Student versus Cito

Redactie
Op de proef gesteld

Voor middelbare scholieren is woensdag de grote dag waarop eindelijk duidelijk wordt wie is geslaagd en wie niet. Voor je het weet, ben je echter vier jaar verder met je droomstudie en is alle kennis allang vergeten. De redactie van ANS boog zich over de examens van dit jaar om te kijken hoe de innerlijke middelbare scholier ervoor staat.

Studie: Biologie, derdejaars
Eindexamen: Biologie
Cijfer toen: 5
Cijfer nu: 6,5

Alle lange dagen zwoegen in de UB afgelopen drie jaar hebben toch wat opgeleverd, zo blijkt maar weer: inmiddels ligt een voldoende voor het vwo eindexamen Biologie wel binnen handbereik. Qua inhoud komt het examen sterk overeen met de inhoud van de tentamens aan de RU, maar dan sterk versimpeld. Pogingen van Cito om de eindexamenkandidaten af te schrikken met termen zoals fagolysosoom, tetracycline en osmoregulatie hebben op een doorgewinterde student dan ook geen effect meer. Al jaren zijn de onderwerpen hetzelfde in het eindexamen. Telkens weer worden de evolutietheorie, DNA replicatie en genetica netjes behandeld, terwijl aan ecologie nauwelijks aandacht wordt besteed. Tijdens de opleiding Biologie verandert er niet veel aan de onderwerpen, maar wel aan de diepgang van de stof. Tijdens het maken van het examen lijkt de vroeger zo heilige BINAS dan ook even een overbodige luxe te zijn geworden. Bij het nakijken valt het toch allemaal weer mee te vallen, het resultaat is een schampere 6,5

Studie: Amerikanistiek, vierdejaars
Eindexamen: Engels
Cijfer toen: 7,9
Cijfer nu: 7,1

Hoewel Engelstalige teksten dagelijkse kost zijn bij Amerikanistiek, heeft Cito toch iets andere verwachtingen dan de gemiddelde professor van de Radboud Universiteit (RU). Voor creativiteit is geen ruimte en het examen Engels draait vooral om de belangrijkste vaardigheid voor iedere afgestudeerde burger: begrijpend lezen. Niet alleen van de teksten, maar ook van de vragen, die nog altijd zo cryptisch verwoord zijn dat het een goed idee lijkt om op goed geluk een letter op te schrijven die al een tijdje niet meer is voorgekomen. Een vraag over de rol van de auto in het opbloeien van de Amerikaanse voorsteden maakt meer los, maar ook hier gaat het helaas alleen om een opmerking van de auteur in regel vier van alinea twee. Praatjes vullen geen gaatjes, maar de meest voorkomende vraag in dit examen is toch wel 'Which of the following fits the gap', met een keuzemenu waar soms een flinke thesaurus voor nodig zou zijn om er iets van te maken. Hoewel ook bij Amerikanistiek volop aandacht wordt besteed aan de Engelse taal, is zelfs de doorgewinterde Engelsstudent niet opgewassen tegen de mierenneukerij van dit examen.

Studie: Geschiedenis, vijfdejaars
Eindexamen: Geschiedenis
Cijfer toen: 7,2 (tweede kans)
Cijfer nu: 5,7

Vijf jaar Geschiedenis aan de RU zou genoeg moeten zijn om het vwo eindexamen met twee vingers in de neus te halen. Niets is minder waar. Bij het openen van het examenboekje is er nog hoop, omdat het eindexamen tegenwoordig gaat over de hele geschiedenis, vanaf de Romeinen tot en met de val van het IJzeren Gordijn. De stof uit het propedeusejaar zou nu goed van pas kunnen komen, aangezien in het eerste jaar van de studie ook de hele geschiedenis de revue passeert. Het is pijnlijk om erachter te komen dat de vragen over de Middeleeuwen en de Gouden Eeuw met pijn en moeite moeten worden ingevuld in de hoop om genoeg punten bij elkaar te sprokkelen. Daarnaast staan in het bronnenboekje te veel teksten en te weinig spotprenten om te analyseren en kan je de zin 'kenmerkende aspecten van deze periode' na een half uur al niet meer zien. Om het Geschiedenisgezicht te redden komen de vragen over Joseph Goebbels en Gorbatsjov aan het einde als geroepen, want die zijn makkelijk in te koppen. De N-term van 0,9 levert uiteindelijk een magere voldoende op. Toch valt het cijfer niet tegen, want in die vijf jaar Geschiedenis zijn wel vaker studentenzesjes behaald.

Studie: Nederlands, vierdejaars
Eindexamen: Nederlands
Cijfer toen: 6,7
Cijfer nu: 6,5

Het eindexamen Nederlands is traditioneel een van die examens waar je niet voor hoeft te leren. In de praktijk valt het begrijpend lezen echter altijd tegen. De vragen zijn vaag gesteld en de teksten gaan allemaal over hetzelfde. Cito lijkt in het examen namelijk vooral de geesteswetenschappen te willen promoten. Wellicht hopen ze eindexamenkandidaten die nog geen studiekeuze hebben gemaakt zo alsnog over de streep te trekken. Goed, de derde tekst is geschreven door een bètawetenschapper die meent dat de geesteswetenschappen wel opgedoekt kunnen worden, maar door het hele examen heen worden leerlingen vooral gedwongen na te denken over de plek die geesteswetenschappen in de samenleving innemen. Mocht de zwevende kiezer naar aanleiding van dit examen besloten hebben Nederlands te gaan studeren, moet zich voorbereiden op een teleurstelling. Het eindexamen heeft noch te maken met het schoolvak, noch met de studie. Vier jaar studeren heeft dan ook nauwelijks iets veranderd aan het eindcijfer.

Sommigen met de hakken over de sloot, maar iedereen is geslaagd. Tijd voor een examenfeestje en de verplichte reis naar Lloret de Mar.