ANS-Online

Website van het Algemeen Nijmeegs Studentenblad

Proeven van de wetenschap

Talentvolle studenten moeten meer bij de wetenschap worden betrokken, aldus minister Plasterk van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Het tappen van een biertje als bijbaantje wordt ingeruild voor het verrichten van onderzoek. De Akademie-assistent is geboren.

Tekst: Zef Faassen en Alexander Thijssen

Plasterk gaat jaarlijks een miljoen euro uitgeven om honderdvijftig masterstudenten de kans te bieden een kijkje te nemen in de keuken van academisch onderzoek. Hij maakte tijdens de opening van het academisch jaar op de Universiteit van Amsterdam bekend de komende vier jaar geld in dit experiment te steken. De proefballon komt van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) en het Interstedelijk Studentenoverleg (ISO). Gemotiveerde studenten gaan helpen bij het ontwikkelen en uitvoeren van grootschalig onderzoek. De bedenkers hopen de intellectuele ontwikkeling van studenten te bevorderen door ze te laten profiteren van de kennis en het enthousiasme van topwetenschappers. Ze worden hiervoor betaald en kunnen zodoende hun onbeduidende bijbaantje in de horeca inruilen voor academisch werk. Als alles volgens plan verloopt, zal het project begin 2009 starten. Maar willen studenten van de tap naar het lab worden gehaald?

Ondersteunen of onderzoeken?
De kern van het plan is studenten persoonlijk te betrekken bij de wetenschap. ‘Wie later wordt gevraagd naar een bepalend moment in de opleiding komt zelden met een studieboek, maar veel vaker met de naam van een docent’, verklaart voormalig KNAW-president en initiator van het plan, Frits van Oostrom. ‘Vergelijk de Akademie-assistent met het lopen van co-schappen tijdens de studie Geneeskunde.’ Om in aanmerking te komen voor subsidie dient een faculteit met een concreet plan te komen waarin een onderzoeksmogelijkheid wordt geboden voor tien tot vijftien studenten. ‘De faculteit wordt voor de invulling hiervan vrij gelaten’, licht ISO-bestuurslid Marlies Wesdorp toe. Een toewijzingscommissie van de KNAW zal zich over de ingediende voorstellen buigen.
De Akademie-assistent verschilt volgens de initiators wezenlijk van de reeds bestaande student-assistent. Akademie-assistenten dienen te worden betrokken bij onderzoeksactiviteiten en daarmee samenhangend onderwijs. ‘Het assisteren bij een practicum of het verwerken van onderzoeksgegevens zijn niet de taken waar we in dit verband aan denken. Het zelf ontwikkelen en uitvoeren van een experiment wel, het liefst in samenwerking met een docentonderzoeker van niveau’, zegt Gertske Kuiper, woordvoerder van de KNAW. Het vele kopieerwerk waar student-assistenten mee worden opgezadeld zal de Akademie-assistent bespaard blijven. ‘Het is absoluut geen ondersteunende taak.’

Prachtige formule
De reacties uit de universitaire wereld zijn wisselend. Hans Beentjes, vice-decaan Sociale Wetenschappen, noemt het plan een goed bedoelde poging studenten te enthousiasmeren voor onderzoek. ‘Het lijkt op afstudeerprojecten zoals studenten die aan onze faculteit doen. Deze projecten sluiten ook aan op onderzoek. Het is echter de vraag of het plan zoden aan de dijk zet.’ Docent-onderzoeker Martine van der Staak, werkzaam op de sectie strafrecht van de rechtenfaculteit aan de RU, vindt de Akademie-assistent overbodig. ‘Onze faculteit maakt al jaren onderscheid tussen onderzoeksstudenten en reguliere student-assistenten. Ik zou liever zien dat het verschil tussen deze twee scherper wordt gemaakt, dan dat er een derde variant bij komt.’ Haar collega Thomas Kraniotis noemt een derde groep een goed plan, ‘al mogen ook bestaande student-assistenten meer bij onderzoek worden betrokken.’ Frits van Oostrom, die het idee al in 2002 opperde, is vol verwachting. ‘Het student-assistentschap is een prachtige formule, maar door bezuinigingen in onbruik geraakt. Deze nieuwe formule staat juist los van facultaire budgetten, dat is mooi.’

Zesjes
Sara Struik, lid van de studentenfractie AKKUraatd, vindt het jammer dat het plan is gericht op excellente studenten. ‘De selectie zal waarschijnlijk plaatsvinden op basis van cijfers. Wij zien liever dat het voor een bredere groep toegankelijk wordt, door toewijzing op grond van een motivatiebrief.’ De voorzitter van de Landelijke Studentenvakbond, Lisa Westerveld, deelt deze mening. ‘Studeren is niet alleen hoge cijfers halen. Een student kan ook excelleren door een goede bestuursfunctie of zinvolle nevenactiviteiten. Dat kan er voor zorgen dat je niet altijd hoge punten haalt.’ De KNAW benadrukt dat de faculteiten vrij worden gelaten in de invulling van deze plekken. ‘Natuurlijk worden de beste studenten uitgekozen’, verduidelijkt Gertske Kuiper.

Excellent onderwijs
De Akademie-assistent is een interessant idee. Studenten ontwikkelen hun vaardigheden, komen in contact met een inspirerende docent en ontdekken hoe het is om onderzoek te doen. Naast honoursprogramma’s, talent classes en speciale beurzen is dit het zoveelste universitaire fenomeen voor de getalenteerde student. Uiteraard is het voor een kenniseconomie van belang om een student zich zo goed mogelijk te laten ontwikkelen, kwaliteiten die hem in de toekomst goed van pas komen. Dit moet echter niet ten koste gaan van andere, minder getalenteerde, studenten. Voor de Akademie-assistent geldt dat de vacatures beschikbaar zijn voor een selecte groep. Het prijskaartje dat aan excellent onderwijs hangt komt op die manier slechts een kleine groep studenten ten goede. Dit is zorgelijk. Topstudenten steken toch wel boven het maaiveld uit, daar zijn geen miljoenen voor nodig. De minister lijkt het plan te gebruiken als lapmiddel voor de massaliteit van het hoger onderwijs. Gebrekkig contact tussen studenten en docenten zou werkelijk worden bestreden wanneer de numerieke verhouding tussen beiden verbetert. Misschien is dit probleem de dieper liggende oorzaak van het scala aan deze excellente plannen.