van het programma om de criteria aan te scherpen. In april dit jaar werd de knoop uiteindelijk doorgehakt: voortaan zouden ook eisen aan de cijfers van kandidaten worden gesteld. Het gemiddelde van de laatste zes tentamens moest minimaal een 7,5 zijn, bij een punt tussen de 7 en 7,5 diende een aanbevelingsbrief van een docent te worden toegevoegd. Binnen korte tijd werden deze eisen weer ingetrokken en werden de strengere criteria afgedaan als een foutje op de website. Volgens Willems ging het plan niet door omdat de ‘toetsingmethodes van verschillende opleidingen niet te vergelijken zijn’. Dat het aantal aanmeldingen drastisch daalde lijkt ook een rol te spelen. Willems beseft dat de huidige selectiemethode niet de beste is. Er wordt gezocht naar een betere, objectievere methode. Totdat die gevonden is, blijft het schrijven van een motivatiebrief de enige hindernis die moet worden overwonnen om tot het toponderwijs toe te mogen treden.
Bovengemiddeld gemotiveerd
Docenten van het Radboudiaanse Honours Programma noemden hun studenten in een eerste evaluatie uit 2004 ‘niet bovengemiddeld getalenteerd, maar wel gemotiveerd’. Navraag bij deelnemende studenten leert dat de motivatiebrieven uit de duim worden gezogen. Bovendien kunnen de cursussen de studenten niet altijd aanzetten tot grote inzet. Deelneemster Anne de Kort: ‘De inhoud van de cursussen is interessant, maar ze verschillen veel in niveau’. Zo blijkt uit evaluaties dat de theoretische studielast van tien uur per week alleen bij de cursus Great Texts wordt gehaald, de rest blijft daar ver onder. Bij veel cursussen is de beoordeling van eindessays zo soepel dat vrijwel iedere student het haalt. Kortom, men hoeft niet buitengewoon intelligent of gemotiveerd te zijn om de bul te behalen. Willems erkent: ‘Sommige docenten zijn al zo blij met interesse voor hun vakgebied, dat ze niet al te kritisch naar de essays kijken.’ Hij speelt met het idee om meer tussentijdse beoordelingen in te voeren en de docenten strenger te laten zijn in de beoordeling van de eindwerkstukken.
Geldverspilling?
In de beginjaren van het programma werd veel kritiek geuit door de studentenpartijen AKKUraadt en het inmiddels ter ziele Student’01. Het reguliere onderwijs zou onder het programma komen te lijden doordat de topdocenten voor de Honourscolleges worden ingezet. AKKU pleitte hierom zelfs voor afschaffing van het programma. Tegenwoordig is hun mening enigszins bijgesteld: ‘Inmiddels weten we dat de docenten de cursussen er gewoon naast doen en dat het niet ten koste gaat van de reguliere colleges.’ Kritiek is er nog wel: ‘Het geld dat naar het Honours Programma gaat, zou aan het onderwijs moeten worden besteed en niet aan gratis maaltijden en dure excursies.’ Het voeden van hongerige studenten is inderdaad geen primaire taak van de universiteit. Of het onderwijs het geld wel waard is, valt eveneens te betwijfelen. De cursussen zijn weliswaar interessant, maar vragen niet veel van de studenten. Dit roept de vraag op of het geld niet beter kan worden gebruikt voor het reguliere onderwijs. Willems is echter van mening dat het Honours Programma de afgelopen jaren onderdeel van de universiteit is geworden en dat het evenveel bestaansrecht heeft als bijvoorbeeld het sportcentrum of de studentenkerk, waar ook veel geld in wordt gepompt.
Ondanks alle kritiek blijft het Honours Programma onverminderd populair onder studenten die iets willen toevoegen aan hun studie. Met de huidige eisen is het hier uitermate geschikt voor. Wie wil niet eens per week gratis eten, leuke colleges volgen, af en toe een essay schrijven en hiervoor worden beloond met een bul? Wil het Honours Programma met recht prestigieus worden genoemd, dan zal er iets moeten veranderen. De eisen van de Erasmus Universiteit zouden het Nijmeegse Honours Programma kunnen laten waarmaken wat het belooft: exclusief onderwijs voor de beste studenten. Vooralsnog moet de nieuwe slogan van de RU worden omgedraaid: ‘heel gewoon’ is bij het Honours Programma al excelleren.
ANS Alternatieve Honours Programma
Geen zin om je avonden op te offeren, maar wel breed geïnteresseerd? ANS zet een aantal excellente collegereeksen uit het RU-onderwijs voor gewone stervelingen op een rij.
Extreme Makeover: Hoe maakbaar is de mens (m/v)?
Deze multidisciplinaire collegereeks wordt verzorgd door het Institute for Genderstudies, maar laat je hierdoor niet afschrikken. Docenten van Antropologie tot Managementwetenschappen laten hun licht schijnen over lichaamstransformaties in alle mogelijke vormen, niet zelden ondersteund door opvallend beeldmateriaal.
4 sept. – 20 nov. Di., 15:45-17:30 uur.
Milieu, vrede en duurzame ontwikkeling
Met dank aan Al Gore actueler dan ooit, deze cursus van het CICAM (Centrum voor Internationaal Conflict-Analyse en -Management) waarin (gast)docenten uit verschillende disciplines kekke termen als duurzame ontwikkeling uitdiepen.
5 nov. – 13 dec. Ma. & do., 13:45-15:30 uur.
Filosofie en literatuur
Door middel van een filosofische benadering van literaire teksten wordt getracht ‘door te dringen tot het wezen van de werkelijkheid van mens en wereld’. Zo luidt tenminste de ambitieuze doelstelling van deze collegereeks, gegeven door de hooggewaardeerde professor Jacques de Visscher.
Tweede semester. Vr., 13:00-15:00 uur.
Conflict? Contrast? Contact? Confirmation? The Interaction of Science and Religion
In deze cursus van de Faculteit der Religiewetenschappen, waarvan de titel misschien iets te veel vragen telt, wordt de interactie tussen natuurwetenschap en religie onderzocht. Altijd interessant voor wie aan een katholieke universiteit studeert.
Tweede semester. Ma., 10:45-12:30 uur.
Klik hier voor alle artikelen van ANS oktober 2007







Pingback: ANS-Online » Nieuws » De student en de excellent