Je goed recht: ome DUO

Van huisjesmelkers tot illegaal downloaden en van stagevergoedingen tot DUO. Studenten komen het recht overal tegen. Op ANS-Online geeft Rechtswinkel Nijmegen-Oost maandelijks uitleg over juridische zaken waar studenten mee te maken krijgen. Dit keer: DUO.

De 24e van de maand: het is voor veel studenten een hoogtepunt. De bankrekening schiet weer fijn in de plus met het 'gratis geld' dat DUO te bieden heeft. Stappen, lunchen, shoppen, je kunt weer zorgeloos geld uitgeven. Zelfs in een andere stad als je dit wil, want ook daar heeft DUO een fijne regeling voor: het gratis reizen met het OV door heel Nederland. Deze regelingen klinken in eerste instantie te mooi om waar te zijn, maar is dat het ook? In dit artikel leggen we uit welke haken en ogen aan de diensten van DUO kleven.

Gratis reizen! Of toch niet?
We beginnen bij misschien wel het fijnste wat de DUO studenten te bieden heeft: het gratis reizen. Wie staat ingeschreven voor een voltijdstudie en het studentenreisproduct heeft aangevraagd, kan naar hartenlust door Nederland toeren met het openbaar vervoer zonder dat het een cent kost. Het 'studenten-ov' is in ieder geval geldig gedurende de officiële duur die voor de studie staat. Dit is meestal vier jaar. Als een student langer studeert, mag daar maximaal één jaar bij worden opgeteld. Na die vijf jaar wordt het echter opletten geblazen.

In eerste instantie is het studenten-ov namelijk niet gratis. Dat is pas het geval wanneer men binnen tien jaar een diploma behaalt. Tot die tijd wordt het studenten-ov gezien als een lening tegen een bepaald maandelijks bedrag, dat jaarlijks varieert. Op dit moment wordt voor het gebruik van het studentenreisproduct elke maand €91,62 aan de studieschuld bijgeschreven. Als je niet op tijd een diploma hebt behaald, wordt de schuld niet kwijtgescholden en blijken al die ritjes in de Heyendaalshuttle toch niet gratis te zijn.

Daarnaast is DUO, ondanks de vergevorderde staat van de technologie, niet in staat het studenten-ov automatisch stop te zetten. Studenten worden geacht zelf bij een automaat op het station het product van hun OV-kaart af te halen, zodra ze geen recht meer hebt op het reisproduct. Als zij dit niet doen, kunnen ze na de studie nog steeds genieten van de tekst "Ingecheckt student week/weekend vrij" op het schermpje van het poortje op het station, maar dat feestje is snel over. Voor iedere halve maand die je als niet-gerechtigde het studentenreisproduct niet hebt stopgezet, wordt een boete van €97 gerekend. Het maakt hierbij niet uit of er daadwerkelijk gebruik van is gemaakt of niet, ome DUO wil knaken zien. Het is mogelijk om bezwaar te maken tegen de boete, maar dan moet de student wel bewijzen dat het stopzetten van het reisproduct buiten zijn schuld om is mislukt en deze niet met het ongeldige reisproduct heeft gereisd. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer de automaten op het station dienst weigeren en men als gevolg daarvan niet op tijd het product van de OV-kaart heeft kunnen verwijderen.

Tot slot zit er nog een addertje onder het gras als een student in het buitenland gaat studeren. Indien een student een tijd in het buitenland verblijft in het kader van de studie, kan hij van DUO een 'OV-vergoeding buitenland' ontvangen, omdat het studentenreisproduct niet geldig is in het buitenland. Als een student deze vergoeding ontvangt, heeft hij gedurende het buitenlandverblijf geen recht op het studentenreisproduct en moet hij handmatig het studentenreisproduct tijdelijk stopzetten om te voorkomen dat ome DUO hem nadien met opgehouden hand tegemoet treedt. Voor de duur dat studenten de OV-vergoeding voor het buitenlandverblijf krijgen, mogen zij namelijk niet het standaard studentenreisproduct op hun OV-kaart hebben staan, op straffe van de eerdergenoemde boete van €97 per halve maand.

Goedkoop lenen?
Naast de OV-chipkaart, ontvangen studenten van DUO maandelijks geld. Zoals iedereen waarschijnlijk wel weet, valt iedereen die na 2015 aan zijn of haar bachelor is begonnen onder het nieuwe leenstelsel. In dit leenstelsel krijg je de mogelijkheid je studieschuld binnen maximaal 35 jaar terug te betalen. Tevens hoef je in de zogenaamde 'aanloopfase', de eerste twee jaar nadat je afgestudeerd bent, niets af te lossen. Prima voorwaarden toch? Als je dan uiteindelijk toch moet gaan aflossen, dan hangt de hoogte van de maandelijkse aflossing af van twee omstandigheden. Dit zijn de hoogte van je studieschuld en de hoogte van je verzamelinkomen (dit is het gezamenlijke inkomen van jou en je eventuele partner) van twee jaar geleden. Daarnaast betaal je iedere maand rente bovenop de aflossing. Velen denken dat die rente toch niets voorstelt. Enerzijds is dat waar, zo is de rente voor mensen die in 2016 zijn begonnen met aflossen vastgesteld op 0,00%. Wat veel mensen echter niet weten is dat dit percentage dus alleen geldt voor mensen die op dat moment zijn begonnen met aflossen. De hoogte van de rente die je daadwerkelijk zal moeten betalen als je nog moet beginnen met aflossen, is nog helemaal niet bekend. De enige zekerheid die je hebt, is dat het rentepercentage dat wordt vastgesteld wanneer je begint met aflossen, vaststaat voor vijf jaar. Na die vijf jaar wordt er weer een percentage voor vijf jaar vastgesteld enz. enz. De kans dat het rentepercentage de komende 35 jaar 0,00% blijft, is volledig onzeker. Ook al zou het 'maar' 1% worden, over 35 jaar en een schuld van bijvoorbeeld 30.000 euro maakt dat zeker wel wat uit.

Gevolgen voor een hypotheek en BKR-registratie
Waarschijnlijk zijn studenten met de gevolgen van hun lening helemaal niet bezig. Toch is het iets om over na te denken. De lening heeft namelijk wel degelijk invloed op de hoogte van het mogelijke hypotheekbedrag dat je in de toekomst zal kunnen krijgen, ondanks het feit dat onze lening niet BKR-geregistreerd wordt. Een BKR-registratie houdt in dat een schuld wordt geregistreerd, zodat banken en andere kredietverstrekkers dit kunnen inzien. Op dit moment mag dit niet bij de studielening, maar bij een gesprek over een hypotheek zal de hypotheekverstrekker wel vragen naar de hoogte van je studieschuld. De hoogte hiervan mag je verzwijgen, maar dit levert je waarschijnlijk alleen maar een moeilijke financiële situatie op, omdat je maandelijkse lasten dan hoger uitvallen dan je eigenlijk aan kan. Om een goede berekening te kunnen maken van de mogelijke hoogte van je hypotheek moet namelijk rekening worden gehouden met al je maandelijkse lasten, waarvan de aflossing van je studielening er dus eentje is. Volgens het Nibud rekenen hypotheekverstrekkers 0,45% van je totale schuld als maandelijkse last voor het aflossen van je studielening. Bij een studieschuld van 35.000 euro komt dit dus al neer op 157,50 euro per maand. Dit is dus niet per se het bedrag dat je dan per maand aflost, maar dit wordt als fictie genomen. Iets concreter uitgedrukt betekent die (fictieve) maandelijkse last dat je al snel tienduizenden euro's minder aan hypotheek zal kunnen krijgen indien de schuld wordt meegenomen bij de hypotheekberekening.

Conclusie
In eerste instantie lijkt hetgeen DUO studenten te bieden heeft zeer redelijk. Toch moeten studenten zich ervan bewust zijn dat de OV-chipkaart niet gratis is. Je kunt een boete krijgen voor het niet-tijdig stopzetten van het product, en als je niet binnen tien jaar een diploma haalt, moet je de OV-kosten helemaal terugbetalen. Wat ook terugbetaald moet worden, is de lening. Deze lening kan van invloed zijn op jouw toekomstige hypotheek. Tot slot moet in gedachten worden gehouden dat de aflossingsrente kan gaan stijgen, want de 0% die de overheid ons heeft beloofd, staat niet zo vast als gedacht. Desalniettemin is het lenen nog erg goedkoop, dus wat ons betreft hebben studenten weinig excuses om dat éne biertje toch niet te gaan drinken.

 

Lees meer

Je goed recht: Schadevergoeding in sport- en spelsituaties

Van huisjesmelkers tot illegaal downloaden en van stagevergoedingen tot DUO. Studenten komen het recht overal tegen. Op ANS-Online geeft Rechtswinkel Nijmegen-Oost maandelijks uitleg over juridische zaken waar studenten mee te maken krijgen. Deze keer: wanneer ben je aansprakelijk voor toegebrachte schade in een sport- en spelsituatie?

Tekst: Bregt Martens

Waarom mag Badr Hari tijdens een gevecht in de ring Rico Verhoeven wel een gebroken neus slaan, maar tijdens een feestje niet? Is een voetballer aansprakelijk voor de schade wanneer de tegenstander ernstig letsel oploopt door een stevige tackle? Beide vragen zijn niet gemakkelijk te beantwoorden, aangezien er in het Nederlandse recht andere regels gelden voor de aansprakelijkheid tijdens een zogenoemde 'sport- en spelsituatie' dan in normale situaties. Dit artikel gaat in op het verschil tussen strafrecht en civielrecht en legt uit in welke gevallen deelnemers aan sport- en spelsituaties een schadevergoeding kunnen eisen.

Strafrecht vs. civiel recht
Via het civielrecht kan degene die letsel heeft opgelopen schadevergoeding eisen, indien dit onrechtmatig is toegebracht door de dader. Denk hierbij aan een schadevergoeding, omdat iemand nooit meer kan lopen door het opgelopen letsel. Dit kan dus ook tijdens een voetbalwedstrijd gebeuren. Daar tegenover staat de strafrechtelijke aansprakelijkheid, waarbij iemand door het openbaar ministerie vervolgd kan worden voor een begane misdaad of overtreding. In sport- en spelsituaties komt dit alleen in extreme gevallen voor. Zo werd ex-profvoetballer Bouaouzan ooit veroordeeld voor mishandeling toen hij een zware overtreding maakte op zijn tegenstander die daardoor een gecompliceerde open beenbreuk opliep. Daarnaast was hij ook civielrechtelijk aansprakelijk voor de geleden schade van zijn tegenstander. De rest van dit artikel gaat alleen in op de civielrechtelijke aansprakelijkheid.

Verhoogde aansprakelijkheidsdrempel
Als tijdens het uitgaan iemand een gebroken neus wordt geslagen bij een vechtpartij is het niet meer dan logisch dat de dader de opgelopen schade van de ander moet dragen. Gebeurt dit echter tijdens een bokswedstrijd, dan zou het juist onlogisch zijn als de bokser daarvoor schadevergoeding moet betalen. Dit is dan ook niet het geval, omdat door vrijwillig mee te doen aan de sport of het spel men in feite accepteert te worden blootgesteld aan bepaalde risico's en gevaren. Zeker bij contactsporten als voetbal en boksen zijn deze gevaren en risico's een stuk groter dan in het dagelijks leven. Tijdens sport- en spelsituaties geldt daarom een verhoogde aansprakelijkheidsdrempel. Dit houdt in dat de schade die is toegebracht minder snel onrechtmatig wordt geacht, waardoor het dus minder snel mogelijk is een schadevergoeding te eisen.

Sport- en spelsituatie
Wat wordt precies verstaan onder een sport- en spelsituatie en wanneer geldt de verhoogde aansprakelijkheidsdrempel? Deze vraag valt eigenlijk niet concreet en eenduidig te beantwoorden. Zoals vaker in het recht, hangt dat af van alle omstandigheden van het geval. Er zijn veel gevallen waarbij het duidelijk is dat er sprake is van een sport- en spelsituatie, zoals een voetbalwedstrijd waarbij de schade tijdens de speeltijd wordt opgelopen door een tackle. Het wordt al lastiger om te beoordelen wanneer er na de wedstrijd een opstootje ontstaat en daarbij iemand schade oploopt. En wat als een team na hun kampioenswedstrijd besluit uit blijdschap de trainer in de sloot te gooien en hij daarbij hoofdletsel oploopt? Dit is geen sterk verhaal, maar is daadwerkelijk ooit gebeurd. Hierbij oordeelde de rechter uiteindelijk dat er geen sprake meer was van een sport- en spelsituatie, omdat dit geen verband meer had met de wedstrijd en de trainer er niet vanuit hoefde te gaan dat er zoiets zou kunnen gebeuren. Ook in een rechtszaak waarbij een voetballer letsel opliep door natrappen van de tegenstander oordeelde de rechter dat er geen sprake meer was van de verhoogde aansprakelijkheidsdrempel. Volgens de rechter was hier sprake van een 'abnormale en onvoorzienbare gedraging'. Degene die de schade had toegebracht, was dus gewoon aansprakelijk voor de schade. Of de verhoogde aansprakelijkheidsdrempel geldt, hangt dus af van veel omstandigheden, maar wordt grofweg beoordeeld door te kijken of de gedraging 'normaal' is en te verwachten valt in de desbetreffende situatie.

Conclusie
Gezien de verhoogde aansprakelijkheidsdrempel die geldt in sport- en spelsituaties hoeft een sporter niet extra voorzichtig te zijn tijdens een wedstrijd. Alle normale en te verwachten gedragingen en binnen de spelregels vallende gedragingen zullen zeker niet tot aansprakelijkheid leiden binnen een sport- en spelsituatie. Tot op welke hoogte deze drempel geldt, is lastig vast te stellen. Als algemene vuistregel geldt dat 'normale' en te verwachten gedragingen eronder vallen. De tegenstander even een flinke trap na geven valt dus niet onder een sport- en spelsituatie. In dat geval gelden de 'normale' aansprakelijkheidsregels, waarbij geldt dat iedereen verplicht is de schade te vergoeden die is aangericht door een onrechtmatige gedraging.

 

 

Lees meer

Je goed recht: Uitgemolken door mijn verhuurder

Van huisjesmelkers tot illegaal downloaden en van stagevergoedingen tot DUO. Studenten komen het recht overal tegen. Op ANS-Online geeft Rechtswinkel Nijmegen-Oost maandelijks uitleg over juridische zaken waar studenten mee te maken krijgen. Deze keer: welke rechten heb je als huurder van een studentenkamer?

Tekst: Evelyn van Oijen

Waarom betaal ik 50 euro per maand meer aan kale huur dan mijn vriend met een even grote kamer? Waarom ontvangt mijn verhuurder van al mijn huisgenoten veel te veel geld aan servicekosten? En waarom moet ik soms nog steeds geld betalen voor het herstel van iets in mijn huis? Als op zichzelf wonende student is de kans zeer groot dat een studentenkamer wordt gehuurd. Er wordt een grote som geld betaald en daar krijgt de huurder vier muren voor terug met een dak boven het hoofd: het is zijn plekje voor de komende jaren. Als huurder wil je voorkomen dat je op straat komt te staan, waardoor de afgesproken huurprijs netjes wordt betaald. Echter wil een huurder waar voor zijn geld en daarvoor is het van belang dat de verhuurder zich aan de wettelijke regels houdt. Deze geven de huurder namelijk veel bescherming. Helaas komen verhuurders vaak hun verplichtingen niet na en weten huurders niet waar zij recht op hebben. Dit artikel zal aandacht besteden aan enkele veelvoorkomende misstanden in het huurrecht.

De huurprijs
Een pijnpunt dat altijd zal blijven spelen betreft de hoogte van de huurprijzen: veel studenten betalen wettelijk gezien te veel huur. In de wet is opgenomen dat studentenkamers, met uitzondering van studio's, een maximale huurprijs hebben. De maximale hoogte ervan wordt berekend via een door de wetgever bepaald puntensysteem. Er worden hierbij aan verschillende onderdelen plus- of minpunten toegekend. Voorbeelden zijn de oppervlakte van de kamer en de gemeenschappelijke voorzieningen, maar er wordt ook rekening gehouden met bijvoorbeeld geluidsoverlast.

Het aantal punten dat uit het puntensysteem voortvloeit, wordt vervolgens gekoppeld aan een bepaalde tabel. Hieruit blijkt hoeveel kale huur je maximaal voor de kamer mag betalen. Blijkt dat je te veel huur betaalt, dan moet je eerst schriftelijk een voorstel tot huurverlaging doen aan de verhuurder. Gaat de verhuurder hiermee niet akkoord, dan staat de optie open om naar de Huurcommissie te stappen. Door deze instantie wordt de hoogte van de huurprijs getoetst en vervolgens een oordeel gegeven: de verhuurder moet wel of geen huurverlaging doorvoeren. Als student kun je hier in ieder geval veel geld op besparen. Een huurverlaging van slechts 10 euro per maand betekent op jaarbasis toch weer 120 euro.

'Een huurder hoeft alleen die kosten te betalen die in de huurovereenkomst staan omschreven.'

De servicekosten
Naast de kale huur die een huurder betaalt, worden elke maand servicekosten afgedragen. Dit is een voorschot dat wordt betaald voor de zaken en diensten die de verhuurder levert. Hieronder vallen bijvoorbeeld gas, water en licht, maar ook internet- en schoonmaakkosten kunnen doorberekend worden. Belastingen daarentegen vallen meestal niet onder de servicekosten. Een voorbeeld hiervan is de onroerendezaakbelasting. Deze dient door de eigenaar van het pand zelf betaald te worden.

Van belang is dat de servicekosten in het contract staan omschreven. Een huurder hoeft namelijk alleen die kosten te betalen die in de huurovereenkomst staan omschreven. De reden hiervoor is dat de huurder alleen verplicht is de servicekosten te vergoeden die de verhuurder daadwerkelijk heeft gemaakt. Helaas gebeurt het vaak dat de huurder meer servicekosten betaalt dan nodig. Wettelijk gezien moet een verhuurder elk jaar, uiterlijk zes maanden na het beëindigen van het jaar waarop de servicekosten betrekking hebben, een specificatie geven. Hieruit kan worden opgemaakt of de huurder een teveel betaald bedrag terug moet krijgen, of juist moet bijbetalen. Indien een verhuurder deze specificatie niet uit zichzelf geeft en de huurder vermoedt te veel te betalen, kan deze eisen dat de verhuurder deze specificatie alsnog geeft. Daarbij is het belangrijk te weten dat een verhuurder de servicekosten niet mag verhogen , zolang hij geen overzicht verschaft. Laat de verhuurder dit na, dan kan wederom de Huurcommissie ingeschakeld worden. Zij kan de hoogte van de servicekosten vaststellen en ook dit kan uiteindelijk leiden tot een grote besparing van de uitgaven.

Mijn kamer toont gebreken
Een laatste vervelend punt dat ook kosten met zich mee kan brengen betreft de reparatie van een gebrek. Het kan zijn dat een huurder de kosten voor de reparatie ervan zelf moet betalen, ondanks dat er al servicekosten worden betaald. Of de huurder hiertoe verplicht is, hangt af van wat er in de huurovereenkomst is besproken. Is hierin niets in opgenomen, dan moet het gebrek zijn opgenomen in het zogenoemde 'Besluit kleine herstellingen'. In dit besluit wordt opgesomd wanneer een huurder zelf de rekening moet betalen. Dat is bijvoorbeeld het geval als de huurder zijn eigen kamer wil schilderen, maar ook gaten ontstaan door spijkers zal de huurder zelf moeten dichten. Gaat het echter over gebreken waar noemenswaardige kosten mee gepaard gaan, dan zal de verhuurder deze kosten moeten dragen, mits er geen schuld is aan de kant van de huurder. Wil de verhuurder deze kosten niet betalen, dan biedt de wet verschillende opties om dit alsnog af te dwingen. Een daarvan is dat de huurder zelf de reparatie uitvoert waarna deze kosten bij de verhuurder kunnen worden verhaald. Voorwaarde is daarbij wel dat het moet gaan om redelijke kosten.

Conclusie
Of het nu gaat om een te hoge huur, servicekosten die niet kloppen of een gebrek in de woning, als huurder zijn er mogelijkheden om deze misstanden aan de kaak te stellen bij de verhuurder of de Huurcommissie. Een huurder wordt in ons Nederlandse recht namelijk extra beschermd tegen de macht van de verhuurder. Heb je zelf een probleem met jouw verhuurder? Ook bij Rechtswinkel Nijmegen-Oost kun je altijd terecht met vragen over je studentenkamer.

 

Lees meer

Je goed recht: Vlucht vertraagd of geannuleerd? Dit zijn je rechten

Van huisjesmelkers tot illegaal downloaden en van stagevergoedingen tot het DUO. Studenten komen het recht overal tegen. Op ANS-Online geeft Rechtswinkel Nijmegen-Oost maandelijks uitleg over juridische zaken waar studenten mee te maken krijgen. Deze keer: de rechten van passagiers bij de vertraging of annulering van een vlucht.

Tekst: Lieke Oosterveld

Na urenlang op het internet te hebben gezocht naar de ideale vakantiebestemming, is dan eindelijk het moment aangebroken om de zomervakantie te boeken. Vanaf dat moment kan de voorpret écht beginnen. Nog even de laatste tentamens knallen en daarna zo snel mogelijk het vliegtuig in. Helaas komt het nog wel eens voor dat een vlucht is vertraagd. Als het om één of twee uurtjes gaat, is dit meestal niet zo'n ramp. Een vertraging van een halve dag of annulering van een vlucht kunnen de vakantiestemming echter behoorlijk bederven. Gelukkig heeft de Europese Unie aan gedupeerde vliegtuigpassagiers bepaalde rechten gegeven om het leed te verzachten.

Recht op compensatie
Bij een langdurige vertraging van ten minste drie uur of een annulering van de vlucht kan een passagier aanspraak maken op een financiële compensatie. Dit bedrag komt dan naast de eventuele terugbetaling van het vliegticket. De hoogte van de compensatie is afhankelijk van het aantal kilometers van de vlucht en kan op basis daarvan variëren tussen de 250 en 600 euro per passagier. Zo bedraagt de compensatie voor alle vluchten tot en met 1500 kilometer 250 euro en daarbuiten 400 euro. Wanneer je naar een bestemming buiten de Europese Unie gaat met een vlucht van meer dan 3500 kilometer, kan de compensatie zelfs 600 euro bedragen.

Of een passagier recht heeft op een financiële compensatie, is van meerdere omstandigheden afhankelijk. In de eerste plaats zal bij een annulering worden gekeken hoe lang van tevoren een passagier hierover is geïnformeerd. Je krijgt bijvoorbeeld geen compensatie als je meer dan twee weken voor vertrek bent geïnformeerd over de annulering. Ben je korter dan twee weken voor vertrek geïnformeerd over de annulering, dan heb je alleen recht op compensatie als het tijdstip van de vervangende vlucht te veel afwijkt van die van de geannuleerde vlucht.

Vervolgens kan de reden van de vertraging of annulering aan een financiële compensatie in de weg staan. Als de annulering of vertraging het gevolg is van zogeheten 'bijzondere omstandigheden', heb je namelijk geen recht op een financiële compensatie. Van zulke 'bijzondere omstandigheden' kan bijvoorbeeld sprake zijn bij zeer slechte weersomstandigheden, terrorisme of onaangekondigde stakingen van externe partijen. De achterliggende gedachte is dat het niet eerlijk is om de luchtvaartmaatschappij in zulke situaties verantwoordelijk te houden. Wel is vereist dat de luchtvaartmaatschappij alle redelijke maatregelen heeft genomen om de vertraging of annulering te voorkomen.

Recht op verzorging
Zodra er sprake is van een vertraging of annulering van de vlucht, heeft een passagier mogelijk ook recht op verzorging. Bij vluchten van 1500 kilometer of korter kan dit al vanaf een vertraging van twee uur. Gaat het echter om een vlucht van meer dan 1500 kilometer, dan heeft een passagier pas recht op verzorging bij een vertraging van drie uur. Voor vluchten naar een bestemming buiten de Europese Unie van meer dan 3500 kilometer moet er ten minste een vertraging van vier uur zijn.

De precieze inhoud van het recht op verzorging is heel erg afhankelijk van de omstandigheden van het geval. Zo heeft een passagier recht op maaltijden en verfrissing, maar alleen als dit in een redelijke verhouding staat tot de wachttijd. Hiernaast heeft een passagier recht op een hotelovernachting als een verblijf van één of meer nachten noodzakelijk wordt. Het vervoer tussen de luchthaven en de accommodatie komt in dat geval ook voor rekening van de luchtvaartmaatschappij. Indien de luchtvaartmaatschappij deze verplichtingen niet nakomt, kunnen eventueel gemaakte kosten achteraf alsnog worden gedeclareerd. Het is daarom van groot belang de betaalbewijzen goed te bewaren. Hierbij geldt overigens wel de voorwaarde dat het geen buitenproportionele kosten mogen zijn ten opzichte van de extra wachttijd. Zo hoeft de luchtvaartmaatschappij bij een vertraging van twee uur niet de kosten te dragen voor drie uitgebreide maaltijden met bijbehorende drankjes.

Recht op terugbetaling of een andere vlucht
Bij een vertraging van ten minste vijf uur of het annuleren van de vlucht heeft de passagier een keuzemogelijkheid. Allereerst kan worden gekozen voor de volledige terugbetaling van het gekochte vliegticket. Een eventuele vervangende reis zal dan zelf moeten worden bekostigd. Hiernaast kun je kiezen voor een andere vlucht, eventueel op een andere datum, onder vergelijkbare vervoersvoorwaarden. Als je deze laatste optie kiest en in een hogere klasse moet worden geplaatst, mag door de luchtvaartmaatschappij geen bijbetaling worden gevraagd. Bij een plaatsing in een lagere klasse heb je daarentegen recht op terugbetaling van een gedeelte van de ticketprijs.

Conclusie
Een lange vertraging of zelfs een annulering van de vlucht kunnen heel vervelend zijn. Gelukkig heeft de Europese Unie vliegtuigpassagiers in die situaties verschillende rechten toegekend. Je kunt soms aanspraak maken op financiële compensatie voor de ongelukkige situatie. In de meeste gevallen heeft een passagier recht op een maaltijd en indien nodig een hotelovernachting. Ten slotte bestaat het recht op alternatief vervoer of terugbetaling van het vliegticket. Heb je helaas zelf te maken gehad met vertraging of wordt je vlucht geannuleerd? Kom dan langs bij Rechtswinkel Nijmegen-Oost en wij kijken graag wat wij voor jou kunnen betekenen!

 

Lees meer

Kennis of kletspraat: Sportdag dinsdag

Nijmeegse kroegen, de rector magnificus van de Radboud Universiteit en de infrastructuur op de campus. Hebben de aankomende studenten hun kennis over Nijmegen en de RU op peil of moeten ze nog wat vaker Wikipedia bezoeken? Tijdens de introductieweek legt ANS een aantal vragen over hun toekomstige woon- en studieplaats Nijmegen voor aan verschillende introgroepjes.

Op dag drie van de introductie wordt het bier even aan de kant gezet voor een zogenaamd gezondere activiteit: de sportdag. Buiten het Elinor Ostromgebouw zit de nieuwe lichting van International Business Communication in de zon te wachten op hun volgende wedstrijd. Na enig aarzelen stappen drie studenten naar voren die denken het een ander te weten over Nijmegen.

Vraag 1: Kunnen jullie vijf kroegen in Nijmegen opnoemen?
'El Sombrero', zegt de Duitse student Konstantin direct. Daarna valt het even stil, terwijl Yannick nadenkt. 'Malle Babbe, Drie Gezusters, Riley's', klinkt het uiteindelijk snel achter elkaar. Konstantin probeert nog een duit in het zakje te doen. 'Is Ovum Novum een kroeg?' Yannick neemt het snel weer over om hun groepje naar de eindstreep te krijgen: 'Bascafé, De Fuik, Van Rijn.'

Vraag 2: Hoe hoog is het Erasmusgebouw?
Met cijfers hebben de businessstudenten duidelijk geen enkele moeite. 'Ongeveer tachtig meter, 88?' zegt Yannick zonder moeite. Ook het tweede antwoord is een schot in de roos.

Vraag 3: Hoeveel kost een sportkaart?
Bij de derde vraag blijkt opnieuw dat de mannen hun cijfers kennen. 'Honderdtwintig', suggereert Yannick. 'Nee, 108', verbetert Koen hem snel. Dat is wederom precies goed, de ijverige studenten hebben duidelijk goed opgelet tijdens de voorlichtingsrondes.

Vraag 4: Wat is de straattaalnaam voor Nijmegen?
Het goede antwoord is snel gevonden. 'Nimma', verklaart Yannick zonder aarzelen. Dat klopt, maar de student heeft meer ideeën. 'Of Nimsko, net zoals ze Amsterdam Damsko noemen.' Deze nieuwe benaming is vooralsnog niet echt aangeslagen, maar Yannick zegt hard zijn best te gaan doen om deze naam te introduceren.

Vraag 5: Wie was Radboud en wanneer leefde hij?
Bij het horen van deze vraag kijken ze elkaar beduusd aan. 'Het klinkt als een professor of zoiets', oppert Koen. Dat is niet goed, dus Konstantin besluit het antwoord in een iets andere hoek te zoeken en gokt dat Radboud een wetenschapper was. Helaas, de Radboud naar wie de universiteit is vernoemd, is een Utrechtse bisschop die rond 850 na Christus leefde en van wetenschap waarschijnlijk evenveel wist als deze studenten van geschiedenis.

Vraag 6: Hoeveel lopers doen er mee aan de Nijmeegse Vierdaagse?
'Zo'n 20.0000?' stelt Konstantin aarzelend voor. De studenten zijn verbaasd om te horen dat het er meer zijn. '30.000. Misschien 37.000', zegt Yannick. Konstantin besluit zijn oorspronkelijke antwoord een stukje naar boven bij te stellen: '60.000.' Het goede antwoord ligt ongeveer in het midden, met 41.000 lopers.

Na een sterke start lopen de kersverse studenten International Business Communication toch tegen een paar hindernissen aan bij de laatste vragen. De perfecte score die ze tot dan toe met de diverse onderdelen van de sportdag hebben behaald, zit er voor hun kennis van Nijmegen helaas nog niet in.

Kennis of kletspraat 1 groot

 

Lees meer

Kennis of kletspraat: Sportdag donderdag

Nijmeegse kroegen, de rector magnificus van de Radboud Universiteit en de infrastructuur op de campus. Hebben de aankomende studenten hun kennis over Nijmegen en de RU op peil of moeten ze nog wat vaker Wikipedia bezoeken? Tijdens de introductieweek legt ANS een aantal vragen over hun toekomstige woon- en studieplaats Nijmegen voor aan verschillende introgroepjes.

Tekst: Irene Wilde
Foto: Vincent Veerbeek

Ook op donderdag wisselen de studenten hun stapschoenen om voor sportschoenen om zich te bewijzen op de verschillende onderdelen van de sportdag. In het zonnetje staat een grote groep toekomstige bestuurskundigen te wachten op hun volgende wedstrijd. Aangemoedigd door het enthousiasme van hun mentorpapa doen ze allemaal mee met onze kleine quiz.

Vraag 1: Hoe heet de uitgaansstraat in Nijmegen?
'Molenstraat!' zegt een van de jongens vrijwel meteen. Het is duidelijk dat dit introgroepje er al meerdere uitgaansdagen op heeft zitten.

Vraag 2: Sinds wanneer bestaat de Radboud Universiteit?
Er valt een lange stilte en aan de vragende blikken van de eerstejaars is duidelijk te zien dat ze geen flauw idee hebben. Wanneer blijkt dat ook de Radboudhoodie geen hulp kan bieden, geeft een van de mentoren een grote hint: 'Dit jaar is het lustrum, de universiteit is nu 95 jaar oud.' Het kwartje valt echter nog steeds niet. '1925?' oppert een van de meisjes. De mentor wordt nu wat strenger. 'Kom op jongens, het is nu 2018 en de universiteit bestaat 95 jaar, zo moeilijk is het niet.' Het gaat moeizaam, maar uiteindelijk komen de studenten dan toch tot het goede antwoord: 1923.

Vraag 3: Noem vijf faculteiten van de universiteit.
Als eerste wordt de Faculteit der Managementwetenschappen genoemd, waartoe de studie Bestuurskunde behoord. Ook de Faculteit der Rechtsgeleerdheid en de Faculteit der Medische Wetenschappen worden al snel genoemd. Hierna wordt het toch een stukje moeilijker. 'Nederlandse taal en cultuur zal er vast ook wel een zijn toch?' Probeert iemand. 'Of iets van Filosofische wetenschappen?' Maar nee, die studies zijn helaas allebei niet groot genoeg voor een eigen faculteit. De vierde goede faculteit die wordt geraden is die van Sociale Wetenschappen. Na nog een paar gokjes helpt een van de mentoren zijn introkinderen uit de brand door de Faculteit der Letteren als vijfde toe te voegen.

Vraag 4: Hoe heet het Nijmeegse park waar Frank Boeijen een liedje over schreef?
Dat de studenten Bestuurskunde een stuk meer thuis zijn in de Nederlandstalige volksmuziek dan in de organisatie van de universiteit is wel duidelijk. Ze roepen zonder na te denken in koor: 'Dat is het Kronenburgerpark!'

Vraag 5: Hoeveel studenten heeft de Radboud Universiteit?
Dit lijkt in eerste instantie misschien een moeilijke vraag, maar een van de nieuwe eerstejaars heeft duidelijk zijn huiswerk gedaan. 'Dat zijn er 21.000', zegt hij meteen. 'Dat heb ik gelezen op de website.'

Hoewel hoofdrekenen niet een van de sterkste punten van deze groep studenten Bestuurskunde, hebben ze na vijf dagen introductie al veel kennis over Nijmegen paraat. Dit belooft alvast veel goeds voor het aankomende collegejaar.

Kennis of Kletspraat donderdag Facebook

 

Lees meer

Leestips 'Lees een boek dag'


Kinderboekenweek, boekenweek, poëzieweek, wereldboekendag, er bestaan genoeg evenementen die er op aansturen het lezen van boeken te stimuleren. Zo ook vandaag: 6 september is het officieel de nationale 'Lees een boek dag', en speciaal voor deze gelegenheid is ANS de boeken ingedoken voor de beste leestips te om deze literaire dag te vieren. 



1.Sana Krasikov, The Patriots (2017) 
De Verenigde Staten staan bekend als een land van immigranten, maar hoe vergaat het Amerikanen die juist besluiten te vertrekken? Krasikov's debuutroman vertelt het verhaal van Florence Fein die in de jaren dertig een veilig leven in Brooklyn achter zich laat om in de Sovjet-Unie haar dromen na te jagen. The Patriots schildert het persoonlijke verhaal van Flora prachtig af tegen de achtergrond van grote en kleine historische gebeurtenissen.


2
. Dave Eggers, The Parade(2019)
Het Nederlandse publiek zal Eggers vooral kennen van The Circle, maar ook zijn andere werk is de moeite waard. Zeker voor liefhebbers van boeken die tegelijkertijd doodgewoon en prettig gestoord zijn. Ook zijn nieuwe novelle The Parade is hierop geen uitzondering. Het verhaal over twee naamloze mannen die een snelweg aan moeten leggen in een eveneens naamloos ontwikkelingsland is minimalistisch maar daardoor komen de humor en het absurdisme alleen maar beter tot hun recht.

3. Godfried Bomans, Erik of het klein insectenboek (1941):

Wél lezen op lees-een-boekdag, maar geen zin in een dikke pil? Wellicht is Erik of het klein insectenboekiets voor jou. In dit 153 pagina’s tellende boek belandt Erik Pinksterblom per ongeluk in de wereld der insecten. Bomans omschrijft de miniatuurwereld op sprookjesachtige wijze en voorziet menig insect van een goed verhaal. Wie denkt dat sprookjes alleen voor kinderen zijn, heeft het mis betreffende dit staaltje volwassenenfantasie.

4.A.N. Ryst, De Harpij:Een kleine geschiedenis van het paradijs (2014)
Wél lezen op lees-een-boekdag, én zin in een dikke pil? Dan is De Harpijwat voor jou. Ryst schreef een verhaal dat doet denken aan zowel Griekse mythologieën als Bijbelse vertellingen en creëerde hiermee een unieke roman. Dit Nederlandstalige fantasyboek wisselt continu van verhaallijn zonder langdradig te worden. 

 

Lees meer

Leestips zomer

Het is (bijna) zomervakantie en voor veel mensen is dat dé tijd om weer eens een boek op te pakken. Of je nu gaat kamperen in Frankrijk, backpacken door Australië of een vakantie rundumhause hebt gepland: een boek mee is nooit verkeerd. ANS maakte daarom een literatuurtip-lijstje met 5 recente en minder recente boeken voor mee in de koffer. 

 

 


1.
Aafke Romeijn, Concept M (2018)
In Concept M maak je kennis met de Nijmeegse Hava. Hava is anders dan anderen: haar haren zijn grijs, haar huid is doorschijnend en haar ogen diepzwart: ze lijdt aan de mysterieuze ziekte 'kleurloosheid'. Steeds meer Nederlanders krijgen de ziekte en het land komt voor een groot probleem te staan: de medicatie is onbetaalbaar. Een groep radicalen voorspellen dat kleurlozen binnen een paar jaar in de meerderheid zijn. Dit zou betekenen dat de mensheid langzaam uitsterft. Hava sluit zich aan bij deze groep en besluit dat het tijd is voor actie.

2. Alain Mabanckou, Broken Glass (2011)
Broken Glass is een voormalig docent die zijn dagen slijt in een Congelese bar genaamd Credit Gone Away. In één lange, ratelende zin zonder punten vertelt hij over de bar en diens bezoekers. Grappig en tragisch tegelijk, en voor de ongeruste lezers: van dat gebrek aan punten merk je al snel bijna niets meer.

3. Bill Bryson, Een kleine geschiedenis van bijna alles (2003)
In Een kleine geschiedenis van bijna alles vertelt Bill Bryson op een toegankelijke manier over allerlei wetenschapsgebieden waar normaliter nogal droog over wordt verteld: natuurkunde, sterrenkunde, geografie en meer. Leerzaam, maar vooral grappig, zelfs als je de betreffende vakken op de middelbare school bewust zo snel mogelijk uit je pakket hebt gekieperd.

4. Frans de Waal, Mama’s laatste omhelzing (2019)
In 2016 overlijdt Mama, de matriarch van de chimpanseekolonie in Burgers’ Zoo. Op haar sterfbed neemt ze afscheid van bioloog Jeff van Hoof. Deze emotionele anekdote is het startpunt van het nieuwe boek van primatoloog Frans de Waal, waarin hij zich richt op emoties en zelfbewustzijn bij dieren.

5. George R.R. Martin, Het lied van ijs en vuur (reeks, 1996 – heden)
Voor de mensen die alleen de serie hebben gezien, is de zomer na het allerlaatste seizoen natuurlijk een perfect moment om te starten met de boekenreeks. Veel uitgebreider en intrigerender dan de serie, en als je niet te snel doorleest is het zesde boek misschien zelfs al uit als je klaar bent.





 

Lees meer

Lijstjestijd: ANS en 2017

Het einde van 2017 is nabij. Over enkele dagen wordt het nieuwe jaar ingeluid met het geknal van vuurwerk en champagnekurken. Voor veel mensen de perfecte gelegenheid om goede of slechte voornemens op te stellen. Daarnaast is het ook een mooi moment om de hoogtepunten van het afgelopen jaar op een rijtje te zetten. Wat was het meest opvallende ANS-nieuws van 2017?

Als een lopend vuurtje
De campus gaat de komende jaren flink op de schop, met de sloop van de Thomas van Aquinostraat en de verbouwing van de Refter, maar het had niet veel gescheeld of daar waren nog meer bouwprojecten bij gekomen. Op 14 februari vloog een koeltoren op het dak van het Spinozagebouw in brand. Het gevolg was een grote rookpluim die van verre te zien was, maar gelukkig betrekkelijk weinig schade veroorzaakte. Alsof dat nog niet genoeg was, moest op 17 oktober ook het Grotiusgebouw eraan geloven. Gelukkig bleef ook hier de schade beperkt, maar er kwam veel rook vrij en een deel van het gebouw bleef enkele weken buiten gebruik. Al met al was het dus een vlammend jaar voor de Radboud Universiteit (RU), maar de universiteit hield het hoofd koel.

Geen internet, wel gratis naar de film
Netflix en chill zat er voor veel SSH&-bewoners begin dit jaar niet in. De studentenhuisvestingsorganisatie ging eind vorig jaar in zee met Ziggo, maar de overstap verliep niet erg soepel. De ene storing was nog niet verholpen of de volgende diende zich alweer aan, met veel ontevreden studenten als gevolg. Om bewoners die zonder internet zaten tegemoet te komen, besloot de SSH& gedupeerde studenten eind februari een schamele bioscoopbon cadeau te doen. Je moet toch iets als je je favoriete series niet kunt bingewatchen.

Wisseling van de wacht
2017 was het jaar van de Tweede Kamerverkiezingen. ANS interviewde lijsttrekkers Marianne Thieme van de Partij voor de Dieren en Sylvana Simons van Art1kel voor het blad. Ook kwam toenmalig SP-fractievoorzitter Emile Roemer op uitnodiging van ANS en ismus op bezoek bij de RU. Daarbij vertelde hij over de plannen van zijn partij en vond er een interactief interview plaats. Na de verkiezingen van 15 maart duurde het even voordat de hoge heren in Den Haag eruit waren, maar uiteindelijk lag er een regeerakkoord op tafel voor Rutte-III. Daarin werd onder meer gesproken over korting op het collegegeld van aankomende eerstejaars ter compensatie van het leenstelsel. Toch hadden de Landelijke Studentenvakbond en het Interstedelijk Studentenoverleg direct flinke kritiek op de kortingsplannen, die ook in 2018 onderwerp van discussie zullen blijven. Het aantreden van het nieuwe kabinet betekende bovendien een einde aan het bewind van Jet Bussemaker als minister van onderwijs, die plaatsmaakte voor opvolger Ingrid van Engelshoven.

Begrotingsperikelen
Niet alleen in Den Haag brak men zich het hoofd over de vraag hoe het geld dat is vrijgekomen met de afschaffing van de basisbeurs moet worden besteed. In Nijmegen werd besloten dat een groot deel van dat bedrag zou worden geïnvesteerd in de Radboud Honours Academy (RHA), wat veel leden van de Universitaire Studentenraad (USR) in het verkeerde keelgat schoot. Na het nodige gesteggel stemde de USR toch in met de voorlopige begroting, maar daarbij werd wel afgesproken dat de medezeggenschap mee mag praten over de nieuwe invulling van de RHA. Tot ieders verbazing is dat tot op heden nog niet gebeurd, maar het staat op de agenda voor volgend jaar. Wordt vervolgd.

Steenkolenengels in Spinoza
Studenten Psychologie die in september aan hun tweede jaar begonnen, stond een onaangename surprise te wachten. Hun colleges werden opeens in het Engels gegeven. Het was geen nieuws dat de studie in een overgangsfase was en er steeds minder les in het Nederlands gegeven zou worden. Dat het de huidige studenten zo zou beïnvloeden was echter niet volgens afspraak. Bovendien was het Engels van docenten van dusdanig slechte kwaliteit dat het niet bij Freudiaanse versprekingen bleef en de stof niet meer te begrijpen was. Reden genoeg dus voor psychologiestudenten om een petitie te starten, waarna gesprekken werden gevoerd met opleiding en universiteit. Gelukkig verliep de introductie van Engelstalige content op ANS-Online soepeler.

 

Lees meer

Lijstjestijd: ANS en 2018

Vanavond is het zover. Met een oliebol in de ene hand en een glaasje champagne in de andere, wordt het nieuwe jaar ingeluid. Vuurwerk wordt afgestoken, goede voornemens worden gemaakt, maar niet voordat alle hoogtepunten van afgelopen jaar zijn besproken. Daarom blikt ANS terug op afgelopen jaar. Wat was het meest opvallende nieuws van 2018?

ANS twijfelde
In maart vond op de Radboud Universiteit (RU) een heuse Radboud Song Contest plaats. Er moest een Radboudliedkomen. Iedereen die wilde, kon meedoen en kreeg de kans om zijn nummer ten gehore te brengen in een idols-achtige show in theaterzaal C. Na een avond vol goede en minder goede nummers, kreeg het publiek te kans om een stem uit te brengen. Dit maakte voor het eindoordeel echter niet uit. De vakjury had het eindoordeel en besloot om de winst in eigen huis te houden en koos voor het nummer van RU-vertegenwoordiger Martijn Gerritsen, Dare to Doubt. Sindsdien is geen evenement op de campus meer hetzelfde. Steevast wordt het afgesloten met het Radboudlied. Gezongen door een koor, door docenten of door het publiek, liefst zo nationalistisch mogelijk met de hand op het hart.

Buiten de lijntjes kleuren
Vlak voor de zomer ontstond een hype in België die ook in Nederland wel wat weerslag vond. Studenten uit Leuven die tijdens het studeren in de Universiteitsbibliotheek (UB) rode oortjes kregen van een studiegenoot, konden dit uiten door een markeerstift onder de stoel van de persoon in kwestie zijn stoel te leggen. Wanneer deze teruggebracht werd naar de rechtmatige eigenaar, wist die dat hij geen blauwtje had gelopen. Met de code 'Ik heb liever pastelkleuren', werd de stift in ontvangst genomen en was er witte rook. De daad kon daarna worden verricht in het dichtstbijzijnde toilet. In Nijmegen keken veel studenten geel en groen van jaloezie naar hun Belgische collega's, maar helaas zijn studenten hier te preuts om kleur te bekennen en is er nog geen markeerstift gespot in de UB.

Met spandoeken de straat op
Verschillende ontwikkelingen en gebeurtenissen in de politiek zorgden ervoor dat studenten dit jaar vaak protesteerden. Niet alleen op het Erasmuspleinstonden studenten en docenten met spandoeken tegen de bezuinigingen in het onderwijs, ook in Den Haagvonden twee protesten plaats om aandacht te vragen voor de kwaliteit van het onderwijs. Net voor de kerstvakantie stonden in de berm van de Heyendaalsewegook nog spandoeken. Deze waren echter niet in het kader van WOinactie. Langstudeerder Moshin Saeed mocht niet aan zijn master Natuurkunde beginnen, en weet dat aan discriminatie van desbetreffende docent. 

Duister verleden Berchmanianum
Vanaf het nieuwe collegejaar is het Berchamanianumgebouw officieel in gebruik genomen. Onder andere het College van Bestuur zetelt in dit RU-hoofdkwartier, dat een duister verledenbleek te hebben. Waar nu de propedeuses worden uitgereikt, vonden ongeveer 65 jaar geleden omstreden activiteiten plaats. De paters die tot 1942 in het gebouw woonden, werden op een doordeweekse ochtend bruut van het bed gelicht door een contingent Duitsers. In het geheim werd het Nazi-project Lebensborn in gang gezet. Bedoeling was dat een 'fokprogramma' werd opgezet om 'echte Arische kinderen' groot te brengen. Hoewel er plaats was voor zo'n zestig vrouwen en honderd kinderen, is het project nooit van de grond gekomen en zijn er in het Berchmanianum nooit kinderen als onderdeel van Lebensborn geboren.

 

Lees meer

Lijstjestijd: ANS en de RU

Het is december en dat betekent lijstjestijd. In de kerstvakantie presenteert ANS tot aan Oud en Nieuw iedere dag een lijstje waarin wordt teruggeblikt op 2014. Wat waren de leukste reacties? De leukste quotes? Welke interviews zijn het lezen waard? ANS duikt in het archief en rakelt het voor je op. Deze lijstjes kunnen er voor jou overigens anders uitzien, dus schroom niet te reageren met jouw rangorde. Het lijstje van vandaag: ANS en de RU

5. Van Share naar Microsoft Exchange Het mailprogramma van studenten is dit jaar overgezet naar Exchange. In april werd bekendgemaakt dat de studentenmail, in tegenstelling tot eerdere berichten, wel op de RU-server zou blijven. Privacy was hier de voornaamste reden voor. In november stapten de laatste studenten over naar het nieuwe programma. Volgens projectmanager Marien de Clercq, verandert er weinig aan de functionaliteit; je moet nu naar mail.ru.nl gaan in plaats van share.ru.nl en ru\ voor je studentnummer plaatsen. Een belangrijke kanttekening bij deze overgang is dat je door Exchange met je laptop of telefoon te synchroniseren, je de RU rechten geeft om instellingen te wijzigen en gegevens te verwijderen.

4. Hoogleraren met bijbaantjes  ANS berichtte over een onderzoek waaruit blijkt dat in Nederland van de in totaal 5800 hoogleraren, ruim 80 procent er nevenactiviteiten op nahoudt. Eenderde van die activiteiten wordt door hoogleraren niet gemeld. Bij de Radboud Universiteit maakt eenvijfde van de hoogleraren volgens het onderzoek van de Onderzoeksredactie geen afspraken over de verdeling van inkomsten uit nevenwerk, het hoogste percentage van alle Nederlandse universiteiten. Bij eenderde van de gevallen zou er sprake zijn van belangenverstrengeling. Gerard Meijer, voorzitter van het College van Bestuur, gaf aan geschrokken te zijn van de uitkomsten.

3. Onoverzichtelijke informatievoorziening In de intro-editie schreef ANS over de onoverzichtelijke en onvolledige informatievoorziening van de RU, waardoor het studenten met een functiebeperking moeilijk werd gemaakt. ‘Eigenlijk staat de regelgeving over de speciale voorzieningen nergens duidelijk aangegeven.’ In de 95e Gezamenlijke Vergadering werd gerefereerd naar dit artikel. De website kwam eerder in het jaar ook al in het nieuws. De hoofdwebpagina's van de RU, de website van de UB en de pagina's van de afzonderlijke faculteiten zijn veranderd. De websites waren al sinds 2008 in hun huidige vorm in gebruik. ‘Het werd dus wel eens tijd’, aldus Jeroen Buijs, een van de eindverantwoordelijken van het project.

2.Vraagtekens bij het Honoursprogramma Afgelopen jaar kwam het Honoursprogramma veel in opspraak. In februari startte het College van Bestuur een onderzoek naar dit paradepaardje van de RU. Vraagtekens werden gesteld bij de uitdaging die het programma zou moeten bieden en het hoge aantal studenten dat wordt aangenomen. Later dit jaar werd het management van de Radboud Honours Academy op non-actief gesteld. De aanleiding hiervoor was een klacht die valt onder de Klokkenluidersregeling. Meer informatie heeft de RU hierover niet willen prijsgeven.

1. Het aftreden van de rectorIn juni maakte Bas Kortmann bekend dat hij per 17 oktober zijn functie als rector magnificus van de RU neer zou leggen: ‘Dit is mijn laatste dies als rector, maar vandaag is niet de start van mijn afscheid. Jullie zijn nog niet van me af.’ Tijdens de opening van het academisch jaar gaf Kortmann nog een kritische speech over de inperking van de vrijheid van universiteiten door de overheid. Kort voor de wisseling interviewde ANS de voormalige rector over zijn zeven jaar rectoraat. Kortmann heeft plaatsgemaakt voor Theo Engelen, die sinds 2013 decaan van de Letterenfaculteit was.

 

Lees meer

Lijsttrekkers asap en AKKUraatd in gesprek

Terwijl binnen de USR momenteel meningsverschillen zijn over onderlinge samenwerking, zaten de nieuwe lijsttrekkers van de studentenfracties gemoedelijk samen aan tafel. ANS interviewde Bart Zonneveld (AKKUraatd) en Thom Teulings (asap) over hun plannen voor komend jaar.

Tekst: Irene Wilde
Foto’s: Vincent Veerbeek


Lijsttrekkersinterview 2. 350x Lijsttrekkersinterview 350x



 

 

 

         

 

 

 

Bart Zonneveld: AKKUraatd                                                      Thom Teulings: asap

Natuurkundestudent Bart Zonneveld is binnen de Faculteit der Natuurkunde, Wiskunde en Informatica geen onbekende. Hij deed eerder een bestuursjaar bij zijn studievereniging, bij de koepelvereniging van de faculteit en vertegenwoordigde afgelopen jaar als assessor de studentbelangen bij het faculteitsbestuur. Komend jaar zal hij zich als lijsttrekker van AKKUraatd inzetten om onder andere het onderwijs flexibeler te maken. Thom Teulings, lijsttrekker van asap, heeft op de voorgrond misschien niet zoveel ervaring als Bart, maar op de achtergrond is hij al ruim drie jaar betrokken bij asap. Na een bestuursjaar en een jaar als lid van de zogenaamde 'schaduwfractie', wil hij zijn betrokkenheid bij asap komend jaar vergroten door namens de fractie deel uit te maken van de Universitaire Studentenraad (USR). ANS sprak de twee ambitieuze studenten over de plannen voor het komende jaar, en de overeenkomsten en verschillen tussen te twee partijen. 'Ik denk dat we elkaar goed kunnen aanvullen en tegelijkertijd kritisch op elkaar kunnen zijn.'


Waarom hebben jullie juist voor AKKUraatd of asap gekozen?
Bart: 'In mijn jaar als assessor heb ik veel contact gehad met de USR en ben ik met beide partijen in aanraking gekomen. Wat mij bij AKKUraatd heel erg aanspreekt, is dat het een grote fractie is waar daardoor alle verschillende geluiden in meegenomen worden.'
Thom: 'Ik ben via een studiegenootje bij asap terecht gekomen, en ik was meteen erg te spreken over de manier waarop de partij medezeggenschap invult. Het duidelijke en open karakter waarmee asap ook studenten proberen te bereiken die geen lid zijn van de partij, leidt tot veel nieuwe ideeën en inzichten.'


Waar gaan jullie je komend jaar voor inzetten?
Thom: 'Wat je in onze Tienpuntenlijst ziet, is dat een deel hele concrete plannen zijn en een ander deel juist ideeën zijn voor op langere termijn. Zo willen we op de langere termijn bijvoorbeeld de verschoolsing binnen de universiteit aanpakken. Je ziet namelijk dat studenten die naast hun studie iets willen doen, nog te vaak tegen regeltjes aanlopen waardoor het moeilijk is om die twee dingen te combineren.' 
Bart: 'Dit is ook een van onze belangrijke punten. AKKUraatd kent vier pijlers en een van die pijlers is ‘studentenleven voor iedereen’. Wij willen graag aandacht besteden aan studenten die naast hun studie moeten werken om hun collegegeld te kunnen betalen, of die als mantelzorger actief zijn. Daarom willen wij komend jaar het traject inzetten dat mogelijk maakt dat studenten per studiepunt betalen.'

 

'Soms heb je in plannen net een andere focus.'

 

Hebben jullie ook persoonlijke doelen die jullie komend jaar willen behalen?
Thom: 'Ja, dat ligt eigenlijk in lijn met asap en dat is het ruimte geven aan studenten om zich persoonlijk te ontwikkelen. Ik heb zelf vaak gemerkt dat je, zodra je je niet precies aan het studieprogramma houdt, tegen regels aanloopt. Het zou voor studenten makkelijker moeten worden om bijvoorbeeld vakken op een andere faculteit te volgen.' 
Bart: 'Het flexibel studeren gaat mij ook erg aan het hart omdat je merkt dat er nu veel studenten zijn die betalen voor iets dat ze niet gebruiken, terwijl het onderwijs al zo duur is zonder basisbeurs. Daarnaast vind ik duurzaamheid erg belangrijk. Ik zou graag zien dat de universiteit veel groener wordt en dat er buitenwerkplekken met stopcontacten komen.'

De standpunten van AKKUraatd en asap overlappen op best veel punten. Hoe zien jullie die samenwerking in de USR voor je?
Bart: 'Je ziet inderdaad dat onze plannen grofweg overeenkomen. Dit is ook logisch want beide partijen zitten in de USR om studentenbelangen te vertegenwoordigen, en die zijn over het algemeen wel gelijk. Ik denk dat we elkaar goed kunnen aanvullen en tegelijkertijd kritisch op elkaar kunnen zijn.' 
Thom: 'Zoals je merkt zijn het vooral nuanceverschillen. De doelstelling van asap is om vanuit het constructieve naar samenwerking te zoeken en samen aan tafel te gaan zitten.' 
Bart: 'Tegelijkertijd denken wij als AKKUraatd wel dat het mogelijk moet zijn om als fractie een eigen project uit te voeren en zou je eigen idealen na te streven. Soms heb je in plannen namelijk net een andere focus.'

Op dit moment is er wat onenigheid tussen de fracties en neemt AKKUraatd niet langer deel aan de interne samenwerking binnen de USR. Hoe kijken jullie hier tegenaan?
Bart: 'Er is iets misgegaan tussen de veertien leden van de USR waardoor het vertrouwen aan beide kanten is afgebrokkeld en dat is nooit meer goed hersteld. Dat is treurig, je ziet ook dat het persoonlijk veel met mensen doet. Thom en ik hebben hier al even contact over gehad, en hebben wel afgesproken van ‘hee, dit is niet hoe wij het gaan doen'.
Thom: 'Daar kan ik me voor een groot deel in vinden ja. Ik heb er vertrouwen in dat wij komend jaar goed kunnen samenwerken. Als asap zullen wij die samenwerking wel altijd bewust opzoeken en nastreven.'

 

'Ik heb er vertrouwen in dat wij komend jaar goed kunnen samenwerken.'

 

Zijn er verder dingen die jullie komend jaar anders willen doen?
Bart: 'Het mooie van AKKUraatd is dat het een partij is die wordt gedreven door idealisme, maar ik vind dat het realisme soms iets te veel uit het oog wordt verloren. Gelijk hebben en gelijk krijgen is helaas iets anders, dus ik denk dat het ook erg belangrijk is om bij ieder punt goed te kijken wat het juiste moment is en wie de juiste personen zijn om dit voor elkaar te krijgen.'
Thom: ‘Die slag naar het realisme is juist iets wat je bij asap al jaren terugziet. Het werken vanuit heldere doelen en eindpunten. 'Over de fractie van dit jaar ben ik eigenlijk heel tevreden en er zijn niet echt dingen die ik anders zou doen. Het enige waar nog wel verbetering in zit, is de communicatie naar de student. Het laten zien waar we mee bezig zijn en hoe de belangen van studenten daarin vertegenwoordigd worden.'

Tot slot: waarom moeten mensen op asap of AKKUraatd stemmen?
Bart: 'Aan de ene kant hebben wij idealen, maar aan de andere kant kunnen we ook laten zien dat wij in de loop van de jaren veel bereikt hebben. Dat komt door de manier waarop wij werken met een grote fractie gekoppeld aan een vakbond. We hebben veel mensen die zich betrokken voelen bij de partij en daardoor weten wij veel te bereiken. Ik denk dat dat de belangrijkste reden is om op AKKUraatd te stemmen.' 
Thom: 'asap heeft voor komend jaar heldere en concrete doelstellingen. Het stelsel van de USR met acht gekozen leden en zes koepellleden vraagt om samenwerking en het creeëren van draagvlak om voor studenten veel te kunnen bereiken. Ik nodig daarom iedereen uit om op een krachtige medezeggenschap te stemmen en hun stem aan asap te geven.'

gesprek 750x

 

 

Lees meer

Literatuurtip februari

Uit de allesomvattende brei van literaire werken een exemplaar kiezen voor in je boekenkast is geen kattenpis. Daarom plaatsen ANS en het literair tijdschrift Op Ruwe Planken maandelijks aanraders voor leesvoer online. Deze maand schreef Tom Verstappen de Literatuurtip. 

Februari heeft de naam een beetje een troosteloze maand te zijn. Maar in die melancholie is de groot mogelijke schoonheid te vinden. Voor deze literatuurtips heb ik daarom gekozen voor drie boeken in het thema 'weemoedige winteravonden'. Ga kopje onder, maar vergeet niet weer naar boven te komen.

De uitvreter, Titaantjes & Dichtertje - Nescio (1918)
'Jongens waren we – maar aardige jongens. Al zeg ik 't zelf. We zijn nu veel wijzer, stakkerig wijs zijn we, behalve Bavink, die mal geworden is.' Nescio – de man van de openingszinnen - was de auteur van een klein, maar wonderschoon oeuvre.  De invloed van deze eigenaardige Amsterdammer, met een voorliefde voor onze mooie Waalstad Nijmegen, is niet te onderschatten. Grote schrijvers als Remco Campert, Gerard Reve ('Ik voltooi eigenlijk geen bladzij, zonder dat ik tenminste een keer aan Nescio heb gedacht') en Louis Paul Boon ('Nooit werd er iets mooiers in onze hele Noord- en Zuid-Nederlandse literatuur geschreven.') zijn slechts drie schrijvers in de lange rij van bewonderaars. Zijn verhalen, doordrenkt met melancholie en hier een daar een snufje humor, blijven hun herkenbaarheid en kracht houden. Zelfs honderd jaar na dato. Nescio's taal heeft de tand des tijds met het zoveel gemak doorstaan en dat het nog lang bij ons zal blijven. En maar goed ook.

Julia - Otto de Kat (2009)
Net als bij dat andere bekende liefdesverhaal is Julia hier ook een onbereikbare liefde. De veel te onbekende schrijver Otto de Kat heeft met Julia een van mijn favoriete boeken geschreven. Protagonist Chris Dudok weent over de geschiedenis van Julia, een vrouw op wie hij intens verliefd werd maar door de oorlog uit het oog verloor en nooit meer terug vond. Julia is de persoon waar je wel verliefd op moet worden, Chris diegene die dit vol overgave doet. De simpele verhaallijn (man treurt over liefde die hij niet kan krijgen) wordt uitmuntend uitgespeeld door De Kat en krijgt een originele wending. Een boek dat meer aandacht verdient, gaat dat lezen!

Sneeuw - Orhan Pamuk (2002)
Het briljante boek van Nobelprijswinnaar Pamuk verhaalt over diverse ideeën en thema's; de oppositie tussen oost en west, religie en atheïsme, traditie tegenover vernieuwing. Toch is wat mij twee jaar na het lezen van de roman nog steeds het meest bij staat de sfeer van de roman. De wereld in het boek voelt gedempt, traag en donker met hier en daar een warm hoekje bij een kachel. Elk woord krijgt een betekenis mee, achter iedere handeling zit een berg symboliek. Toch doet het niks af aan het verhaal, een opmerkelijke prestatie. Bijzonder knap werk dat in symboliek en esthetiek uitblinkt zonder ooit de balans te verliezen. Ideaal voor een regenachtige middag.

 

Lees meer

Literatuurtip januari

Uit de allesomvattende brei van literaire werken een exemplaar kiezen voor in je boekenkast is geen kattenpis. Daarom plaatsen ANS en het literair tijdschrift Op Ruwe Plankenmaandelijks aanraders voor leesvoer online. Deze maand schreef Floor de Ruiter de Literatuurtip. Ze studeert Algemene Cultuurwetenschappen aan de RU.

Het materiële leven - Marguerite Duras
Het materiële leven is een klein boekje dat grote thema's behandelt. Verdeeld in korte hoofdstukken schrijft Duras – ook toneelschrijfster, regisseuse en feministe – over nagenoeg alles. Over haar ongewone, onstuimige leven, over politiek, schrijvers, seksualiteit, mannen, huizen, alcohol, over de dood. Sommige verhalen zijn zwaar, andere lichter, allemaal zijn ze even eerlijk. Het boekje zat wekenlang in mijn binnenzak en ook de inhoud blijf je gegarandeerd met je mee dragen.

De stenen dagboeken - Carol Shields
De stenen dagboeken is geen dagboek. Wel is het een bundeling verhalen, briefwisselingen, zelfs boodschappenlijstjes. Het is een archief van een leven. Niet per se een bewogen leven, maar juist daarom van belang. Het gaat over de onmogelijkheid om een leven te beschrijven, over de onbetrouwbaarheid van herinneringen, over de verhalen die anderen over je vertellen. Mijn favoriete boeken zijn boeken zoals deze: waarin weinig lijkt te gebeuren, maar waar je tussen de regels door moet lezen en de mooiste dingen ontdekt.

Alle verhalen - Gabriel García Márquez
Gabriel García Márquez schrijft over eenzaamheid, liefde en dood, in de meest bizarre verschijningsvormen. Hij trekt je zijn verhaalwerelden binnen – magische, vaak onmogelijke werelden die toch geloofwaardig aandoen. Het is zo'n zeldzame bundel waarbij je elke keer opnieuw baalt wanneer een verhaal is afgelopen. De verhalen blijven bij je en gek genoeg denk ik eraan terug alsof ik terugdenk aan een droom.

 

 

 

Lees meer

Man in the mirror: De regisseur

Columnist Niek van Ansem denkt veel na over het dagelijks leven. Maar of al dat reflecteren ook tot oplossingen leidt? Zijn gedachtes vragen op hun beurt namelijk ook weer om een flink staaltje doe-het-zelf psychoanalyse. Om zijn overvolle hoofd wat te luchten, deelt hij hier wat van zijn hersenspinsels.  ​

Ik heb al mijn hele leven het gevoel dat er iemand met me mee kijkt. Kijkt, maar ook mee luistert. Naar de zinnen die ik uitspreek en de woorden die ik opschrijf als ik een column aan het schrijven ben. Diegene ben ik zelf. Dat weet ik heel goed, maar toch speelt deze voortdurende zelfbespieding zich ook op een hoger niveau af dan het theater waar alles gebeurt. Eigenlijk zit ik constant achter de schijnwerpers: op de regisseursstoel voor mijn eigen toneelstuk.

Ik weet hoe het is om geregisseerd te worden. Ik heb namelijk ook ooit echt toneelgespeeld. En van alle repetities die ik meegemaakt heb, staat er me nog één bijzonder vers in het geheugen. We repeteerden met onze toneelgroep voor een opvoering en onze regisseur vertelde ons bevlogen over de uitdagingen van acteren. Hij had het daarbij over een soort 'derde oog' dat alle acteurs hebben: hun regisseursoog. Daarmee beoordeelt een toneelspeler zichzelf al tijdens het spelen van een scène, waardoor een natuurlijke acteerprestatie onmogelijk wordt.

Het voelt soms wel gek om mijn eigen regisseur te zijn… en om te realiseren dat dit niet alleen voor op het toneel geldt, maar voor mijn hele leven. Deze constante zelfreflectie zou op zich niet zo erg zijn als mijn kritische regisseursblik zou betekenen dat mijn leven constant meeslepende scènes oplevert. Helaas leidt mijn creatieve visie vaak genoeg ook tot een anticlimax.

Ik heb me geregeld in de kroeg afgevraagd wat ik ging zeggen tegen dat éne opvallende meisje bij de bar. Dat meisje was altijd een volslagen onbekende, maar dat is nou eenmaal zo als je uitgaat. Op dat soort momenten gooit de drang om te regisseren - te perfectioneren - geregeld roet in het eten. Sommige ontmoetingen moeten gewoon gebeuren, en door eindeloos te mijmeren over welke prachtige openingszinnen ik kan gebruiken om het ijs te breken, neem ik mezelf de woorden uit de mond. Ik weet ook niet hoe het komt. Ik heb misschien een diagnose, maar nog geen medicijn. Mindfulness, yoga, shocktherapie... Ik wil het allemaal nog eens proberen. Voor nu brengt het echter al rust om alleen maar even af te vragen, en te bedenken hoe een échte regisseur zijn acteurs aan zou pakken.

Onze regisseur wilde destijds rauw ondoordacht spel van ons zien. Hij probeerde dat bij ons te bereiken door ons een hele repetitie lang zware fysieke oefeningen te laten doen: opdrukken, door de zaal heen rennen, elkaar optillen en minutenlang vasthouden... Net zolang tot we bekaf waren. Vervolgens liet hij ons dan een scène spelen. Nog nahijgend speelden we misschien niet onze allerbeste scènes, maar daar dachten we door alle uitputting niet meer over na.

Het werkte.

 

Lees meer

Man in the mirror: Het mededogen in zwarte humor

Columnist Niek van Ansem denkt veel na over het dagelijks leven. Maar of al dat reflecteren ook tot oplossingen leidt? Zijn gedachtes vragen op hun beurt namelijk ook weer om een flink staaltje doe-het-zelf psychoanalyse. Om zijn overvolle hoofd wat te luchten, deelt hij hier wat van zijn hersenspinsels.  ​

Een jaar geleden ben ik met mijn familie in Auschwitz geweest. Het bezoek maakte op ieder van ons grote indruk. De paar dagen die we rondom dit bezoek in Krakau doorbrachten, waren dagen vol afschuw, bezinning en - vreemd genoeg - ook humor. Juist tijdens deze reis, waarin ik veel nadacht over wat er tijdens de Tweede Wereldoorlog is gebeurd, kwamen er bovengemiddeld veel grappen over deze gebeurtenissen in me op. Grappen die niet kunnen, omdat humor bij zoiets zwarts als de Holocaust niets te zoeken heeft. Of toch?

Het verschijnsel 'zwarte humor' vind ik intrigerend. Ik twijfel niet zozeer over de vraag óf zwarte humor kan: in mijn optiek moet je over ieder onderwerp - hoe zwaar ook - grappen kunnen maken. Wat mij echter wel fascineert, is de manier waarop zwarte humor zich verhoudt tot mijn medeleven. Bij iedere zwarte grap zijn er namelijk ook slachtoffers in beeld: slachtoffers van ziektes, rampen, misdaden. Als medemens vind ik het leed dat hen is overkomen allesbehalve grappig. Mijn zwarte humor en mijn mededogen zijn beide deel van wie ik ben, maar ze leven wel op gespannen voet met elkaar. Die spanning veroorzaakt soms ook een schuldgevoel dat zich samen met de hilariteit openbaart. Dat schuldgevoel is het innerlijke stemmetje dat 'die grap kan écht niet…' roept, terwijl hetzelfde stemmetje het ondertussen wel uitschatert van het lachen.

Dat ik mijn donkerste humor ondanks dat schuldgevoel toch liefdevol zijn gang laat gaan, lijkt onverenigbaar met mijn medeleven. Toch heeft de grofste grap bij mij juist ook veel te maken met mijn empathisch vermogen. Humor heeft in een zwarte context iets absurdistisch: de grap lijkt niet thuis te horen in het door en door trieste verhaal waar ze naar verwijst. Welbeschouwd is het noodlot echter niet veel minder absurdistisch - met name wanneer dit noodlot door andere mensen is veroorzaakt. Ik leef dagelijks een leven van logica, waarin ik de dingen die ik doe baseer op rationele verwachtingen van wat het me in de toekomst gaat brengen. Noodlot en slachtofferschap horen niet thuis in die wereld. Daarom vind ik de gruwelijkste gebeurtenissen ook zo moeilijk te bevatten. Dit maakt meeleven een belangrijke, maar allesbehalve een gemakkelijke opgave.

Ik kán me niet voorstellen hoe het is als een politiek regime ineens man en macht inschakelt om mij en mijn familie uit te roeien. Ik kan niet bedenken hoe het voelt als er op een doorsnee werkdag opeens een passagiersvliegtuig op mijn kantoorruimte afkomt, of als de stad waarin ik woon ineens gebombardeerd wordt. In mijn alledaagse leventje zijn dit te absurdistische scènes. Voor mij is het absurde van zwarte humor daarom een van de manieren om mijn meelevende kant aan te boren. Het stelt me enerzijds in staat om aan het onvoorstelbare tenminste iets van betekenis te geven, al is het maar een clou. Anderzijds zet het schuldgevoel dat met de grap komt me weer aan het denken.

Opdat het nooit wordt vergeten.

 

Lees meer

Man in the mirror: Het mededogen in zwarte humor

Columnist Niek van Ansem denkt veel na over het dagelijks leven. Maar of al dat reflecteren ook tot oplossingen leidt? Zijn gedachtes vragen op hun beurt namelijk ook weer om een flink staaltje doe-het-zelf psychoanalyse. Om zijn overvolle hoofd wat te luchten, deelt hij hier wat van zijn hersenspinsels.  ​

Een jaar geleden ben ik met mijn familie in Auschwitz geweest. Het bezoek maakte op ieder van ons grote indruk. De paar dagen die we rondom dit bezoek in Krakau doorbrachten, waren dagen vol afschuw, bezinning en - vreemd genoeg - ook humor. Juist tijdens deze reis, waarin ik veel nadacht over wat er tijdens de Tweede Wereldoorlog is gebeurd, kwamen er bovengemiddeld veel grappen over deze gebeurtenissen in me op. Grappen die niet kunnen, omdat humor bij zoiets zwarts als de Holocaust niets te zoeken heeft. Of toch?

Het verschijnsel 'zwarte humor' vind ik intrigerend. Ik twijfel niet zozeer over de vraag óf zwarte humor kan: in mijn optiek moet je over ieder onderwerp - hoe zwaar ook - grappen kunnen maken. Wat mij echter wel fascineert, is de manier waarop zwarte humor zich verhoudt tot mijn medeleven. Bij iedere zwarte grap zijn er namelijk ook slachtoffers in beeld: slachtoffers van ziektes, rampen, misdaden. Als medemens vind ik het leed dat hen is overkomen allesbehalve grappig. Mijn zwarte humor en mijn mededogen zijn beide deel van wie ik ben, maar ze leven wel op gespannen voet met elkaar. Die spanning veroorzaakt soms ook een schuldgevoel dat zich samen met de hilariteit openbaart. Dat schuldgevoel is het innerlijke stemmetje dat 'die grap kan écht niet…' roept, terwijl hetzelfde stemmetje het ondertussen wel uitschatert van het lachen.

Dat ik mijn donkerste humor ondanks dat schuldgevoel toch liefdevol zijn gang laat gaan, lijkt onverenigbaar met mijn medeleven. Toch heeft de grofste grap bij mij juist ook veel te maken met mijn empathisch vermogen. Humor heeft in een zwarte context iets absurdistisch: de grap lijkt niet thuis te horen in het door en door trieste verhaal waar ze naar verwijst. Welbeschouwd is het noodlot echter niet veel minder absurdistisch - met name wanneer dit noodlot door andere mensen is veroorzaakt. Ik leef dagelijks een leven van logica, waarin ik de dingen die ik doe baseer op rationele verwachtingen van wat het me in de toekomst gaat brengen. Noodlot en slachtofferschap horen niet thuis in die wereld. Daarom vind ik de gruwelijkste gebeurtenissen ook zo moeilijk te bevatten. Dit maakt meeleven een belangrijke, maar allesbehalve een gemakkelijke opgave.

Ik kán me niet voorstellen hoe het is als een politiek regime ineens man en macht inschakelt om mij en mijn familie uit te roeien. Ik kan niet bedenken hoe het voelt als er op een doorsnee werkdag opeens een passagiersvliegtuig op mijn kantoorruimte afkomt, of als de stad waarin ik woon ineens gebombardeerd wordt. In mijn alledaagse leventje zijn dit te absurdistische scènes. Voor mij is het absurde van zwarte humor daarom een van de manieren om mijn meelevende kant aan te boren. Het stelt me enerzijds in staat om aan het onvoorstelbare tenminste iets van betekenis te geven, al is het maar een clou. Anderzijds zet het schuldgevoel dat met de grap komt me weer aan het denken.

Opdat het nooit wordt vergeten.

 

Lees meer

Muzikale cross-over in Brebl

Bijna anderhalf jaar geleden is De Studenten Bigband Nijmegen opgericht. Op 22 en 23 juni voeren ze hun vierde project op bij cultuurcoöperatie Brebl, dit in samenwerking met het Nijmeegs Studentenorkest. ANS keek mee bij de laatste repetities voor dit unieke concert. 'Iedereen is een beetje buiten hun comfortzone, maar dat maakt het heel leerzaam.'

Tekst: Vincent Veerbeek en Irene Wilde
Foto's: Danique Janssen en Vincent Veerbeek

Vlak voor een van de laatste repetities voor hun vierde grote concert vertelt dirigent en arrangeur Berend van Deelen hoe de afgelopen anderhalf jaar sinds de oprichting er voor de bigband heeft uitgezien. Inmiddels heeft de bigband al drie grote projecten achter de rug. 'Na ons eerste optreden in het Cultuurcafé hebben we nog twee grote projecten gedaan. Een daarvan was ook in het Cultuurcafé, de andere was een samenwerking met het Fontys Jazz Choir voor een show in theaterzaal C.' Naast deze grote voorstellingen heeft de bigband allerlei andere dingen gedaan, zowel voor de universiteit als voor diverse andere organisaties. 'Tussendoor hebben we veel optredens gehad. Zo hebben we gespeeld op Music Meeting en stonden we in het voorprogramma van het Nederlandse Studenten Jazzorkest in Doornroosje.'

Naast de vaste bezetting, bestaande uit vijf saxofonisten, vier trombonisten, vier trompettisten en een ritmesectie van gitaar, toetsen, basgitaar en percussie, zijn er het afgelopen jaar een fluitist en een zangeres bijgekomen. 'Normaal zit een fluit niet in een bigbandbezetting als los instrument, maar ik vond het een vet idee. Op die manier kun je een moderne vibe creëren, dat is voor mij als arrangeur heel leuk.' Qua naamsbekendheid is de Studenten Bigband inmiddels vooral op de Radboud Universiteit erg bekend. 'Volgens mij zijn we buiten de universiteit nog niet helemaal bij de jazzliefhebbers doorgedrongen. We hopen hen met dit optreden meer aan te spreken.'

SBBN 1

Samenspel
Voor hun huidige project besloot de bigband iets bijzonders te doen in samenwerking met het Nijmeegs Studentenorkest Collegium Musicum Carolinum, een symfonieorkest. Al snel ontstond het idee om Sylva te gaan spelen. Dit album is oorspronkelijk van de Amerikaanse jazzband Snarky Puppy en het Nederlandse Metropole Orkest, een soortgelijke samenwerking als die van de Nijmeegse studentenmuzikanten. 'Sylva is een plaat die aan de ene kant heel funky is, maar aan de andere kant ook symfonische invloeden heeft.' Veel bandleden zijn groot fan van dit project en toen het idee ontstond om samen te werken, werd dan ook al snel geopperd om Sylva te  doen. Wat dit project extra bijzonder maakt, is dat het album tot nu toe alleen is opgevoerd door Snarky Puppy en het Metropole Orkest zelf. 'Losse nummers worden weleens door anderen gespeeld, maar we hebben niks kunnen vinden over een andere uitvoering van het geheel.'

SBBN 4Nadat het plan er eenmaal was, was het aan Van Deelen als arrangeur de taak om het album om te zetten in muziek die de bigband en het orkest konden gaan spelen. 'Het is helemaal gedaan op basis van de audio, omdat er geen uitgeschreven stukken beschikbaar zijn', vertelt Van Deelen terwijl hij een enorm boekwerk met bladmuziek erbij pakt dat de halve tafel in beslag neemt. Bij het uitwerken moest hij ook rekening houden met verschillen tussen de oorspronkelijke uitvoering en de huidige samenstelling. 'Het Metropole Orkest is een stuk groter dan wij en we hebben ook instrumenten die niet in het origineel zitten. Zo hebben we een hobo toegevoegd, want dat leek ons leuk en er is iemand die dat goed kan en graag mee wilde doen.' Al met al heeft het uitwerken van de bladmuziek aardig wat tijd gekost. 'Ik denk dat ik in totaal iets van tweehonderd tot tweehonderdvijftig uur bezig ben geweest om vijf van de zes partijen uit te werken. Bandlid Willem de Wit heeft het zesde deel uitgewerkt. Het is een goede oefening om zoiets ingewikkelds uit te zoeken en werkend te maken voor deze bezetting.'

SBBN 3Trompetten in TvA
Om zo'n grote voorstelling op poten te zetten, moet er natuurlijk flink worden geoefend. In totaal kwam het hele gezelschap vier keer samen voor reguliere repetities en sloten de muzikanten zich daarnaast een weekend op in een kampeerboerderij om te repeteren. Met een kleine twee weken te gaan tot de voorstelling komt iedereen samen in TvA8 voor een gewone repetitie. Waar overdag studenten zitten te blokken, stromen rond zeven uur 's avonds de groezelige gangen van TvA8 vol met mensen die grote instrumenttassen meezeulen. Verdeeld over zes lokalen op de begane grond en in de kelder gaan de secties eerst apart hun onderdeel oefenen.

Na ongeveer een uur komen ze samen in een van de grotere lokalen om met zijn allen te repeteren. 'Qua ruimte is deze locatie wel oké als we met alleen de bigband zijn, maar de akoestiek is nogal slecht', vertelt Van Deelen. 'Nu zitten we er met de volledige bezetting en dat is erg krap, maar we kunnen niet echt anders.' Met een mixtape geïnspireerd op de televisieserie The Get Down op de achtergrond in een lokaal de drums opgezet. Als alles klaar staat, kan het oefenen beginnen. Terwijl de percussionisten in het lokaal ernaast de muren doen trillen, stemmen de houtblazers hun spel op elkaar af. 'Je zit nog steeds wat aan de hoge kant, een beetje als een conjunctuurgolf in een goed jaar', klinkt het tussen de muzikale vaktermen door. Aan het andere uiteinde van de gang staan de contrabassen, deels verstopt achter hun imposante muziekinstrumenten. Boven zit in een lokaal een groep violisten rustig in een kring te oefenen, in het lokaal naast hen blazen de trompettisten de longen uit hun lijf. Ondertussen loopt Van Deelen rond om te kijken hoe het bij iedereen gaat. 'Iedereen is een beetje buiten hun comfortzone, maar dat maakt het heel leerzaam. Veel van de klassieke mensen spelen voor het eerst met een ritmesectie. Voor de bigband gaan we meer de klassieke kant op qua toon en dynamiek.'

SBBN 2Net echt
Een week later oefenen de 35 muzikanten nog een keer met zijn allen voordat het echte spektakel begint. Dit keer niet in een benauwende collegezaal, maar op de plek waar het allemaal gaat gebeuren. De maandag voor de voorstelling is Brebl, een zaaltje bij het Honigcomplex, het toneel voor de generale repetitie. Voor een groot rood doek en tussen een hoop tassen en instrumentkoffers staan de muzikanten opgesteld. Terwijl de technicus de laatste draden en snoeren voor licht en geluid aanlegt, worden alle stukken een voor een doorgelopen en net zo lang geoefend totdat iedere noot perfect klinkt. Sommige stukken moeten van de dirigent hiervoor wel vier keer opnieuw. 'Nog een keertje dan, om het af te leren.' Als de laatste aantekeningen op de bladmuziek zijn gemaakt en de verschillende secties onderling nog de laatste noten hebben gefinetuned, wordt het hele stuk nog een keer helemaal doorgespeeld.

Voor Van Deelen is het een hele oefening om zoveel mensen aan te sturen. 'Bij een bigband hoef je niet zoveel te dirigeren omdat er een aparte sectie is die het ritme aangeeft. Symfoniemensen leunen daar veel meer op, dus ik moest het dirigeren wel een beetje bijspijkeren.' Wat opvalt tijdens de repetitie is dat zowel de bigband als het studentenorkest erg tot hun recht komen. 'We spelen Sylva omdat dit naar mijn idee het best gelukte cross-overproject ooit is.' Dat de studenten veel zin hebben in het echte optreden is duidelijk. Zonder te klagen spelen ze iedere noot net zo lang totdat hij er perfect inzit, en luisteren ze goed naar de aanwijzingen van de dirigent. Tussen de verschillende stukken door wordt er een hoop gelachen en de sfeer onderling is goed. Met name de trombonisten stelen de show met hun zelfbedachte danspasjes.

'We werken altijd naar een eindproject toe, maar daarnaast hebben we een hoop side-optredens.'

Toekomstmuziek
Hoewel bijna alle aandacht op dit moment bij de optredens van aankomend weekend is, gaat het gewone leven van de muzikanten ook door. 'We werken altijd naar een eindproject toe, maar daarnaast hebben we een hoop side-optredens', vertelt Van Deelen. Zo speelde de bigband begin deze maand voor het lustrum van de managementfaculteit en staat zelfs de dag voor het grote optreden nog een barbecue bij het Radboudumc op de planning. 'Voor die kleinere optredens repeteren we ook, maar de focus ligt bij ons eigen project.' Over wat er verder voor de Studenten Bigband in het verschiet ligt, kan Van Deelen nog niet al te veel vertellen. Grote plannen zijn er in elk geval al wel, met

...
Lees meer

Nederlanders omarmen #doeslief campagne

In maart startte de campagne #doeslief. Het is een initiatief van Stichting Ideële Reclame (SIRE) die met de campagne mensen wilde wijzen op hun (onbewust) asociale gedrag.

Tekst: Myrte Nowee

De campagne bestond uit het mededelen van statistieken over negatief gedrag met daarna de boodschap 'doeslief' (spreek uit: doe eens lief). Zo stond op verschillende posters: 'Jaarlijks wordt 8 procent van de OV-medewerkers bespuugd, doeslief', te lezen en hoorde je in radiospotjes en op televisie boodschappen als: '146.571 scheldtweets met het woord 'kanker' in 2018, doeslief'.

SIRE is een onafhankelijke stichting die maatschappelijke onderwerpen die weinig of geen aandacht krijgen en dit eigenlijk wel verdienen onder aandacht wil brengen. Het doel van deze campagne was dan ook om mensen na te laten denken over hun gedrag in dagelijkse situaties. Uit onderzoek van SIRE bleek namelijk dat zaken als het negeren van kassamedewerkers in supermarkten, asociaal gedrag in het verkeer, geluidsoverlast, burenruzies, schelden en haatberichten op sociale media de laatste jaren allemaal zijn toegenomen. Ook bleek dat mensen zich vaak zelf niet bewust zijn van hun eigen negatieve gedrag, terwijl ze dit bij anderen wel opmerken en zich hieraan storen. De campagne met de hashtag #doeslief zou hier op een positieve verandering in moeten brengen.

Positieve reacties
De campagne heeft drie maanden gelopen en voor veel positieve reacties gezorgd vertelt Vanessa Alkemade, projectmanager van SIRE. 'Ik werk nu bijna vijf jaar bij SIRE, maar we hebben nog nooit zoveel reacties gehad, het lijkt wel of het omarmd wordt door heel Nederland.' Niet alleen op Facebook en Twitter werd de hashtag #doeslief flink gedeeld, ook telefonisch en via de mail stroomden de positieve verhalen binnen. 'Iedereen wil er iets mee doen', vertelt Alkemade. 'Soms zijn het mensen die er producten van willen maken zoals T-shirts, maar er zijn ook mensen die straatfeesten of activiteiten op scholen organiseren en om materialen van doeslief vragen.' Het succes van de campagne lijkt te zitten in de herkenbaarheid van het onderwerp. SIRE is om deze reden ook benaderd door verschillende beroepsgroepen die, net als de onderwerpen in de campagne, te maken krijgen met negatief gedrag. Zij vroegen dan om op maat gemaakte posters om ook hun gedeelte in dit verhaal te vertellen. 

Aangezien de campagne een van de succesvolste van SIRE lijkt te zijn, is het idee van een vervolg niet ondenkbaar. 'Normaal lopen onze campagnes een aantal maanden en gaan we dan weer door met een ander onderwerp, maar nu hebben we ons afgevraagd of we over een tijdje hier niet met een andere insteek mee verder zouden moeten gaan', aldus Alkemade. 'Voor nu is er echter niets concreets en is de campagne echt afgerond, maar ik sluit niets uit.'

 

Lees meer

Nieuwe kijk op de medezeggenschap

Tussen 28 en 31 mei mogen studenten weer naar de stembus, maar wat valt er eigenlijk te kiezen? ANS spreekt de lijsttrekkers over de plannen van hun partij. Dit keer: Gijs Kooistra van AKKUraatd.

Tekst en foto: Vincent Veerbeek

Vorige maand presenteerde AKKUraatd als eerste haar kandidaten voor de aankomende studentenverkiezingen, die zoals gebruikelijk in de laatste week van mei worden gehouden. Bovenaan de lijst staat Gijs Kooistra, derdejaarsstudent Politicologie en een nieuwkomer in de medezeggenschap. Toch kent hij de universiteit als zijn broekzak en heeft op verschillende plekken ervaring opgedaan, met commissiewerk bij studievereniging ismus, enkele Honoursprogramma's en een buitenlandsemester in Edinburgh. Kooistra is naar eigen zeggen idealistisch en heeft duidelijk grote ideeën voor de universiteit. 'Ik heb verschillende kanten van de universiteit gezien, waardoor ik andere ervaringen meeneem dan de meeste mensen in de medezeggenschap.'

Jullie verkiezingsprogramma is op dit moment nog niet bekendgemaakt. Kun je al iets vertellen over de punten waar jullie je op willen richten dit jaar?
'We hebben dezelfde pijlers als andere jaren, zoals duurzaamheid en een actief studentenleven voor iedereen. We hebben geprobeerd die kaders in te vullen met concrete plannen die we ook echt kunnen realiseren. Een heel belangrijke kwestie voor ons tijdens deze verkiezingen is Honours, waarbij twee punten vooral van belang zijn. Het eerste gaat over de inhoud, want hoewel de Radboud Honours Academy (RHA) veel mooie cursussen biedt, kun je nu vaak alleen meedoen als je je voor twee jaar committeert. Als je die grote programma's opknipt, kunnen studenten zich ook voor kortere cursussen aanmelden. Het is voor ons belangrijk dat Honours niet een elitair groepje is, zoals nu het geval is, maar dat het voor meer studenten toegankelijk wordt. Dat hangt samen met het tweede punt, want Honours wordt betaald door alle studenten, zeker nu er geld van de basisbeurs wordt geïnvesteerd in de RHA. Daarom moet Honours voor iedereen toegankelijk zijn.'

'Opleidingen moeten niet worden verplicht om te gaan verengelsen.'

Sommige zaken die je noemt, zoals de kortere programma's, is de RHA al van plan. Hoe zie je de rol van de Universitaire Studentenraad (USR) in die veranderingen? 
'Het probleem is vooral dat de plannen ons niet ver genoeg gaan. Ik vind dat ze een mooie stap zetten en dat moedigen we ook aan. In sommige gevallen kun je je nu aanmelden voor een programma van een jaar, maar dat zou nog veel korter moeten. De Honourslabs, kortere programma's van een maand of drie, zijn een mooie ontwikkeling en daar zouden er meer van moeten komen ter vervanging van de lange programma's. Daar willen we met AKKUraatd op in gaan zetten. Het is fijn dat er inspraak is beloofd, maar daar is volgens mij nog niet zoveel mee gebeurd.'

Wat zijn naast Honours andere belangrijke thema's voor jullie?
'Internationalisering is een groot punt, want hoewel het veel goeds oplevert, zitten er ook wel haken en ogen aan. Zo kan het gevolgen hebben voor de onderwijskwaliteit en hebben internationale studenten soms moeite met integreren. Onze lijn is dat we internationalisering willen faciliteren, maar niet forceren. Waar nodig moeten de middelen beschikbaar zijn, maar opleidingen en studieverenigingen moeten niet worden verplicht om te gaan verengelsen.'

Gijs AKKU staandHoe ben je zelf bij AKKUraatd terechtgekomen?
'Ik heb het altijd interessant gevonden hoe het bestuur op de universiteit werkt en het leek me heel leuk om me daar komend jaar voor in te zetten. Ik heb best wel wat ideeën over hoe de universiteit kan verbeteren, dus ben ik gaan kijken welke partij daar het beste bij past. Uiteindelijk heb ik gesolliciteerd bij AKKUraatd, omdat zij overkomen als de meest idealistische groep binnen de universiteit en dat past bij mij. Daarnaast is AKKUraatd er echt voor alle studenten. Ik kom zelf niet uit het bestuurswereldje, dus dat sprak me ook wel aan.'

In welk opzicht verschilt jouw blik van die van mensen met een bestuursachtergrond? 
'Ik heb verschillende kanten van het universiteitsleven meegemaakt en ik denk dat het een goede toevoeging kan zijn dat ik andere ervaringen heb dan de meeste mensen in de medezeggenschap. Ik weet bijvoorbeeld weer meer van wat er speelt binnen Honours. Daarnaast heb ik een half jaar in Edinburgh gestudeerd. Daar was ik zelf international, dus ik kan me inleven in de problemen waar buitenlandse studenten in Nijmegen tegenaan lopen. Dat zijn punten waar ik ervaring in heb, maar anderen misschien minder.'

Zijn er dingen die de USR volgend jaar anders kan doen? 
'De USR is op dit moment goed bezig met invloed uitoefenen op het College van Bestuur (CvB) en ik denk dat we daarmee door moeten gaan. We moeten de thema's die belangrijk zijn voor ons benadrukken om invloed af te dwingen. Het is heel belangrijk dat we ons constructief opstellen. Mocht het echter zo zijn dat het gewoon niet lukt, waar ik niet van uitga, dan mag je als partij best een beetje activistisch zijn. We kunnen bijvoorbeeld een ludieke actie organiseren, zoals we vorig jaar hebben gedaan tijdens de Gezamenlijke Vergadering over de besteding van het basisbeursgeld. Toen hebben we buttons uitgedeeld met daarop “€270”, het bedrag dat studenten inleveren. Bij zulke acties heb je als vakbond ook een voordeel.'

In welk opzicht willen jullie je onderscheiden van concurrent asap? 
'Ten eerste denk ik dat wij een sterk verhaal hebben over Honours, waar asap toch anders tegenover staat. Daarnaast heeft onze vakbond verschillende werkgroepen waar we informatie uit kunnen halen. Het is ook een voordeel dat we een lange geschiedenis hebben en veel ervaring. Tot slot hebben we een lijst met enthousiaste mensen van alle faculteiten die samen het verkiezingsprogramma hebben gemaakt en ook volgend jaar steun zullen geven.'

Wat maakt de medezeggenschap zo belangrijk?
'De universiteit is een grote gemeenschap en besluiten die worden genomen gaan veel studenten aan. Daarom is het belangrijk dat studenten worden vertegenwoordigd in die besluitvorming. Wij zouden het mooi vinden om een student in het College van Bestuur te hebben, maar zolang dat er niet is, heeft de USR een goed alternatief om invloed te hebben.'

'Het is belangrijk dat de USR veel stemmen krijgt, zodat we legitimiteit hebben tegenover het CvB.'

Zijn studenten buiten de medezeggenschap genoeg betrokken bij wat er speelt op de universiteit? 
'Ik denk het wel, maar hun problemen hoor je minder snel. Daarom hebben we hier ook een punt over in ons verkiezingsprogramma, omdat we willen proberen om studentenpanels op te zetten. Daarbij kunnen studenten bijvoorbeeld via online enquêtes haar stem laten horen. Op dit moment doen we al campusrondes, waarbij we op de faculteiten langsgaan om te kijken wat er speelt. Het is lastig, maar we proberen studenten wel te bereiken.'

Waarom moeten studenten op AKKUraatd stemmen tijdens de aankomende verkiezingen?
'Wij hebben een goed verkiezingsprogramma met concrete doelstellingen die bij onze idealen passen. Het is belangrijk dat de USR veel stemmen krijgt, zodat we legitimiteit hebben tegenover het CvB. Met meer stemmen vertegenwoordigen we meer studenten en worden we serieuzer genomen. We gaan er natuurlijk op inzetten om de punten in ons verkiezingsprogramma te realiseren, dus als mensen willen dat dat gebeurt, moeten ze op ons stemmen. Het belangrijkste is dat studenten überhaupt gaan stemmen.'

 

Lees meer