In Beeld: Sloop TvA

Terwijl de rest van de voormalige Thomas van Aquinostraat al is gereduceerd tot hopen puin, sluit TvA 6 pas vrijdag 29 juni haar deuren. ANS nam een kijkje bij de verhuizing en ging met een camera langs de ruïnes.

Tekst: Vincent Veerbeek en Irene Wilde
Foto's: Vincent Veerbeek

TvA 1 GrootHoewel TvA 6 nu pas dichtgaat, is het verval al enige tijd geleden ingezet.

TvA 2 GrootEnkele weken voor de definitieve sluiting werden de boeken uit de sociologiebibliotheek al verhuisd naar TvA 8. Ook de pc's in het studielandschap waren al vroeg weg.

TvA 3 GrootVroeger waren hier kantoren en vergaderruimtes. Nu zijn er slechts restanten die herinneren aan de voormalige gloriedagen van TvA 6.

TvA 4 GrootVan een groot deel van TvA 3 zijn alleen de fundamenten nog over. De vroegere doorgang naar TvA 1 wordt nu gemarkeerd door een greppel en een berg bouwafval.

TvA FacebookVanaf de twintigste verdieping van het Erasmusgebouw is goed te zien hoe ver de sloop al is gevorderd. Tussen al het groen ziet het bouwterrein eruit als een oorlogsgebied.

TvA 5 GrootWaar vroeger studenten zich over de bakstenen bestrating van de Thomas van Aquinostraat naar college begaven, rijden nu vrachtwagens met containers af en aan over staalplaten en zand.

TvA 7 GrootTvA 6 Groot
Anderhalve week maakt een wereld van verschil op het sloopterrein. Dat laten deze foto's van TvA 2 zien. 

TvA 8 GrootHoewel sommige delen nog herkenbaar zijn, is op de plek van TvA 5 alleen nog een lege huls over. Enige punt van herkenning is het bordje van de Faculteit der Mangemenwetenschappen dat nog op de gevel prijkt.

TvA 10 GrootOok TvA 2 heeft duidelijk haar beste tijd gehad. Gelukkig komt er een mooi nieuw gebouw. 

 

Lees meer

In Beeld: Sloop TvA

Terwijl de rest van de voormalige Thomas van Aquinostraat al is gereduceerd tot hopen puin, sluit TvA 6 pas vrijdag 29 juni haar deuren. ANS nam een kijkje bij de verhuizing en ging met een camera langs de ruïnes.

Tekst: Vincent Veerbeek en Irene Wilde
Foto's: Vincent Veerbeek

TvA 1 GrootHoewel TvA 6 nu pas dichtgaat, is het verval al enige tijd geleden ingezet.

TvA 2 GrootEnkele weken voor de definitieve sluiting werden de boeken uit de sociologiebibliotheek al verhuisd naar TvA 8. Ook de pc's in het studielandschap waren al vroeg weg.

TvA 3 GrootVroeger waren hier kantoren en vergaderruimtes. Nu zijn er slechts restanten die herinneren aan de voormalige gloriedagen van TvA 6.

TvA 4 GrootVan een groot deel van TvA 3 zijn alleen de fundamenten nog over. De vroegere doorgang naar TvA 1 wordt nu gemarkeerd door een greppel en een berg bouwafval.

TvA FacebookVanaf de twintigste verdieping van het Erasmusgebouw is goed te zien hoe ver de sloop al is gevorderd. Tussen al het groen ziet het bouwterrein eruit als een oorlogsgebied.

TvA 5 GrootWaar vroeger studenten zich over de bakstenen bestrating van de Thomas van Aquinostraat naar college begaven, rijden nu vrachtwagens met containers af en aan over staalplaten en zand.

TvA 7 GrootTvA 6 Groot
Anderhalve week maakt een wereld van verschil op het sloopterrein. Dat laten deze foto's van TvA 2 zien. 

TvA 8 GrootHoewel sommige delen nog herkenbaar zijn, is op de plek van TvA 5 alleen nog een lege huls over. Enige punt van herkenning is het bordje van de Faculteit der Mangemenwetenschappen dat nog op de gevel prijkt.

TvA 10 GrootOok TvA 2 heeft duidelijk haar beste tijd gehad. Gelukkig komt er een mooi nieuw gebouw. 

 

Lees meer

In Beeld: Stukafest 2018

Afgelopen woensdag vond de achttiende editie van studentenkamerfestival Stukafest plaats, een avond waarop twintig studentenkamers werden omgetoverd tot podia voor muziek, cabaret, film en alles daartussenin. ANS trotseerde de kou om zich op te warmen aan verschillende culturele optredens in studentenkamers door heel Nijmegen.

Tekst: Guusje van den Ouweland, Elisa Ros Villarte en Vincent Veerbeek
Foto's: Guusje van den Ouweland en Vincent Veerbeek

Stukafest Bovenste Knoopje Open

De heren van kleinkunstduo Bovenste Knoopje Open trappen de avond af in een knusse kamer aan Plein ’44. Sjoerd en Job weten het publiek vanaf de eerste minuut aan het lachen te brengen, met personages als Gijs met zijn roze Allstars en gele regenjas, de kankertelefoon en muzikale intermezzo’s. 'Bizar van die slachthuizen in België hé? Maar verder alles wel goed hoor.' Goed waren ze zeker!

DSCN4205

Heel anders dan het energieke optreden van Bovenste Knoopje Open zijn de rustige literaire voordrachten bij de Nieuwe Oost. De Belgische schrijver Corinne Heyrman haalt jeugdherinneringen op aan de hand van foto's en anekdotes. Vervolgens beschrijft schrijver Laurens van de Linde een autorit naar het strand, met op de achtergrond zelfgemaakte muziek en het geluid van krakende radio's en zeemeeuwen. De combinatie van tekst en geluid maakt het tot een indrukwekkende voorstelling in intieme setting.

Stukafest GoShort

Ook filmfestival GoShort is van de partij. Vanavond krijgt het publiek een kleine verzameling films te zien van Johan Rijpma, 'visual artist' en filmregisseur. Zelf is hij ook aanwezig om het publiek meer uitleg te geven bij zijn korte films, waarin rollen plakband te zien zijn die een soort choreografie uitvoeren en een bord dat in scherven valt en met elastiek weer terugveert. Rijpma vertelt hoe hij maanden bezig is geweest om te ontdekken hoe het plakband zelf kon afrollen. Welk plakband werkte nou het beste? 'Plakband van de Action, want die heeft de slechtste lijm.'

Stukafest Nader Issa

De Syrische Nader Issa is een innemende man die pas twee jaar en vier maanden in Nederland is, maar nu al speelt op locaties in het hele land. Hij start een bandje met Griekse muziek, dat hij begeleidt op zijn saxofoon. Liedjes uit Armenië en Nederland (Mag Ik Dan Bij Jou van Claudia de Breij zorgt voor zachte gezang vanuit het publiek) volgen. Dan gaat hij verder met een Spaans nummer. Wanneer de eerste tonen van Despacito inzetten, klinkt er een gemengd geluid, van gejoel tot diep gezucht, maar Issa weet er iets moois van te maken. Als afsluiter speelt hij een traditioneel Syrisch nummer en neemt dan afscheid met 'Shukran', wat dankjewel betekent in het Arabisch.

DSCN4216

Op SSH&-complex Proosdij is de productie 'Waterballet' te zien, met beelden van een aquarium dat op zo'n manier is gefilmd dat het bijna buitenaards lijkt. Deze bijzondere combinatie tussen een natuurfilm en een abstract kunstwerk neemt de kijker mee op een absurdistische reis langs kleurrijke vormen. Op de achtergrond is synthesizermuziek te horen, die het onderdompelende effect alleen maar vergroot.

Stukafest We promise it will not be boring

Aan de Tweede Walstraat voert het duo We Promise It Won't Be Boring een voorstelling op met verhalen over badeenden, meteoren en vriendschap. Die voordrachten worden afgewisseld met gitaarmuziek en zang, inclusief een aangrijpende uitvoering van Friday I'm in Love van The Cure. Ook het publiek wordt op een humoristische manier bij de voorstelling betrokken door hen direct aan te spreken en onderdeel te maken van het spektakel.

Stukafest Afterparty Sokken optie 1

Wie na alle optredens kunstzinnige inspiratie heeft gekregen, kan op de afterparty creatief aan de slag met sokken.Tussen het feestgedruis kunnen bezoekers bij de Lindenberg zelf een sok versieren en hem vervolgens ophangen aan een waslijn of meenemen als aandenken.

Stukafest Afterparty Phoam

De band Phoam laat, met de Waalbrug en het Valkhof op de achtergrond, mensen genieten van een muzikale combinatie van indie-pop en dance. Later op de avond treedt de band HeavyLight op, evenals twee DJ's in een andere zaal en zelfs een VJ, waardoor ook op de afterparty genoeg te beleven is. Zo eindigt Stukafest geheel in stijl: met veel diversiteit en optredens met voor ieder wat wils. 

 

Lees meer

In Beeld: Stukafest 2019

Afgelopen woensdagavond was het tijd voor de negentiende editie van Stukafest. In twintig studentenkamers, verspreid over de hele stad, vonden allerlei optredens plaats. ANS nam een kijkje in twee studentenhuizen en bezocht het eindfeest.

Tekst: Irene Wilde
Foto's: Vincent Veerbeek

Stukafest1In een mooi verlichte kamer, geeft de Brabantse singer-songwriter Mercy John een intiem optreden. Een van de nummers die op veel applaus kan rekenen, is het nummer dat hij voor zijn zieke vader had geschreven.

Stukafest2Ook het dispuutshuis van Corpsdispuut ter Sociëteit de Gong stelt dit jaar zijn deuren weer open voor publiek. 'Ja, wij zijn van die jongens die iedere dinsdagavond in pak en stropdas over cultuur praten. Maar voel je vooral welkom om een keer aan te sluiten', heet een van de gastheren het overwegend vrouwelijk publiek welkom.

Stukafest3De kelder van het dispuutshuis is toneel voor dansgroep Prime. Prime is een collectief dat choreografie, muziek en visuele effecten creëert. 

Stukafest 4.2Met hun experimentele dans en meeslepende muziek weten ze de aandacht van het publiek vast te houden. In grote gebaren beweegt het drietal zich door de ruimte waarbij het constant intens oogcontact houdt met elkaar of het publiek.

Stukafest4In tegenstelling tot de experimentele dans in de kelder, is de voordracht van dichter René Oskam een stuk luchtiger. Met zijn korte gedichten weet hij de lachers op zijn hand te krijgen. Een van de gedichten is er een die hij schreef toen hij slechts zes jaar oud was, voor het lego-poppetje waar hij verliefd op was. 'Jij, ik. Klik.' 

Stukefest5Wat onwennig doet het publiek op het einde mee met de 'telepathische gedichtenshow'. Met de hand op het voorhoofd moeten de aanwezigen een zoemend geluid maken en een getal in gedachten houden. Oskam probeert zo te raden wie welk gedicht zou willen horen. De uitverkorene kan rekenen op een gepersonaliseerd Stukafest-gedicht.

Stukefest7Na drie afwisselende rondes vindt het eindfeest plaats in Brebl. De band We Are Hunters, die vorig jaar de Roos van Nijmegen won, had de eer om het binnendruppelende publiek te verwelkomen met hun pop-rockmuziek.   

Stukefest8Een stuk rustiger is het op de eerste verdieping, waar de bezoekers in de Silent Disco kunnen genieten van verschillende muziekstijlen die door de koptelefoons klinken.  

Stukefest9De avond, en daarmee Stukafest 2019, wordt afgesloten door Mr. Weazly. Met gitaren, een piano en verschillende blaasinstrumenten vult de band de ruimte met een hiphop-reggae sound.

 

Lees meer

In Beeld: Stukafest 2019

Afgelopen woensdagavond was het tijd voor de negentiende editie van Stukafest. In twintig studentenkamers, verspreid over de hele stad, vonden allerlei optredens plaats. ANS nam een kijkje in twee studentenhuizen en bezocht het eindfeest.

Tekst: Irene Wilde
Foto's: Vincent Veerbeek

Stukafest1In een mooi verlichte kamer, geeft de Brabantse singer-songwriter Mercy John een intiem optreden. Een van de nummers die op veel applaus kan rekenen, is het nummer dat hij voor zijn zieke vader had geschreven.

Stukafest2Ook het dispuutshuis van Corpsdispuut ter Sociëteit de Gong stelt dit jaar zijn deuren weer open voor publiek. 'Ja, wij zijn van die jongens die iedere dinsdagavond in pak en stropdas over cultuur praten. Maar voel je vooral welkom om een keer aan te sluiten', heet een van de gastheren het overwegend vrouwelijk publiek welkom.

Stukafest3De kelder van het dispuutshuis is toneel voor dansgroep Prime. Prime is een collectief dat choreografie, muziek en visuele effecten creëert. 

Stukafest 4.2Met hun experimentele dans en meeslepende muziek weten ze de aandacht van het publiek vast te houden. In grote gebaren beweegt het drietal zich door de ruimte waarbij het constant intens oogcontact houdt met elkaar of het publiek.

Stukafest4In tegenstelling tot de experimentele dans in de kelder, is de voordracht van dichter René Oskam een stuk luchtiger. Met zijn korte gedichten weet hij de lachers op zijn hand te krijgen. Een van de gedichten is er een die hij schreef toen hij slechts zes jaar oud was, voor het lego-poppetje waar hij verliefd op was. 'Jij, ik. Klik.' 

Stukefest5Wat onwennig doet het publiek op het einde mee met de 'telepathische gedichtenshow'. Met de hand op het voorhoofd moeten de aanwezigen een zoemend geluid maken en een getal in gedachten houden. Oskam probeert zo te raden wie welk gedicht zou willen horen. De uitverkorene kan rekenen op een gepersonaliseerd Stukafest-gedicht.

Stukefest7Na drie afwisselende rondes vindt het eindfeest plaats in Brebl. De band We Are Hunters, die vorig jaar de Roos van Nijmegen won, had de eer om het binnendruppelende publiek te verwelkomen met hun pop-rockmuziek.   

Stukefest8Een stuk rustiger is het op de eerste verdieping, waar de bezoekers in de Silent Disco kunnen genieten van verschillende muziekstijlen die door de koptelefoons klinken.  

Stukefest9De avond, en daarmee Stukafest 2019, wordt afgesloten door Mr. Weazly. Met gitaren, een piano en verschillende blaasinstrumenten vult de band de ruimte met een hiphop-reggae sound.

 

Lees meer

In de geest van Murakami

Een tweedelige roman van meer dan duizend pagina's vertalen uit het Japans is een lastige klus. Toch heeft Elbrich Fennema het samen met Luk van Haute voor elkaar gekregen met Haruki Murakami's nieuwe roman, De Moord op Commendatore. ANS sprak Fennema over het vertaalproces, het werk van een vertaler en hoe taal haar wereldbeeld heeft beïnvloed. 'Ik denk dat Murakami het geestig vindt dat zijn tekst op zo veel verschillende manieren wordt vertaald.'

Tekst en foto's: Vincent Veerbeek

Wanneer vertaler Elbrich Fennema wordt gevraagd hoe het was om Haruki Murakami te ontmoeten, begint ze te glunderen. 'Dat is een belachelijk voorrecht. Ik moest mezelf de hele tijd knijpen om me ervan te overtuigen dat dit echt gebeurde. Hij was juist heel relaxed.' Minstens even enthousiast als over haar ontmoeting met Murakami is Fennema over het werk van de Japanse cultauteur en haar fascinatie voor het land van de rijzende zon. De vertaler begon haar carrière met een studie Nederlands, maar gooide het na een jaar over een andere boeg. Vanwege haar fascinatie voor prenten, de vechtkunst aikido en de Japanse keuken besloot ze Japans te gaan studeren in Leiden, de enige plek in Nederland waar dit kan. Na haar studie werkte Fennema acht jaar als correspondent in Japan, onder andere voor het NRC Handelsblad en actualiteitenprogramma's van verschillende omroepen.

Terug in Nederland schreef Fennema het boek Hoe Japan werkt (1996) over het genre van de Japanse zakenroman. Kort daarop werd ze benaderd door uitgeverij Atlas Contact om de boeken van Murakami te vertalen. Murakami's werk is internationaal geliefd en wordt in meer dan veertig talen vertaald, waaronder sinds de jaren negentig ook het Nederlands. De Moord op Commendatore is Fennema's zevende Murakami-vertaling en ze kent zijn werk door en door. Fennema omschrijft de boeken van Murakami als vrij universeel en goed toegankelijk voor niet-Japanse lezers. 'De elementen in zijn boeken vormen een soort puzzel waarbij je zelf de verbanden moet leggen. Dat wordt in ieders verbeelding een ander plaatje.' Een ander kenmerk van zijn boeken is een vervagende scheidslijn tussen realiteit en fantasie, met veel mysterieuze en bovennatuurlijke elementen. Dit geldt ook voor zijn nieuwste roman, De Moord op Commendatore, waarin een schilder zich in de bergen terugtrekt nadat hij en zijn vrouw uit elkaar gaan. Daar krijgt hij met allerlei vreemde gebeurtenissen te maken. Hoewel Fennema in haar carrière ook werk van andere Japanse auteurs heeft vertaald, is haar vertalershart duidelijk verknocht aan Murakami. 'Zijn werk is een universum op zich. Elke keer dat ik een van zijn boeken herlees, ontdek ik nieuwe perspectieven, invalshoeken en verwijzingen.'

Elbrich Fennema 1 Facebook

Gekkenwerk
Aan de verschijning van de nieuwe Murakami in de Nederlandse boekwinkels ging een jaar aan vertalen, strepen en schrijven vooraf. Omdat de Japanse taal wordt geschreven met karakters, beginnen de moeilijkheden al bij het gebruik van een woordenboek. Fennema springt op en pakt een aantal boeken om het proces mee te illustreren. 'You got me started', zegt ze lachend, terwijl ze een vuistdik Japans-Engels woordenboek en een boek over karakterschrift op tafel neerlegt. Vervolgens geeft ze een korte uitleg van hoe de karakters van Murakami's naam in een woordenboek op te zoeken zijn. 'Je moet bij het Japans om te beginnen leren hoe je een woord moet opzoeken.' Dat is een ingewikkeld proces van streepjes tellen en plaatjes zoeken. 'Het is gekkenwerk, die karakters lijken vreselijk op elkaar', grinnikt Fennema terwijl ze het woordenboek dichtslaat. Doordat het Japans vanuit westers oogpunt zo eigenaardig is, heeft het Fennema ook veel geleerd over taal in het algemeen. 'Taal kan echt compleet anders werken dan wij gewend zijn. Zo kun je in het Japans iets lezen waarvan je niet weet hoe je het uitspreekt en andersom.' In De Moord op Commendatore geeft Murakami bijvoorbeeld de tekst van een jong meisje, dat nog niet alle karakters heeft geleerd, fonetisch weer. Dat is lastig te vertalen, omdat hier geen Nederlands equivalent voor is.

Slow reading in optima forma
Fennema pakt de oorspronkelijke Japanse uitgaven van De Moord op Commandantore erbij terwijl ze vertelt hoe ze begint met het vertalen van zo'n roman. 'Ik lees niet eerst het hele boek. Dat duurt te lang en bovendien schiet mijn interne vertaalprogramma aan zodra ik lees. Omdat ik toch al aan het nadenken ben over de beste vertaling, begin ik gelijk met vertalen.' Als het even kan, leest Fennema wel eerst een Engelse vertaling, maar dat was bij Murakami's nieuwe boek niet mogelijk. 'Het is eigenlijk heel spannend om een werk te vertalen zonder te weten hoe het afloopt, want het is slow reading in optima forma. Bij elk woord dat je leest, moet je nadenken over wat Murakami bedoelt. Het enige wat je kan doen, is met een open mind vertalen en hopen dat het toeval wil helpen, want voor je het weet mis je ergens een verwijzing.'

'Het Japans maakt geen onderscheid tussen enkelvoud en meervoud, dus je moet afspreken of er een of meerdere ramen zijn.'

Gelukkig stond Fennema er bij het monnikenwerk dit keer niet alleen voor, maar werkte ze samen met medevertaler Luk van Haute. 'Ik vond het fantastisch om het met zijn tweeën te doen. Iedereen heeft zijn eigen vertaalexpertise, bijvoorbeeld kennis van bepaalde uitdrukkingen over eetgewoontes of rechtspraak.' Nadat beide vertalers een helft van het boek hadden vertaald, kon het afstemmen beginnen. Bij het samen vertalen is het belangrijk om ervoor te zorgen dat de vertaling consistent is. De beschrijving van het atelier van de hoofdpersoon in De Moord op Commendatore is hier een goed voorbeeld van. 'Het Japans maakt geen onderscheid tussen enkelvoud en meervoud, dus dan moet je afspreken of er een of meerdere ramen zijn. Het boek is al surrealistisch genoeg, dus wat hetzelfde kan blijven, moet je ook zo houden', vertelt Fennema. Uiteindelijk gingen er drie versies van de vertaling overheen voordat het resultaat bij de eindredacteur terechtkwam. 'Omdat de eindredacteuren de brontekst niet kunnen lezen, letten zij vooral op het Nederlands.'

Elbrich Fennema 2Terughoudend te werk gaan
Vanwege de cultuurverschillen tussen Nederland en Japan komt bij het vertalen van een roman echter meer kijken dan alleen het vertalen van de tekst zelf. Ondanks het toegankelijke karakter van Murakami's werk zitten ook in De Moord op Commandantore elementen die specifiek Japans zijn. Zo verwijst Murakami naar de strijd met China tijdens de Tweede Wereldoorlog en komen bepaalde Boeddhistische gebruiken aan bod. 'Gelukkig stond er meestal een uitleg in de brontekst die we konden volgen', vertelt Fennema. 'Hier en daar hebben we zelfs Japanse woorden overgenomen, omdat die termen voor Japanners net zo buitenissig zijn.' Waar vertalers vroeger nog wel eens voetnoten toevoegden om dingen zoals namen van plaatsen toe te lichten, is dat nu niet meer nodig. 'Iedereen googelt tegenwoordig', lacht Fennema.

Natuurlijk blijven er dilemma's, zoals de Japanse brilvogel. Omdat dit in Japan een heel normaal vogeltje is, moest het in de Nederlandse vertaling ook een doodgewoon vogeltje worden. Daarom hebben Van Haute en Fennema van dat 'vogeltje dat lijkt op een Japans brilvogeltje' uiteindelijk een 'musachtig vogeltje' gemaakt. Voorwaarde bij dit soort ingrepen is dat het dier dat in de Nederlandse tekst wordt genoemd ook in Japan voor moet komen. In zulke gevallen hangt het vooral van de context af hoeveel er kan worden veranderd aan het origineel. Het belangrijkste doel voor Fennema is om de oorspronkelijke tekst van Murakami recht te doen. 'Terughoudendheid is mijn grondhouding. Omdat Murakami zo'n ruim universum maakt, vind ik het supergriezelig om dingen te expliciet op te schrijven in het Nederlands. Ik heb liever dat de lezer met vraagtekens rondloopt, dan dat ik te veel invul.'

De vertaler als musicus
Hoewel Fennema terughoudend is in haar vertalingen, spelen de keuzes van een vertaler onvermijdelijk een rol in de uiteindelijke 'stem' van een vertaling. 'Voor lezers uit Denemarken heeft Murakami een andere toon, dat is onvermijdelijk', legt Fennema uit. 'Ik vergelijk het vaak met muziek. De brontekst is de partituur en de vertaler een uitvoerend musicus, maar elke muzikant zal dezelfde noten anders interpreteren.' Het is volgens de vertaler een beetje als het spelen van een stuk van Bach. 'Zelfs als iemand niet idioot goed kan spelen, hoor je nog steeds dat het Bach is. Ik denk dat Murakami heel lang herkenbaar blijft, ook in een vertaling die misschien niet alle nuances meepakt.' Fennema en Van Haute hebben tijdens het vertalen ook regelmatig contact gehad met Murakami. Die was daar erg makkelijk over en reageerde vaak nuchter, bijvoorbeeld dat hij op de vertalers vertrouwde om er iets moois van te maken. 'Ik denk dat Murakami het op een bepaalde manier ook wel geestig vindt dat zijn

...
Lees meer

Je goed recht: aansprakelijkheid bij ski-ongevallen

Van huisjesmelkers tot illegaal downloaden en van stagevergoedingen tot DUO. Studenten komen het recht overal tegen. Op ANS-Online geeft Rechtswinkel Nijmegen-Oost maandelijks uitleg over juridische zaken waar studenten mee te maken krijgen. Deze keer:aansprakelijkheid bij ski-ongevallen.

Voor de echte fanatieke wintersporter is de wintersport dé vakantie van het jaar. Een aantal dagen heerlijk skiën of snowboarden op de (hopelijk) witte pistes en daarna nog even de kroeg in voor de après-ski. Helaas eindigt een wintersportvakantie niet voor iedereen altijd even goed, want ongevallen op de skipistes komen regelmatig voor. In de meeste gevallen komt een wintersporter ongelukkig ten val door zelf een verkeerde manoeuvre te maken, maar hoe zit het met de aansprakelijkheid als je door een andere wintersporter omver wordt geskied?

Pisteregels
Dat ongevallen op de piste nogal eens voorkomen is niet zo verwonderlijk. Vaak zijn er veel skiërs en snowboarders tegelijkertijd op de piste te vinden. Daar komt nog bij dat niet iedere wintersporter evenveel controle heeft over zijn ski's of snowboard. Denk eens aan de beginnende skiër die in een pizzapunt de berg af sjeest, of de après-skiër die het met een paar biertjes op een goed idee vindt om toch nog een keer de piste af te gaan. De drukte in combinatie met het grote niveauverschil tussen de verschillende wintersporters kan snel tot een botsing leiden.

Om het risico op ongevallen zoveel mogelijk te beperken heeft de Internationale Ski Federatie (FIS) tien algemene verkeersregels opgesteld. Iedere skiër of snowboarder is verplicht om zich aan deze regels te houden zodra hij de piste opgaat. Zo dien je rekening te houden met anderen en je snelheid en skistijl te beheersen, maar ook het juiste spoor te kiezen en voldoende afstand van mede-wintersporters te houden. Daarnaast ben je verplicht om zonder gevaar te stoppen en te vertrekken, en de piste zo snel mogelijk vrij te maken na een val of een tussentijdse stop. Lopen over de piste mag alleen aan de zijkant en iedereen die de piste betreedt dient de verkeersborden in acht te nemen. Ten slotte is hulpverlenen bij een ongeval verplicht en moet iedereen zich op de piste kunnen legitimeren. Niet-naleving van deze verkeersregels kan ervoor zorgen dat je in sommige situaties aansprakelijk wordt gesteld voor een ongeval.

Welk recht is van toepassing op het ongeval?
Ski-ongevallen hebben veelal een internationaal karakter. Dit komt doordat ski-ongevallen vaak plaatsvinden tijdens de wintersportvakantie in het buitenland. Bovendien zijn er op de piste veel mensen met verschillende nationaliteiten te vinden. Als een Nederlander en een Duitser een ski-ongeval hebben op de skipiste in Zwitserland, rijst al snel de vraag welk recht er precies van toepassing is. Als hoofdregel geldt dat het ongeval zal worden beheerst door het recht van het land op welks grondgebied het ongeval heeft plaatsgevonden. Maar als de betrokken partijen beide hun woonplaats hebben in hetzelfde land, is het recht van dát land van toepassing. Dit betekent dat twee botsende Nederlanders op de skipiste in Oostenrijk hun gelijk kunnen halen in eigen land en het Oostenrijkse recht mogen laten voor wat het is.

Doordat het toepasselijke recht per incident kan verschillen, bestaan er ook uiteenlopende regels voor het vaststellen van de schuld en de schade. Behalve de internationale regels van de Internationale Ski Federatie, kunnen landen immers ook eigen regels opstellen. Zo geldt in sommige Zwitserse regio's een maximumsnelheid van dertig kilometer per uur en kent Oostenrijk een helmplicht voor kinderen. Het niet-naleven van zulke regels kan je als slachtoffer al snel duur komen te staan.

Aansprakelijkheid naar Nederlands recht
In de Nederlandse wet is geen specifieke regeling opgenomen voor wintersportongelukken. Voor de vraag wie voor het ongeval aansprakelijk is, dient daarom te worden gekeken naar de zorgvuldigheid van de betrokken wintersporters. Hierbij vindt een beoordeling plaats aan de hand van alle omstandigheden van het geval. Zo kunnen het weer, het zicht op de piste, de drukte, de sneeuw- en pisteconditie en de ervaringsgraad van de betrokkenen worden meegewogen. Daarnaast zal worden gekeken of de eerdergenoemde pisteregels zijn nageleefd. Of iemand aansprakelijk is voor een ski-ongeval, is dus afhankelijk van veel factoren en zal per incident verschillen. Het is dan ook niet zo dat niet-naleving van de pisteregels automatisch leidt tot aansprakelijkheid. Bovendien is er op de skipiste sprake van een zogeheten 'sport- en spelsituatie', waardoor een ongeval minder snel zal leiden tot aansprakelijkheid. De Nederlandse rechter is namelijk van mening dat deelnemers in zo'n situatie tot op zekere hoogte gevaarlijke, slecht gecoördineerde of onvoldoende doordachte gedragingen van elkaar mogen verwachten.

Conclusie
Het is dus wel degelijk mogelijk om op de skipiste aansprakelijk te worden gesteld. Hoewel wintersporters over het algemeen het liefst met volle vaart de berg af sjezen, is het van groot belang om je te allen tijde aan de regels te houden. Doe je dit niet, dan kun je mogelijk aansprakelijk worden gesteld voor een ongeval. Welk recht er in dat geval van toepassing is, is afhankelijk van het grondgebied waarop het ongeval plaatsvindt en de nationaliteit van de betrokken wintersporters. Het recht is dus overal, óok op de wintersportvakantie.

 

 

Lees meer

Je goed recht: aansprakelijkheid van bestuursleden

Van huisjesmelkers tot illegaal downloaden en van stagevergoedingen tot DUO. Studenten komen het recht overal tegen. Op ANS-Online geeft Rechtswinkel Nijmegen-Oost maandelijks uitleg over juridische zaken waar studenten mee te maken krijgen. Dit keer: aansprakelijkheid van bestuurders van verenigingen.

Menig student staat te springen om een bestuursjaar bij een vereniging te doen. Oude bestuurders vertrekken, kersverse bestuurders beginnen met goede moed aan hun taak en doen een veelheid aan nieuwe vaardigheden op. Een bestuursfunctie brengt echter ook verantwoordelijkheden met zich mee waar niet iedere student bij stil staat. Wat als de penningmeester een greep uit de kas doet, of de vereniging afstevent op een faillissement? Wat zijn de gevolgen als het bestuur de vereniging bindt aan verplichtingen die ze niet kan nakomen, of als de statuten niet worden nageleefd? In dit artikel zal de bestuurdersaansprakelijkheid aan een nader licht worden onderworpen.

Externe aansprakelijkheid
Stel dat de vicevoorzitter van een studievereniging het nodig vindt om stickers met het logo van de vereniging aan te schaffen om daarmee meer bekendheid te genereren voor de vereniging. Indien de vicevoorzitter deze stickers bestelt, ontstaat de vraag wie nu gebonden is door de koopovereenkomst met de leverancier van de stickers, oftewel: wie moet er betalen?

Het bestuur is slechts een orgaan van een vereniging, net zoals de algemene ledenvergadering (ALV) ook een orgaan is. De vereniging zelf is een zogenaamde 'rechtspersoon' en is zelf partij bij juridische overeenkomsten. Zolang de vereniging haar statuten bij de notaris heeft vastgelegd, betekent dit dat het bestuur niet meer is dan het orgaan dat verantwoordelijk is voor het binden van de vereniging aan overeenkomsten. De vereniging draagt in principe zelf de aansprakelijkheid tegenover anderen. De vicevoorzitter uit het voorbeeld hoeft dus niet zelf te betalen voor de stickers; dat moet de vereniging doen.

In het geval dat de vereniging haar statuten niet bij een notaris heeft vastgelegd, is er sprake van een zogenaamde informele vereniging. De bestuurders van dergelijke verenigingen zijn 'hoofdelijk aansprakelijk' voor de handelingen van de vereniging. Dat wil zeggen dat ieder bestuurslid aansprakelijk kan worden gesteld voor het gehele bedrag, indien de vereniging een verplichting niet nakomt. De vicevoorzitter die de stickers heeft gekocht kan in dat geval dus door de leverancier gedwongen worden uit eigen zak te betalen, als de vereniging zelf niet betaalt. In de praktijk zullen echter vrijwel alle studie- en studentenverenigingen hun statuten bij de notaris vastgelegd hebben. In dat geval zijn de bestuurders in principe niet aansprakelijk voor de gedragingen van de vereniging.

Interne aansprakelijkheid
Het kan echter voorkomen dat de vereniging schade lijdt als gevolg van bestuurlijk handelen. Wat bijvoorbeeld als de vicevoorzitter een zeer dure partij stickers aanschaft, terwijl hij weet dat de vereniging de prijs met geen mogelijkheid kan betalen? De vereniging heeft in bepaalde gevallen de mogelijkheid bestuurders intern aansprakelijk te stellen bij de rechter.

Bestuurders van verenigingen kunnen aansprakelijk gesteld worden, indien zij hun bestuurstaak 'onbehoorlijk uitvoeren'. Een deel van de bestuurstaak is specifiek omschreven in de statuten van de vereniging. Een ander deel van de bestuurstaak blijkt uit het Burgerlijk Wetboek. Zo is het bestuur wettelijk verplicht na ieder boekjaar een financiële balans op te maken. Het bestuur handelt onbehoorlijk, indien het deze wettelijke plicht niet nakomt. Ook algemenere taken die nodig zijn voor een behoorlijke gang van zaken binnen de vereniging worden in het algemeen tot de taak van het bestuur gerekend. Er is sprake van onbehoorlijk bestuurshandelen als het bestuur bijvoorbeeld in het jaarverslag misleidende gegevens over de financiële positie van de vereniging opneemt, of als de penningmeester een greep uit de kas doet. Ook als de vicevoorzitter veel te dure stickers koopt, terwijl hij weet dat dit de vereniging in financiële problemen brengt, handelt hij onbehoorlijk.

Alle schade die het 'onbehoorlijk handelen' de vereniging oplevert, kan op de bestuurders verhaald worden. Indien twee of meer bestuurders verantwoordelijk zijn voor een bepaalde aangelegenheid, wordt aangenomen dat dit een taak voor het bestuur als geheel is en geldt een hoofdelijke aansprakelijkheid; elk bestuurslid is dus wederom voor de gehele schade aansprakelijk. De totale schade hoeft dus niet over de bestuurders verdeeld te worden.

Daarbij moet rekening worden gehouden met het feit dat financiële aangelegenheden vaak als collectieve bestuurstaak worden beschouwd en dus niet alleen de penningmeester aansprakelijk gesteld kan worden, indien hij zijn bestuurstaak onbehoorlijk uitvoert. Bovendien wordt van het bestuur van een vereniging over het algemeen een bepaalde mate van deskundigheid verondersteld. Als de vereniging bijvoorbeeld overduidelijk failliet dreigt te gaan, moet het bestuur tijdig faillissement aanvragen. Doet het dit niet, dan kunnen de bestuursleden hiervoor aansprakelijk gesteld worden.

Decharge
Na een bestuurstermijn moet aan de oud-bestuurders standaard de zogenaamde decharge worden verleend. Door middel van de decharge laat de vereniging aan de oud-bestuurders weten dat deze niet langer intern aansprakelijk zijn voor hun bestuurshandelen. Heeft de vicevoorzitter erg dure stickers gekocht, maar heeft de ALV dit door de vingers gezien en decharge verleend, dan kan de vicevoorzitter niet meer aansprakelijk gesteld worden als de vereniging door de dure aankoop alsnog in de problemen komt. De decharge geldt echter alleen voor het handelen dat tijdens de verlening van de decharge bekend was. De feiten moeten blijken uit het jaarverslag of expliciet vermeld zijn tijdens de ALV. Zou de vicevoorzitter voor de ALV hebben verzwegen dat hij door de aankoop van de stickers de vereniging op het randje van een faillissement heeft gebracht, dan is het bestuur nog altijd intern aansprakelijk.

Conclusie
We kunnen concluderen dat een bestuursfunctie de nodige verantwoordelijkheid met zich meebrengt en niet vrijblijvend is. Het is niet ondenkbaar dat door onwetendheid onbehoorlijk gehandeld wordt en de vereniging de bestuursleden de schade laat vergoeden. Wegens de hoofdelijke aansprakelijkheid kan voor aangelegenheden die meerdere bestuursleden aangaan zelfs aansprakelijkstelling van een bestuurslid plaatsvinden, terwijl deze bestuurder niet direct met het onbehoorlijk handelen te maken heeft gehad. Gelukkig is het vrij uitzonderlijk dat bestuurders aansprakelijk worden gesteld. De gang naar de rechter is voor veel verenigingen uit het studentenwezen nogal hoog gegrepen en het is niet altijd gemakkelijk te bewijzen of het bestuur onbehoorlijk heeft gehandeld. Bovenal is het gebruikelijk dat de bestuursleden elkaar controleren en zich op behoorlijke wijze van hun bestuurstaak kwijten zonder in de problemen te geraken. Beginnende bestuurders doen er dus goed aan zich te verdiepen in hun verplichtingen en elkaar goed op de hoogte te houden van hun bestuurshandelingen.

 

Lees meer

Je goed recht: Hoe kom ik van mijn abonnement af?

Van huisjesmelkers tot illegaal downloaden en van stagevergoedingen tot DUO. Studenten komen het recht overal tegen. Op ANS-Online geeft Rechtswinkel Nijmegen-Oost maandelijks uitleg over juridische zaken waar studenten mee te maken krijgen. Deze keer: stilzwijgende verlenging en prijsverhoging van abonnementen.

De tijd van de chocoladeletters, champagne, oliebollen en gevulde kalkoenen is voorbij en we staan weer aan de start van een gloednieuw jaar. Om de goede voornemens na te leven, gaat men weer naar de sportschool om de bijgekomen kilo's eraf te sporten. Zoals het vaak gaat bij goede voornemens, lopen de mooie plannen na een paar maanden tot een einde. Iedereen heeft het druk met tentamens, waardoor sporten een bijzaak wordt. Desondanks blijven we wel betalen voor deze abonnementen. Als klap op de vuurpijl voeren sportscholen vaak een prijsverhoging door. Wat nu? Is er nog een manier om van het abonnement af te komen?

Tussentijdse opzegging
De meeste abonnementen worden voor een bepaalde tijd afgesloten. Het contract wordt in dat geval ook wel een duurovereenkomst genoemd. Als een abonnement bijvoorbeeld voor een jaar wordt afgesloten, zitten beide partijen er in principe ook daadwerkelijk een jaar aan vast. Of het abonnement in dat jaar nog tussentijds kan worden opgezegd, is afhankelijk van de algemene voorwaarden van het bedrijf. Deze kunnen bepalen dat het contract tussentijds kan worden opgezegd. Is dit niet het geval, dan is tussentijdse opzegging in principe niet mogelijk. Vaak is de klant bij het ondertekenen van het contract akkoord gegaan met deze algemene voorwaarden. Het moet wel duidelijk zijn voor een klant dat deze van toepassing zijn.

Stilzwijgende verlenging
Nadat de afgesproken duur van het abonnement voorbij is, kan de klant het abonnement opzeggen. Bedrijven willen hun klanten vaak echter niet verliezen en verlengen daarom zonder iets te zeggen de duur van het abonnement. Dit heet een stilzwijgende verlenging. Ook als het abonnement stilzwijgend is verlengd, is opzegging nog mogelijk; een abonnement mag namelijk alleen stilzwijgend worden verlengd als de klant het contract hierna te allen tijde kan opzeggen, waarbij de opzegtermijn niet langer mag zijn dan een maand. Dit betekent dat de sportschool het abonnement niet automatisch met een jaar mag verlengen, zonder de mogelijkheid te bieden het abonnement tussentijds op te zeggen. Als een sportschool van tevoren aan de klant meldt dat het contract voor een bepaalde duur weer wordt verlengd en de klant gaat akkoord, dan is er geen sprake van stilzwijgende verlenging. Tussentijdse opzegging van het contract is in dat geval uitgesloten.

Stilzwijgende prijsverhoging
In veel gevallen zullen klanten voor het betalen van het abonnement toestemming geven voor een automatische incasso. Het kan voorkomen dat een sportschool na een paar maanden een hoger bedrag afschrijft dan in de eerste maanden. In principe mag een prijsverhoging niet, maar omdat er altijd uitzonderingen gelden binnen het recht, is een prijsverhoging toegestaan als het in de algemene voorwaarden van het bedrijf is opgenomen. In de algemene voorwaarden staan vaak vanwege welke redenen de prijs mag worden verhoogd. Deze bepalingen mogen echter niet onredelijk zijn. De wet bepaalt bijvoorbeeld dat het onredelijk is de prijs al te verhogen binnen drie maanden na het afsluiten van het abonnement. Een verhoging in verband met de verhoging van de btw, zou bijvoorbeeld wel redelijk zijn.

Als de sportschool in de algemene voorwaarden niks heeft bepaald over een prijsverhoging of als de prijsverhoging niet redelijk is, geldt de oude prijs van het sportabonnement. Indien de sportschool zich hier niet aan houdt, kan de overeenkomst worden ontbonden. Het abonnement stopt en het resterende bedrag kan worden teruggevraagd.

Conclusie
Ondanks alle goede voornemens, zit de gemiddelde student in de zomer vaak liever op het terras dan in de sportschool. Zonde van het geld, want een duurovereenkomst kan meestal niet tussentijds worden opgezegd. Toch nog maar even een paar maanden volhouden dus. Het stilzwijgend verlengen mag immers alleen als het abonnement te allen tijde kan worden opgezegd. Of een prijsverhoging acceptabel is, hangt af van wat er is bepaald in de algemene voorwaarden van het bedrijf. Een prijsverhoging kan in bepaalde gevallen namelijk onredelijk zijn, waardoor de overeenkomst kan worden ontbonden. Want wie wil er nou twintig euro extra betalen om te zweten en spierpijn te hebben?

 

Lees meer

Je goed recht: Nijmeegse studenten op straat door strengere verhuurvergunningen

Van huisjesmelkers tot illegaal downloaden en van stagevergoedingen tot DUO. Studenten komen het recht overal tegen. Op ANS-Online geeft Rechtswinkel Nijmegen-Oost maandelijks uitleg over juridische zaken waar studenten mee te maken krijgen. Dit keer: verhuurvergunningen.

Steeds meer buurten in Nijmegen worden overspoeld door studenten. Vooral in de wijken Bottendaal en Nijmegen-Oost zijn er veel klachten van buurtbewoners met betrekking tot het aantal studentenhuizen, zoals het veroorzaken van geluidsoverlast en rotzooi rondom het huis. De gemeente Nijmegen gaat daarom actie ondernemen en heeft de voorwaarden voor de verhuurvergunningen aangescherpt. Het nieuwe beleid heeft als motto: 'De aanpak van overlast en illegale kamerverhuur.' Nijmegen telt op dit moment ongeveer vijftienhonderd studentenhuizen die niet aan de regels voldoen en dus illegaal zijn. De vraag is of huisbazen kunnen voldoen aan de strenge eisen van de gemeente. En zo niet, komen de studenten dan op straat te staan?

Strengere voorwaarden
Sinds 1 januari 2018 zijn de eisen waar huurbazen aan moeten voldoen aangescherpt en geldt een omzettingsregeling. Verhuurders die geen vergunning hebben, kunnen alsnog een vergunning krijgen als ze voldoen aan de lichtere voorwaarden van de oude regeling. Wanneer de verhuurders dit niet kunnen aantonen, zijn de studentenhuizen illegaal en hebben ze tot 1 juli de tijd om aan de eisen van de nieuwe regeling te voldoen. Onder de nieuwe regeling zijn verhuurders die aan drie of meer personen verhuren verplicht een vergunning aan te vragen. Ook zijn er strengere normen voor geluidsisolatie en brandveiligheid en moet er zijn voldaan aan de zogeheten leefbaarheidstoets. Aan de hand van meldingen van omwonenden toetst een commissie dan onder andere de mate van overlast in de wijk. Aangezien de leefbaarheidstoets vrij subjectief is, is het voor huisbazen echter moeilijk te voorspellen of hun vergunningsaanvraag zal worden goedgekeurd. Ten slotte wil de gemeente meer verantwoordelijkheid leggen bij de verhuurders. Onder de nieuwe regeling is de verhuurder verplicht goede afspraken te maken met de huurders om overlast te voorkomen. Bij aanhoudende overlast kan de gemeente een boete opleggen of besluiten de vergunning in te trekken.

De verhuurder van een illegale huurwoning is verplicht om een vergunningsaanvraag in te dienen.

Kunnen studenten zomaar op straat worden gezet?
Stel, een verhuurder verhuurt al enkele jaren een illegale huurwoning. Het huis moet worden aangepast om aan de eisen van de nieuwe regeling te voldoen. Daarbij is het nog maar de vraag of er is voldaan aan de leefbaarheidstoets. De verhuurder vindt de kosten voor de aanvraag van de vergunning te hoog en wil de studenten liever uit het huis zetten. Dit kan echter niet zomaar. De verhuurder van een illegale huurwoning is namelijk verplicht om een vergunningsaanvraag in te dienen. Als hij vervolgens geen vergunning krijgt, kan hij de huurovereenkomst wel ontbinden. In dit geval kan de student in aanmerking komen voor een schadevergoeding. Of de studenten op straat komen te staan, is dus afhankelijk van de vraag of de vergunningsaanvraag van de verhuurder door de gemeente wordt goedgekeurd.

Conclusie
Dankzij de nieuwe regeling van de gemeente Nijmegen gaan de huurbazen van illegale studentenhuizen het lastig krijgen. Naast het feit dat de illegale verhuurders moeten voldoen aan de nieuwe strengere voorwaarden, gaat de gemeente kijken of de leefbaarheid van de wijk achteruitgaat. Aangezien de leefbaarheidstoets minder objectieve maatstaven bevat, heeft de gemeente meer vrijheid bij de beoordeling van een aanvraag. Huurders en verhuurders van illegale studentenhuizen verkeren hierdoor in onzekerheid. Of duizenden studenten op straat komen te staan, is afhankelijk van hoe streng de gemeente de eisen zal handhaven. Wel kan met zekerheid worden gezegd dat de gemeente harder gaat optreden tegen illegale kamerverhuur.

 

Lees meer

Je goed recht: nulurencontracten

Van huisjesmelkers tot illegaal downloaden en van stagevergoedingen tot DUO. Studenten komen het recht overal tegen. Op ANS-Online geeft Rechtswinkel Nijmegen-Oost tweemaandelijks uitleg over juridische zaken waar studenten mee te maken krijgen. Deze keer: nulurencontracten.

Veel studenten hebben naast hun studie een bijbaantje op basis van een nulurencontract. Een nulurencontract is een arbeidsovereenkomst waarin geen afspraken worden gemaakt over de te werken uren. De werkgever kan de werknemer flexibel oproepen en hoeft in beginsel alleen loon te betalen voor de uren die de werknemer daadwerkelijk heeft gewerkt. Het is dan ook niet zo verwonderlijk dat het nulurencontract onder de werkgevers razend populair is. Hoewel het een veelvoorkomend fenomeen betreft, roept het nulurencontract nog vaak vraagtekens op. Ben je verplicht om gehoor te geven aan de oproepen van je werkgever? Heb je recht op doorbetaling van loon bij ziekte? En wat als de ingeroosterde uren achteraf komen te vervallen?

Vrijheid blijheid
Dat oproepkrachten flexibel zijn, wil niet zonder meer zeggen dat het altijd vrijheid blijheid blijft. Op grond van het zogeheten 'goed werknemerschap' is een werknemer verplicht om zoveel mogelijk gehoor te geven aan oproepen van zijn werkgever. Hij mag een oproep slechts afwijzen als daar zwaarwegende redenen voor zijn. Denk bijvoorbeeld aan een geplande vakantie, ziekte of het hebben van colleges. Daar staat tegenover dat de werkgever op grond van het 'goed werkgeverschap' verplicht is zijn werknemer op te roepen als er werk beschikbaar is. Hierbij geldt dat het beschikbare werk eerlijk moet worden verdeeld over de verschillende oproepkrachten.

Hoewel deze verplichtingen over en weer enige zekerheid met zich mee lijken te brengen, is grote wisselvalligheid kenmerkend voor het nulurencontract. In principe hoeft de werkgever in de eerste zes maanden van het nulurencontract namelijk alleen loon te betalen voor de uren die de werknemer daadwerkelijk heeft gewerkt. Als de werknemer niet wordt opgeroepen, heeft hij geen recht op loon. Daarbij geldt dat het zeker niet ondenkbaar is dat een werknemer de ene week fulltime werkt en de andere week na zijn colleges thuis op de bank zit. Het is dan ook niet zo verwonderlijk dat grote verschillen in het loon kunnen ontstaan. Voor veel studenten is dit onwenselijk gelet op onder meer de maandelijks te betalen kamerhuur, het sportabonnement en de vaste stapavonden. De wetgever heeft deze grote onzekerheid onwenselijk gevonden en daarom enkele gunstige maatregelen getroffen.

Eén uur werken, toch drie uur loon
De flexibiliteit van het nulurencontract kan ertoe leiden dat een werknemer te pas en te onpas wordt opgeroepen om een paar uurtjes te werken. Daarnaast is het goed mogelijk dat een werknemer eerder naar huis wordt gestuurd dan de eindtijd op het rooster. Zo is het voor een horecamedewerker op een regenachtige dag niet onwaarschijnlijk is dat hij al snel weer naar huis wordt gestuurd omdat het te rustig is. De werknemer die misschien wel afspraken heeft afgezegd om te kunnen werken, was natuurlijk liever afgebeld. Om deze situatie zoveel mogelijk te voorkomen heeft de wetgever bepaald dat bij iedere oproep het recht ontstaat op ten minste drie uur loon. Op deze manier heeft de horecamedewerker die slechts één uur heeft gewerkt, toch recht op loon voor drie uur. Deze regeling geldt ook als de werknemer meerdere keren per dag wordt opgeroepen. In dat geval heeft hij voor iedere afzonderlijke oproep recht op drie uur loon. Hoewel deze regeling beoogt te voorkomen dat werkgevers hun werknemers zomaar oproepen, is het uiteraard fijn voor de werknemers dat zij op deze manier sneller aanspraak kunnen maken op meer loon.

Gemiddeld meer werken, altijd meer loon
De werknemer kan door het nulurencontract de ene week veel meer werken dan de andere. Om grote verschillen in de arbeidsuren te voorkomen, is het zogeheten rechtsvermoeden van arbeidsomvang in het leven geroepen. De werknemer kan zich er na het verstrijken van zes maanden op beroepen dat een arbeidsovereenkomst met een vast aantal arbeidsuren is ontstaan. Vanaf dat moment heeft de werknemer recht op doorbetaling van loon bij ziekte en bij ingeroosterde uren die naderhand zijn komen te vervallen. Bij het bepalen van de hoogte van het loon wordt dan gekeken naar het aantal uren dat uit het rechtsvermoeden van arbeidsomvang voortvloeit.

Voor het vaststellen van het rechtsvermoeden van arbeidsomvang geldt als voorwaarde dat gedurende een periode van minimaal drie maanden ten minste twintig uur per maand is gewerkt. De werknemer kan vanaf dat moment aanspraak maken op een arbeidsovereenkomst voor het aantal uren dat hij in de laatste drie maanden gemiddeld heeft gewerkt. Hiertegen kan de werkgever zich slechts verweren als hij kan aantonen dat bijvoorbeeld sprake is van seizoensarbeid of piekdrukte. Zo zal de student die tijdens de zomervakantie op een terras werkt gemiddeld veel meer uren maken dan gedurende de rest van het jaar. Het is in zo'n geval niet eerlijk om een arbeidsovereenkomst op basis van dat aantal uren aan te houden.

Conclusie
Met name in de beginfase gaat het nulurencontract gepaard met grote onzekerheid voor de werknemer. De werkgever hoeft immers slechts loon te betalen voor de uren die de werknemer feitelijk heeft gewerkt. Bovendien heeft de werknemer geen zekerheid over de te werken uren. Om hier enigszins aan tegemoet te komen heeft de werknemer voor iedere oproep recht op ten minste drie uur loon. Na een half jaar komt hier nog eens bij dat het rechtsvermoeden van een vaste arbeidsomvang kan ontstaan. De werknemer krijgt vanaf dat moment ook loon als hij bijvoorbeeld ziek is of als achteraf ingeroosterde uren komen te vervallen. Als je een bijbaantje hebt op basis van een nulurencontract is het dus zeker de moeite waard om in de gaten te houden of je wel krijgt waar je recht op hebt.

 

 

Lees meer

Je goed recht: ome DUO

Van huisjesmelkers tot illegaal downloaden en van stagevergoedingen tot DUO. Studenten komen het recht overal tegen. Op ANS-Online geeft Rechtswinkel Nijmegen-Oost maandelijks uitleg over juridische zaken waar studenten mee te maken krijgen. Dit keer: DUO.

De 24e van de maand: het is voor veel studenten een hoogtepunt. De bankrekening schiet weer fijn in de plus met het 'gratis geld' dat DUO te bieden heeft. Stappen, lunchen, shoppen, je kunt weer zorgeloos geld uitgeven. Zelfs in een andere stad als je dit wil, want ook daar heeft DUO een fijne regeling voor: het gratis reizen met het OV door heel Nederland. Deze regelingen klinken in eerste instantie te mooi om waar te zijn, maar is dat het ook? In dit artikel leggen we uit welke haken en ogen aan de diensten van DUO kleven.

Gratis reizen! Of toch niet?
We beginnen bij misschien wel het fijnste wat de DUO studenten te bieden heeft: het gratis reizen. Wie staat ingeschreven voor een voltijdstudie en het studentenreisproduct heeft aangevraagd, kan naar hartenlust door Nederland toeren met het openbaar vervoer zonder dat het een cent kost. Het 'studenten-ov' is in ieder geval geldig gedurende de officiële duur die voor de studie staat. Dit is meestal vier jaar. Als een student langer studeert, mag daar maximaal één jaar bij worden opgeteld. Na die vijf jaar wordt het echter opletten geblazen.

In eerste instantie is het studenten-ov namelijk niet gratis. Dat is pas het geval wanneer men binnen tien jaar een diploma behaalt. Tot die tijd wordt het studenten-ov gezien als een lening tegen een bepaald maandelijks bedrag, dat jaarlijks varieert. Op dit moment wordt voor het gebruik van het studentenreisproduct elke maand €91,62 aan de studieschuld bijgeschreven. Als je niet op tijd een diploma hebt behaald, wordt de schuld niet kwijtgescholden en blijken al die ritjes in de Heyendaalshuttle toch niet gratis te zijn.

Daarnaast is DUO, ondanks de vergevorderde staat van de technologie, niet in staat het studenten-ov automatisch stop te zetten. Studenten worden geacht zelf bij een automaat op het station het product van hun OV-kaart af te halen, zodra ze geen recht meer hebt op het reisproduct. Als zij dit niet doen, kunnen ze na de studie nog steeds genieten van de tekst "Ingecheckt student week/weekend vrij" op het schermpje van het poortje op het station, maar dat feestje is snel over. Voor iedere halve maand die je als niet-gerechtigde het studentenreisproduct niet hebt stopgezet, wordt een boete van €97 gerekend. Het maakt hierbij niet uit of er daadwerkelijk gebruik van is gemaakt of niet, ome DUO wil knaken zien. Het is mogelijk om bezwaar te maken tegen de boete, maar dan moet de student wel bewijzen dat het stopzetten van het reisproduct buiten zijn schuld om is mislukt en deze niet met het ongeldige reisproduct heeft gereisd. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer de automaten op het station dienst weigeren en men als gevolg daarvan niet op tijd het product van de OV-kaart heeft kunnen verwijderen.

Tot slot zit er nog een addertje onder het gras als een student in het buitenland gaat studeren. Indien een student een tijd in het buitenland verblijft in het kader van de studie, kan hij van DUO een 'OV-vergoeding buitenland' ontvangen, omdat het studentenreisproduct niet geldig is in het buitenland. Als een student deze vergoeding ontvangt, heeft hij gedurende het buitenlandverblijf geen recht op het studentenreisproduct en moet hij handmatig het studentenreisproduct tijdelijk stopzetten om te voorkomen dat ome DUO hem nadien met opgehouden hand tegemoet treedt. Voor de duur dat studenten de OV-vergoeding voor het buitenlandverblijf krijgen, mogen zij namelijk niet het standaard studentenreisproduct op hun OV-kaart hebben staan, op straffe van de eerdergenoemde boete van €97 per halve maand.

Goedkoop lenen?
Naast de OV-chipkaart, ontvangen studenten van DUO maandelijks geld. Zoals iedereen waarschijnlijk wel weet, valt iedereen die na 2015 aan zijn of haar bachelor is begonnen onder het nieuwe leenstelsel. In dit leenstelsel krijg je de mogelijkheid je studieschuld binnen maximaal 35 jaar terug te betalen. Tevens hoef je in de zogenaamde 'aanloopfase', de eerste twee jaar nadat je afgestudeerd bent, niets af te lossen. Prima voorwaarden toch? Als je dan uiteindelijk toch moet gaan aflossen, dan hangt de hoogte van de maandelijkse aflossing af van twee omstandigheden. Dit zijn de hoogte van je studieschuld en de hoogte van je verzamelinkomen (dit is het gezamenlijke inkomen van jou en je eventuele partner) van twee jaar geleden. Daarnaast betaal je iedere maand rente bovenop de aflossing. Velen denken dat die rente toch niets voorstelt. Enerzijds is dat waar, zo is de rente voor mensen die in 2016 zijn begonnen met aflossen vastgesteld op 0,00%. Wat veel mensen echter niet weten is dat dit percentage dus alleen geldt voor mensen die op dat moment zijn begonnen met aflossen. De hoogte van de rente die je daadwerkelijk zal moeten betalen als je nog moet beginnen met aflossen, is nog helemaal niet bekend. De enige zekerheid die je hebt, is dat het rentepercentage dat wordt vastgesteld wanneer je begint met aflossen, vaststaat voor vijf jaar. Na die vijf jaar wordt er weer een percentage voor vijf jaar vastgesteld enz. enz. De kans dat het rentepercentage de komende 35 jaar 0,00% blijft, is volledig onzeker. Ook al zou het 'maar' 1% worden, over 35 jaar en een schuld van bijvoorbeeld 30.000 euro maakt dat zeker wel wat uit.

Gevolgen voor een hypotheek en BKR-registratie
Waarschijnlijk zijn studenten met de gevolgen van hun lening helemaal niet bezig. Toch is het iets om over na te denken. De lening heeft namelijk wel degelijk invloed op de hoogte van het mogelijke hypotheekbedrag dat je in de toekomst zal kunnen krijgen, ondanks het feit dat onze lening niet BKR-geregistreerd wordt. Een BKR-registratie houdt in dat een schuld wordt geregistreerd, zodat banken en andere kredietverstrekkers dit kunnen inzien. Op dit moment mag dit niet bij de studielening, maar bij een gesprek over een hypotheek zal de hypotheekverstrekker wel vragen naar de hoogte van je studieschuld. De hoogte hiervan mag je verzwijgen, maar dit levert je waarschijnlijk alleen maar een moeilijke financiële situatie op, omdat je maandelijkse lasten dan hoger uitvallen dan je eigenlijk aan kan. Om een goede berekening te kunnen maken van de mogelijke hoogte van je hypotheek moet namelijk rekening worden gehouden met al je maandelijkse lasten, waarvan de aflossing van je studielening er dus eentje is. Volgens het Nibud rekenen hypotheekverstrekkers 0,45% van je totale schuld als maandelijkse last voor het aflossen van je studielening. Bij een studieschuld van 35.000 euro komt dit dus al neer op 157,50 euro per maand. Dit is dus niet per se het bedrag dat je dan per maand aflost, maar dit wordt als fictie genomen. Iets concreter uitgedrukt betekent die (fictieve) maandelijkse last dat je al snel tienduizenden euro's minder aan hypotheek zal kunnen krijgen indien de schuld wordt meegenomen bij de hypotheekberekening.

Conclusie
In eerste instantie lijkt hetgeen DUO studenten te bieden heeft zeer redelijk. Toch moeten studenten zich ervan bewust zijn dat de OV-chipkaart niet gratis is. Je kunt een boete krijgen voor het niet-tijdig stopzetten van het product, en als je niet binnen tien jaar een diploma haalt, moet je de OV-kosten helemaal terugbetalen. Wat ook terugbetaald moet worden, is de lening. Deze lening kan van invloed zijn op jouw toekomstige hypotheek. Tot slot moet in gedachten worden gehouden dat de aflossingsrente kan gaan stijgen, want de 0% die de overheid ons heeft beloofd, staat niet zo vast als gedacht. Desalniettemin is het lenen nog erg goedkoop, dus wat ons betreft hebben studenten weinig excuses om dat éne biertje toch niet te gaan drinken.

 

Lees meer

Kennis of kletspraat: Sportdag dinsdag

Nijmeegse kroegen, de rector magnificus van de Radboud Universiteit en de infrastructuur op de campus. Hebben de aankomende studenten hun kennis over Nijmegen en de RU op peil of moeten ze nog wat vaker Wikipedia bezoeken? Tijdens de introductieweek legt ANS een aantal vragen over hun toekomstige woon- en studieplaats Nijmegen voor aan verschillende introgroepjes.

Op dag drie van de introductie wordt het bier even aan de kant gezet voor een zogenaamd gezondere activiteit: de sportdag. Buiten het Elinor Ostromgebouw zit de nieuwe lichting van International Business Communication in de zon te wachten op hun volgende wedstrijd. Na enig aarzelen stappen drie studenten naar voren die denken het een ander te weten over Nijmegen.

Vraag 1: Kunnen jullie vijf kroegen in Nijmegen opnoemen?
'El Sombrero', zegt de Duitse student Konstantin direct. Daarna valt het even stil, terwijl Yannick nadenkt. 'Malle Babbe, Drie Gezusters, Riley's', klinkt het uiteindelijk snel achter elkaar. Konstantin probeert nog een duit in het zakje te doen. 'Is Ovum Novum een kroeg?' Yannick neemt het snel weer over om hun groepje naar de eindstreep te krijgen: 'Bascafé, De Fuik, Van Rijn.'

Vraag 2: Hoe hoog is het Erasmusgebouw?
Met cijfers hebben de businessstudenten duidelijk geen enkele moeite. 'Ongeveer tachtig meter, 88?' zegt Yannick zonder moeite. Ook het tweede antwoord is een schot in de roos.

Vraag 3: Hoeveel kost een sportkaart?
Bij de derde vraag blijkt opnieuw dat de mannen hun cijfers kennen. 'Honderdtwintig', suggereert Yannick. 'Nee, 108', verbetert Koen hem snel. Dat is wederom precies goed, de ijverige studenten hebben duidelijk goed opgelet tijdens de voorlichtingsrondes.

Vraag 4: Wat is de straattaalnaam voor Nijmegen?
Het goede antwoord is snel gevonden. 'Nimma', verklaart Yannick zonder aarzelen. Dat klopt, maar de student heeft meer ideeën. 'Of Nimsko, net zoals ze Amsterdam Damsko noemen.' Deze nieuwe benaming is vooralsnog niet echt aangeslagen, maar Yannick zegt hard zijn best te gaan doen om deze naam te introduceren.

Vraag 5: Wie was Radboud en wanneer leefde hij?
Bij het horen van deze vraag kijken ze elkaar beduusd aan. 'Het klinkt als een professor of zoiets', oppert Koen. Dat is niet goed, dus Konstantin besluit het antwoord in een iets andere hoek te zoeken en gokt dat Radboud een wetenschapper was. Helaas, de Radboud naar wie de universiteit is vernoemd, is een Utrechtse bisschop die rond 850 na Christus leefde en van wetenschap waarschijnlijk evenveel wist als deze studenten van geschiedenis.

Vraag 6: Hoeveel lopers doen er mee aan de Nijmeegse Vierdaagse?
'Zo'n 20.0000?' stelt Konstantin aarzelend voor. De studenten zijn verbaasd om te horen dat het er meer zijn. '30.000. Misschien 37.000', zegt Yannick. Konstantin besluit zijn oorspronkelijke antwoord een stukje naar boven bij te stellen: '60.000.' Het goede antwoord ligt ongeveer in het midden, met 41.000 lopers.

Na een sterke start lopen de kersverse studenten International Business Communication toch tegen een paar hindernissen aan bij de laatste vragen. De perfecte score die ze tot dan toe met de diverse onderdelen van de sportdag hebben behaald, zit er voor hun kennis van Nijmegen helaas nog niet in.

Kennis of kletspraat 1 groot

 

Lees meer

Kennis of kletspraat: Sportdag donderdag

Nijmeegse kroegen, de rector magnificus van de Radboud Universiteit en de infrastructuur op de campus. Hebben de aankomende studenten hun kennis over Nijmegen en de RU op peil of moeten ze nog wat vaker Wikipedia bezoeken? Tijdens de introductieweek legt ANS een aantal vragen over hun toekomstige woon- en studieplaats Nijmegen voor aan verschillende introgroepjes.

Tekst: Irene Wilde
Foto: Vincent Veerbeek

Ook op donderdag wisselen de studenten hun stapschoenen om voor sportschoenen om zich te bewijzen op de verschillende onderdelen van de sportdag. In het zonnetje staat een grote groep toekomstige bestuurskundigen te wachten op hun volgende wedstrijd. Aangemoedigd door het enthousiasme van hun mentorpapa doen ze allemaal mee met onze kleine quiz.

Vraag 1: Hoe heet de uitgaansstraat in Nijmegen?
'Molenstraat!' zegt een van de jongens vrijwel meteen. Het is duidelijk dat dit introgroepje er al meerdere uitgaansdagen op heeft zitten.

Vraag 2: Sinds wanneer bestaat de Radboud Universiteit?
Er valt een lange stilte en aan de vragende blikken van de eerstejaars is duidelijk te zien dat ze geen flauw idee hebben. Wanneer blijkt dat ook de Radboudhoodie geen hulp kan bieden, geeft een van de mentoren een grote hint: 'Dit jaar is het lustrum, de universiteit is nu 95 jaar oud.' Het kwartje valt echter nog steeds niet. '1925?' oppert een van de meisjes. De mentor wordt nu wat strenger. 'Kom op jongens, het is nu 2018 en de universiteit bestaat 95 jaar, zo moeilijk is het niet.' Het gaat moeizaam, maar uiteindelijk komen de studenten dan toch tot het goede antwoord: 1923.

Vraag 3: Noem vijf faculteiten van de universiteit.
Als eerste wordt de Faculteit der Managementwetenschappen genoemd, waartoe de studie Bestuurskunde behoord. Ook de Faculteit der Rechtsgeleerdheid en de Faculteit der Medische Wetenschappen worden al snel genoemd. Hierna wordt het toch een stukje moeilijker. 'Nederlandse taal en cultuur zal er vast ook wel een zijn toch?' Probeert iemand. 'Of iets van Filosofische wetenschappen?' Maar nee, die studies zijn helaas allebei niet groot genoeg voor een eigen faculteit. De vierde goede faculteit die wordt geraden is die van Sociale Wetenschappen. Na nog een paar gokjes helpt een van de mentoren zijn introkinderen uit de brand door de Faculteit der Letteren als vijfde toe te voegen.

Vraag 4: Hoe heet het Nijmeegse park waar Frank Boeijen een liedje over schreef?
Dat de studenten Bestuurskunde een stuk meer thuis zijn in de Nederlandstalige volksmuziek dan in de organisatie van de universiteit is wel duidelijk. Ze roepen zonder na te denken in koor: 'Dat is het Kronenburgerpark!'

Vraag 5: Hoeveel studenten heeft de Radboud Universiteit?
Dit lijkt in eerste instantie misschien een moeilijke vraag, maar een van de nieuwe eerstejaars heeft duidelijk zijn huiswerk gedaan. 'Dat zijn er 21.000', zegt hij meteen. 'Dat heb ik gelezen op de website.'

Hoewel hoofdrekenen niet een van de sterkste punten van deze groep studenten Bestuurskunde, hebben ze na vijf dagen introductie al veel kennis over Nijmegen paraat. Dit belooft alvast veel goeds voor het aankomende collegejaar.

Kennis of Kletspraat donderdag Facebook

 

Lees meer

Lijstjestijd: ANS en 2017

Het einde van 2017 is nabij. Over enkele dagen wordt het nieuwe jaar ingeluid met het geknal van vuurwerk en champagnekurken. Voor veel mensen de perfecte gelegenheid om goede of slechte voornemens op te stellen. Daarnaast is het ook een mooi moment om de hoogtepunten van het afgelopen jaar op een rijtje te zetten. Wat was het meest opvallende ANS-nieuws van 2017?

Als een lopend vuurtje
De campus gaat de komende jaren flink op de schop, met de sloop van de Thomas van Aquinostraat en de verbouwing van de Refter, maar het had niet veel gescheeld of daar waren nog meer bouwprojecten bij gekomen. Op 14 februari vloog een koeltoren op het dak van het Spinozagebouw in brand. Het gevolg was een grote rookpluim die van verre te zien was, maar gelukkig betrekkelijk weinig schade veroorzaakte. Alsof dat nog niet genoeg was, moest op 17 oktober ook het Grotiusgebouw eraan geloven. Gelukkig bleef ook hier de schade beperkt, maar er kwam veel rook vrij en een deel van het gebouw bleef enkele weken buiten gebruik. Al met al was het dus een vlammend jaar voor de Radboud Universiteit (RU), maar de universiteit hield het hoofd koel.

Geen internet, wel gratis naar de film
Netflix en chill zat er voor veel SSH&-bewoners begin dit jaar niet in. De studentenhuisvestingsorganisatie ging eind vorig jaar in zee met Ziggo, maar de overstap verliep niet erg soepel. De ene storing was nog niet verholpen of de volgende diende zich alweer aan, met veel ontevreden studenten als gevolg. Om bewoners die zonder internet zaten tegemoet te komen, besloot de SSH& gedupeerde studenten eind februari een schamele bioscoopbon cadeau te doen. Je moet toch iets als je je favoriete series niet kunt bingewatchen.

Wisseling van de wacht
2017 was het jaar van de Tweede Kamerverkiezingen. ANS interviewde lijsttrekkers Marianne Thieme van de Partij voor de Dieren en Sylvana Simons van Art1kel voor het blad. Ook kwam toenmalig SP-fractievoorzitter Emile Roemer op uitnodiging van ANS en ismus op bezoek bij de RU. Daarbij vertelde hij over de plannen van zijn partij en vond er een interactief interview plaats. Na de verkiezingen van 15 maart duurde het even voordat de hoge heren in Den Haag eruit waren, maar uiteindelijk lag er een regeerakkoord op tafel voor Rutte-III. Daarin werd onder meer gesproken over korting op het collegegeld van aankomende eerstejaars ter compensatie van het leenstelsel. Toch hadden de Landelijke Studentenvakbond en het Interstedelijk Studentenoverleg direct flinke kritiek op de kortingsplannen, die ook in 2018 onderwerp van discussie zullen blijven. Het aantreden van het nieuwe kabinet betekende bovendien een einde aan het bewind van Jet Bussemaker als minister van onderwijs, die plaatsmaakte voor opvolger Ingrid van Engelshoven.

Begrotingsperikelen
Niet alleen in Den Haag brak men zich het hoofd over de vraag hoe het geld dat is vrijgekomen met de afschaffing van de basisbeurs moet worden besteed. In Nijmegen werd besloten dat een groot deel van dat bedrag zou worden geïnvesteerd in de Radboud Honours Academy (RHA), wat veel leden van de Universitaire Studentenraad (USR) in het verkeerde keelgat schoot. Na het nodige gesteggel stemde de USR toch in met de voorlopige begroting, maar daarbij werd wel afgesproken dat de medezeggenschap mee mag praten over de nieuwe invulling van de RHA. Tot ieders verbazing is dat tot op heden nog niet gebeurd, maar het staat op de agenda voor volgend jaar. Wordt vervolgd.

Steenkolenengels in Spinoza
Studenten Psychologie die in september aan hun tweede jaar begonnen, stond een onaangename surprise te wachten. Hun colleges werden opeens in het Engels gegeven. Het was geen nieuws dat de studie in een overgangsfase was en er steeds minder les in het Nederlands gegeven zou worden. Dat het de huidige studenten zo zou beïnvloeden was echter niet volgens afspraak. Bovendien was het Engels van docenten van dusdanig slechte kwaliteit dat het niet bij Freudiaanse versprekingen bleef en de stof niet meer te begrijpen was. Reden genoeg dus voor psychologiestudenten om een petitie te starten, waarna gesprekken werden gevoerd met opleiding en universiteit. Gelukkig verliep de introductie van Engelstalige content op ANS-Online soepeler.

 

Lees meer

Lijstjestijd: ANS en 2018

Vanavond is het zover. Met een oliebol in de ene hand en een glaasje champagne in de andere, wordt het nieuwe jaar ingeluid. Vuurwerk wordt afgestoken, goede voornemens worden gemaakt, maar niet voordat alle hoogtepunten van afgelopen jaar zijn besproken. Daarom blikt ANS terug op afgelopen jaar. Wat was het meest opvallende nieuws van 2018?

ANS twijfelde
In maart vond op de Radboud Universiteit (RU) een heuse Radboud Song Contest plaats. Er moest een Radboudliedkomen. Iedereen die wilde, kon meedoen en kreeg de kans om zijn nummer ten gehore te brengen in een idols-achtige show in theaterzaal C. Na een avond vol goede en minder goede nummers, kreeg het publiek te kans om een stem uit te brengen. Dit maakte voor het eindoordeel echter niet uit. De vakjury had het eindoordeel en besloot om de winst in eigen huis te houden en koos voor het nummer van RU-vertegenwoordiger Martijn Gerritsen, Dare to Doubt. Sindsdien is geen evenement op de campus meer hetzelfde. Steevast wordt het afgesloten met het Radboudlied. Gezongen door een koor, door docenten of door het publiek, liefst zo nationalistisch mogelijk met de hand op het hart.

Buiten de lijntjes kleuren
Vlak voor de zomer ontstond een hype in België die ook in Nederland wel wat weerslag vond. Studenten uit Leuven die tijdens het studeren in de Universiteitsbibliotheek (UB) rode oortjes kregen van een studiegenoot, konden dit uiten door een markeerstift onder de stoel van de persoon in kwestie zijn stoel te leggen. Wanneer deze teruggebracht werd naar de rechtmatige eigenaar, wist die dat hij geen blauwtje had gelopen. Met de code 'Ik heb liever pastelkleuren', werd de stift in ontvangst genomen en was er witte rook. De daad kon daarna worden verricht in het dichtstbijzijnde toilet. In Nijmegen keken veel studenten geel en groen van jaloezie naar hun Belgische collega's, maar helaas zijn studenten hier te preuts om kleur te bekennen en is er nog geen markeerstift gespot in de UB.

Met spandoeken de straat op
Verschillende ontwikkelingen en gebeurtenissen in de politiek zorgden ervoor dat studenten dit jaar vaak protesteerden. Niet alleen op het Erasmuspleinstonden studenten en docenten met spandoeken tegen de bezuinigingen in het onderwijs, ook in Den Haagvonden twee protesten plaats om aandacht te vragen voor de kwaliteit van het onderwijs. Net voor de kerstvakantie stonden in de berm van de Heyendaalsewegook nog spandoeken. Deze waren echter niet in het kader van WOinactie. Langstudeerder Moshin Saeed mocht niet aan zijn master Natuurkunde beginnen, en weet dat aan discriminatie van desbetreffende docent. 

Duister verleden Berchmanianum
Vanaf het nieuwe collegejaar is het Berchamanianumgebouw officieel in gebruik genomen. Onder andere het College van Bestuur zetelt in dit RU-hoofdkwartier, dat een duister verledenbleek te hebben. Waar nu de propedeuses worden uitgereikt, vonden ongeveer 65 jaar geleden omstreden activiteiten plaats. De paters die tot 1942 in het gebouw woonden, werden op een doordeweekse ochtend bruut van het bed gelicht door een contingent Duitsers. In het geheim werd het Nazi-project Lebensborn in gang gezet. Bedoeling was dat een 'fokprogramma' werd opgezet om 'echte Arische kinderen' groot te brengen. Hoewel er plaats was voor zo'n zestig vrouwen en honderd kinderen, is het project nooit van de grond gekomen en zijn er in het Berchmanianum nooit kinderen als onderdeel van Lebensborn geboren.

 

Lees meer

Lijstjestijd: ANS en de RU

Het is december en dat betekent lijstjestijd. In de kerstvakantie presenteert ANS tot aan Oud en Nieuw iedere dag een lijstje waarin wordt teruggeblikt op 2014. Wat waren de leukste reacties? De leukste quotes? Welke interviews zijn het lezen waard? ANS duikt in het archief en rakelt het voor je op. Deze lijstjes kunnen er voor jou overigens anders uitzien, dus schroom niet te reageren met jouw rangorde. Het lijstje van vandaag: ANS en de RU

5. Van Share naar Microsoft Exchange Het mailprogramma van studenten is dit jaar overgezet naar Exchange. In april werd bekendgemaakt dat de studentenmail, in tegenstelling tot eerdere berichten, wel op de RU-server zou blijven. Privacy was hier de voornaamste reden voor. In november stapten de laatste studenten over naar het nieuwe programma. Volgens projectmanager Marien de Clercq, verandert er weinig aan de functionaliteit; je moet nu naar mail.ru.nl gaan in plaats van share.ru.nl en ru\ voor je studentnummer plaatsen. Een belangrijke kanttekening bij deze overgang is dat je door Exchange met je laptop of telefoon te synchroniseren, je de RU rechten geeft om instellingen te wijzigen en gegevens te verwijderen.

4. Hoogleraren met bijbaantjes  ANS berichtte over een onderzoek waaruit blijkt dat in Nederland van de in totaal 5800 hoogleraren, ruim 80 procent er nevenactiviteiten op nahoudt. Eenderde van die activiteiten wordt door hoogleraren niet gemeld. Bij de Radboud Universiteit maakt eenvijfde van de hoogleraren volgens het onderzoek van de Onderzoeksredactie geen afspraken over de verdeling van inkomsten uit nevenwerk, het hoogste percentage van alle Nederlandse universiteiten. Bij eenderde van de gevallen zou er sprake zijn van belangenverstrengeling. Gerard Meijer, voorzitter van het College van Bestuur, gaf aan geschrokken te zijn van de uitkomsten.

3. Onoverzichtelijke informatievoorziening In de intro-editie schreef ANS over de onoverzichtelijke en onvolledige informatievoorziening van de RU, waardoor het studenten met een functiebeperking moeilijk werd gemaakt. ‘Eigenlijk staat de regelgeving over de speciale voorzieningen nergens duidelijk aangegeven.’ In de 95e Gezamenlijke Vergadering werd gerefereerd naar dit artikel. De website kwam eerder in het jaar ook al in het nieuws. De hoofdwebpagina's van de RU, de website van de UB en de pagina's van de afzonderlijke faculteiten zijn veranderd. De websites waren al sinds 2008 in hun huidige vorm in gebruik. ‘Het werd dus wel eens tijd’, aldus Jeroen Buijs, een van de eindverantwoordelijken van het project.

2.Vraagtekens bij het Honoursprogramma Afgelopen jaar kwam het Honoursprogramma veel in opspraak. In februari startte het College van Bestuur een onderzoek naar dit paradepaardje van de RU. Vraagtekens werden gesteld bij de uitdaging die het programma zou moeten bieden en het hoge aantal studenten dat wordt aangenomen. Later dit jaar werd het management van de Radboud Honours Academy op non-actief gesteld. De aanleiding hiervoor was een klacht die valt onder de Klokkenluidersregeling. Meer informatie heeft de RU hierover niet willen prijsgeven.

1. Het aftreden van de rectorIn juni maakte Bas Kortmann bekend dat hij per 17 oktober zijn functie als rector magnificus van de RU neer zou leggen: ‘Dit is mijn laatste dies als rector, maar vandaag is niet de start van mijn afscheid. Jullie zijn nog niet van me af.’ Tijdens de opening van het academisch jaar gaf Kortmann nog een kritische speech over de inperking van de vrijheid van universiteiten door de overheid. Kort voor de wisseling interviewde ANS de voormalige rector over zijn zeven jaar rectoraat. Kortmann heeft plaatsgemaakt voor Theo Engelen, die sinds 2013 decaan van de Letterenfaculteit was.

 

Lees meer

Literatuurtip januari

Uit de allesomvattende brei van literaire werken een exemplaar kiezen voor in je boekenkast is geen kattenpis. Daarom plaatsen ANS en het literair tijdschrift Op Ruwe Plankenmaandelijks aanraders voor leesvoer online. Deze maand schreef Floor de Ruiter de Literatuurtip. Ze studeert Algemene Cultuurwetenschappen aan de RU.

Het materiële leven - Marguerite Duras
Het materiële leven is een klein boekje dat grote thema's behandelt. Verdeeld in korte hoofdstukken schrijft Duras – ook toneelschrijfster, regisseuse en feministe – over nagenoeg alles. Over haar ongewone, onstuimige leven, over politiek, schrijvers, seksualiteit, mannen, huizen, alcohol, over de dood. Sommige verhalen zijn zwaar, andere lichter, allemaal zijn ze even eerlijk. Het boekje zat wekenlang in mijn binnenzak en ook de inhoud blijf je gegarandeerd met je mee dragen.

De stenen dagboeken - Carol Shields
De stenen dagboeken is geen dagboek. Wel is het een bundeling verhalen, briefwisselingen, zelfs boodschappenlijstjes. Het is een archief van een leven. Niet per se een bewogen leven, maar juist daarom van belang. Het gaat over de onmogelijkheid om een leven te beschrijven, over de onbetrouwbaarheid van herinneringen, over de verhalen die anderen over je vertellen. Mijn favoriete boeken zijn boeken zoals deze: waarin weinig lijkt te gebeuren, maar waar je tussen de regels door moet lezen en de mooiste dingen ontdekt.

Alle verhalen - Gabriel García Márquez
Gabriel García Márquez schrijft over eenzaamheid, liefde en dood, in de meest bizarre verschijningsvormen. Hij trekt je zijn verhaalwerelden binnen – magische, vaak onmogelijke werelden die toch geloofwaardig aandoen. Het is zo'n zeldzame bundel waarbij je elke keer opnieuw baalt wanneer een verhaal is afgelopen. De verhalen blijven bij je en gek genoeg denk ik eraan terug alsof ik terugdenk aan een droom.

 

 

 

Lees meer

Muzikale cross-over in Brebl

Bijna anderhalf jaar geleden is De Studenten Bigband Nijmegen opgericht. Op 22 en 23 juni voeren ze hun vierde project op bij cultuurcoöperatie Brebl, dit in samenwerking met het Nijmeegs Studentenorkest. ANS keek mee bij de laatste repetities voor dit unieke concert. 'Iedereen is een beetje buiten hun comfortzone, maar dat maakt het heel leerzaam.'

Tekst: Vincent Veerbeek en Irene Wilde
Foto's: Danique Janssen en Vincent Veerbeek

Vlak voor een van de laatste repetities voor hun vierde grote concert vertelt dirigent en arrangeur Berend van Deelen hoe de afgelopen anderhalf jaar sinds de oprichting er voor de bigband heeft uitgezien. Inmiddels heeft de bigband al drie grote projecten achter de rug. 'Na ons eerste optreden in het Cultuurcafé hebben we nog twee grote projecten gedaan. Een daarvan was ook in het Cultuurcafé, de andere was een samenwerking met het Fontys Jazz Choir voor een show in theaterzaal C.' Naast deze grote voorstellingen heeft de bigband allerlei andere dingen gedaan, zowel voor de universiteit als voor diverse andere organisaties. 'Tussendoor hebben we veel optredens gehad. Zo hebben we gespeeld op Music Meeting en stonden we in het voorprogramma van het Nederlandse Studenten Jazzorkest in Doornroosje.'

Naast de vaste bezetting, bestaande uit vijf saxofonisten, vier trombonisten, vier trompettisten en een ritmesectie van gitaar, toetsen, basgitaar en percussie, zijn er het afgelopen jaar een fluitist en een zangeres bijgekomen. 'Normaal zit een fluit niet in een bigbandbezetting als los instrument, maar ik vond het een vet idee. Op die manier kun je een moderne vibe creëren, dat is voor mij als arrangeur heel leuk.' Qua naamsbekendheid is de Studenten Bigband inmiddels vooral op de Radboud Universiteit erg bekend. 'Volgens mij zijn we buiten de universiteit nog niet helemaal bij de jazzliefhebbers doorgedrongen. We hopen hen met dit optreden meer aan te spreken.'

SBBN 1

Samenspel
Voor hun huidige project besloot de bigband iets bijzonders te doen in samenwerking met het Nijmeegs Studentenorkest Collegium Musicum Carolinum, een symfonieorkest. Al snel ontstond het idee om Sylva te gaan spelen. Dit album is oorspronkelijk van de Amerikaanse jazzband Snarky Puppy en het Nederlandse Metropole Orkest, een soortgelijke samenwerking als die van de Nijmeegse studentenmuzikanten. 'Sylva is een plaat die aan de ene kant heel funky is, maar aan de andere kant ook symfonische invloeden heeft.' Veel bandleden zijn groot fan van dit project en toen het idee ontstond om samen te werken, werd dan ook al snel geopperd om Sylva te  doen. Wat dit project extra bijzonder maakt, is dat het album tot nu toe alleen is opgevoerd door Snarky Puppy en het Metropole Orkest zelf. 'Losse nummers worden weleens door anderen gespeeld, maar we hebben niks kunnen vinden over een andere uitvoering van het geheel.'

SBBN 4Nadat het plan er eenmaal was, was het aan Van Deelen als arrangeur de taak om het album om te zetten in muziek die de bigband en het orkest konden gaan spelen. 'Het is helemaal gedaan op basis van de audio, omdat er geen uitgeschreven stukken beschikbaar zijn', vertelt Van Deelen terwijl hij een enorm boekwerk met bladmuziek erbij pakt dat de halve tafel in beslag neemt. Bij het uitwerken moest hij ook rekening houden met verschillen tussen de oorspronkelijke uitvoering en de huidige samenstelling. 'Het Metropole Orkest is een stuk groter dan wij en we hebben ook instrumenten die niet in het origineel zitten. Zo hebben we een hobo toegevoegd, want dat leek ons leuk en er is iemand die dat goed kan en graag mee wilde doen.' Al met al heeft het uitwerken van de bladmuziek aardig wat tijd gekost. 'Ik denk dat ik in totaal iets van tweehonderd tot tweehonderdvijftig uur bezig ben geweest om vijf van de zes partijen uit te werken. Bandlid Willem de Wit heeft het zesde deel uitgewerkt. Het is een goede oefening om zoiets ingewikkelds uit te zoeken en werkend te maken voor deze bezetting.'

SBBN 3Trompetten in TvA
Om zo'n grote voorstelling op poten te zetten, moet er natuurlijk flink worden geoefend. In totaal kwam het hele gezelschap vier keer samen voor reguliere repetities en sloten de muzikanten zich daarnaast een weekend op in een kampeerboerderij om te repeteren. Met een kleine twee weken te gaan tot de voorstelling komt iedereen samen in TvA8 voor een gewone repetitie. Waar overdag studenten zitten te blokken, stromen rond zeven uur 's avonds de groezelige gangen van TvA8 vol met mensen die grote instrumenttassen meezeulen. Verdeeld over zes lokalen op de begane grond en in de kelder gaan de secties eerst apart hun onderdeel oefenen.

Na ongeveer een uur komen ze samen in een van de grotere lokalen om met zijn allen te repeteren. 'Qua ruimte is deze locatie wel oké als we met alleen de bigband zijn, maar de akoestiek is nogal slecht', vertelt Van Deelen. 'Nu zitten we er met de volledige bezetting en dat is erg krap, maar we kunnen niet echt anders.' Met een mixtape geïnspireerd op de televisieserie The Get Down op de achtergrond in een lokaal de drums opgezet. Als alles klaar staat, kan het oefenen beginnen. Terwijl de percussionisten in het lokaal ernaast de muren doen trillen, stemmen de houtblazers hun spel op elkaar af. 'Je zit nog steeds wat aan de hoge kant, een beetje als een conjunctuurgolf in een goed jaar', klinkt het tussen de muzikale vaktermen door. Aan het andere uiteinde van de gang staan de contrabassen, deels verstopt achter hun imposante muziekinstrumenten. Boven zit in een lokaal een groep violisten rustig in een kring te oefenen, in het lokaal naast hen blazen de trompettisten de longen uit hun lijf. Ondertussen loopt Van Deelen rond om te kijken hoe het bij iedereen gaat. 'Iedereen is een beetje buiten hun comfortzone, maar dat maakt het heel leerzaam. Veel van de klassieke mensen spelen voor het eerst met een ritmesectie. Voor de bigband gaan we meer de klassieke kant op qua toon en dynamiek.'

SBBN 2Net echt
Een week later oefenen de 35 muzikanten nog een keer met zijn allen voordat het echte spektakel begint. Dit keer niet in een benauwende collegezaal, maar op de plek waar het allemaal gaat gebeuren. De maandag voor de voorstelling is Brebl, een zaaltje bij het Honigcomplex, het toneel voor de generale repetitie. Voor een groot rood doek en tussen een hoop tassen en instrumentkoffers staan de muzikanten opgesteld. Terwijl de technicus de laatste draden en snoeren voor licht en geluid aanlegt, worden alle stukken een voor een doorgelopen en net zo lang geoefend totdat iedere noot perfect klinkt. Sommige stukken moeten van de dirigent hiervoor wel vier keer opnieuw. 'Nog een keertje dan, om het af te leren.' Als de laatste aantekeningen op de bladmuziek zijn gemaakt en de verschillende secties onderling nog de laatste noten hebben gefinetuned, wordt het hele stuk nog een keer helemaal doorgespeeld.

Voor Van Deelen is het een hele oefening om zoveel mensen aan te sturen. 'Bij een bigband hoef je niet zoveel te dirigeren omdat er een aparte sectie is die het ritme aangeeft. Symfoniemensen leunen daar veel meer op, dus ik moest het dirigeren wel een beetje bijspijkeren.' Wat opvalt tijdens de repetitie is dat zowel de bigband als het studentenorkest erg tot hun recht komen. 'We spelen Sylva omdat dit naar mijn idee het best gelukte cross-overproject ooit is.' Dat de studenten veel zin hebben in het echte optreden is duidelijk. Zonder te klagen spelen ze iedere noot net zo lang totdat hij er perfect inzit, en luisteren ze goed naar de aanwijzingen van de dirigent. Tussen de verschillende stukken door wordt er een hoop gelachen en de sfeer onderling is goed. Met name de trombonisten stelen de show met hun zelfbedachte danspasjes.

'We werken altijd naar een eindproject toe, maar daarnaast hebben we een hoop side-optredens.'

Toekomstmuziek
Hoewel bijna alle aandacht op dit moment bij de optredens van aankomend weekend is, gaat het gewone leven van de muzikanten ook door. 'We werken altijd naar een eindproject toe, maar daarnaast hebben we een hoop side-optredens', vertelt Van Deelen. Zo speelde de bigband begin deze maand voor het lustrum van de managementfaculteit en staat zelfs de dag voor het grote optreden nog een barbecue bij het Radboudumc op de planning. 'Voor die kleinere optredens repeteren we ook, maar de focus ligt bij ons eigen project.' Over wat er verder voor de Studenten Bigband in het verschiet ligt, kan Van Deelen nog niet al te veel vertellen. Grote plannen zijn er in elk geval al wel, met

...
Lees meer

Nieuwe kijk op de medezeggenschap

Tussen 28 en 31 mei mogen studenten weer naar de stembus, maar wat valt er eigenlijk te kiezen? ANS spreekt de lijsttrekkers over de plannen van hun partij. Dit keer: Gijs Kooistra van AKKUraatd.

Tekst en foto: Vincent Veerbeek

Vorige maand presenteerde AKKUraatd als eerste haar kandidaten voor de aankomende studentenverkiezingen, die zoals gebruikelijk in de laatste week van mei worden gehouden. Bovenaan de lijst staat Gijs Kooistra, derdejaarsstudent Politicologie en een nieuwkomer in de medezeggenschap. Toch kent hij de universiteit als zijn broekzak en heeft op verschillende plekken ervaring opgedaan, met commissiewerk bij studievereniging ismus, enkele Honoursprogramma's en een buitenlandsemester in Edinburgh. Kooistra is naar eigen zeggen idealistisch en heeft duidelijk grote ideeën voor de universiteit. 'Ik heb verschillende kanten van de universiteit gezien, waardoor ik andere ervaringen meeneem dan de meeste mensen in de medezeggenschap.'

Jullie verkiezingsprogramma is op dit moment nog niet bekendgemaakt. Kun je al iets vertellen over de punten waar jullie je op willen richten dit jaar?
'We hebben dezelfde pijlers als andere jaren, zoals duurzaamheid en een actief studentenleven voor iedereen. We hebben geprobeerd die kaders in te vullen met concrete plannen die we ook echt kunnen realiseren. Een heel belangrijke kwestie voor ons tijdens deze verkiezingen is Honours, waarbij twee punten vooral van belang zijn. Het eerste gaat over de inhoud, want hoewel de Radboud Honours Academy (RHA) veel mooie cursussen biedt, kun je nu vaak alleen meedoen als je je voor twee jaar committeert. Als je die grote programma's opknipt, kunnen studenten zich ook voor kortere cursussen aanmelden. Het is voor ons belangrijk dat Honours niet een elitair groepje is, zoals nu het geval is, maar dat het voor meer studenten toegankelijk wordt. Dat hangt samen met het tweede punt, want Honours wordt betaald door alle studenten, zeker nu er geld van de basisbeurs wordt geïnvesteerd in de RHA. Daarom moet Honours voor iedereen toegankelijk zijn.'

'Opleidingen moeten niet worden verplicht om te gaan verengelsen.'

Sommige zaken die je noemt, zoals de kortere programma's, is de RHA al van plan. Hoe zie je de rol van de Universitaire Studentenraad (USR) in die veranderingen? 
'Het probleem is vooral dat de plannen ons niet ver genoeg gaan. Ik vind dat ze een mooie stap zetten en dat moedigen we ook aan. In sommige gevallen kun je je nu aanmelden voor een programma van een jaar, maar dat zou nog veel korter moeten. De Honourslabs, kortere programma's van een maand of drie, zijn een mooie ontwikkeling en daar zouden er meer van moeten komen ter vervanging van de lange programma's. Daar willen we met AKKUraatd op in gaan zetten. Het is fijn dat er inspraak is beloofd, maar daar is volgens mij nog niet zoveel mee gebeurd.'

Wat zijn naast Honours andere belangrijke thema's voor jullie?
'Internationalisering is een groot punt, want hoewel het veel goeds oplevert, zitten er ook wel haken en ogen aan. Zo kan het gevolgen hebben voor de onderwijskwaliteit en hebben internationale studenten soms moeite met integreren. Onze lijn is dat we internationalisering willen faciliteren, maar niet forceren. Waar nodig moeten de middelen beschikbaar zijn, maar opleidingen en studieverenigingen moeten niet worden verplicht om te gaan verengelsen.'

Gijs AKKU staandHoe ben je zelf bij AKKUraatd terechtgekomen?
'Ik heb het altijd interessant gevonden hoe het bestuur op de universiteit werkt en het leek me heel leuk om me daar komend jaar voor in te zetten. Ik heb best wel wat ideeën over hoe de universiteit kan verbeteren, dus ben ik gaan kijken welke partij daar het beste bij past. Uiteindelijk heb ik gesolliciteerd bij AKKUraatd, omdat zij overkomen als de meest idealistische groep binnen de universiteit en dat past bij mij. Daarnaast is AKKUraatd er echt voor alle studenten. Ik kom zelf niet uit het bestuurswereldje, dus dat sprak me ook wel aan.'

In welk opzicht verschilt jouw blik van die van mensen met een bestuursachtergrond? 
'Ik heb verschillende kanten van het universiteitsleven meegemaakt en ik denk dat het een goede toevoeging kan zijn dat ik andere ervaringen heb dan de meeste mensen in de medezeggenschap. Ik weet bijvoorbeeld weer meer van wat er speelt binnen Honours. Daarnaast heb ik een half jaar in Edinburgh gestudeerd. Daar was ik zelf international, dus ik kan me inleven in de problemen waar buitenlandse studenten in Nijmegen tegenaan lopen. Dat zijn punten waar ik ervaring in heb, maar anderen misschien minder.'

Zijn er dingen die de USR volgend jaar anders kan doen? 
'De USR is op dit moment goed bezig met invloed uitoefenen op het College van Bestuur (CvB) en ik denk dat we daarmee door moeten gaan. We moeten de thema's die belangrijk zijn voor ons benadrukken om invloed af te dwingen. Het is heel belangrijk dat we ons constructief opstellen. Mocht het echter zo zijn dat het gewoon niet lukt, waar ik niet van uitga, dan mag je als partij best een beetje activistisch zijn. We kunnen bijvoorbeeld een ludieke actie organiseren, zoals we vorig jaar hebben gedaan tijdens de Gezamenlijke Vergadering over de besteding van het basisbeursgeld. Toen hebben we buttons uitgedeeld met daarop “€270”, het bedrag dat studenten inleveren. Bij zulke acties heb je als vakbond ook een voordeel.'

In welk opzicht willen jullie je onderscheiden van concurrent asap? 
'Ten eerste denk ik dat wij een sterk verhaal hebben over Honours, waar asap toch anders tegenover staat. Daarnaast heeft onze vakbond verschillende werkgroepen waar we informatie uit kunnen halen. Het is ook een voordeel dat we een lange geschiedenis hebben en veel ervaring. Tot slot hebben we een lijst met enthousiaste mensen van alle faculteiten die samen het verkiezingsprogramma hebben gemaakt en ook volgend jaar steun zullen geven.'

Wat maakt de medezeggenschap zo belangrijk?
'De universiteit is een grote gemeenschap en besluiten die worden genomen gaan veel studenten aan. Daarom is het belangrijk dat studenten worden vertegenwoordigd in die besluitvorming. Wij zouden het mooi vinden om een student in het College van Bestuur te hebben, maar zolang dat er niet is, heeft de USR een goed alternatief om invloed te hebben.'

'Het is belangrijk dat de USR veel stemmen krijgt, zodat we legitimiteit hebben tegenover het CvB.'

Zijn studenten buiten de medezeggenschap genoeg betrokken bij wat er speelt op de universiteit? 
'Ik denk het wel, maar hun problemen hoor je minder snel. Daarom hebben we hier ook een punt over in ons verkiezingsprogramma, omdat we willen proberen om studentenpanels op te zetten. Daarbij kunnen studenten bijvoorbeeld via online enquêtes haar stem laten horen. Op dit moment doen we al campusrondes, waarbij we op de faculteiten langsgaan om te kijken wat er speelt. Het is lastig, maar we proberen studenten wel te bereiken.'

Waarom moeten studenten op AKKUraatd stemmen tijdens de aankomende verkiezingen?
'Wij hebben een goed verkiezingsprogramma met concrete doelstellingen die bij onze idealen passen. Het is belangrijk dat de USR veel stemmen krijgt, zodat we legitimiteit hebben tegenover het CvB. Met meer stemmen vertegenwoordigen we meer studenten en worden we serieuzer genomen. We gaan er natuurlijk op inzetten om de punten in ons verkiezingsprogramma te realiseren, dus als mensen willen dat dat gebeurt, moeten ze op ons stemmen. Het belangrijkste is dat studenten überhaupt gaan stemmen.'

 

Lees meer